Bij cornage is er sprake van een verlamming van de stemband van het paard. Dit betreft meestal de linker stemband, maar cornage kan ook optreden bij de rechter stemband of zelfs bij beiden. Als de zenuwvoorziening van de spieren die de stemband aansturen uitvalt, raakt de stemband verlamd en hangt deze af in de luchtdoorgang. De luchtdoorgang kan hierdoor worden vernauwd. Als het paard bij inspanning versneld inademt is er een fluitend of piepend geluid te horen.
Meestal kan een paard met een lichte vorm van cornage nog goed functioneren. Heeft het paard een ernstige vorm van cornage, dan kan het uithoudingsvermogen worden aangetast door de versmalling van de luchtweg.
Cornage komt voornamelijk voor bij grote, mannelijke paarden en wordt in bijna alle gevallen veroorzaakt door een erfelijke zenuwaandoening. Ook kan het ontstaan doordat de zenuwen in het strottenhoofd worden aangetast door bijvoorbeeld een vergiftiging met zware metalen (bijv. lood) of door een aandoening rond de keelstreek, zoals droes.
Als het paard cornage heeft, is bij inademing tijdens inspanning een fluitend of piepend, maar soms ook rauw of schrapend geluid te horen. Vaak wordt het pas opgemerkt als het paard voor het eerst wordt getraind.
De dierenarts kan een inspanningsproef uitvoeren en aansluitend de stembanden onderzoeken door laryngoscopie (kijken in de luchtwegen met een endoscoop). In de meeste gevallen is geen behandeling nodig, maar een operatie is mogelijk.