Tags Posts tagged with "rug"

rug

0 1270

Uit een nieuwe studie blijkt dat het huidige bewegingsapparaat van de paardenrug niet te vergelijken is met de flexibiliteit van het paard uit de oertijd.

Het huidige moderne paard is geëvolueerd tot een veerkrachtige ‘machine’ die topsnelheden kan bereiken terwijl zij hun rug ‘stijf houden’. Vijftig miljoen jaar geleden waren de oudste paardachtigen echter niet groter dan een huiskat, waarbij de looptechniek totaal niet op die van het hedendaagse paard leek. Volgens onderzoek aan de Universiteit van Harvard is het huidige gangenwerk te wijten aan een manier om zoveel mogelijk energie te besparen terwijl de paarden in de evolutieperiode in stokmaat toenamen.

‘Meer dan een eeuw geleden bestudeerden wetenschappers de hoeven van het paard om zo meer te begrijpen over het ontwikkelingsniveau tijdens het rennen. Er is echter weinig bekend over de evolutie van de rug tijdens deze transformatie,’ aldus een woordvoerder. ‘Vierbenige zoogdieren bewegen hun onderrug tijdens het rennen om de snelheid toe te laten nemen en tegelijkertijd de ademhaling te reguleren. Bij paarden ligt dit echter anders omdat zij de bewegingen van hun lendenwervel tot een enkel gewricht bij hun romp beperken.’

Veranderingen in anatomie

Tijdens de studie werd de anatomie en mobiliteit van het gedomesticeerde paard bekeken. De vorm van de rugwervels laat zien hoeveel beweging in ieder gewricht mogelijk is. Gewapend met deze informatie vergeleken de onderzoekers de rugwervels bij zestien fossiele paardensoorten. Hierbij ontdekten zij dat kleinere paardachtigen, zoals Hyracotherium, over een compleet andere anatomie van de rugwervels beschikte. Dit suggereert dat vroeger meer beweging in de midden- en lagere rugdelen mogelijk was. De anatomie van de wervels had uiteraard ook te maken met de lichaamsgrootte, waarbij de paardensoorten met grotere stokmaat minder beweging ontwikkelden vanuit de rug. De onderzoekers zijn dan ook van mening dat de stabiliteit van de rug een gevolg is van de mechanische uitdaging bij het huidige grote moderne paard. ‘De benodigde energie voor het behalen van topsnelheid door zo’n groot dier is vaak extreem, daarom lijkt het nodig dat de beweging in de rug geminimaliseerd word. De bevindingen in onze studie zijn belangrijk omdat het laat zien hoe de rug, een relatief onbekend en weinig bestudeerd onderdeel van de paardenanatomie, nieuwe perspectieven geeft op het gebied van locomotie-ontwikkeling.’

Bron: Hoefslag/Horsetalk

Foto: Remco Veurink

HS-leaderboard-MC-HScadeau

0 173
ruiter gereanimeerd
Een paard is woensdagmiddag rond 15.30 uur op de vlucht geslagen nadat de 21-jarige amazone door nog onbekende oorzaak van de rug van het dier was gevallen op een bospad langs de Hartenseweg, op de grens van Renkum en Wageningen. Vermoedelijk schrok het paard door de val, waarop het er vandoor ging.

Agenten konden het paard na een korte achtervolging tot rust manen en vangen op de Zoomweg, waarna het terug in de wei is gezet. De amazone brak haar sleutelbeen door de val. Ze is per ambulance naar het ziekenhuis in Ede gebracht.

Bron: Gelderlander/Hoefslag

Foto: 112

0 1039
ruiterhouding

Voel jij elke ruggenwervel, spiertje en zenuw in je rug? Dat ligt niet aan het feit dat je paardrijdt. Bij paardrijden zit je rechtop; de rugspieren worden aan het werk gezet en dat is juist goed voor met name lage rugpijn. De bewegingen van het paard bevorderen ook het correct bewegen van rug, heupen en bekken. De oorzaak van rugpijn is wat je de rest van de dag uitvoert, en een verkeerde houding.

Als je last hebt van je rug, is er een aantal mogelijke oplossingen, zowel vanaf de rug van je paard als ernaast.

Neem een ​​pauze

De meeste recreatieruiters hebben een (kantoor)baan, wat inhoudt dat ze acht uur per dag min of meer aan hun bureaustoel gekluisterd zitten. Beweging is de sleutel, omdat de pijn wordt veroorzaakt door stijfheid. Blijf zachtjes en voorzichtig bewegen bij rugpijn. Zorg ervoor dat je ‘mini’ en ‘micro’ pauzes neemt. Een mini-break is opstaan ​​en elke twintig minuten om je stoel heen lopen. Een micro pauzes wordt elke drie minuten genomen; blijf zitten op je stoel, ga goed rechtop zitten en beweeg je schouders op en neer.

Warming-up, cooling-down

We steken veel tijd, geld en moeite in de gezondheid van onze paarden, maar we vergeten onszelf. De ruiter maakt nog altijd vijftig procent uit van de samenwerking, dus het is belangrijk om ervoor te zorgen dat je opgewarmd bent voordat je op je paard stapt. Ga lopend of fietsend naar stal als het kan, of doe iets anders bij aankomst om de spieren op te warmen. Uitmesten, vegen, wandelen met je paard.

En dan is er natuurlijk ook de cooling down. Je stapt je paard ook uit, dus ga niet meteen in de kantine zitten, kruip niet meteen na het rijden achter het stuur van je auto.

Een goede oefening op het paard is aan het eind van de les, training of buitenrit je voeten uit de beugels doen om je benen te ontspannen. Het is ook een goed idee om de laatste vijf minuten van je paard te stappen en ernaast te gaan lopen.

Perfecte symmetrie

We zijn allemaal asymmetrisch, iedereen heeft een voorkeurskant. Als je ene kant veel sterker is dan je andere, is dat ook niet goed. Het is belangrijk om je rug gelijkmatig te (leren) belasten. Dat is moeilijker dan je denkt. Begin dus met kleine dingetjes in huis, zoals het gebruiken van je niet-dominante hand, bijvoorbeeld als je iets oppakt. Op den duur kun je alle huishoudelijke klusjes met beide handen. Ook op stal kun je proberen beide kanten te belasten. Ben je rechts? Ga dan poep scheppen met links. Neem de borstel in je linkerhand als je je paard poetst. Wissel de hand waarmee je de bezem hanteert af.

Rekken en strekken

In de ochtend is rugpijn meestal het ergst. Als je slaapt, beweeg je je immers nauwelijks. Daarom: begin ’s morgens met oefeningen doen, terwijl je in bed ligt om de spieren in de onderrug rustig los te maken.

Oefening 1
Ga op je rug liggen, buig een knie en breng die tot aan je borst. Houd je knie gedurende 20 seconden vast. Herhaal deze oefeningen een paar keer per kant.

Oefening 2
Je ligt nog steeds op je rug. Buig je knieën; zet je voeten plat neer. Beweeg je knieën langzaam één kant op, zover mogelijk. En dan de andere kant op. Draai je rug hierbij voorzichtig, houd je schouders plat op het bed. Herhaal deze oefening  vier tot vijf keer aan elke kant.

Tijdens het rijden gebruiken we onze lumbale wervelkolom, heup en bekken/zitbeenknobbels het meest. Er zijn een aantal oefeningen die je helpen die op te rekken voor en na het rijden.

Heup- en kuitspieren
Kniel  en houd het gebogen been in een hoek van 90 graden. Je oor, schouder, heup en knie vormen één verticale lijn. Strek je gebogen been nu een aantal keren (niet doorbuigen, gewoon stil houden) en wissel van been.

Bil- en heupspieren
Ga naast een object staan dat ongeveer een knie hoog is, bijvoorbeeld een strobaal.  Leg je voet met de buitenkant op de strobaal. Buig je knieën naar voren,  vanuit de heupen. Je voelt dit aan de buitenkant van je bil. Houd gedurende 20 seconden vast, niet buigen. Herhaal dit en wissel van been.

Nog eentje voor bil- en heupspieren (wat lastiger)
Ga tegenover een vast voorwerp staan dat tot halverwege je dij komt (twee hooipakjes). Leg je onderbeen haaks op de hooipakjes. Buig je onderbeen bij de knie richting vloer. Buig je bovenlichaam naar voren over je gebogen been. Dit voel je in je bil en dij. Houd 20 seconden vast; niet doorbuigen.  Wissel van been.

Natuurlijk overleg je met je arts of fysiotherapeut over deze en andere oefeningen. Als je pijn krijgt, stop dan met een oefening.

Kijk op  voor de foto’s van de oefeningen.

Horseandcountry.tv/Hoefslag

Foto: Remco Veurink

0 4741
longeren longeersingel

Doelgericht longeren zodat je er profijt van hebt tijdens het rijden, is niet zo moeilijk. Als je maar weet hoe. In drie afleveringen geeft expert Bastiaan de Recht handvatten. In het juninummer van Hoefslag ligt de focus op gymnastiseren. Een voordeel van gymnastiseren aan de longe is volgens De Recht dat het paard onbelast loopt, dus zonder ruiter op zijn rug, en daardoor eerder kan ontspannen. ‘Longeer echter niet te lang. Langdurig longeren kan de banden, pezen en gewrichten beschadigen. Een longeersessie duurt gemiddeld twintig minuten, afhankelijk van de leeftijd en de conditie van het paard. Zorg ook dat de cirkel waarop je longeert, niet kleiner is dan zestien meter diameter om blessures te voorkomen. Tenzij je natuurlijk even de volte sluit om het paard langzamer te laten gaan.’

Meer ruggebruik

‘Om het ruggebruik van een paard te ontwikkelen kun je naast tempowisselingen ook een aantal keer het paard de overgang van galop naar draf laten maken. Door de actieve flexie extensie in galop, dat wil zeggen dat de wervelkolom zich afwisselend hol en bol maakt, waarbij de buik- en rugspieren zich moeten aan- en ontspannen, wordt het ruggebruik gestimuleerd. Iedere keer dat het paard vanuit de galop een overgang maakt naar de draf, wordt dus het actieve ruggebruik vanuit de galop in de draf even voortgezet. Ook de stap wordt verbeterd door het ruggebruik te stimuleren.’

Meer lezen over wat gymnastiseren aan de longe kan doen voor het fysiek van je paard? Lees het in Hoefslag 6.

Tekst: Carlijn de Boer

Foto: Remco Veurink

0 2100

Zowel de reguliere als de alternatieve diergeneeskunde wijst er op dat rugproblemen vaak veroorzaakt worden door de manier van rijden. De manier van trainen en de wijze waarop een ruiter op zijn rug zit, zijn dus van wezenlijk belang. ‘Ruiters moeten daar meer alert op worden gemaakt. Ze moeten zich veel verder verdiepen in het wezen paard, zowel op psychisch als op fysisch vlak. Denk niet te snel dat je de wijsheid in pacht hebt, maar ga te rade bij oude rotten in het vak met een bewezen staat van dienst’, stelt amazone en trainer Tineke Bartels.

Hoewel Bartels door velen inmiddels ook bestempeld wordt als ‘oude rot in het vak’, staat zij nog steeds open voor mensen die bewezen hebben zich verder te ontwikkelen op paardengebied. Freestylers, zadelspecialisten, sportpsychologen of buitenlandse trainers, als ze denkt dat het nuttig is, doet ze er haar voordeel mee in het trainen van haar paarden. Middels het familiebedrijf Academy Bartels mogen andere geïnteresseerden regelmatig meeprofiteren van die kennis. Kennis is op het bedrijf intern volop aanwezig. Als amazone heeft Tineke Bartels zich veelzijdig weten te ontwikkelen en zich later toegelegd op de dressuursport met deelname aan vele EK’s, WK’s en Olympische Spelen als sportieve hoogtepunten. De begeleiding van vele talentvolle combinaties, met natuurlijk als oogappel dochter Imke, is velen bekend. ‘Maar ik ben evengoed trots als ik een basisruiter een belangrijk basisonderdeel van het paardrijden heb kunnen bijbrengen.’ zegt Bartels over haar taak als trainer. Vanuit haar achtergrond als docent lichamelijke opvoeding, kan zij de mogelijkheden (en onmogelijkheden) van het paardenlichaam toepassen in haar eigen trainingen en lessen.

Turnles

Bartels: ‘In de turnles leren kinderen eerst een koprol maken over de mat. Later kun je dat uitbouwen tot de meest ingewikkelde oefeningen. Projecteer de mogelijkheden van je eigen lichaam eens op die van je paard! Zelf ga je toch ook niet meteen de marathon lopen of honderd kilo gewichtheffen? Je bouwt op volgens een systeem. Dat geldt ook voor paardrijden. Je begint bij de basis. Als die in orde is, kun je variëren en uitbouwen. Binnen de opleiding van het paard hanteren wij de algemene richtlijn dat een vier- vijfjarige eerst leert om voorwaarts-neerwaarts te lopen en lekker nageeft op het bit. Daarbij mag je nooit te hard trekken, dat geeft gegarandeerd problemen. Helemaal als je met een slofteugel geforceerd het paard in een houding dwingt. Dat geeft schade aan hals en rug. Het is altijd verkeerd om ergens ‘doorheen te trekken’. In de dressuurtraining moet je wel over grenzen gaan, anders kun je niets opbouwen. Maar hoe lang en hoe ver je daarin mag gaan, is erg belangrijk. Daar ligt de taak van een goede trainer. Een spier mag nooit strak zijn maar moet blijven bewegen. Er moet zuurstof naartoe blijven stromen, anders krijg je verzuring en pijn. Vanaf zes jaar mogen paarden wel wat ‘ronder’ gevraagd worden. Dit is een samenspel van signaal, druk en beloning. Communicatie is hier cruciaal. Je moet je in je paard kunnen verplaatsen en hem positief kunnen bekrachtigen. De visie van onder andere Emiel Voest en Annemarie van der Toorn heeft ons op dit gebied veel inzicht gegeven. Wist jij dat een paard maar twee of drie seconden kan onthouden dat hij moet reageren op een hulp? Binnen twee seconden moet je hulp dus effect hebben!’ beredeneert Bartels. Binnen dit systeem van rijden kom je via het leren nageven al snel op ruggebruik. ‘Er wordt wel veel over ruggebruik gepraat, maar weet je wel wáár je dan over praat?’ vraagt Bartels zich hardop af. ‘De hoofdhouding is geen garantie voor goed ruggebruik. Bij mij is het een gevoel. Als ik er opzit merk ik het aan het comfort bij het doorzitten. Als trainer probeer ik het te zien aan de beweging van het paard, of die als het ware doorvloeit in het hele lichaam.’

Zoutzak

Diverse problemen bij het rijden, kunnen er op wijzen dat een paard om een of andere reden zijn rug niet goed gebruikt. Bartels: ‘Als een paard ‘rommelig’ loopt, niet tactmatig loopt of als er grote verschillen zijn tussen de linker- en rechtergalop, kan dat op rugproblemen wijzen. Ook oefeningen als changementen en schouderbinnenwaarts kunnen een rugprobleem aan het licht brengen. Als het paard veel ‘over de hand drukt’, zijn hoofd omhoog brengt en zijn rug strak houdt, is dat een duidelijk signaal. Het is wel belangrijk dat je die als ruiter en trainer oppikt. Duidelijker zijn signalen die daar misschien op kunnen volgen zoals oren in de nek, slaan naar het been of staken. Maar er zijn ook bikkels die door rugpijn heen lopen. Het kennen van je paard is dus heel belangrijk! Dat begint eigenlijk al op de poetsplaats. Controleer de rug altijd voor je het zadel erop legt. Een goed passend zadel is natuurlijk ook een must. Maar denk niet dat je er bent als je er een nieuw zadel op hebt liggen. Wij hebben inmiddels ervaren dat de rug verandert en het zadel ook. Laat het dus regelmatig controleren door een goede zadelpasser.’ is het devies van Bartels. ‘Soms kom ik paarden tegen die duidelijk last hebben van hun ruiter. Als ruiter heb je de taak om een goede, onafhankelijke zit te ontwikkelen. Als je zit als een zoutzak, heeft een paard daar zeker last van. Het komt ook voor dat de ruiter te zwaar is voor een paard en daardoor rugproblemen veroorzaakt. Dit is een heel gevoelig punt, maar als trainer, jurylid of dierenarts moet je daar eerlijk over durven zijn.’

Sterke rug

Natuurlijk moet je met een jong paard via juiste training de bespierig van de rug opbouwen. Maar ook een paard met een zogenaamde ‘weke rug’ kan met de juiste training sterker worden. ‘Dat kan alleen bij goed ruggebruik. Door hem niet te gebruiken of met een weggedrukte rug te lopen, bouw je geen spieren op. Begin een training altijd met een gedegen warming-up, zo zorg je ervoor dat de spieren warm worden en zuurstof krijgen. Begin dan altijd met het verder loswerken van de rug en nekspieren door het paard voorwaarts-neerwaarts te laten nageven. Van daaruit kun je verder uitbouwen en oprichten. Sleuren aan je paard is nooit goed en levert zeker geen correct bespierde rug op. Een slofteugel is zeker geen trainingsinstrument. Is hij niet nageeflijk, ga dan een stapje terug in de opleiding. Ga zeker niet vooruit, want dan kom je toch het probleem weer tegen.’ Bartels gaat in op de vraag hoe zij tegenover de competities voor jonge paarden staat: ‘Op zich heb ik niets tegen die competities, het is fijn om paarden op jonge leeftijd al zoveel ervaring op te kunnen laten doen. Wat wij zelf niet nastreven is het wínnen van die competities, het is voor ons een procesdoel, geen resultaatdoel. Naar mijn mening moet je het paard voorstellen in een houding waarin hij optimaal kan lopen, niet om de jury te bekoren. Drie jaar is te jong, maar een vier- of vijfjarige mag af en toe best wel eens van huis.’ |

Tekst: Natasha Bruinsma / Foto: Remco Veurink

0 2939

Wanneer een paard bereden wordt, ligt er in 99 procent van de gevallen een zadel op de rug. Of het nu een Grand Prix paard is of een ‘manegeknol’. Er zijn geen ingewikkelde studies nodig om te concluderen dat dit zadel effect zal hebben op het rijden. Ligt het stabiel, comfortabel en geeft het voldoende bewegingsvrijheid zonder pijn te veroorzaken? Dan kun je aannemen dat het paard zich kan ontspannen, zijn beweging optimaal kan afmaken en zijn rugspieren kan ontwikkelen.

Zoals we in de voorgaande artikelen uit deze reeks hebben kunnen lezen, zijn dierenartsen, therapeuten en trainers het er over eens dat rugproblemen veel voorkomen én dat ze vaak worden veroorzaakt door het zadel. Ook de zadelindustrie zal dat gretig beamen. Maar hoe weet je als consument nu welk zadel inderdaad het beste is? Een rondje door elk willekeurig strodorp op een groot concours levert al snel vijf tot tien verschillende merken zadels op. Wanneer informatie wordt gevraagd, zal de ene verkoper ‘zijn’ zadel toch altijd aanprijzen als de beste. Wanneer het een grote ruitershop betreft met meerdere merken, is het afhankelijk van het advies van de verkoper welk zadel men aangeraden wordt. Bij navraag is dit advies niet altijd gebaseerd op een ruime aantoonbare praktische ervaring, maar heeft men een fijne verkoopbabbel en ‘een paar weken met de baas meegekeken’. Natuurlijk koop je een zadel nooit op een beurs of recht uit de winkel. Dat zou hetzelfde zijn als schoenen voor een vriend kopen en verwachten dat hij daar lekker op loopt. Die kans is ook klein. Een zadel moet gepast worden, ook in beweging.

‘Als je je paard goed kent, voel je tijdens het uitproberen of het paard het zadel comfortabel vindt. Loopt hij lekker ontspannen, met ruime passen en vindt hij het geen probleem om zijn hals lekker laag en lang te maken in draf of galop? Kun je hem zowel rechts als links laten buigen zonder probleem? Dan mag je aannemen dat hij geen hinder ondervindt van het zadel. Ligt het daarbij ook nog stabiel en recht en geeft het de ruiter voldoende ondersteuning bij het rijden, dan ben je al een heel eind op weg’, aldus meesterzadelpasser Danny Kroetch uit Canada. Hij reist de hele wereld over om lezingen te geven over het belang van een goed passend zadel en mag vele bekende internationale ruiters tot zijn klantenkring rekenen.

‘Even doorheen rijden’

‘Een slecht passend zadel kan ernstige gezondheidsproblemen bij het paard geven. We kunnen hierin onderscheid maken in fysieke problemen (spieratrofie, pijn, zwelling, open wonden, kreupelheid), gedragproblemen (vluchten, bijten, zadel- en singelnijd) en trainingsproblemen (bokken, moeite met stelling of verzameling, verzet). Problemen tijdens het rijden of in de training kunnen variëren van een beetje moeilijk doen met opstijgen tot een complete rodeo. Dit hangt ook samen met het karakter van het paard. Sommige paarden laten zich zelfs vallen op het moment dat je het zadel oplegt. Anderen doen alleen in het begin ‘lastig’ en als ze wat opgewarmd zijn, gaat de training goed. Dit zijn de meest tricky gevallen, de ruiter denkt gewoon dat er even ‘doorheen gereden’ moet worden! Je kunt de drie-eenheid paard-zadel-ruiter niet los van elkaar zien. Als ruiter is het belangrijk dat je (pijn)signalen van je paard herkent, dat je in balans rijdt (neem eens een zitles) en dat je op je eigen conditie en gewicht let. Overgewicht kan problemen geven bij het vinden van een goed passend zadel – vooral als het paard een korte rug heeft – en rugproblemen bij je paard veroorzaken.’ Dit zegt Irma Wormgoor, ‘spokeswoman’ van de beroepsvereniging van gediplomeerde zadelpassers en -makers, de Society of Master Saddle Fitting Consultants (MSFC). ‘Zelf heb je misschien ook wel eens een rijbroek aangehad die niet zo lekker zat. Grote kans dat je je billen of benen kapot rijdt. Of misschien heb je eens schoenen hebt gekocht die zo leuk waren, maar eigenlijk net iets te krap. De verkoopster garandeerde dat je ze wel ‘uit zou lopen’. Maar ze bleven pijn doen. Je loopt daardoor ongemakkelijk en draagt ze niet meer. Dat geldt ook voor je paard als je zadel niet past. Maar veel ruiters verwachten toch van hun paarden dat ze hun beste beentje voor zetten’, schets Wormgoor de situatie. Om ruiters beter te adviseren bij de aankoop van een passend zadel, zijn goed opgeleide mensen nodig die bewezen hebben een juist advies te kunnen geven in het grote aanbod van zadels. De opleiding tot Master Saddle Fitting Consultant draagt sinds 2006 kennis en kunde over op het gebied van zadels passen en maken. Hiervoor schakelen zij docenten in die hun sporen op dit gebied hebben verdiend. De cursisten krijgen les in de anatomie, conformatie en biomechanica van het paard. Maar ook de technische kennis van het zadelmaken komt aan bod. Het doel van de MSFC is dat de titel ‘zadelpasser’ beschermd gaat worden en dat er dus een gedegen opleiding nodig is om dit beroep uit te mogen oefenen. Wormgoor: ‘Dit zou veel dierenleed voorkomen en mensen voor onnodige uitgaven moeten behoeden. Verder promoten wij een multidisciplinaire samenwerking tussen dierenarts, dierfysiotherapeut, hoefsmid, paardentandarts en zadelpasser. Wij denken dat dit bevorderlijk is om het paard (in de sport) aan het lopen te houden.’

Tips

De zadelindustrie zelf zit ook niet stil. Er wordt aan gewerkt om steeds betere en comfortabele zadels te maken. Belangrijkste vraag blijft natuurlijk altijd: past dit zadel op mijn paard? Sommige zadelmerken worden gemaakt en vertegenwoordigd door echte ‘vakidioten’ die alle ‘ins en outs’ van een zadel kennen en – belangrijker nog – die ervaring hebben en kennis van de bouw en beweging van een paard. Die begrijpen wat ruiters van een paardenlichaam verlangen en die vragen kunnen beantwoorden en onderbouwen met uitleg en illustraties gegrond op wetenschappelijk onderzoek. Brice Goguet (vertegenwoordiger van het Franse merk Devoucoux) en Danny Kroetch (DK Saddlery) zijn van die bevlogen zadelspecialisten. Zij zetten op een rijtje wat voor hen de belangrijkste punten zijn waar een ruiter op moet letten bij de aankoop van een zadel.

Brice Goguet:

* Er moet voldoende ruimte zijn tussen de schoft en het zadel. Als een ruiter op het zadel zit en rijdt, moeten er drie vingers tussen het zadel en de schoft passen.

* Het zadel moet stabiel blijven liggen. Dit heeft veel te maken met de hoek van de singelstoten aan het zadel. Bij springpaarden glijdt het zadel vaak naar achteren en bij dressuurpaarden juist meer naar voren. Door de singelstoten anders te bevestigen, blijft het zadel stabieler liggen.

* De ruiter zou recht boven de dertiende wervel moeten zitten. Als de ruiter recht zit en in balans is, helpt dit het paard makkelijker te bewegen.

Danny Kroetch:

* De boom van het zadel moet goed passen, de schouder vrijlaten in zijn beweging en de spieren rond de schoft toestaan zich te ontwikkelen.

* Het zadel moet aangepast worden aan de asymmetrie van het paard zodat het recht ligt op de rug. Een zadel komt symmetrisch (recht) uit de fabriek en moet dus nog aangemeten worden op het paard. Wanneer het zadel ‘zichzelf aanpast’ zal het scheef gaan liggen waardoor de boom niet meer juist ligt en de ruiter scheef dwingt.

* De ruimte tussen de kussens moet voldoende breed zijn om voldoende circulatie te garanderen. Minstens vier vingers wijd. Anders drukt het op de wervelkolom met zijn gevoelige zenuwverbindingen in plaats van op de spieren. |

Onderzoek

Op het gebied van ruiter-zadel-paard interactie zijn de laatste jaren verschillende onderzoeken uitgevoerd. Deze zijn in te delen in twee hoofdgroepen: de beïnvloeding van rugbewegingen en zadeldrukmetingen. Onderzoekster Patricia de Cocq licht toe:

‘Gezien de minimale beweging van de wervels van de rug is het onderzoeken van rugbewegingen verre van eenvoudig. Rond de eeuwwisseling heeft Marjan Faber bij de universiteit Utrecht een methode ontwikkeld om deze rugbewegingen objectief vast te leggen. De rugbewegingen kunnen worden beschreven als een combinatie van drie basale bewegingen: het buigen en strekken van de rug, het zijwaarts buigen en het draaien om de lengteas. Het buigen en strekken is gerelateerd aan de belasting die op de rug van het paard wordt uitgeoefend. Zo blijkt een paard zijn rug meer te strekken (= hol maken) als een massa met het gewicht op het paard wordt bevestigd. Dit verschil is ook terug te zien als een ruiter op het paard gaat zitten. De rug is bijvoorbeeld bij het doorzitten de gehele beweging van het paard meer gestrekt dan bij een onbelast paard. Tijdens het lichtrijden beweegt de rug tijdens het zitten hetzelfde als bij doorzitten. Als de ruiter gaat staan, beweegt de rug hetzelfde als bij het onbelaste paard. Lichtrijden lijkt dus inderdaad lichter te zijn dan doorzitten.

Het onderzoek met behulp van zadeldrukmetingen richt zich zowel op de zadelpasvorm als op de invloed van de ruiter op het paard. Het uitvoeren van zadeldrukmetingen is niet makkelijk. Het vraagt technische kennis van de meetapparatuur. Met name het controleren of het systeem echt meet wat het zou moeten meten, vraagt veel aandacht. Op dit moment zijn zadeldrukmetingen alleen onder onderzoeksomstandigheden goed uit te voeren. De druk die onder het zadel gemeten wordt, wordt beïnvloed door het paard, het zadel en de ruiter. Mochten er hoge drukken gemeten worden, dan moet er dus altijd naar zowel paard, zadel als ruiter gekeken worden. De zadeldruk bestaat uit twee componenten: het contactoppervlakte tussen ruiter en zadel en de kracht die ruiter (en zadel) op de paardenrug uitoefenen. Het contactoppervlakte wordt met name beïnvloed door de pasvorm van het zadel. Als het zadel goed past, is er een groot contactoppervlakte met het paard. De kracht die op het paard wordt uitgeoefend, wordt hierdoor beter verdeeld, waardoor de gemeten druk aanzienlijk lager kan worden. De kracht die de ruiter op het paard uitoefent wordt bepaald door het lichaamsgewicht en de versnelling die deze massa maakt. Het lichaamsgewicht kan de ruiter niet direct beïnvloeden. Wel is het van belang dat de ruiter bij de keuze van een paard let op zijn/haar eigen gewicht. Bij zwaardere ruiter is afvallen een goede optie om de belasting van de paardenrug te verkleinen. De versnelling van het lichaam kun je zien als het goed meebewegen met het paard. Hoe beter je meebeweegt, hoe lager de versnelling. Hoe goed jij als ruiter de bewegingen van het paard kunt volgen bepaalt dus ook de kracht die je op de paardenrug uitoefent.’

 

Tekst: Natasha Bruinsma

0 3802

Veel rijtechnische problemen zijn te wijten aan een slecht passend zadel. Een paard dat last heeft van het zadel, kan zich niet ontspannen. Hij zal zijn ruiter niet fijn laten zitten en zijn werk niet met plezier doen. Om nog maar te zwijgen van de blessures die het kan veroorzaken. Veel frustraties kunnen worden voorkomen met een goedpassend zadel dat de ruiter helpt een juiste rijhouding aan te nemen. Als de ruiter zich makkelijk kan ontspannen, kan het paard dat ook.

De workshop wordt gegeven door Astrid Koch, afgestudeerd aan de opleiding voor Master Saddle Fitting Consultants, MSFC. Zoals gebruikelijk zitten de aanwezigen eerst in het theorielokaal om aan de hand van een presentatie met afbeeldingen en schema’s de onderliggende theorie te behandelen. Astrid vertelt over de bouw en beweging van het paard en hoe de interactie is tussen rug en zadel. Er worden foto’s gebruikt om het verschil te laten zien tussen de rug in rust en een paard aan het werk. Duidelijk daarbij is dat het niet voldoende is om de ligging van een zadel te beoordelen als het paard bijvoorbeeld op de wasplaats staat. Bij een correct gereden paard wordt de rug namelijk wat rechter. Vervolgens verdeelt Astrid de problemen die een slecht passend zadel kan veroorzaken in een aantal categorieën; lichamelijke problemen, gedragsproblemen en rijtechnische problemen.

Lichamelijke problemen

Astrid toont foto’s van schrijnende gevallen van lichamelijke letsels die paarden oplopen door een verkeerd zadel. Het zadel kan drukplekken, witte haren, open wonden en zwellingen veroorzaken. Schokkend om te zien dat eigenaren niet door hebben welk leed ze hun paard aandoen, want zelfs een leek zou moeten zien dat dit niet pluis is. Iets minder duidelijk voor een onervaren paardenhouder is misschien de spieratrofie die een zadel kan veroorzaken. Door het verkeerd liggende zadel wordt er te veel druk uitgeoefend op (enkele) spieren. Hierdoor is er weinig of geen doorbloeding en stofwisseling (toevoer van zuurstof en afvoer van afvalstoffen) mogelijk en neemt de spier in omvang af. Rugpijn wordt vaak ook genegeerd door de ruiter. Een paard zal ook mogelijk onregelmatig lopen of zijn pas verkorten als hij last heeft van het zadel.

Gedragsproblemen

Hoeveel paarden worden niet bestempeld als ‘lastig’ met opzadelen? Ze tonen singeldwang, staan niet stil, kijken boos en proberen te bijten. Ze willen vaak ook niet stilstaan met opstijgen. Tijdens het rijden vertonen ze vluchtgedrag, spanning, zwiepen met de staart. Ook slaan naar het been, bokken, steigeren en rondstormen in een parcours kunnen te herleiden zijn naar zadelpijn. Er zijn genoeg paarden met een slecht zadel die gewoon doorlopen, zonder dat hun ruiters in de gaten hebben dat er iets mis is. De subtiele signalen die deze ‘goedzakken’ afgeven zijn niet voldoende voor veel ruiters om te beseffen dat het zadel hinderlijk is. Een paard kan zich echter niet als ‘happy athlete’ ontwikkelen als het zadel niet goed past!

Rijtechnische problemen

Het klinkt vrij logisch dat, als een paard gehinderd wordt door het zadel, hij ook gehinderd zal worden in het werk dat hij zou moeten doen. Een tak van een zadelboom die bij elke pas tegen de schouder aan botst, zal een paard niet stimuleren om eens lekker ‘uit de schouder’ te lopen. Hij zal juist zijn pas zo klein mogelijk maken om te voorkomen dat hij steeds die pijnscheut ervaart. Een zadel dat scheef ligt zal zorgen voor problemen met de stelling en buiging en een zadel dat bij elke pas van voor naar achter schommelt kan de oorzaak zijn dat een paard zijn rug wegdrukt, met zijn neus in de lucht loopt en moeite heeft met de nageeflijkheid. Een te smalle boommaat kan ertoe leiden dat de balans van het zadel te ver naar achteren ligt, waardoor de meeste druk bij de lendenen terecht komt en het paard moeite krijgt met het onderbrengen van de achterhand en het verzamelen.

Helaas worden veel rijtechnische en gedragsproblemen niet bij de oorzaak aangepakt, maar grijpt de ruiter naar hulpmiddelen zoals een slofteugel om toch maar het hoofd naar beneden te krijgen. Of een extra scherp bit om het rennerige af te leren. Het lastige paard wordt ‘op zijn plaats gezet’ door dwang met sporen en zweep. Grote schande waar ook veel instructeurs wel eens meer aandacht aan mogen schenken. Maar ook de goedbedoelde zachte correcties van een zadelprobleem zijn niet echt de oplossing. Hoeveel zadelbontjes worden er niet gebruikt om een niet passend zadel toch te gebruiken? In een klein aantal van de gevallen zal het bontje een verbetering zijn. Maar in de meeste gevallen maakt het een zadelprobleem niet beter, maar zelfs slechter! Ga maar na, als je schoen niet goed past, ga je er toch ook geen extra zooltje of dikke sok in aan doen? Grote kans dat de schoen juist nog meer wringt!

De ruiter zelf kan ook last hebben van een zadel dat niet goed ligt. De houding wordt voor een belangrijk deel bepaald door het zadel. Ook de inwerking kan belemmerd worden als de ruiter niet goed in zijn zadel zit zodat hulpen niet of niet goed doorkomen. Ook doorrij plekken en rugpijn kunnen het gevolg zijn van een verkeerd passend zadel.

De zadelpasser

Vervolgens komt Astrid tot het praktische gedeelte van de workshop. Met oude zadels en onderdelen laat ze zien hoe een zadel in elkaar zit. Ze bespreekt de verschillen die er bestaan in de vorm van de zadelboom en de nieuwste ontwikkelingen op zadelgebied met betrekking tot de vulling en de vorm van de kussens. Tegenwoordig wordt gestreefd naar een zo groot mogelijk draagvlak (brede kussens) en een comfortabele vulling zoals zuiver scheerwol of Flair (lucht). Wol is nog steeds de meest gebruikte vulling, maar slechts weinig mensen houden zich aan het advies om eens in de twee á drie jaar de vulling helemaal te laten vervangen (dus niet opvullen!). Wat ook van belang is, is dat het kussenkanaal de wervelkolom, ook bij zijdelingse buiging, goed vrij laat. Hierdoor draagt het zadel echt op de spieren en niet op de gevoelige zenuwbanen die de wervelkolom verlaten. Ze bespreekt verder de boommaten en het opmeten daarvan en legt uit waarom zadels met zelf verwisselbare bomen niet altijd een goed resultaat geven. Ook blijkt een boomloos zadel niet comfortabel te zijn voor het paard omdat het de druk van het ruitergewicht niet verdeelt. Ook de singelsystemen en stijgbeugelophanging wordt besproken. Hierna gaat de groep naar de wasplaats waar verschillende paarden klaar staan. Hier legt Astrid uit wat haar werk als zadelpasser precies inhoudt en hoe zij te werk gaat. (foto 5) Alle aanwezige cursisten zijn het er inmiddels over eens dat de aanschaf van een zadel, het best onder begeleiding van een kundig opgeleide adviseur kan gebeuren. Samen met de cursisten worden de paarden en hun zadels aan de hand van een checklist één voor één bekeken en besproken. Eén proefpaard wordt ook onder het zadel gereden met een speciale onderlegger, de Impression Pad, die aan het einde laat zien hoe de druk verdeeld wordt over de paardenrug. Wat de amazone al vermoedde blijkt duidelijk waarneembaar: het zadel ligt scheef op de rug van haar paard.

Tekst: Natasha Bruinsma/Foto: Remco Veurink

0 452
Rhinopneumie

Een veel voorkomend probleem bij paarden is rugpijn, waarbij de klachten ook sterk kunnen variëren. Denk bijvoorbeeld pijn bij borstelen en/of aanraken van de rug, protest bij het opzadelen, scheefdragen van de staart, met de staart zwiepen tijdens het rijden, steigeren, bokken en/of staken tijdens het rijden, overspringen in galop, overkruist galopperen. Gelukkig zijn er tegenwoordig goede mogelijkheden om rugproblemen te diagnosticeren en behandelen.

Onderzoek naar rugproblemen

Bij verdenking van rugproblemen bij het paard zal de paardenarts vaak beginnen met een uitgebreid onderzoek van het bewegingsapparaat. Vaak is het rugprobleem secundair, wat betekent dat het bijvoorbeeld veroorzaakt wordt door een kreupelheid. Als het paard bijvoorbeeld licht kreupel is aan een been, zal het proberen dit te ontlasten door scheef te gaan lopen. Hierdoor kunnen rugklachten ontstaan.

De paardenarts zal het paard tijdens het onderzoek goed bekijken op de rechte lijn, de harde en zachte volte en zal indien nodig buigproeven van de benen uitvoeren. Hij of zij kan zo bekijken of het paard al dan niet kreupel is en hoe het zit met de bewegelijkheid van de rug. Bij het bekijken van de rug van het paard wordt gelet op bouw, lengte en eventuele verminderde omvang van de spieren (spieratrofie). Dit laatste duidt vaak op de aanwezigheid van rugpijn. Ook let de paardenarts op de aanwezigheid van eventuele witte haren en/of drukplekken door bijvoorbeeld een slecht passend zadel. Daarna zal hij of zij de rug met de hand onderzoeken door te voelen naar de spieren en de uitsteeksels van de wervelkolom en zo stijve en pijnlijke gebieden opsporen. Ook zal de rug naar links en rechts gebogen worden en laat de paardenarts de rug opbollen door te drukken op drukpunten om te bekijken of er een beperking zit in deze bewegingen. Ook zullen alle wervels één voor één getest worden op eventuele blokkades. De ligging van het zadel maar ook het zadel zelf zullen goed bekeken worden en indien nodig zal de beweging onder het zadel beoordeeld worden door het paard voor te laten rijden.

Röntgenfoto’s

Aansluitend kan de paardenarts röntgenonderzoek doen naar het pijnlijke gedeelte van de rug. Röntgenfoto’s laten de benige structuren van de rug zien. Zo kan de arts beoordelen of er bijvoorbeeld artrose van de facetgewrichten in de rug aanwezig is of dat de spinaaluitsteeksels (doornuitsteeksels) te dicht bij elkaar staan (ook wel ‘kissing spines’).

Echografie

Naast botten bestaat de rug natuurlijk ook uit weke delen als pezen, banden en spieren. Deze delen kan de paardenarts met echografie beoordelen. Echografie maakt gebruik van geluidsgolven van ultrasoon geluid (geluid met een hele hoge frequentie). De reflecterende geluidsgolven worden omgezet in een elektrisch signaal, waar de computer een beeld van maakt.

Meer weten over de behandeling van rugproblemen bij paarden? Lees hier het volledige artikel over Rugproblemen bij paarden op Paardenarts.nl.

Meer over de auteur:
Iris van Gulik (paardenarts en auteur bij Paardenarts.nl): “In mei 2008 ben ik in Utrecht afgestudeerd als Erkend Paardendierenarts. Tijdens mijn studie heb ik veel stage gelopen in verschillende paardenklinieken in Nederland, Amerika en Nieuw-Zeeland. Ook heb ik twee jaar deel uitgemaakt van de Veulenbrigade, opvang van zieke en te vroeg geboren veulens. Na mijn studie ben ik meteen als paardendierenarts aan de slag gegaan bij Dierenkliniek Hellendoorn-Nijverdal en daar werk ik nog steeds met veel plezier. In 2009 ben ik naar Kentucky (Rood&Riddle, grootste paardenkliniek van de wereld) en Florida geweest om stage te lopen. In 2010 naar een paardenkliniek in Texas. Ik vind het erg leuk om op deze manier mijn kennis te verbreden en te zien wat er allemaal mogelijk is met betrekking tot behandeling van paarden. Mijn persoonlijke interesse binnen het werk gaat uit naar de interne geneeskunde (waarbij zieke pasgeboren veulens een speciaal plekje verdienen), kreupelheidonderzoek (vooral echografie), embryotransplantatie, wond behandeling en oogproblemen.”

De Hoefslag publiceert wekelijks een actueel artikel van Paardenarts.nl; het onafhankelijke platform voor paardenhouders en paardenartsen waar men (betrouwbare) informatie over paardengezondheid en -welzijn kan vinden. Paardenarts.nl schrijft in samenwerking met paardenartsen en specialisten veterinaire artikelen. Naast de Veterinaire Kennisbank biedt Paardenarts.nl handige tools voor paardenhouders zoals de Paardenarts Locator en de Ent-herinnering. Via een nieuwsbrief en Facebook blijft men op de hoogte van nieuwe en seizoensgerelateerde artikelen.

Foto: Paardenarts.nl

0 68

Een veel voorkomend probleem bij paarden is rugpijn, waarbij de klachten ook sterk kunnen variëren. Denk bijvoorbeeld pijn bij borstelen en/of aanraken van de rug, protest bij het opzadelen, scheefdragen van de staart, met de staart zwiepen tijdens het rijden, steigeren, bokken en/of staken tijdens het rijden, overspringen in galop, overkruist galopperen. Gelukkig zijn er tegenwoordig goede mogelijkheden om rugproblemen te diagnosticeren en behandelen.

Onderzoek naar rugproblemen

Bij verdenking van rugproblemen bij het paard zal de paardenarts vaak beginnen met een uitgebreid onderzoek van het bewegingsapparaat. Vaak is het rugprobleem secundair, wat betekent dat het bijvoorbeeld veroorzaakt wordt door een kreupelheid. Als het paard bijvoorbeeld licht kreupel is aan een been, zal het proberen dit te ontlasten door scheef te gaan lopen. Hierdoor kunnen rugklachten ontstaan.

De paardenarts zal het paard tijdens het onderzoek goed bekijken op de rechte lijn, de harde en zachte volte en zal indien nodig buigproeven van de benen uitvoeren. Hij of zij kan zo bekijken of het paard al dan niet kreupel is en hoe het zit met de bewegelijkheid van de rug. Bij het bekijken van de rug van het paard wordt gelet op bouw, lengte en eventuele verminderde omvang van de spieren (spieratrofie). Dit laatste duidt vaak op de aanwezigheid van rugpijn. Ook let de paardenarts op de aanwezigheid van eventuele witte haren en/of drukplekken door bijvoorbeeld een slecht passend zadel. Daarna zal hij of zij de rug met de hand onderzoeken door te voelen naar de spieren en de uitsteeksels van de wervelkolom en zo stijve en pijnlijke gebieden opsporen. Ook zal de rug naar links en rechts gebogen worden en laat de paardenarts de rug opbollen door te drukken op drukpunten om te bekijken of er een beperking zit in deze bewegingen. Ook zullen alle wervels één voor één getest worden op eventuele blokkades. De ligging van het zadel maar ook het zadel zelf zullen goed bekeken worden en indien nodig zal de beweging onder het zadel beoordeeld worden door het paard voor te laten rijden.

Röntgenfoto’s

Aansluitend kan de paardenarts röntgenonderzoek doen naar het pijnlijke gedeelte van de rug. Röntgenfoto’s laten de benige structuren van de rug zien. Zo kan de arts beoordelen of er bijvoorbeeld artrose van de facetgewrichten in de rug aanwezig is of dat de spinaaluitsteeksels (doornuitsteeksels) te dicht bij elkaar staan (ook wel ‘kissing spines’).

Echografie

Naast botten bestaat de rug natuurlijk ook uit weke delen als pezen, banden en spieren. Deze delen kan de paardenarts met echografie beoordelen. Echografie maakt gebruik van geluidsgolven van ultrasoon geluid (geluid met een hele hoge frequentie). De reflecterende geluidsgolven worden omgezet in een elektrisch signaal, waar de computer een beeld van maakt.

Meer weten over de behandeling van rugproblemen bij paarden? Lees hier het volledige artikel over Rugproblemen bij paarden op Paardenarts.nl.

Meer over de auteur:
Iris van Gulik (paardenarts en auteur bij Paardenarts.nl): “In mei 2008 ben ik in Utrecht afgestudeerd als Erkend Paardendierenarts. Tijdens mijn studie heb ik veel stage gelopen in verschillende paardenklinieken in Nederland, Amerika en Nieuw-Zeeland. Ook heb ik twee jaar deel uitgemaakt van de Veulenbrigade, opvang van zieke en te vroeg geboren veulens. Na mijn studie ben ik meteen als paardendierenarts aan de slag gegaan bij Dierenkliniek Hellendoorn-Nijverdal en daar werk ik nog steeds met veel plezier. In 2009 ben ik naar Kentucky (Rood&Riddle, grootste paardenkliniek van de wereld) en Florida geweest om stage te lopen. In 2010 naar een paardenkliniek in Texas. Ik vind het erg leuk om op deze manier mijn kennis te verbreden en te zien wat er allemaal mogelijk is met betrekking tot behandeling van paarden. Mijn persoonlijke interesse binnen het werk gaat uit naar de interne geneeskunde (waarbij zieke pasgeboren veulens een speciaal plekje verdienen), kreupelheidonderzoek (vooral echografie), embryotransplantatie, wond behandeling en oogproblemen.”

De Hoefslag publiceert wekelijks een actueel artikel van Paardenarts.nl; het onafhankelijke platform voor paardenhouders en paardenartsen waar men (betrouwbare) informatie over paardengezondheid en -welzijn kan vinden. Paardenarts.nl schrijft in samenwerking met paardenartsen en specialisten veterinaire artikelen. Naast de Veterinaire Kennisbank biedt Paardenarts.nl handige tools voor paardenhouders zoals de Paardenarts Locator en de Ent-herinnering. Via een nieuwsbrief en Facebook blijft men op de hoogte van nieuwe en seizoensgerelateerde artikelen.  

Foto: Paardenarts.nl

0 865

Een slecht passend zadel veroorzaakt niet alleen rugpijn bij het paard; ook de ruiter zit niet meer fijn. Dit wijst een Britse studie uit. Meer dan 200 ruiters en amazones vulden een enquete in van het Animal Health Trust Centre. De vragen liepen uiteen van kreupelheid tot schuivende zadels en rugproblemen bij zowel ruiter als paard. Daarnaast werden de ruggen en zadels van een grote groep paarden uit diverse disciplines beoordeeld. Tijdens deze beoordeling bleek 43% van de paarden een slecht passend zadel te hebben. 14% had te maken met een shcuivend zadel en dit probleem bleek opvallend gerelateerd aan kreupelheid in de achterhand en andere abnormaliteiten in de gangen.

38% van de ruiters had last van rugpijn, waarvan de meeste klachten verband hielden met de paarden die door slecht passende zadels ook pijnsymptomen vertoonden. Scheefzittende ruiters leken eerder klachten te vertonen, hoewel het niet duidelijk is of dat juist door hun houding komt, of dat de zitpositie een gevolg is van de pijn. Nadat professionele ruiters in het zadel van de onderzochte paarden klommen, bleken de dieren veel minder klachten te vertonen en liepen zij in sommige gevallen tactmatig stukken beter.

Hoewel diverse ruiters rapporteerden dat hun paarden zowel last van hadden schuivende zadels, kreupelheid en rugproblemen, waren slechts twee ruiters van mening dat deze klachten in verband stonden met elkaar. De zadels van eigenaren die deze regelmatig lieten nakijken, bleken vaak redelijk te passen op de rug van het paard, hoewel 30% van de zadels die één keer per jaar werden nagekeken nog steeds niet goed pasten. De lichaamsvorm van een paard verandert voordurend nadat zij groeien, meer spiermassa opbouwen en de conditie wisselt. Daarom moeten eigenaren, trainers en ruiters meerdere keren per jaar de pasvorm van het zadel laten controleren. Het herkennen van een verband tussen rugpijn, de houding en zit van de ruiter, schuivende zadels en kreupelheid vanuit de achterhand kan zowel ruiters als paarden veel problemen besparen.

Hoefslag/Equinews

Foto: Remco Veurink

Volg ons!

102,854FansLike
0VolgersVolg
0VolgersVolg
1,451Youtube abonneesAbonneer