Tags Posts tagged with "rijden"

rijden

0 91
leeftijdsgebonden wedstrijden

Therapeutisch rijden wint nog altijd aan populariteit, maar levert het paarden stress op? Amerikaanse onderzoekers analyseerden een kleine groep paarden die werkzaam zijn in deze sector. Het stressgehalte werd op twee punten gemeten: via salvia cortisolmetingen en gedragsmetingen. Gedurende zes weken werden de paarden drie dagen ingezet voor therapeutisch rijden, waarbij voor, tijdens en na het werk speekselmonsters werden verzameld. Ook tijdens een ‘gewone rit’ werden de paarden onder de loep genomen. Gebaseerd op de bevindingen concluderen de onderzoekers dat de paarden geen extra stress ondervinden tijdens het therapeutisch rijden.

Bron: Hoefslag/Horsetalk

Foto: Remco Veurink

0 2662

In oefenparcours en B parcoursen (1.00m) liggen de eisen nog niet zo hoog. De hindernissen horen op passende afstanden te staan, en zijn nog niet zodanig hoog dat je paard zich niet kan redden wanneer het niet precies op het goede afzetpunt komt. Vanaf de klasse L (1.10m) worden meer eisen gesteld.

‘Je kunt een L parcours rondvliegen en hopen op geluk als je te vroeg of te laat bij een hindernis komt. Maar wie verder wil komen in de springsport zal proberen een gecontroleerd L parcours te rijden. Er kunnen een paar gebroken lijnen in een L parcours zitten. In plaats van één dubbelsprong kun je er twee tegenkomen. Daarbij wordt de hoogte iets serieuzer waardoor het aanrijden naar de verschillende soorten hindernissen (steilsprong, oxer, triplebar) nauwkeuriger komt. Bovendien kan in het parcours een sloot voorkomen. Wie in de klasse B normaal rond kan rijden en voldoende routine heeft opgedaan met een bepaald paard, zal in de klasse L ook niet voor onaangename verassingen komen te staan. De gebroken lijnen die in een L parcours voorkomen zullen geen problemen opleveren. Juist gereden zal het aantal galopsprongen zo uitkomen dat het paard voor de volgende hindernis op het goede afzetpunt uitkomt. Te groot gereden kom je te kort onder de volgende sprong, te krap gereden kom je te vroeg bij de sprong. Een gebroken lijn goed rijden is vooral een kwestie van het parcours serieus verkennen en zoveel controle over je paard hebben dat je die lijn ook kunt rijden.

Grondtempo

Een belangrijk punt is het grondtempo waarin we het parcours rijden. Dat mag nooit te laag zijn. Als je wat snel bent kun je makkelijk wat terug om toch nog een goede sprong te krijgen. Dan is er nog actie en power. Als je tempo al laag is en je dreigt te dicht bij een sprong te komen kun je niet nog verder terug. Dan ontbreekt immers de kracht om de sprong te maken.

Het grondtempo mag nooit te laag zijn

Thuis is meestal de ruimte waarin gereden wordt kleiner dan de concoursring. Daardoor ligt het tempo in de training – ook de dressuurtraining – meestal lager. Dan kun je wel mooi rondgalopperen met je paard lekker aan de teugel, maar is dat ook zo als het tempo wat hoger wordt? Train daar serieus op door tempowisselingen te maken en ook eens wat langere stukken in een hoger tempo te rijden. Het juiste tempo rijden in een parcours leer je door het doen. Daar hoef je je in dit stadium nog niet zo druk over te maken. De hindernissen staan immers zo opgesteld dat je in de meeste lijnen goed uitkomt als je het goede tempo hebt.

Verschillende types hindernissen

Van der Vleuten Michael Stal Van der Vleuten Mierlo 2009 Photo © Hippo FotoIn de klasse B maakt het nog niet zo veel uit hoe je bij een hindernis komt. Als je paard wat te vroeg of te laat af moet zetten kan het de hindernis nog best overwinnen. Wanneer de hindernissen wat hoger worden en het parcours bovendien technisch moeilijker wordt, moet je wat secuurder toe gaan rijden. Een sprong vormt een parabool en is een combinatie van omhoog (op kracht) en ver springen (op snelheid). De ruiter moet de juiste mix van snelheid en kracht vinden. Om een paard dicht bij een hindernis te rijden en op kracht af te laten zetten is weinig snelheid vereist, maar er is natuurlijk wel een ondergrens. Door tempo te maken kan rek gezocht worden in de ruimte waarin afgezet kan worden. Denk aan de laatste oxer in een barrage. Meestal zie je dan een heel andere sprong als in het basisparcours. Maar ook hier zijn grenzen.

Op een steilsprong ligt het hoogste punt van de parabool precies boven het hoogste punt van de sprong. Je moet dus niet te dicht komen om de optimale parabool te maken, dan krijgt je paard ook de ruimte om zijn voorbeen weg te vouwen. Op een oxer is de parabool iets anders van vorm omdat je behalve de hoogte ook de breedte moet halen. Een paard moet daarom op een oxer ook hoger springen. De afzet ligt relatief dichter bij de sprong. Bij een triplebar ligt de nadruk op de breedte van de sprong en is de parabool weer anders. De afzet voor een triplebar ligt daardoor heel kort tegen de sprong aan. Datzelfde geldt voor de sloot.

Hoe je een paard op het juiste afzetpunt krijgt is vooral een kwestie van gevoel voor tempo en oog hebben voor de sprong. De een heeft dat van nature meer dan de ander, maar het is ook een kwestie van ervaring opdoen. Als je vanuit een wending of over de eerste sprong in een lijn komt, moet je kunnen zien of je wat toe moet rijden of juist af moet wachten. In vorige afleveringen van deze serie kwam het rijden van passende lijntjes op vier, vijf of zes galopsprongen op lage oefensprongetjes (ongeveer 50 cm.) al aan bod om oog te krijgen voor de sprong. Dat kun je af en toe ook op de hoogte doen die je in het parcours tegenkomt, maar niet te vaak. Zorg dat je je paard niet overbelast.

Steilsprongen en oxers zijn de meest voorkomende hindernissen in de parcoursen. Tegen een triplebar wordt vaak wat vreemd aangekeken omdat je die op NederlVan der Vleuten Michael Stal Van der Vleuten Mierlo 2009 Photo © Hippo Fotoandse concoursen weinig tegenkomt. Maar als je paard naar de hindernis toe durft te lopen en vlak ervoor afzet is het een relatief gemakkelijke sprong. Voor een sloot geldt hetzelfde. Een sloot is niet moeilijk als een paard er niet bang voor is. Op tijd beginnen door in de training af en toe eens een zeiltje te laten springen of een smal slootje is daartoe de geëigende weg. Om het makkelijker te maken kun je boven het zeiltje of slootje een balk hangen. Dat leidt een beetje af, dan lijkt het wat meer op een gewone hindernis. Je kunt de sprongen tegen de kant aan zetten of aanleunen door aan weerskanten hekjes te zetten. Dat maakt het aanrijden wat makkelijker, de kans dat het paard langs de hindernis loopt is dan kleiner. Wanneer een paard de sloot met vertrouwen springt, oefen ik er nooit meer op.

Waar je naar moet kijken als je naar een sprong toe rijdt is voor iedereen anders. Sommige ruiters kijken naar de bovenste balk, anderen enkel naar de plek waar ze hun paard af willen laten zetten. Ik kijk zelf naar de hele sprong zodat ik er recht voor kom, met een beetje de nadruk op het onderste deel en de beoogde afzetplek.

Dubbel- en driesprongen

In de klasse L mogen twee dubbelsprongen voorkomen, vanaf de klasse M kan een van die dubbelsprongen door een driesprong vervangen zijn. Een combinatie goed rijden is vooral een kwestie van de eerste sprong goed aanrijden. Immers wanneer je voor de eerste sprong verkeerd zit, kom je voor de tweede en derde ook niet goed meer uit. Als je gemakkelijk over de eerste spong komt, volgt de rest vanzelf. Dat doe ikzelf ook en dat is ook mijn advies: Rij de eerste sprong zo gewoon mogelijk aan en denk niet aan wat er achter staat.

Rij de eerste sprong zo gewoon mogelijk aan en denk niet aan wat er achter staat.

Ook hier weer is goed parcours verkennen heel belangrijk. Weet hoe je uit een wending komt, of hoe je vanaf de hindernis die ervoor staat naar een dubbel- of driesprong rijdt. Als je te kort of met weinig tempo voor de insprong komt wordt het moeilijk de tweede sprong te halen, als je te groot of te hard inkomt kom je te dicht onder de volgende sprong. Als je dat te vaak doet is de kans groot dat een paard het vertrouwen verliest en op de rem gaat. Maar ook de ruiter verliest vaak zijn zelfvertrouwen als het in dubbel- of driesprongen een paar keer fout gegaan is. Om het vertrouwen te bewaren kun je thuis een dubbel- of driesprong nabouwen als het een keer wat minder goed ging. Zorg dan wel dat die combinatie fijn aan te rijden is, passend vanuit een wending of op een aantal passende galopsprongen na een eenvoudige hindernis. En hou het eenvoudig, spring wat lager dan op concours. Op die manier is het voor ruiter en paard simpel te doen, waardoor het vertrouwen weer terugkomt. Ik ben overigens helemaal geen voorstander van thuis zo hoog en moeilijk springen. Dat leidt enkel maar tot frustratie en verlies van vertrouwen bij zowel het paard als de ruiter. Een stap terug doen totdat je de zaken weer op de rails hebt en van daaruit weer opbouwen is het verstandigst als je een probleem hebt. Dat doe ik ook. En met mij alle topruiters die ik ken. In de springsport kun je alleen succesvol zijn wanneer paard en ruiter onbevangen en vol zelfvertrouwen tegen de opgaven aankijken.’ |

Tekst: Toin Diks | Foto’s: Dirk Caremans

0 37

Een vrouw uit Ureterp is maandagmiddag ernstig gewond geraakt na een val van een paard. De vrouw was op het paard aan het rijden in een weiland, toen het dier schrok van een schrikdraad. Het paard maakte daardoor een onverwachte beweging waardoor de berijdster viel.

Toen het paard zonder berijdster bij de stal rondliep, werd alarm geslagen en werd de vrouw zwaargewond in het weiland aan de Boerestreek aangetroffen. Per ambulance is ze vervolgens naar het ziekenhuis in Drachten gebracht. Vanaf daar werd ze naar het UMC in Groningen vervoerd.

Waldnet/Hoefslag

0 28

Uit een recente enquête van de NVVR (De Nederlandse Vereniging voor Vrijetijds Ruiters) is gebleken dat ruiters liever niet willen betalen voor gebruik van ruiter- en menpaden. Want: de natuur is voor iedereen. Uit de enquête bleek verder dat ruiters de ruiterpaden frequent gebruiken en dat zij deze ruiterpaden ook nodig vinden. Ze ondervinden nu al problemen met slecht onderhoud van de aanwezige ruiterpaden.

Bovendien blijken ruiters veel overlast te hebben van vooral mountainbikers en motorcrossers. Liever wil men vrijwillig gebruik van de paden. De enquête is eind januari gehouden onder ruim 1.000 recreatieve paardensporters.

Een paar weken geleden kwam het bericht naar buiten dat Staatsbosbeheer een onderzoek doet naar de wenselijkheid en mogelijkheden van een buitenrijpas om het beheer van ruiterpaden te financieren. De resultaten van dit onderzoek worden in april verwacht.

Staatsbosbeheer heeft te kampen met drastische bezuinigingen en mist middelen om de paden goed te blijven onderhouden. De KNHS is hiermee bekend en praat met Staatsbosbeheer en overige terreineigenaren over mogelijke oplossingen.

Verder wil de KNHS voorkomen dat ruiters volledig opdraaien voor de bezuinigingen in Den Haag. Het buiten rijden in de natuur is een groot goed onder ruiters en goed voor paarden. Buitenrijden ligt ook het dichtst bij de aard van het paard.

KNHS

Foto: Remco Veurink

0 28

De dokter heeft hem een rijverbod opgelegd, maar zelfs dat kan de 53-jarige Britse springruiter Geoff Billington er niet van weerhouden om aan start te komen tijdens de Spring Tour van Magna Racino. Dit meldt Reitsportnews. De ruiter kwam onlangs ten val en liep hierbij twee gebroken ribben op.

Billington geniet echter van een fijne behandeling op het Oostenrijkse evenement. Zo kreeg hij van de organisatie de beschikking over een kleine Fiat 500 van sponsor Hertz, zodat hij zich vrij kan bewegen tussen het ruiterhotel en het wedstrijdterrein.

 Klik hier voor een foto.

 

Volg ons!

103,169FansLike
0VolgersVolg
0VolgersVolg
1,451Youtube abonneesAbonneer