Tags Posts tagged with "wedstrijdruiter"

wedstrijdruiter

0 7102
fouten wedstrijdruiter

Iedere wedstrijdruiter kent van die momenten tijdens zijn of haar carrière dat je wel door de grond kan zakken. Of dit nu is tijdens een grote, belangrijke wedstrijd buitenaf of thuis aangemoedigd door je ouders en de hond.

Stom

Als je wedstrijden rijdt, dan kan je ervan uitgaan dat je ooit, op een bepaald punt, een foutje maakt. Het zijn altijd momenten dat je het bijna letterlijk besterft van schaamte. Zeker als je jezelf bedenkt dat sommige van die fouten heel erg gênant en stiekem ook best een beetje stom zijn.

10 belachelijke foutjes van een wedstrijdruiter

Daarom (en om het leed een beetje te verzachten) tien belachelijke foutjes die iedere wedstrijdruiter wel eens een keer heeft gemaakt. Nu blijven hopen dat we er van leren voor de volgende keer.

1. De verkeerde kant opgaan tijdens een dressuurproef

Je zou toch zeggen dat het verschil tussen links en rechts niet heel moeilijk is. Desalniettemin is dit een foutje die iedereen wel eens in zijn leven heeft gemaakt. Gelukkig niet ‘ernstig’ genoeg voor een diskwalificatie, maar je proef nog maar eens uit te rijden zonder het schaamrood op je kaken.

2. Meerdere keren de verkeerde kant opgaan

En uitgebeld worden. Iets wat nog gênanter is als de proef wordt voorgelezen.

3. De verkeerde kant opgaan in een springparcours

Een foutje van hetzelfde kaliber. Vooral als je na het uitbellen nog eens onverstoord het parcours probeert af te maken, in de tegengestelde richting uiteraard. Oeps!

4. Te vroeg de ring binnenkomen

Op het moment denkt dat jij de volgende ruiter aan start bent. Blijkt dat er werd gewezen naar de combinatie achter je. Gênant (op zijn zachtst gezegd)!

5. De ring binnenkomen met peesbeschermers nog om

En gediskwalificeerd worden. Zuur.

6. Starten voor de bel

Om (wederom) gediskwalificeerd te worden. Merkt iemand hier al wat van een patroon?

7. Vergeten om je plastron goed te bevestigen

Met als resultaat dat het ding een eigen leven gaat lijden tijdens je proef/ parcours. Nog ‘leuker’ is het als je dit pas voor het eerst opmerkt tijdens het afgroeten en alleen maar omdat de jury je er op wees. Fijn.

8. In de verkeerde galop aanspringen

Het gebeurt je nog zelden of nooit, maar tijdens je proef lijkt het plotsklaps alsof je de ‘simpele’ galophulpen niet normaal onder de knie krijgt. Bonuspunten voor wanneer je instructeur meekijkt.

9. Op het verkeerde been rijden

En bij het subtiele gekuch van je toeschouwers alleen maar denken dat er ‘zeker een griepje heerst’. Fijn.

10. Oefeningen ‘improviseren’

Je zou zeggen dat “A-C binnenkomen in arbeidsdraf” niet heel erg moeilijk is. Desondanks dachten jij en je paard daar anders over en gebeurde dit in een ‘uitgestrekte galop’ met een 180 graden ‘pirouette’ op het eind. Kan je ook een tien krijgen voor de afsprong? Ik vraag het voor een vriend

 

Bron: Gebaseerd op een artikel van Horse&Hound/Hoefslag / Overname zonder bronvermelding en toestemming via webredactie@mediaprimair.nl niet toegestaan/Tekst: Denise Meijer

Foto: Foto: Jessica Pijlman/Made by Jessy

0 148
Foto: Remco Veurink

Zoals bij alles begint ook elke wedstrijdruiter onderaan de ladder in de klasse B. Een goede proef vraagt om beheersing van alle gevraagde vaardigheden door zowel ruiter als paard. A-kader-amazone Katja Gevers beschrijft de weg van B naar Subtop en geeft praktische tips.

Z: Appuyement en vliegende wissel.
In de klasse Z1 wordt de overgang van stap naar galop uitgebouwd naar een eenvoudige wissel. Katja: ‘Het is belangrijk dat een paard deze oefening in de M2 al goed beheerst. Sommige paarden worden in de eenvoudige wissel een beetje heet, dan is het belangrijk zelf je handen te ontspannen. Ook de overgang van galop naar halt komt er nu bij. De meeste paarden hebben dit trucje snel door. Het is dan aan jou om de controle over het tempo te houden, zodat het paard niet eerder stil valt en recht blijft. Dit kan door bijvoorbeeld eerst een schijnovergang te rijden en het later opnieuw te proberen. In de Z-proeven wordt met de uitgestrekte galop een groter verschil gevraagd dan in de voorgaande middengalop. Rijd het paard voor de inzet iets terug en rijd hem bergopwaarts naar voren. Van hem aan het eind van de lijn weer op, maar zorg dat hij hierbij niet op de voorhnd valt. Een andere toevoeging in de Z zijn de appuyementen in draf en galop. In het begin koppel ik deze oefening aan een bekende oefening zoals travers op de diagonaal om de juiste lengtebuiging te vergemakkelijken. In de Z2 proeven worden de appuyementen moeilijker gemaakt door het zigzaglijntje. Bij het omstellen moet je erop letten dat het paard niet door de nieuwe binnenkant valt. Tot slot komt de vliegende wissel er nog bij. Op het moment dat je de wissel springt, houd je de voorkant recht en vraagt geen stelling. Wel buig je het paard iets om je binnenbeen. Het helpt om mee te tellen tot 3 en op 3 het nieuwe binnenbeen los te laten en het nieuwe achterbeen naar achteren te leggen.’

Wil je naar aanleiding van dit verhaal nog meer (visuele) informatie over de basis van goed dressuurrijden? Ga dan naar de Hoefslag Academy. In tien filmpjes reiken amazone Dinja van Liere en commentator Laurens van Lieren je handvatten aan die kunnen bijdragen aan je ontwikkeling als ruiter.

Daarnaast kun je nog kaarten bestellen voor de leerzame en spectaculaire Hoefslag Masterclass op 30 april!

Foto: Remco Veurink

Masterclass-HS-3

0 1843

Jonge ruiters die nog niet zo lang bezig zijn met de (wedstrijd)sport, kunnen maar al te snel hun zelfvertrouwen verliezen. Hoe zorg je ervoor dat dat niet gebeurt en stimuleer je hen op een goede manier? Vijf tips!

1. Je bent misschien geneigd om een kind te overstelpen met complimenten. Maar doe dat toch met mate. Opmerkingen en schouderklopjes moeten wél terecht zijn. Kinderen hebben feilloos in de gaten wanneer ze niet gemeend zijn of niet juist. Overdreven prijzen heeft geen effect.

2. Houd niet-realistische verwachtingen -bijvoorbeeld over een komende wedstrijd- voor je. Ze leiden tot stress en hebben een desastreus effect op het zelfvertrouwen van de jonge ruiter. Veeg opmerkingen zoals ‘Ik moet een rozet winnen’ van tafel.

3. Niet teveel peptalk. Ouders vergeten dat teveel aanmoediging een averechts effect heeft. Houd het kort en bemoedigend, maar niet te intens. Kinderen zien zulke goedbedoelde praatjes vaak als druk.

4. Respecteer een kind dat overstuur is. Voor ons is een dag waarop het wat minder gaat niet zo’n punt (‘Volgende keer beter’), maar voor een kind kan een les die niet goed ging, heel belangrijk zijn. Als je kind zegt ‘Ik reed zó slecht vandaag!’, zeg dan niet ‘Volgende keer beter’, maar reageer bijvoorbeeld met ‘Het klinkt alsof je er verdrietig over bent. Wil je vertellen wat er gebeurde?’ Op die manier erken je zijn of haar gevoelens en neem je hem serieus door te laten merken dat je hem wilt helpen.

5. Kinderen met faalangst, die zich overdreven druk maken al ze fouten maken, kunnen niet genieten van de sport. Creëer een atmosfeer waarin fouten maken bij het leerproces hoort. Laat weten dat het ok is om een afstand te missen of een figuur te verknallen. Vertel dat elke sporter fouten maakt of een mindere dag heeft. Het gaat erom hoe hij daar mee omgaat en ervan leert. Leer dat ‘doorgaan’ de beste optie is en vertel dat je zonder fouten niet vooruit komt.

Ridingoutofyourmind.com/Hoefslag

Foto: Puhach Andrei/Shutterstock

Hoefslag Academy Masterclass
Hoefslag Academy Masterclas

0 3888

Verschillende soorten persoonlijkheid worden aangetrokken door verschillende soorten paardensport, was de uitkomst van een aantal Europese onderzoekers, onder aanvoering van Dr. Inga Wolframm, Dr. Jane Williams en Dr. David Marlin. Hun bevindingen zijn gebaseerd op de antwoorden van meer dan 4000 paardensporters; overwegend vrouwen (96%), uit de VS, Groot-Brittannië, Canada, Nieuw-Zeeland, Australië en Europa. Ze deden aan dressuur, eventing, springen, westernsport, showrubrieken of beoefenden de paardensport recreatief. De deelnemers vulden een vragenlijst in die de onderzoekers in staat stelden het profiel van hun persoonlijkheid vast te stellen. De onderzoekspublicatie verscheen deze week in Comparative Exercise Physiology.

Wedstrijdstress

De belangrijkste ontdekking is dat wedstrijdruiters extroverter en zelfbewuster zijn dan ruiters die hun sport puur recreatief beoefenen. Ander sportonderzoek wees al uit dat atleten die hoger scoren op ‘extravertheid’ en ‘zelfbewustzijn’ beter tegen wedstrijdstress kunnen. Wolfgramm: ‘De meeste wedstrijdruiters komen vroeg of laat op een punt in hun carrière die hun vastbeslotenheid zal testen: geblesseerde paarden vlak voor een belangrijke wedstrijd, de continue strijd tussen wedstrijdschema en familieverplichtingen, financiële moeilijkheden, enzovoort. Ruiters die van nature een grote geldingsdrang hebben, zullen deze hindernissen overwinnen. Extraverte ruiters houden zelfs van een extra uitdaging.’

Uitdaging

Wedstrijdruiters scoren ook hoger wat betreft het aangaan van nieuwe ervaringen: innovatieve ideeën, ‘revolutionaire’ gedachten… dressuurruiters gaan hierin het verst. Williams: ‘We denken dat het esthetische karakter van dressuur en de uitdaging om een paard tot in perfectie een oefening te laten doen ruiters aantrekt die een dergelijke mentale stimulans graag tegemoet treden.’

Ontwikkeling stopt niet

In tegenstelling tot het algemene idee dat de ontwikkeling van je persoonlijkheid stopt bij twintigers, gaat die bij ruiters nog wel even door. Ruiters ouder dan 35 zijn onbezorgder, stabieler, en zelfbewuster en staan meer open voor ideeën. Marlin suggereert dat paardrijden een van de weinige sporten is waar leeftijd er niet toe doet als het gaat om prestaties. Ruiters die kalm, toegewijd en empathisch zijn, zijn veel betere paardentrainers. Wat dat betreft is het heel goed dat jongere ruiters gecoacht worden door oudere, meer ervaren ruiters.

Ken jezelf

Het loont dus om zoveel mogelijk je eigen persoonlijkheid te kennen; hoe beter je jezelf kent, hoe meer je uit je paardensportcarrière kunt halen. De onderzoeksresultaten hebben ook gevolgen voor selectieprocedures en trainingstechnieken.

Jongere ruiters, tot voor in de twintig, vonden zichzelf lastiger, neurotischer en minder gewetensvol dan oudere ruiters. Westrijdruiters beschouwden zichzelf als gewetensvoller dan niet-wedstrijdruiters. Ruiters die aan risiciovollere sporten doen, vonden zichzelf minder aangenaam en gewetensvoller. Naarmate ze ouder waren achtten ruiters zichzelf meegaander, gewetensvoller en minder gestresst en daardoor geschikter om jongere ruiters te coachen.

Samenvatting van The role of personality in equestrian sports: an investigation. Comparative Exercise Physiology door Wolframm, I.A., Williams, J. and Marlin, D. (2015).

Horsetalk/Hoefslag

Foto: Remco Veurink

Volg ons!

102,949FansLike
0VolgersVolg
0VolgersVolg
1,451Youtube abonneesAbonneer