Tags Posts tagged with "problemen"

problemen

Heb je vragen over instructie of wil je meer weten over het trainen van je paarden? Wil je hulp bij de fokkerijkeuze van je merrie? Misschien advies of deze merrie sterwaardig is? Tips voor het rijden van de Pavo Cup of meer weten over grondwerk? Al deze vragen en meer kun je nu via de Hoefslag stellen en wel aan één en dezelfde persoon. Gezien haar achtergrond en expertise kunnen we namelijk gerust stellen dat we hier met een echte hippische duizendpoot te maken hebben. De leukste en meest interessante vragen van onze site- en Facebookbezoekers zal deze dressuurliefhebster maandelijks beantwoorden. Ze stelt zich eerst even aan ons voor.

Introductie

‘Beste bezoeker van de Hoefslag website. Mijn naam is Henriëtte Smits (foto). Het lijkt me bijzonder leuk om jouw (dressuur)gerelateerde vraag op paardengebied te beantwoorden. Schroom niet en leg me je vraag voor, dan ga ik je helpen om je op het juiste spoor te zetten. Ik zal kort wat over mezelf en de paarden vertellen. Ik heb een privéstal in het Brabantse Veghel met één fokmerrie en drie wedstrijdpaarden. Een zevenjarige merrie rijd ik op het moment fanatiek in de klasse Z, de andere paarden worden thuis doorgetraind. Allen zijn zelf door me opgeleid.

Ik train bij de Australiër Tristan Tucker en ik ben zelf instructeur vanaf de basis  tot hogere klassen. De bijzondere trainingswijze van Tristan (active response training) heb ik me eigen gemaakt en er verbluffende resultaten mee geboekt. Deze trainingswijze is zeer effectief en past goed in de wereld van de dressuursport. Denk daarbij aan ontspanning en het loswerken van je paard. Ik geef les en coach ruiters tevens op wedstrijd. Ook laat ik de ruiters een logboek bijhouden om ze bewuster te leren paardrijden.

In mijn vrije tijd behoren de KWPN hengstenkeuring, het WK Jonge Dressuurpaarden in Verden, het Duitse Bundeschampionat en de hengstenkeuringen van Oldenburg en het BWP tot de jaarlijkse uitstapjes. Ik ben gekwalificeerd MBO-docent paardenhouderij/sport, KWPN/Pavo jurylid en opleider instructeur bij de KNHS.

Met bovengenoemde achtergrond geef ik regelmatig clinics in bewegings- en exterieurbeoordeling paard, grondwerk op de wijze van Tristan Tucker en IBOP- en Pavo Cup-trainingen. Tot slot volg ik op het moment de niveau 5 coachopleiding vanuit NOC*NSF/KNHS.

Eerste vraag

De eerste vraag die we binnen hebben gekregen voor Henriëtte is afkomstig van Demi Hendrix. Zij wilde het volgende weten: ‘Ik ga voor de derde keer in mijn leven een paard kopen. Als ik ga kijken ben ik meestal direct weg van een paard. De koop is dan vaak snel rond. Toch bleken de twee andere paarden die ik eerder heb gekocht niet te zijn wat ik ervan hoopte.  De eerste liep na enkele maanden al kreupel en de andere was niet braaf genoeg. Ik ben op zoek naar een leuk paard waar ik dressuur mee kan rijden op wedstrijd, maar ook lekker mee naar buiten kan.

Nu is mijn vraag, hoe ga jij op zoek naar een paard en zou je wat basistips willen geven voor een eerste bezichtiging?

Stel je vraag

Het antwoord op bovenstaande vraag kun je donderdag op onze website vinden, waarna ook jij je vraag kunt stellen. Mocht je nu al een vraag of probleem willen voorleggen aan onze hippische duizendpoot, dan mag dat natuurlijk ook. Laat dit weten via Facebook (bij het bericht over dit onderwerp) of door een mail te sturen naar hoefslag.nl@sanoma.com o.v.v. ‘vraag voor Henriëtte’

Het kan zijn dat we na indienen van de vraag om meer informatie vragen (via mail of privébericht). We zien je vragen graag tegemoet!

0 288
hond jonge paarden
foto: Remco Veurink

Niets zo naar als een langverwachte vakantie die in het water dreigt te vallen. Hoefslag dook in de problemen èn oplossingen. Want gelukkig is er (bijna) altijd een oplossing. Oók voor die zere billen en dat verloren paspoort. Of die tegenvallende accommodatie, die er op de foto’s uitzag om van te watertanden. Eenmaal aangekomen blijkt je bed een plank en is de badkamer muf en schimmelig. De kamer heeft geen zicht op een groene wei met blije paarden – zoals beloofd – maar op een rommelig erf dat heel goed door kan voor vuilnisbelt. Om van het ‘vriendelijke’ personeel ter plaatse nog maar te zwijgen. En dan die reisleider…

Van een tourgids mag je verwachten dat hij de veiligheid van zichzelf, de paarden en de ruiters hoog in het vaandel heeft staan. Toch kan het gebeuren dat het onderweg harder, roekelozer of onveiliger gaat dan je zou willen. Een kruisje slaan en op hoop van zegen doorrijden kan. Verstandiger is om zelf te blijven nadenken.

Hoe om te gaan met bovenstaande issues en andere veel voorkomende vakantie-ellende, lees je in de nieuwste Hoefslag Special.

Foto: Remco Veurink

0 5537

Verminderde prestaties en zelfs kreupelheden kunnen worden veroorzaakt door bekkenproblemen. Beeldvorming van bekkenproblemen kan lastig zijn, omdat er een grote massa aan spieren over het bekken loopt. Met specialistisch onderzoek kan er echter veel informatie verrkegen worden en zijn veel bekkenproblemen gelukkig goed te behandelen.

Het bekken

Het bekken vormt de overgang van het achterbeen naar de wervelkolom en bestaat uit 3 versmolten botten: het schaambeen, zitbeen en darmbeen. Het bekken kan buigen/strekken en draaien. De gewrichten van het lumbosacraalgewricht (tussen de laatste lendenwervel en het heiligbeen) zorgen voor 75% van de totale capaciteit in het buigen en strekken van de rug. Het gewricht tussen het heiligbeen en de bekkenvleugel (SI-gewricht) moet de grote krachten van het achterbeen richting de wervelkolom geleiden en laat niet veel beweging toe.

Oorzaken van bekkenproblemen kunnen o.a. zijn:

  • Trauma (bijv. breuken, uit de kom gaan)
  • Artrose/gewrichtsslijtage
  • Veranderingen aan de tussenwervelschijven
  • Heupproblemen
  • Neurologische problemen (bijv. zenuwverlamming)
  • Spierproblemen
Symptomen

Deze kunnen vrij algemeen van aard zijn, maar ook meer specifiek. Denk bijvoorbeeld aan:

  • Stijfheid van de achterbenen
  • Scheefheid in het bekken en/of het lopen
  • Problemen bij het springen, zoals moeite met korte bochten, scheef afzetten e.d.
  • Problemen bij dressuur, zoals moeite met pirouettes e.d.
  • Problemen bij het aan galopperen, zoals met 2 benen tegelijk springen in galop (bunnyhop)
  • Verzet/bokken bij het oppakken van de achterbenen door bijv. een smid
  • Kreupelheden
  • Zwellingen, vervormingen en/of pijnlijkheden van de croup
Diagnose & behandeling

Om erachter te komen waardoor een bekkenprobleem wordt veroorzaakt, zal er een uitgebreid klinisch onderzoek moeten worden gedaan. Het is belangrijk om bijvoorbeeld kreupelheden en/of rugproblemen uit een ander gebied uit te sluiten/te onderkennen. De dierenarts kan doormiddel van echografie een groot deel van het bekken in beeld brengen. Soms is het nodig dit aan te vullen met een radioactieve botscan. Afhankelijk van de ernst van de bekkenproblemen zijn er verschillende behandelmogelijkheden.

Meer weten over de behandeling van bekkenproblemen en wat je kunt doen om deze te voorkomen ? Lees dan het hier in het volledige artikel Bekkenproblemen bij paarden op Paardenarts.nl.

Meer over de auteur:
Franklin Lashley (paardenarts en auteur bij Paardenarts.nl): “Ik ben in 2004 afgestudeerd aan de Universiteit van Gent, vanaf die tijd ben ik werkzaam als (erkend) paardenarts, de laatste 4 jaar op Paardenkliniek de Raaphorst. Omdat ik in mijn jeugd actief ben geweest in de dressuur (ponies, Junioren, Young Riders) is het sportaspect in de diergeneeskunde mijn passie. In 2014 heb ik mijn certificatie van ISELP behaald, een internationaal specialisme op het gebied van orthopedie (bewegingsproblemen), wat ik practiseer in het behandelen van rug- en kreupelheidsproblemen en sportpaardbegeleiding.”
De Hoefslag publiceert wekelijks een actueel artikel van Paardenarts.nl; het onafhankelijke platform voor paardenhouders door paardenartsen waar men (betrouwbare) informatie over paardengezondheid en -welzijn kan vinden. Paardenarts.nl schrijft in samenwerking met paardenartsen en specialisten veterinaire artikelen. Naast de Veterinaire Kennisbank biedt Paardenarts.nl handige tools voor paardenhouders zoals de Paardenarts Locator en de Ent-herinnering. Via een nieuwsbrief en Facebook blijft men op de hoogte van nieuwe en seizoensgerelateerde artikelen.  

Foto: Remco Veurink

0 2318

Zowel de reguliere als de alternatieve diergeneeskunde wijst er op dat rugproblemen vaak veroorzaakt worden door de manier van rijden. De manier van trainen en de wijze waarop een ruiter op zijn rug zit, zijn dus van wezenlijk belang. ‘Ruiters moeten daar meer alert op worden gemaakt. Ze moeten zich veel verder verdiepen in het wezen paard, zowel op psychisch als op fysisch vlak. Denk niet te snel dat je de wijsheid in pacht hebt, maar ga te rade bij oude rotten in het vak met een bewezen staat van dienst’, stelt amazone en trainer Tineke Bartels.

Hoewel Bartels door velen inmiddels ook bestempeld wordt als ‘oude rot in het vak’, staat zij nog steeds open voor mensen die bewezen hebben zich verder te ontwikkelen op paardengebied. Freestylers, zadelspecialisten, sportpsychologen of buitenlandse trainers, als ze denkt dat het nuttig is, doet ze er haar voordeel mee in het trainen van haar paarden. Middels het familiebedrijf Academy Bartels mogen andere geïnteresseerden regelmatig meeprofiteren van die kennis. Kennis is op het bedrijf intern volop aanwezig. Als amazone heeft Tineke Bartels zich veelzijdig weten te ontwikkelen en zich later toegelegd op de dressuursport met deelname aan vele EK’s, WK’s en Olympische Spelen als sportieve hoogtepunten. De begeleiding van vele talentvolle combinaties, met natuurlijk als oogappel dochter Imke, is velen bekend. ‘Maar ik ben evengoed trots als ik een basisruiter een belangrijk basisonderdeel van het paardrijden heb kunnen bijbrengen.’ zegt Bartels over haar taak als trainer. Vanuit haar achtergrond als docent lichamelijke opvoeding, kan zij de mogelijkheden (en onmogelijkheden) van het paardenlichaam toepassen in haar eigen trainingen en lessen.

Turnles

Bartels: ‘In de turnles leren kinderen eerst een koprol maken over de mat. Later kun je dat uitbouwen tot de meest ingewikkelde oefeningen. Projecteer de mogelijkheden van je eigen lichaam eens op die van je paard! Zelf ga je toch ook niet meteen de marathon lopen of honderd kilo gewichtheffen? Je bouwt op volgens een systeem. Dat geldt ook voor paardrijden. Je begint bij de basis. Als die in orde is, kun je variëren en uitbouwen. Binnen de opleiding van het paard hanteren wij de algemene richtlijn dat een vier- vijfjarige eerst leert om voorwaarts-neerwaarts te lopen en lekker nageeft op het bit. Daarbij mag je nooit te hard trekken, dat geeft gegarandeerd problemen. Helemaal als je met een slofteugel geforceerd het paard in een houding dwingt. Dat geeft schade aan hals en rug. Het is altijd verkeerd om ergens ‘doorheen te trekken’. In de dressuurtraining moet je wel over grenzen gaan, anders kun je niets opbouwen. Maar hoe lang en hoe ver je daarin mag gaan, is erg belangrijk. Daar ligt de taak van een goede trainer. Een spier mag nooit strak zijn maar moet blijven bewegen. Er moet zuurstof naartoe blijven stromen, anders krijg je verzuring en pijn. Vanaf zes jaar mogen paarden wel wat ‘ronder’ gevraagd worden. Dit is een samenspel van signaal, druk en beloning. Communicatie is hier cruciaal. Je moet je in je paard kunnen verplaatsen en hem positief kunnen bekrachtigen. De visie van onder andere Emiel Voest en Annemarie van der Toorn heeft ons op dit gebied veel inzicht gegeven. Wist jij dat een paard maar twee of drie seconden kan onthouden dat hij moet reageren op een hulp? Binnen twee seconden moet je hulp dus effect hebben!’ beredeneert Bartels. Binnen dit systeem van rijden kom je via het leren nageven al snel op ruggebruik. ‘Er wordt wel veel over ruggebruik gepraat, maar weet je wel wáár je dan over praat?’ vraagt Bartels zich hardop af. ‘De hoofdhouding is geen garantie voor goed ruggebruik. Bij mij is het een gevoel. Als ik er opzit merk ik het aan het comfort bij het doorzitten. Als trainer probeer ik het te zien aan de beweging van het paard, of die als het ware doorvloeit in het hele lichaam.’

Zoutzak

Diverse problemen bij het rijden, kunnen er op wijzen dat een paard om een of andere reden zijn rug niet goed gebruikt. Bartels: ‘Als een paard ‘rommelig’ loopt, niet tactmatig loopt of als er grote verschillen zijn tussen de linker- en rechtergalop, kan dat op rugproblemen wijzen. Ook oefeningen als changementen en schouderbinnenwaarts kunnen een rugprobleem aan het licht brengen. Als het paard veel ‘over de hand drukt’, zijn hoofd omhoog brengt en zijn rug strak houdt, is dat een duidelijk signaal. Het is wel belangrijk dat je die als ruiter en trainer oppikt. Duidelijker zijn signalen die daar misschien op kunnen volgen zoals oren in de nek, slaan naar het been of staken. Maar er zijn ook bikkels die door rugpijn heen lopen. Het kennen van je paard is dus heel belangrijk! Dat begint eigenlijk al op de poetsplaats. Controleer de rug altijd voor je het zadel erop legt. Een goed passend zadel is natuurlijk ook een must. Maar denk niet dat je er bent als je er een nieuw zadel op hebt liggen. Wij hebben inmiddels ervaren dat de rug verandert en het zadel ook. Laat het dus regelmatig controleren door een goede zadelpasser.’ is het devies van Bartels. ‘Soms kom ik paarden tegen die duidelijk last hebben van hun ruiter. Als ruiter heb je de taak om een goede, onafhankelijke zit te ontwikkelen. Als je zit als een zoutzak, heeft een paard daar zeker last van. Het komt ook voor dat de ruiter te zwaar is voor een paard en daardoor rugproblemen veroorzaakt. Dit is een heel gevoelig punt, maar als trainer, jurylid of dierenarts moet je daar eerlijk over durven zijn.’

Sterke rug

Natuurlijk moet je met een jong paard via juiste training de bespierig van de rug opbouwen. Maar ook een paard met een zogenaamde ‘weke rug’ kan met de juiste training sterker worden. ‘Dat kan alleen bij goed ruggebruik. Door hem niet te gebruiken of met een weggedrukte rug te lopen, bouw je geen spieren op. Begin een training altijd met een gedegen warming-up, zo zorg je ervoor dat de spieren warm worden en zuurstof krijgen. Begin dan altijd met het verder loswerken van de rug en nekspieren door het paard voorwaarts-neerwaarts te laten nageven. Van daaruit kun je verder uitbouwen en oprichten. Sleuren aan je paard is nooit goed en levert zeker geen correct bespierde rug op. Een slofteugel is zeker geen trainingsinstrument. Is hij niet nageeflijk, ga dan een stapje terug in de opleiding. Ga zeker niet vooruit, want dan kom je toch het probleem weer tegen.’ Bartels gaat in op de vraag hoe zij tegenover de competities voor jonge paarden staat: ‘Op zich heb ik niets tegen die competities, het is fijn om paarden op jonge leeftijd al zoveel ervaring op te kunnen laten doen. Wat wij zelf niet nastreven is het wínnen van die competities, het is voor ons een procesdoel, geen resultaatdoel. Naar mijn mening moet je het paard voorstellen in een houding waarin hij optimaal kan lopen, niet om de jury te bekoren. Drie jaar is te jong, maar een vier- of vijfjarige mag af en toe best wel eens van huis.’ |

Tekst: Natasha Bruinsma / Foto: Remco Veurink

0 3000

Wanneer een paard bereden wordt, ligt er in 99 procent van de gevallen een zadel op de rug. Of het nu een Grand Prix paard is of een ‘manegeknol’. Er zijn geen ingewikkelde studies nodig om te concluderen dat dit zadel effect zal hebben op het rijden. Ligt het stabiel, comfortabel en geeft het voldoende bewegingsvrijheid zonder pijn te veroorzaken? Dan kun je aannemen dat het paard zich kan ontspannen, zijn beweging optimaal kan afmaken en zijn rugspieren kan ontwikkelen.

Zoals we in de voorgaande artikelen uit deze reeks hebben kunnen lezen, zijn dierenartsen, therapeuten en trainers het er over eens dat rugproblemen veel voorkomen én dat ze vaak worden veroorzaakt door het zadel. Ook de zadelindustrie zal dat gretig beamen. Maar hoe weet je als consument nu welk zadel inderdaad het beste is? Een rondje door elk willekeurig strodorp op een groot concours levert al snel vijf tot tien verschillende merken zadels op. Wanneer informatie wordt gevraagd, zal de ene verkoper ‘zijn’ zadel toch altijd aanprijzen als de beste. Wanneer het een grote ruitershop betreft met meerdere merken, is het afhankelijk van het advies van de verkoper welk zadel men aangeraden wordt. Bij navraag is dit advies niet altijd gebaseerd op een ruime aantoonbare praktische ervaring, maar heeft men een fijne verkoopbabbel en ‘een paar weken met de baas meegekeken’. Natuurlijk koop je een zadel nooit op een beurs of recht uit de winkel. Dat zou hetzelfde zijn als schoenen voor een vriend kopen en verwachten dat hij daar lekker op loopt. Die kans is ook klein. Een zadel moet gepast worden, ook in beweging.

‘Als je je paard goed kent, voel je tijdens het uitproberen of het paard het zadel comfortabel vindt. Loopt hij lekker ontspannen, met ruime passen en vindt hij het geen probleem om zijn hals lekker laag en lang te maken in draf of galop? Kun je hem zowel rechts als links laten buigen zonder probleem? Dan mag je aannemen dat hij geen hinder ondervindt van het zadel. Ligt het daarbij ook nog stabiel en recht en geeft het de ruiter voldoende ondersteuning bij het rijden, dan ben je al een heel eind op weg’, aldus meesterzadelpasser Danny Kroetch uit Canada. Hij reist de hele wereld over om lezingen te geven over het belang van een goed passend zadel en mag vele bekende internationale ruiters tot zijn klantenkring rekenen.

‘Even doorheen rijden’

‘Een slecht passend zadel kan ernstige gezondheidsproblemen bij het paard geven. We kunnen hierin onderscheid maken in fysieke problemen (spieratrofie, pijn, zwelling, open wonden, kreupelheid), gedragproblemen (vluchten, bijten, zadel- en singelnijd) en trainingsproblemen (bokken, moeite met stelling of verzameling, verzet). Problemen tijdens het rijden of in de training kunnen variëren van een beetje moeilijk doen met opstijgen tot een complete rodeo. Dit hangt ook samen met het karakter van het paard. Sommige paarden laten zich zelfs vallen op het moment dat je het zadel oplegt. Anderen doen alleen in het begin ‘lastig’ en als ze wat opgewarmd zijn, gaat de training goed. Dit zijn de meest tricky gevallen, de ruiter denkt gewoon dat er even ‘doorheen gereden’ moet worden! Je kunt de drie-eenheid paard-zadel-ruiter niet los van elkaar zien. Als ruiter is het belangrijk dat je (pijn)signalen van je paard herkent, dat je in balans rijdt (neem eens een zitles) en dat je op je eigen conditie en gewicht let. Overgewicht kan problemen geven bij het vinden van een goed passend zadel – vooral als het paard een korte rug heeft – en rugproblemen bij je paard veroorzaken.’ Dit zegt Irma Wormgoor, ‘spokeswoman’ van de beroepsvereniging van gediplomeerde zadelpassers en -makers, de Society of Master Saddle Fitting Consultants (MSFC). ‘Zelf heb je misschien ook wel eens een rijbroek aangehad die niet zo lekker zat. Grote kans dat je je billen of benen kapot rijdt. Of misschien heb je eens schoenen hebt gekocht die zo leuk waren, maar eigenlijk net iets te krap. De verkoopster garandeerde dat je ze wel ‘uit zou lopen’. Maar ze bleven pijn doen. Je loopt daardoor ongemakkelijk en draagt ze niet meer. Dat geldt ook voor je paard als je zadel niet past. Maar veel ruiters verwachten toch van hun paarden dat ze hun beste beentje voor zetten’, schets Wormgoor de situatie. Om ruiters beter te adviseren bij de aankoop van een passend zadel, zijn goed opgeleide mensen nodig die bewezen hebben een juist advies te kunnen geven in het grote aanbod van zadels. De opleiding tot Master Saddle Fitting Consultant draagt sinds 2006 kennis en kunde over op het gebied van zadels passen en maken. Hiervoor schakelen zij docenten in die hun sporen op dit gebied hebben verdiend. De cursisten krijgen les in de anatomie, conformatie en biomechanica van het paard. Maar ook de technische kennis van het zadelmaken komt aan bod. Het doel van de MSFC is dat de titel ‘zadelpasser’ beschermd gaat worden en dat er dus een gedegen opleiding nodig is om dit beroep uit te mogen oefenen. Wormgoor: ‘Dit zou veel dierenleed voorkomen en mensen voor onnodige uitgaven moeten behoeden. Verder promoten wij een multidisciplinaire samenwerking tussen dierenarts, dierfysiotherapeut, hoefsmid, paardentandarts en zadelpasser. Wij denken dat dit bevorderlijk is om het paard (in de sport) aan het lopen te houden.’

Tips

De zadelindustrie zelf zit ook niet stil. Er wordt aan gewerkt om steeds betere en comfortabele zadels te maken. Belangrijkste vraag blijft natuurlijk altijd: past dit zadel op mijn paard? Sommige zadelmerken worden gemaakt en vertegenwoordigd door echte ‘vakidioten’ die alle ‘ins en outs’ van een zadel kennen en – belangrijker nog – die ervaring hebben en kennis van de bouw en beweging van een paard. Die begrijpen wat ruiters van een paardenlichaam verlangen en die vragen kunnen beantwoorden en onderbouwen met uitleg en illustraties gegrond op wetenschappelijk onderzoek. Brice Goguet (vertegenwoordiger van het Franse merk Devoucoux) en Danny Kroetch (DK Saddlery) zijn van die bevlogen zadelspecialisten. Zij zetten op een rijtje wat voor hen de belangrijkste punten zijn waar een ruiter op moet letten bij de aankoop van een zadel.

Brice Goguet:

* Er moet voldoende ruimte zijn tussen de schoft en het zadel. Als een ruiter op het zadel zit en rijdt, moeten er drie vingers tussen het zadel en de schoft passen.

* Het zadel moet stabiel blijven liggen. Dit heeft veel te maken met de hoek van de singelstoten aan het zadel. Bij springpaarden glijdt het zadel vaak naar achteren en bij dressuurpaarden juist meer naar voren. Door de singelstoten anders te bevestigen, blijft het zadel stabieler liggen.

* De ruiter zou recht boven de dertiende wervel moeten zitten. Als de ruiter recht zit en in balans is, helpt dit het paard makkelijker te bewegen.

Danny Kroetch:

* De boom van het zadel moet goed passen, de schouder vrijlaten in zijn beweging en de spieren rond de schoft toestaan zich te ontwikkelen.

* Het zadel moet aangepast worden aan de asymmetrie van het paard zodat het recht ligt op de rug. Een zadel komt symmetrisch (recht) uit de fabriek en moet dus nog aangemeten worden op het paard. Wanneer het zadel ‘zichzelf aanpast’ zal het scheef gaan liggen waardoor de boom niet meer juist ligt en de ruiter scheef dwingt.

* De ruimte tussen de kussens moet voldoende breed zijn om voldoende circulatie te garanderen. Minstens vier vingers wijd. Anders drukt het op de wervelkolom met zijn gevoelige zenuwverbindingen in plaats van op de spieren. |

Onderzoek

Op het gebied van ruiter-zadel-paard interactie zijn de laatste jaren verschillende onderzoeken uitgevoerd. Deze zijn in te delen in twee hoofdgroepen: de beïnvloeding van rugbewegingen en zadeldrukmetingen. Onderzoekster Patricia de Cocq licht toe:

‘Gezien de minimale beweging van de wervels van de rug is het onderzoeken van rugbewegingen verre van eenvoudig. Rond de eeuwwisseling heeft Marjan Faber bij de universiteit Utrecht een methode ontwikkeld om deze rugbewegingen objectief vast te leggen. De rugbewegingen kunnen worden beschreven als een combinatie van drie basale bewegingen: het buigen en strekken van de rug, het zijwaarts buigen en het draaien om de lengteas. Het buigen en strekken is gerelateerd aan de belasting die op de rug van het paard wordt uitgeoefend. Zo blijkt een paard zijn rug meer te strekken (= hol maken) als een massa met het gewicht op het paard wordt bevestigd. Dit verschil is ook terug te zien als een ruiter op het paard gaat zitten. De rug is bijvoorbeeld bij het doorzitten de gehele beweging van het paard meer gestrekt dan bij een onbelast paard. Tijdens het lichtrijden beweegt de rug tijdens het zitten hetzelfde als bij doorzitten. Als de ruiter gaat staan, beweegt de rug hetzelfde als bij het onbelaste paard. Lichtrijden lijkt dus inderdaad lichter te zijn dan doorzitten.

Het onderzoek met behulp van zadeldrukmetingen richt zich zowel op de zadelpasvorm als op de invloed van de ruiter op het paard. Het uitvoeren van zadeldrukmetingen is niet makkelijk. Het vraagt technische kennis van de meetapparatuur. Met name het controleren of het systeem echt meet wat het zou moeten meten, vraagt veel aandacht. Op dit moment zijn zadeldrukmetingen alleen onder onderzoeksomstandigheden goed uit te voeren. De druk die onder het zadel gemeten wordt, wordt beïnvloed door het paard, het zadel en de ruiter. Mochten er hoge drukken gemeten worden, dan moet er dus altijd naar zowel paard, zadel als ruiter gekeken worden. De zadeldruk bestaat uit twee componenten: het contactoppervlakte tussen ruiter en zadel en de kracht die ruiter (en zadel) op de paardenrug uitoefenen. Het contactoppervlakte wordt met name beïnvloed door de pasvorm van het zadel. Als het zadel goed past, is er een groot contactoppervlakte met het paard. De kracht die op het paard wordt uitgeoefend, wordt hierdoor beter verdeeld, waardoor de gemeten druk aanzienlijk lager kan worden. De kracht die de ruiter op het paard uitoefent wordt bepaald door het lichaamsgewicht en de versnelling die deze massa maakt. Het lichaamsgewicht kan de ruiter niet direct beïnvloeden. Wel is het van belang dat de ruiter bij de keuze van een paard let op zijn/haar eigen gewicht. Bij zwaardere ruiter is afvallen een goede optie om de belasting van de paardenrug te verkleinen. De versnelling van het lichaam kun je zien als het goed meebewegen met het paard. Hoe beter je meebeweegt, hoe lager de versnelling. Hoe goed jij als ruiter de bewegingen van het paard kunt volgen bepaalt dus ook de kracht die je op de paardenrug uitoefent.’

 

Tekst: Natasha Bruinsma

0 68

Recent onderzoek heeft aangetoond dat paarden diverse vormen van hartritmestoornissen kunnen ontwikkelen. In de meeste gevallen levert dit geen problemen op, maar bij sommige paarden kan de situatie levensbedreigend worden, met een hartstilstand tot gevolg. Op dit moment is er nog altijd een onduidelijke grens tussen een acceptabel probleem en mogelijke dodelijke situaties.

Om de risico’s beter in kaart te stellen onderzoekt een wetenschappelijk team aan de Universiteit van Bern (Zwitserland) het effect van hartritmeproblemen bij eventingpaarden en endurancepaarden. De wetenschappers onderwerpen de dieren aan een compleet hartonderzoek, inclusief electrocardiograms, tijdens de training van wedstrijd- en trainingspaarden. Op deze manier willen zij weten of de training een effect had op hartritmestoornissen en of topatleten een hoger risico lopen dan paarden die op lager niveau uitkomen. De veterinairen werken met een groep professionele ruiters om op deze manier de veiligheid en het welzijn van zowel ruiter als paard te kunnen garanderen. Met het onderzoek hopen zij beter inzicht te krijgen op hartproblemen van paarden en de publieke perceptie van paardenwelzijn tijdens competities positief te kunnen beinvloeden.

In 2013 werd Parzival, het toppaard van dressuuramazone Adelinde Cornelissen, behandeld vanwege een hartritmestoornis. Het paard maakt het ondertussen weer goed. Cornelissen traint sinds het voorval geregeld met een hartritmemeter.

Hoefslag/TheHorse

0 139

Vorige week leek het er al op dat de Europese autoriteiten een verbod op het importeren van paardenvlees uit Mexico zouden invoeren. Deze week is het besluit definitief opgelegd door het Voedsel- en Veterinair Bureau. Directeur Michael Scannell uitte afgelopen week al de zorgen over ernstige welzijnsproblemen tijdens slachtvervoer van paarden uit Amerika naar Mexico. Paarden raakten in de verdrukking, kregen urenlang geen eten of drinken en stierven dikwijls aan stress, uitputting of verwondingen. Ondanks herhaaldelijke waarschuwingen leverde dit geen verbetering op.

Tot en met 1 maart 2015 zal een overgangsperiode in acht worden genomen, om de handel zo min mogelijk te verstoren. Dit betekent dat inmiddels geïmporteerd vlees nog steeds voor humane consumptie mag worden gebruikt, mits de importeur kan aantonen dat het product nog voor 15 januari werd verzonden en aan de wetgeving van de Europese Unie voldoet. Ook zullen er strengere voorwaarden voor Canada worden ingesteld om het exporteren van Amerikaans paardenvlees naar Europa minder aantrekkelijk te maken. Het verbod voor importeren van paardenvlees uit Mexico betekent een flinke aderlating voor Amerika: maar liefst 87% van de geslachte paarden in Mexico werd naar Europa verscheept.

Hoefslag/Horsetalk

0 70

Een veel voorkomend probleem bij paarden is rugpijn, waarbij de klachten ook sterk kunnen variëren. Denk bijvoorbeeld pijn bij borstelen en/of aanraken van de rug, protest bij het opzadelen, scheefdragen van de staart, met de staart zwiepen tijdens het rijden, steigeren, bokken en/of staken tijdens het rijden, overspringen in galop, overkruist galopperen. Gelukkig zijn er tegenwoordig goede mogelijkheden om rugproblemen te diagnosticeren en behandelen.

Onderzoek naar rugproblemen

Bij verdenking van rugproblemen bij het paard zal de paardenarts vaak beginnen met een uitgebreid onderzoek van het bewegingsapparaat. Vaak is het rugprobleem secundair, wat betekent dat het bijvoorbeeld veroorzaakt wordt door een kreupelheid. Als het paard bijvoorbeeld licht kreupel is aan een been, zal het proberen dit te ontlasten door scheef te gaan lopen. Hierdoor kunnen rugklachten ontstaan.

De paardenarts zal het paard tijdens het onderzoek goed bekijken op de rechte lijn, de harde en zachte volte en zal indien nodig buigproeven van de benen uitvoeren. Hij of zij kan zo bekijken of het paard al dan niet kreupel is en hoe het zit met de bewegelijkheid van de rug. Bij het bekijken van de rug van het paard wordt gelet op bouw, lengte en eventuele verminderde omvang van de spieren (spieratrofie). Dit laatste duidt vaak op de aanwezigheid van rugpijn. Ook let de paardenarts op de aanwezigheid van eventuele witte haren en/of drukplekken door bijvoorbeeld een slecht passend zadel. Daarna zal hij of zij de rug met de hand onderzoeken door te voelen naar de spieren en de uitsteeksels van de wervelkolom en zo stijve en pijnlijke gebieden opsporen. Ook zal de rug naar links en rechts gebogen worden en laat de paardenarts de rug opbollen door te drukken op drukpunten om te bekijken of er een beperking zit in deze bewegingen. Ook zullen alle wervels één voor één getest worden op eventuele blokkades. De ligging van het zadel maar ook het zadel zelf zullen goed bekeken worden en indien nodig zal de beweging onder het zadel beoordeeld worden door het paard voor te laten rijden.

Röntgenfoto’s

Aansluitend kan de paardenarts röntgenonderzoek doen naar het pijnlijke gedeelte van de rug. Röntgenfoto’s laten de benige structuren van de rug zien. Zo kan de arts beoordelen of er bijvoorbeeld artrose van de facetgewrichten in de rug aanwezig is of dat de spinaaluitsteeksels (doornuitsteeksels) te dicht bij elkaar staan (ook wel ‘kissing spines’).

Echografie

Naast botten bestaat de rug natuurlijk ook uit weke delen als pezen, banden en spieren. Deze delen kan de paardenarts met echografie beoordelen. Echografie maakt gebruik van geluidsgolven van ultrasoon geluid (geluid met een hele hoge frequentie). De reflecterende geluidsgolven worden omgezet in een elektrisch signaal, waar de computer een beeld van maakt.

Meer weten over de behandeling van rugproblemen bij paarden? Lees hier het volledige artikel over Rugproblemen bij paarden op Paardenarts.nl.

Meer over de auteur:
Iris van Gulik (paardenarts en auteur bij Paardenarts.nl): “In mei 2008 ben ik in Utrecht afgestudeerd als Erkend Paardendierenarts. Tijdens mijn studie heb ik veel stage gelopen in verschillende paardenklinieken in Nederland, Amerika en Nieuw-Zeeland. Ook heb ik twee jaar deel uitgemaakt van de Veulenbrigade, opvang van zieke en te vroeg geboren veulens. Na mijn studie ben ik meteen als paardendierenarts aan de slag gegaan bij Dierenkliniek Hellendoorn-Nijverdal en daar werk ik nog steeds met veel plezier. In 2009 ben ik naar Kentucky (Rood&Riddle, grootste paardenkliniek van de wereld) en Florida geweest om stage te lopen. In 2010 naar een paardenkliniek in Texas. Ik vind het erg leuk om op deze manier mijn kennis te verbreden en te zien wat er allemaal mogelijk is met betrekking tot behandeling van paarden. Mijn persoonlijke interesse binnen het werk gaat uit naar de interne geneeskunde (waarbij zieke pasgeboren veulens een speciaal plekje verdienen), kreupelheidonderzoek (vooral echografie), embryotransplantatie, wond behandeling en oogproblemen.”

De Hoefslag publiceert wekelijks een actueel artikel van Paardenarts.nl; het onafhankelijke platform voor paardenhouders en paardenartsen waar men (betrouwbare) informatie over paardengezondheid en -welzijn kan vinden. Paardenarts.nl schrijft in samenwerking met paardenartsen en specialisten veterinaire artikelen. Naast de Veterinaire Kennisbank biedt Paardenarts.nl handige tools voor paardenhouders zoals de Paardenarts Locator en de Ent-herinnering. Via een nieuwsbrief en Facebook blijft men op de hoogte van nieuwe en seizoensgerelateerde artikelen.  

Foto: Paardenarts.nl

0 209

Bijna iedereen kent wel een paard met het stempel ‘gemeen’. Een die altijd gericht lijkt te schoppen, zijn tanden in je bovenarm zet, of de oren al platlegt als je alleen maar kijkt. Het waarom van dit gedrag is vaak een raadsel, maar zeker is dat er nooit sprake is van kwade opzet. Iemand is gemeen wanneer hij of zij doelbewust een ander wil benadelen. Een gemeen paard zou dus slechte bedoelingen hebben. De vraag rijst of een paard überhaupt doelbewust kan handelen. Het antwoord hierop ligt in het mentale vermogen van het paard. De hersenen van het paard zijn relatief beperkt, doordat het miljoenen jaren lang beschikking heeft gehad over voldoende graslanden. Het paard is geëvolueerd terwijl het letterlijk op zijn eten stond. Ingenieuze jachttechnieken waren overbodig. Hierdoor is het gedeelte van de hersenen, dat bedoeld is om te redeneren, analyseren en reflecteren niet ontwikkeld. In tegenstelling tot de mens heeft het geen voorstellingsvermogen of fantasie. Een paard kan ‘gemeen doen’ niet als doel hebben en kent geen verschil tussen goed of kwaad. Wat wij zien als gemeen gedrag, is voor het paard een manier om met stress om te gaan.

Het hele artikel over ‘gemene paarden’ lees je in Hoefslag 11.

Foto: Remco Veurink

0 23

Een verzameling van drie gratis onderzoeken naar welzijnsproblemen van werkpaarden zal deze maand nog worden gepubliceerd in magazine Equine Veterinary Journal. Het doel van de uitgave is meer begrip en het aanmoedigen van samenwerkingen voor de verbetering van omstandigheden voor werkpaarden. De beslissing van het publiceren van de artikelen volgt na het zevende seminair over werkende paardachtigen. Meer dan 150 vertegenwoordigers uit 27 landen kwamen bijeen om het lot van 100 miljoen werkpaarden, ezels en muilezels te bespreken. De uitkomst was dat er meer researchmateriaal voorradig moet zijn om betere samenwerking tussen welzijnsorganisaties te voorspoedigen.

Het eerste item bestaat uit acht verschillende onderzoeksresultaten met onderwerpen als kreupelheid, tuiggerelateerde verwondingen, maagzweren (vooral voorkomend bij ezels), parasitaire infecties en de risico’s van vlees en melk van werkpaarden bij menselijke consumptie.

‘We willen graag onze samenwerkingen en de effectiviteit van de welzijnsprogramma’s verbeteren. Dan moeten we onze informatie nog breder verspreiden,’ aldus Roly Owers, directeur van World Horse Welfare. ‘Onderzoek zorgt ervoor dat we mensen beter kunnen adviseren over optimale leefomstandigheden van hun dieren. Dankzij ons werk weten eigenaren in Centraal Amerika nu dat hoefproblemen en problemen in de mond bij werkpaarden niet veroorzaakt worden door spinnenbeten of urineren. Ook leren eigenaren in Honduras dat de wonden bij paardenogen niet veroorzaakt worden door vliegen, maar het resultaat zijn van verkeerd zweepgebruik, waarna vliegen de infecties veroorzaken. Preventie en behandeling van veelvoorkomende welzijnsproblemen worden gecommuniceerd door wetenschap en educatie. We zijn dan ook blij dat we ons steentje mogen bijdragen en hopen onze gratis collectie van welzijnsdocumentatie nog verder te kunnen uitbreiden.’

Hoefslag/Horsetalk

Volg ons!

0FansLike
0VolgersVolg
0VolgersVolg
1,451Youtube abonneesAbonneer