Fenna: “De gevolgen zijn vaak niet mals. Het is heel goed om die gevolgen eens in kaart te brengen en er bewust van te zijn wat er in het lijf van een paard gebeurt en wat je paard te wachten staat bij een blessure. Gisella, wat is het eerste wat bij jou opkomt als we het hebben over gevolgen?”
G: “Dat zijn twee dingen. Als eerste het paard zelf. Een blessure betekent dat er iets stuk is en dat er weefsel beschadigd is. Dat gaat altijd samen met pijn en ongemak en mogelijk ook met een beperking qua beweging. Dat wens je een paard niet toe. Het volgende: wat gebeurt er in dat weefsel? Er gebeurt namelijk heel veel. Als we kijken naar een peesblessure dan kun je met een echo zien dat er een onderbreking is in de gelijkmatige structuur van het weefsel. Sommige plekken zijn donkerder en op die plekken zitten minder peesweefsel. Uiteindelijk is het lichaam in staat om die gaten op te vullen met nieuw weefsel, maar dat is nooit meer het oorspronkelijke weefsel. Het lichaam kan niet regenereren. Het duurt ook een hele periode voor dat het gat weer gevuld is en de vezels weer op de juiste manier gerangschikt zijn. Dit kan variëren van weken tot vele maanden. Het blijft wel altijd een litteken en dat betekent dat het minder elastisch is. Dat maakt de kans op weer een blessure in dat gebied reëel. Het kan weer functioneel worden, maar het wordt nooit meer zoals het was.”