Omgangsregels

Omgangsregels

0 539

Na een oproep om paarden met probleemgedrag op te geven voor de Tinley Opleiding Gedragstherapie voor Paarden kwamen er een kleine 400 aanmeldingen. De aangeboden problemen variëren van niet willen trailer laden, staken of vluchten tijdens het rijden tot de verzorger aanvallen.

Als ik deze casussen doorlees valt het me op dat, behalve de vaak zeer ernstige gedragsproblemen, veel van deze paarden slecht gemanierd zijn. Als ze de kans krijgen lopen ze de eigenaar omver en/of trekken hem alle kanten op. Ze staan niet stil tijdens de dagelijkse verzorging, bijten, trappen enzovoorts. Bij navraag blijkt dat de meeste mensen zich niet realiseren dat paarden actief moeten leren hoe zich te gedragen in het contact met de mens.

Hondeneigenaren weten dit meestal wel. Logisch, want 99% van de honden woont 24 uur per dag bij de eigenaar in huis en mensen hebben dus snel last van honden die niet zijn opgevoed. Bij paarden ligt dat anders. Die staan op stal en/of in het weiland en hebben hooguit twee uur per dag rechtstreeks contact met de eigenaar. Mensen ergeren zich dus maar gedurende korte tijd aan de onhebbelijkheden van hun paard. Adviseer ik deze mensen een workshop of cursus te volgen, dan wordt er opvallend vaak aangegeven dat er al veel tijd gestoken is in allerlei trainingen. Waarom is er dan zo weinig effect te bespeuren? Paarden leren snel en weten al gauw dat er een groot verschil is tussen trainen en dagelijkse omgang. In de round pen/buitenbak of andere contextgebonden omgeving gedragen ze zich netjes en daarbuiten doen ze waar ze zin in hebben. Ook dat is geen onbekend fenomeen in de hondenwereld. De hond is de ster van de klas op de hondenschool en mag zelfs meedoen met demonstraties gehoorzaamheid, maar trekt bij het dagelijkse ommetje de armen van de baas uit de kom en is dan Oost-Indisch doof voor commando’s. Het is dus zaak om een dier zo te trainen dat het aangeleerde, gewenste gedrag ook in de dagelijkse omgang toegepast wordt. Dus eerst trainen in een rustige omgeving, bijvoorbeeld de binnen- of buitenbak en daarna het geleerde oefenen in de context (omgeving, situatie), waarin we het willen toepassen.

Goede manieren

Voor mij is een paard goed gemanierd als hij, in alle gangen, rustig meeloopt zonder dat ik permanent druk heb staan op het halstertouw. Ik hoef het paard niet in de gaten te houden, maar het paard let op mij. Als ik halt houd, stopt het paard; als ik links of rechts afsla gaat het paard met me mee; als ik van tempo verander, past ook het paard zich aan. In detail kunnen mensen hier verschillend over denken. De één wil dat een paard twee passen achter hem loopt, de ander ziet een paard liever naast zich lopen. Wat beiden gemeen hebben, is dat de mens de interactie bepaalt en controleert. Maar paarden moeten wel leren wat wij van hen verwachten. Als ik een paard op een bepaalde manier naast mij wil laten lopen, moet ik dit aan het dier duidelijk maken. Zolang we slechts een fractie van de communicatie tussen paarden onderling kunnen opmerken, interpreteren en nabootsen is het arrogant om te denken dat we met deze prachtige dieren in paardentaal kunnen communiceren. Wat we wel kunnen is gebruik maken van hun aanleg. Paarden leren dat ze net als bij soortgenoten ook bij ons druk kunnen vermijden door bepaald gedrag te vertonen. Wij leren dat we paarden kunnen sturen door gebruik te maken van deze natuurlijke neiging. Uiteindelijk begrijpen we elkaar doordat paard en mens geleerd hebben wat beiden bedoelen met bepaalde signalen, lichaamstaal, geluiden enzovoorts.

Bewustwording

Bij opvoeden en trainen is bewustwording de eerste stap. Schrijf eens op wat je wel en niet prettig vindt aan je paard. Maak daarna een lijstje van gedragingen die je het paard wilt aanleren. Met dat lijstje in het achterhoofd gaan we focussen op gewenst gedrag en ervoor zorgen dat dit gedrag het paard meer oplevert. Wat mij betreft staat een paard stil tijdens de dagelijkse verzorging. Om dat te doen moet het dier leren dat stilstaan meer oplevert dan bewegen. Afhankelijk van het paard en eigen vaardigheden betekent dat: druk verwijderen als hij stilstaat of iets positiefs- voer/aai- toevoegen bij dat gewenst gedrag. Als het paard zo onrustig is dat alleen trainen niet lukt, haal er dan iemand bij. Mensen zijn gewoontedieren. Daarom gebruiken we veelal meer van hetzelfde als we ongewenst gedrag bij paarden willen stoppen. Een paard laten stilstaan door tijdens het ongewenste gedrag fysieke inwerking te gebruiken, te aaien of te voeren geeft een korte termijn oplossing. Het dier staat voor een korte periode stil, de eigenaar is even opgelucht en daarna herhaalt de procedure zich. En het paard heeft gelijk, want bij goed gedrag krijgt hij vaak géén of weinig aandacht en bij ongewenst gedrag is het paard het middelpunt van belangstelling.

Behalve rustig meelopen, wil ik dat het paard leert om op commando zijn voeten op te tillen, zijn hoofd naar beneden te doen, achteruit of opzij te stappen en stil te staan. Op stal wil ik dat een paard ontspannen blijft terwijl ik uitmest, hooi geef enzovoort. Als een paard dit moeilijk vindt komt dat nog al te vaak door eerdere, slechte ervaringen, het paard is ruw en vooral ook inconsequent behandeld. Het ene moment moest het paard wijken zonder dat hij een signaal kreeg, om daarna in een vergelijkbare situatie juist weer te moeten stilstaan. Dan creëer je stress omdat de omgeving voor het paard niet meer voorspelbaar en/of controleerbaar is.

Persoonlijke ruimte

Of een paard in mijn persoonlijke ruimte mag komen hangt af van de wijze waarop een paard zich naar mij opstelt. Betreft het een dier dat van nature sensibel en volgzaam is, dan mag het meer ruimte innemen dan het paard dat met veel vertoon mij probeert te controleren. Wil ik een paard leren afstand te bewaren dan zal het voor mezelf duidelijk moeten zijn hoe veel ruimte ik wil. Ook de eventuele gevolgen van het afstand bewaren moet ik overwegen. Heel veel paarden hebben helaas door fysieke inwerking geleerd afstand te bewaren en durven daardoor vervolgens bij het uit de stal of weiland halen niet meer dichterbij te komen. Om misverstanden te voorkomen leer ik een paard dat hij zonder commando zijn eigen plek naast mij mag zoeken. Het enige criterium is dat hij me niet hindert, maar mij wel in de gaten houdt. Afhankelijk van het individu leer ik hem signalen die het mogelijk maken hem te sturen in de positie die hij in moet nemen: naast me lopen, achter me lopen of voor me lopen. Paarden zijn net als wij verschillend van karakter, het zijn individuen met een eigen persoonlijkheid en alleen de individuele benadering is op de lange termijn succesvol. Maatwerk is het sleutelwoord.
>h6>Soortgenoten?

Een paard wordt niet geboren met goede manieren, wel met de genetische predispositie om deze in sociaal contact met anderen te ontwikkelen. Idealiter groeit een veulen op met soortgenoten en leert het dier onder andere dat al te opdringerig gedrag niet gewenst is. Maar geeft opgroeien in kuddeverband ook de garantie dat een paard zich goed gedraagt naar mensen? Ik denk het niet. Komt een paard terecht bij mensen die vanaf dag één het dier consequent wijzen op wat wel en niet kan, dan generaliseert het paard zijn eerder opgedane ervaringen met soortgenoten waardoor hij zich ook in contact met de mens aan de gestelde regels zal conformeren. Maar komt hetzelfde paard bij mensen die géén grenzen stellen, dan maakt het paard terecht gebruik van de aangeboden vrijheid. Een paard leren zich te gedragen in de dagelijkse omgang is een must. Het vergt inzicht in gedrag en leerprincipes van het paard en kost tijd. Maar het helpt gedragsproblemen voorkomen en legt de basis voor een plezierige en vooral ook veilige mens- paard relatie.

Tekst: Debbie Rijnders/Foto: Remco Veurink

Vergelijkbare artikelen

Reacties