Welzijnsmaatregelen

Welzijnsmaatregelen

0 830
mager
Paardis te mager

Paardenwelzijn is actueel, er wordt veel over geschreven en gesproken. Maar wat is het precies en als het er niet of te weinig is hoe kunnen we het dan verbeteren door het inzetten van verrijking.

De Farm Animal Welfare Council formuleerde in 1967 aan de hand van een rapport uit 1965 van professor Roger Brambell een vijftal vrijheden voor het dier:

–       Een dier moet vrij zijn van honger, dorst en onjuiste voeding.

–       Een dier moet vrij zijn van fysiek en fysiologisch ongerief.

–       Een dier moet vrij zijn van pijn, verwondingen en ziektes.

–       Een dier moet vrij zijn van angst en chronische stress.

–       Een dier moet vrij zijn om zijn natuurlijke, soorteigen, gedrag te vertonen.

Een dieren- c.q. paardenleven moet aan al deze eisen voldoen wil er voor het dier sprake zijn van welzijn.

Welzijnsaantasting

Door de wijze waarop mensen hun paard(en)houden kan er sprake zijn van welzijnsaantasting: het paard heeft bijvoorbeeld fysiek ongerief door te weinig weidegang, krijgt door onjuiste voeding te weinig ruwvoer en heeft nauwelijks de mogelijkheid om natuurlijk gedrag te vertonen.

Erg voorspelbare leefomstandigheden kunnen aanleiding zijn voor ongewenste gedragingen en erg onvoorspelbare leefomstandigheden kunnen aanleiding zijn voor chronische stress.

Paarden gedijen het beste in een onvoorspelbare leefomgeving die ze voorspelbaar kunnen maken door hun eigen gedrag. Weidegang en ook een juiste training waarin het paard leert hoe hij zijn omgeving kan voorspellen (klassieke conditionering) en kan beïnvloeden (operante conditionering) zijn manieren om welzijn te verbeteren en het paardenleven te verrijken. Om te weten of verrijking de welzijn van het paard ook echt verbetert, is het goed om planmatig te werken.

Uitgangssituatie

Om te beginnen maakt u een inventarisatie van hoe het paard zich gedurende een doorsneedag gedraagt. U observeert hoe veel/hoe vaak het dier slaapt, eet, speelt, soortgenoten ontmoet, exploreert enzovoort. Let vooral op stresssignalen, lichaamstaal en eventueel aanwezige stalondeugden. Als u alles op papier hebt, kunt u, eventueel samen met een gedragsdeskundige, zien welke natuurlijke gedragingen het paard niet of te weinig kan uitvoeren. De volgende stap is het bedenken welke vorm van verrijking nodig is om gesignaleerde problemen op te lossen.

Verrijking

Verrijking is complexer dan het simpelweg aanbieden van meer weidegang, meer training en/of speelgoed. Er zijn regels aan verbonden:

–       Materiaal en context moeten het natuurlijke gedrag van het paard stimuleren en bevredigen.

–       Materiaal en context moeten veilig zijn voor het dier en z’n omgeving.

–       Materiaal en context mogen geen frustratie, angst en/of agressie (competitie) opwekken naar soortgenoten, andere dieren of mensen.

 

Er zijn verschillende mogelijkheden voor verrijking, onder andere:

–       Door sociaal contact met soortgenoten of niet soortgenoten bijvoorbeeld een geit.

–       Door activiteiten: training onder het zadel, grondwerk, vrijheidsdressuur en spel.

–       Sensorisch, dus via de zintuigen. Het ruiken, horen en zien van soortgenoten.

–       Door variatie in voedselaanbod. Meerdere maaltijden, voer in voerbal, voldoende ruwvoer, hooi in voerkist dus langer bezig met eten. Als wilgentakken op een grote hoop in het weiland worden gelegd, kan dit welzijnverhogend werken omdat het paard flink wat te kauwen heeft. Als u de takken over meerdere plekken verdeelt geeft het ook extra beweging. Een voerbal kan, maar als de gaten groot zijn en het voer is er te gemakkelijk uit rolt zal het paard er snel op zijn uitgekeken en door de gebrek aan spanning verliest het dier ook zijn interesse.

Aandachtspunten

Bij vaststellen of verrijking werkt is niet alleen het belang van het paard een criterium maar ook de haalbaarheid voor de eigenaar en omgeving. Is het te bekostigen en is het vol te houden? Als op deze vragen een ontkenning volgt kunt u beter een ander plan maken. Een paard iets aanbieden en als het succesvol is het niet volhouden geeft zowel voor paard als eigenaar nog meer frustratie.

Kijk goed naar de uitgangssituatie. Soms lost het aangeboden verrijkingsmateriaal het gedragsprobleem niet op. Vaak is dan de verrijking niet goed afgestemd op de uitgangssituatie. Een paard dat voldoende ruwvoer krijgt en toch in zijn gedragingen laat zien dat het welzijn niet optimaal is heeft misschien baat bij meer training en/of meer uitloop. Een paard dat hele dagen in de wei staat en toch niet optimaal functioneert, heeft misschien behoefte aan geestelijke en lichamelijke uitdaging. Alleen door de uitgangssituatie goed te meten weten we wat er nodig is en kunnen we na introductie van de verrijking vaststellen of de aangebrachte veranderingen voor het paard een verbetering zijn.

Commerciële producten

Voerballen zijn er in soorten en maten en zijn, mits goed geïntroduceerd en gebruikt, een welkome afwisseling. Het met de lippen en/of de hoeven voortbewegen van de bal vereist aandacht en concentratie en is verantwoord omdat bij het juiste gedrag de beloning volgt: het voer dat uit de bal rolt. Zorg dat u de eerste keer tijd hebt om erbij te blijven en de reacties van het paard te observeren. Leg de gevulde bal aan de rand van de stal en strooi er wat voer omheen. Laat het paard zelf ontdekken hoe hij door manipulatie het voer uit de bal krijgt. Verwijder de bal als het voer op is. Dit voorkomt frustratie die ontstaat als het manipuleren met de inmiddels lege bal geen voer en dus geen bekrachtiger voor het gedrag meer oplevert. Op onder andere www.paardendrogist.nl zijn voerballen te koop.

Diverse fabrikanten bieden ballen en andere voorwerpen aan om in de stal op te hangen. Hierop knabbelen en ermee spelen kunnen een leuk tijdverdrijf zijn, maar als het nieuwtje eraf is wordt het speelgoed een bekend, vast onderdeel van de leefomgeving en verliest het de functie van verrijking. Dit soort speelgoed werkt alleen als het geregeld wisselt. Koop een speeltje op proef. Schaf er verschillende aan als het paard het leuk vindt. Hoelang een speeltje kan blijven hangen voor er een ander in de plaats komt bepaalt het individuele paard. Sommige dieren spelen slechts een paar minuten en zijn dan verveeld; andere raken pas na meerdere dagen op iets uitgekeken. Wissel af als het speeltje nog interessant is.

Op onder andere www.medpets.nl is paardenspeelgoed te koop.

Ook voor buiten de stal zijn er producten, waaronder kleine en grote gekleurde ballen. Natuurlijk moeten deze ballen net als de voerballen van veilig materiaal zijn. Ze mogen niet scheuren en breken waardoor scherpe randen kunnen ontstaan. Ook mogen ze niet ploffen of barsten als een paard er in bijt of op gaat staan. Spelen met een grote bal en zeker als het samen met de eigenaar is kan veel vertier geven. Ook hier geldt haal het speelgoed bijtijds weg.

Tekst: Debbie Rijnders/Foto: Remco Veurink

Vergelijkbare artikelen

Reacties