Afbeelding

Inge Oelen: “Heel blij met hoe het tot nu toe gaat”

Dressuur

Om haar droom om bij de Young Riders te kunnen rijden uit te laten komen, nam Inge Oelen onlangs de United-zoon Bodie over van haar moeder. Ondanks dat de ruin niet het makkelijke paard is, heeft de combinatie de stijgende lijn te pakken en laten ze dit weekend zien wat ze in zich hebben op de Drentse Kampioenschappen.

Proberen

“We hebben Bodie gekocht als veulen”, blikt de amazone terug. “Mijn vader kocht destijds meerdere paarden en mijn moeder is toen met Bodie verder gegaan tot en met het ZZ-Licht. Sinds vijf maanden heb ik hem zelf onder het zadel en wil ik graag mijn droom uit laten komen: rijden op Young Riders-niveau. Gewoon om te proberen of het lukt”.

Moeilijk

“Toen ik Bodie overnam voelde ik gelijk een klik, al was hij niet altijd al zo makkelijk”, vervolgt Oelen. “Mijn moeder heeft wel eens haar arm gebroken omdat Bodie erop ging staan na een val, we hebben best wel wat meegemaakt met dat paard. Hij is wel wat moeilijk te rijden, maar hij is wel lief en doet het graag voor je. Ik ben heel blij met hem en hoe het tot nu toe gaat”.

Draven

Momenteel traint de combinatie door voor de kampioenschappen. “Hij is al zeventien, maar de piaffe en passage pakt hij goed op en vindt hij leuk om te doen. De wedstrijden gaan goed en aankomende zondag rijden we mee op de Drentse Kampioenschappen. In de ring kan hij heel fijn draven en appuyeren, dat zijn dingen waar hij heel fijn doorheen loopt. Ook zijn middendraf en de overgangen zijn heel goed en te rijden”.

Young Riders

Na de Drentse kampioenschappen wil de combinatie zo snel mogelijk door naar het Z2. “Uiteindelijk willen we graag naar het ZZ-licht zodat we mee kunnen rijden tussen de Young Riders. Ik hoop zo ver mogelijk te komen met Bodie en ik wil mezelf blijven ontwikkelen zodat ik steeds beter ga paardrijden. Het beste eruit halen wat erin zit”.

Bron: Hoefslag, overname zonder bronvermelding én schriftelijke toestemming via webredactie@mediaprimair.nl is niet toegestaan.

Foto: Privébezit Inge Oelen