2 december 2024, 10:30
Springen
Het opleiden van jonge paarden was altijd de grote kracht van Wiel Heber (68) uit Asenray, Limburg. Heber, die ook internationaal springruiter was en meerdere keren deel uitmaakte van de Nederlandse equipe, heeft besloten om na een indrukwekkende carrière te stoppen.
Voorbij Wiel vertelt: “Deze week vertrekt het laatste paard. Dan zijn de stallen leeg en is het echt voorbij. De winter staat voor de deur en ik zag er steeds meer tegenop om de paarden buiten te rijden. We hebben geen binnenbak, dus alles moest altijd buiten gebeuren.”
Met een glimlach kijkt hij terug op zijn carrière: “Ik heb een aantal fantastische paarden onder het zadel gehad. In het begin was er bijvoorbeeld Golden Future, waarmee ik meedeed aan de Europese kampioenschappen voor de jeugd. Later, bij Stal de Molshoop, had ik paarden als Captain Green. Dat was een bijzondere tijd, samen met Henk Nooren, van wie ik veel heb geleerd. Er kwamen ook aanbiedingen om in het buitenland te rijden, maar dat heeft me nooit echt getrokken. Natuurlijk is het jammer dat ik niet meer grote proeven heb gewonnen, maar om mee te draaien in de topsport moet je constant onderweg zijn en beschik je over goede paarden. Als je die niet hebt, lukt het gewoon niet.”
Gebrek aan topkwaliteit paarden Wiel kiest zijn woorden zorgvuldig en vervolgt: “In Nederland hebben we ontzettend veel goede ruiters, maar een gebrek aan topkwaliteit paarden. Dat was vroeger ook al zo, en ik realiseerde me toen dat ik keuzes moest maken. Uiteindelijk heb ik bewust gekozen voor de kleinere sport en het opleiden van jonge paarden. Daar was veel vraag naar, en dat is altijd mijn focus gebleven. Zo heb ik Ninja la Silla een tijdje onder mijn hoede gehad. Je voelde meteen dat dat een paard van bijzondere kwaliteit was. Grappig genoeg heb ik vroeger ook haar grootmoeder gereden. Zij komt weer uit dezelfde lijn als Iliana, de merrie waarmee Henrik von Eckermann nu zoveel succes heeft.”
Met een vleugje nostalgie blikt Heber terug op hoe de sport is veranderd: “Vroeger had je als ruiter in de basissport veel voordelen. We begonnen allemaal op de ponyclub, deden mee aan achttallen en legden een sterke dressuurbasis. Daar is veel voor te zeggen. Tegenwoordig is dat hele traject in clubverband grotendeels verdwenen en trekt iedereen zijn eigen plan. Het plezier en de verbondenheid van samen sporten zijn daardoor minder geworden. Dat, en het vooruitzicht op weer een koude winter, waren voor mij belangrijke redenen om te stoppen.”
Betrokken vanaf de zijlijn Toch blijft Heber betrokken bij de sport, zij het vanaf de zijlijn. “Ik blijf volgen wat er gebeurt met de paarden die ik heb opgeleid. Daarnaast help ik af en toe anderen. Maar als het slecht weer is, kan ik nu lekker binnen blijven zitten – en daar heb ik helemaal vrede mee.”