Keizersnede bij een merrie

Keizersnede bij een merrie

0 1403

Meestal verloopt het geboorteproces bij de merrie zonder veel problemen. Toch is een wakend oog in sommige gevallen levensreddend. Vooral als de uitdrijffase van het geboorteproces niet of niet goed op gang komt is tijdig en doortastend optreden soms het verschil tussen fokkerstrots of fokkersverdriet.

Femke is een Friese merrie van zeven jaar en drachtig van haar vierde veulen. De dracht is normaal verlopen en omstreeks de uitgerekende datum lijkt ook de geboorte normaal op gang te komen. De eigenaar heeft al in de gaten dat het veulen eraan zit te komen, want de merrie is de hele dag wat onrustig, net als de andere keren. Daarom besluit hij haar de komende nacht continu te observeren. Daar krijgt hij geen spijt van. Om vier uur gaat de merrie liggen en breken de vliezen. Gespannen wacht hij het veulen af, maar de merrie gaat niet persen. Als er om vijf uur nog geen schot in de zaak zit, besluit hij de dierenarts te bellen. Deze is snel ter plaatse en bij inwendig onderzoek voelt hij een levend veulen met een afwijkende ligging: het veulen ligt niet met de voorpootjes en hoofd richting de geboorteweg maar met de buik. Omdat het onmogelijk is deze ligging te veranderen in een ligging waarbij het veulen wél door de normale geboorteweg geboren kan worden, besluit hij samen met de eigenaar de merrie door te sturen naar de paardenkliniek. Daar aangekomen is de situatie van de merrie onveranderd en leeft het veulen nog. Ze besluiten het veulen met een keizersnede op de wereld te laten komen.

Drie fasen

Bij het normale geboorteproces kennen we drie fasen. De eerste fase is ontsluitingsfase, waarbij de geboorteweg en de baarmoedermond verslappen en het veulen kan passeren. In deze fase is de merrie vaak wat onrustig, maar niet bij alle merries is deze fase duidelijk waar te nemen. De duur van deze fase kan kort (een kwartier) tot lang (uren) duren en deze fase kan ook tijdelijk stoppen door onrust van de merrie. Als de vliezen breken en het vruchtwater vrijkomt, begint de volgende fase: de uitdrijffase. Door samentrekkingen van de baarmoeder (weeën) worden de voorvoeten en het hoofd van het veulen in de geboorteweg geperst en daarop reageert de merrie met buikpersen. Vrij snel zijn dan meestal de voetjes van het veulen zichtbaar en bij een normale geboorte wordt het veulen in circa een kwartier geboren. Als het veulen geboren is begint de nageboortefase waarbij resten van de vruchtvliezen en placenta afgedreven worden. Dit gebeurt meestal binnen een uur en dan is het geboorteproces afgerond. Tijdens alle fasen kunnen er problemen optreden, waarbij het van belang is deze tijdig te onderkennen en deskundige hulp in te roepen. We zullen nu vooral ingaan op de uitdrijffase die stagneert: het vruchtwater komt wel maar er verschijnt geen veulen. Als stelregel kun je hanteren dat als er een half uur na het breken van de vliezen nog geen delen van het veulen zichtbaar worden en de merrie nog niet perst, een deskundige de ligging van het veulen moet controleren. Ook als de voetjes van het veulen wel zichtbaar zijn, maar er gedurende tien minuten geen vooruitgang in de uitdrijving van het veulen zit. Of als de merrie de weeën wel krachtig ondersteunt met buikpers maar er na tien minuten nog geen vruchtdelen zichtbaar zijn, is deze controle van groot belang. Mogelijk is er dan sprake van een afwijkende ligging van het veulen. Deze afwijking kan sterk variëren: van een afwijkende ligging van een voetje of het hoofd, tot een ligging waarbij helemaal geen deel van het veulen in de geboorteweg komt (dwarsligging) of een ligging waarbij het veulen achterstevoren ligt (stuitligging). Sommige afwijkende liggingen kunnen goed veranderd worden in een normale positie (reponeren van het veulen) waarna het geboorteproces hervat kan worden. Voorbeelden hiervan zijn een teruggeslagen voorvoetje of hoofd. Bij de stuitligging ontbreekt de druk van voorvoetjes en hoofd in het bekken, waardoor de buikpers van de merrie niet opgewekt wordt. Met de tijdige ondersteuning van een deskundige kan deze verlossing vaak tot een goed eind gebracht worden.

Vergroeid of verstijfd

Vele andere afwijkende liggingen zijn vaak lastiger te reponeren vanwege de relatief lange benen van het veulen en de beperkte ruimte in de geboorteweg. Bij sommige afwijkende liggingen zoals de dwarsligging (veulen ligt met de rug of buik naar de geboorteweg) of een ligging met meer dan twee benen in de geboorteweg, is een repositie niet mogelijk. Dan is een keizersnede vaak het gevolg. Een keizersnede bij de merrie komt veel minder vaak voor dan bij een koe of schaap, waarbij een relatief te grote vrucht vaak de aanleiding voor de keizersnede is. Bij het paard komt deze te grote vrucht bijna niet voor, behalve bij de kleine ponyrassen. Met name bij het Friese paard wordt de keizersnede nogal eens uitgevoerd. Soms omdat het veulen misvormd is, maar veel vaker omdat het veulen afwijkend ligt. Een teruggeslagen hoofd of voetje kan in de baarmoeder al maanden zo gelegen hebben. Dan kunnen deze delen vergroeid zijn of de gewrichten verstijfd. Dit kan zo ernstig zijn dat het niet te corrigeren is; deze veulens zijn niet levensvatbaar. Keizersneden bij het paard dienen onder steriele kliniekomstandigheden plaats te vinden, omdat het paard erg gevoelig is voor buikvliesontsteking. Nadat de merrie onder anesthesie gebracht is, wordt ze op haar rug op de operatietafel gelegd. De buik wordt chirurgisch voorbereid en in de middenlijn ter hoogte van de navel geopend om de baarmoeder te kunnen benaderen. Als het veulen uit de baarmoeder is gehaald worden de baarmoeder, de buikwand en de huid gehecht en mag de merrie in de uitslaapbox weer wakker worden.

Drie kwartier nadat Femke op de kliniek is aangekomen ligt ze al op de operatiekamer. Twee dierenartsen voeren de keizersnede uit. Door de dwarsligging van het veulen is het even lastig de baarmoeder goed te bereiken, maar al snel wordt het hengstveulen geboren. Deze is op het moment dat hij uit de buik komt ook onder anesthesie, maar hij wordt binnen enkele minuten wakker. Het is gelukkig een gezond veulen dat correct gebouwd is. De totale operatie duurt zo’n anderhalf tot twee uur. Nadat de merrie in de uitslaapbox goed wakker is geworden mag ze in een schone merriebox en wordt het veulen erbij gelaten. Dit veulen heeft intussen al biest met een flesje gekregen. Gelukkig wordt het veulen snel door de merrie geaccepteerd en kan het al snel staan en bij de merrie drinken. Omdat door de operatie de nageboorte vaak niet of niet geheel afkomt wordt deze enkele uren na de operatie door de dierenarts verwijderd. De merrie herstelt voorspoedig van de operatie, maar krijgt postoperatief nog een week antibiotica en ontstekingsremmers. Merrie en veulen doen het goed en omdat er geen complicaties optreden mogen ze na een week naar huis. Tot de volgende controle moeten ze wel boxrust houden.

Overlevingskansen

Uit recent praktijkonderzoek naar de keizersnede bij het paard en de resultaten hiervan is gebleken dat deze operatie relatief vaak bij het Friese paard wordt toegepast, ook wat vaker bij de kleine ponyrassen en incidenteel bij alle andere paardenrassen. De kansen voor de merrie zijn onder kliniekomstandigheden zeer gunstig: meer dan 90% van de merries verlaat levend en in goede gezondheid de kliniek. De kansen op een gezond veulen zijn van meerdere factoren afhankelijk. Daarbij is het voor de overlevingskansen in het algemeen van groot belang dat het geboorteproces niet te lang duurt, voordat er tot een keizersnede wordt besloten. Van de merries die binnen twee uur na het breken van de vliezen op de kliniek zijn voor een keizersnede, zijn statistisch duidelijk meer veulens levensvatbaar dan van merries waarbij dit langer heeft geduurd. Daarnaast is met name bij de Fries de levensvatbaarheid erg afhankelijk van de ligging van het veulen en de eventuele vergroeiing van hals of pootje. Bij ruim 10% van de geopereerde Friese merries had het veulen dusdanig ernstige vergroeiingen dat het veulen niet levensvatbaar was. Bij genoemd onderzoek hebben ruim 30% van de geopereerde merries de kliniek met een gezond veulen verlaten. De belangrijkste complicaties die bij de merrie kunnen voorkomen zijn baarmoederontsteking, buikvliesontsteking, bloedingen in de baarmoeder of de ophangbanden ervan en problemen met de postoperatieve wondgenezing. Maar al deze complicaties komen gelukkig niet vaak voor. Complicaties bij veulens komen helaas wat vaker voor. De belangrijkste zijn infecties ten gevolge van een slechte start van het veulen (veulenziekte, diarree) en obstipatie van het darmpek. Deze complicaties komen natuurlijk ook bij normaal geboren veulens voor en kunnen zoveel mogelijk worden voorkomen door tijdig en voldoende biest te verstrekken. Daarnaast komen er relatief vaak standsafwijkingen van de benen voor die gecorrigeerd moeten worden en om een intensieve nabehandeling vragen. Een lastige situatie kan zich voordoen bij merries die na de operatie het veulen niet willen accepteren. Dit kan zich met name voordoen bij merries die drachtig waren van hun eerste veulen, zij weten totaal niet wat ze met een veulen moeten en vinden het vaak maar lastig dat het iedere keer het uier zoekt. Met veel geduld en soms wat zachte dwang, eventueel ondersteund door een hormoontherapie bij de merrie, lukt het meestal het veulen toch geaccepteerd te krijgen. Anders rest er niets anders dan een pleegmoeder te zoeken of het veulen met kunstmelk op te fokken. De vruchtbaarheid van de geopereerde merries na de operatie is goed. Ruim de helft van de merries uit het onderzoek is na de operatie weer geïnsemineerd. Deze merries waren allemaal binnen anderhalf jaar na de operatie weer drachtig en hebben ook allemaal weer een levend veulen gebracht.

Snel handelen

Twee maanden na de operatie komen Femke en Sietse voor controle. Moeder en zoon doen het goed: de buikwond is goed genezen en de baarmoeder ziet er goed uit. Ook het veulen ontwikkelt zich goed. Ze mogen in de wei en met de merrie mag eventueel weer gefokt worden. Door het verloop van het geboorteproces bij Femke is het van groot belang ook een eventueel nieuw proces goed in de gaten te houden. Eigen waarneming is daarbij belangrijk, eventueel met gebruik van een observatiecamera. Door het klakkeloos vertrouwen op hulpmiddelen die alarmeren dat het geboorteproces is begonnen, worden sommige problemen niet tijdig onderkend. Als de uitdrijffase niet normaal verloopt, is het belangrijk tijdig deskundige hulp in te schakelen om de ligging van het veulen te controleren (dit kan ook een ervaren fokker zijn). Is de ligging afwijkend of is er twijfel? Dan is dit voor de dierenarts een spoedgeval en zal hij zo snel mogelijk komen. Het is belangrijk om in de tussentijd de merrie in beweging te houden, dan heeft ze minder de neiging om te persen en hebben merrie en veulen betere overlevingskansen. Ligt het veulen sterk afwijkend of lukt het niet snel een afwijkende ligging te reponeren, dan kan de dierenarts het beste thuis een weeënremmer geven en de merrie verwijzen naar een kliniek met operatiefaciliteiten. Snel en adequaat handelen is van levensbelang, maar ook belangrijk voor het voorkomen van complicaties en uitputting van de merrie.

 

Femke is drie maanden na de keizersnede weer geïnsemineerd en inmiddels weer drachtig. Sietse heeft zich goed ontwikkeld en is inmiddels verkocht voor de opfok.

Tekst: Eric Leusink / Foto’s: DAP Wolvega

Reacties