Tags Posts tagged with "onderzoek"

onderzoek

0 459
hooi voeding paard
© DigiShots

Een Canadese ruitersportvereniging heeft besloten geen ledenpassen meer uit te delen. Het geld dat daarmee wordt bespaard, gaat naar een goed doel.

Ontario Equestrian heeft meer dan 22.000 leden. Door deze geen lidmaatschapsbewijs meer te overhandigen, wordt 30.000 dollar (ruim 26.000 euro) bespaard.

Spijsvertereing bij paarden

Het geld wordt overgemaakt aan Equine Guelph, dat zich richt op onderzoek naar de spijsvertering van paarden.

Twee medewerkers van het Ontario Veterinary College doen onderzoek naar de darmflora van paarden. Dr. Luis Arroya ontwikkelt een kunst-darm om er zo achter te komen hoe het microbioom (micro-organismen) van een gezond paard eruit ziet.

Aandoeningen bij paarden

Volgens zijn collega Dr. Scott Weese is het niet altijd eenvoudig om dergelijk onderzoek te bekostigen. ‘En het is juist zo belangrijk om inzicht te krijgen in voorkomende aandoeningen bij paarden.’

Weese is zelf bezig met onderzoek naar de mest van gezonde paarden, die hij een jaar lang intensief onder de loep neemt. Het doel hiervan is onder meer om de invloed van de seizoenen in kaart te brengen en het effect van verschillende rantsoenen te meten.

Het geldbedrag dat Ontario Equestrian bespaart door geen ledenpassen meer uit te reiken, zal worden ingezet om middels onderzoek het welzijn van paarden te verbeteren.

Bron: Horse & Hound

Foto: archief

0 1105
haar paard oren

Ras en geslacht hebben een grote invloed op het aantal allergenen dat in paardenhaar en huidschilfers wordt aangetroffen, blijkt uit onderzoek. Zoals bekend veroorzaakt de Curly horse de minste allergische reacties bij mensen, stellen de onderzoekers vast, maar dat heeft niets te maken met de hoeveelheid allergenen.

Duitse onderzoekers constateerden dat er een behoorlijk verschil zit in de concentratie van allergenen die paarden door middel van hun huid en vacht produceren. Dat verschil wordt bovendien bepaald per ras en het geslacht.

Allergisch

Van alle volwassenen in Duitsland is 3,5 procent allergisch voor paarden. In Finland is dit 5,4 procent en in Zweden zelfs 7,1 procent. Dit aantal blijkt wereldwijd te groeien. Bij kinderen ligt het percentage tussen de drie en tien procent.

De oorzaak zijn huidschilfers. Die worden overal aangetroffen. Allergenen van zoogdieren verspreiden zich via de lucht en via kleding. Paardallergenen komen voor op scholen, kinderdagverblijven en zelfs in vliegtuigen.

Equ c 1

Tot 76% van de patiënten die allergisch zijn voor paarden reageren op het glycoproteïne Equ c 1.  Om vast te stellen welke paarden de meeste allergische reacties veroorzaken, werden 224 plukjes haar van 32 verschillende rassen onderzocht.  Sommige dieren produceerden maar liefst vier keer meer allergenen dan anderen.

Grappig genoeg produceert juist de Curly horse veel allergenen. De onderzoekers geven aan dat de huid van van deze paarden aanzienlijk meer talg produceert, waardoor de huidschilfers zwaarder zijn en zich lastiger via de lucht verspreiden.

Rasgebonden

Vooral de allergenen Equ c 1 en Equ c 4 bleken rasgebonden. Juist Curly Horses produceren die dus in hoge mate. Het zijn juist Tinkers, IJslanders en Shetlandpony’s die weinig allergenen te verspreiden. Hengsten verspreiden er weer meer dan merries en ruinen.

In een ander onderdeel van het onderzoek werden 20 Curly horses en 20 Quarter horse uitgebreid gepoetst. Dat leverde geen verschil in de concentratie van allergenen in de lucht op. Dat is opmerkelijk aangezien al werd vastgesteld dat de huidschilfers van Curly horses deze wel in een hogere mate bevatten.

De onderzoekers geven dan ook aan dat meer onderzoek nodig is om betere inzichten te kunnen geven.

Bron: horsetalk.co.nz

Foto: archief Remco Veurink

 

0 3706
mest paard

Stichting De Paardenkamp heeft aan de Wageningen University & Research gevraagd om de mogelijkheden voor ‘mestaanwending’ op het eigen bedrijf te onderzoeken. Uitkomst is vooralsnog dat het blijven afvoeren van de mest de voorkeur heeft, vanwege de nadelen van de verschillende andere opties.

Het nationaal rusthuis voor oude paarden en pony’s heeft een idealistische missie. Het item ‘duurzaamheid’ staat vermeld in de statuten en ‘zelfvoorziening’ is daarbij een speerpunt.

Sluiten van de kringloop

De Wetenschapswinkel van de universiteit heeft op verzoek van de Paardenkamp uitgezocht of strorijke paardenmest kan bijdragen aan het sluiten van de kringloop binnen een circulaire economie. Dat wil zeggen dat reststoffen volledig opnieuw worden ingezet.

Doel van het hergebruiken van paardenmest is om zoveel mogelijk zelfvoorzienend te zijn als het gaat om mest en mineralen. Een nieuw aangekochte locatie lijkt geschikt om de eigen paardenmest, na eventuele bewerking, te gebruiken op het eigen land.

Opslag- en verwerkingsinstallatie

De nieuwe locatie biedt mogelijkheden om een opslag- en verwerkingsinstallatie te bouwen. De mogelijk bruikbare technieken voor mestverwerking die naast het gebruik van verse mest worden bekeken, zijn composteren, fermenteren, mest vergisten en het inzetten van champost als substraat bij de champignonteelt.

Onderzocht zijn de geschiktheid voor aanwending, de emissies van ammoniak, methaan en lachgas, de bemestingswaarde en de arbeid en kosten.

Composteerproces

Onbehandelde paardenmest leidt tot ammoniak- en methaanemissies tijdens opslag, composteren leidt vooral tot ammoniak- en lachgasemissies tijdens het composteerproces en vergisten geeft vooral hogere ammoniak- en lachgasemissies.

Gecomposteerde mest leidt nauwelijks tot uitspoeling van stikstof, wat wel het geval is bij verse mest. Gebruik van verse paardenmest geeft risico’s met medicijnresten en parasitaire besmettingen.
Samenvattend blijkt afvoeren te leiden tot de minste stikstofverliezen, risico op besmetting, kosten en arbeid.

Teelt van luzerne

Doordat er op enkele percelen maïsteelt plaatsvindt die geruild wordt voor rundveemest van een omliggend bedrijf, wordt er in enige mate circulair gewerkt. Een optie om dit verder te versterken, is de teelt van luzerne dat als paardenvoer kan dienen.

In het algemeen zouden paardenhouders kunnen kijken of omliggende agrariërs met kennis van de teelt bereid zijn om luzerne te telen en daarvoor paardenmest te gebruiken. Luzerne kan goed afgewisseld worden met maïsland en grasland en kan als vezelbron dienen door het met krachtvoer te mengen, hetgeen de circulariteit bevordert.

Lees hier het volledige rapport ‘Optimaal gebruik van paardenmest’ van de Wetenschapwinkel.

Foto: archief

Een aantal Deense ruiters heeft tijdelijk gereden met vesten met extra gewicht erin om de invloed daarvan op het welzijn van hun paarden te onderzoeken.

Twintig ruiters reden ten behoeve van het onderzoek op hun eigen paard in de maanden oktober en november. De paarden werden gewogen en opgemeten voor, tijdens het na het rijden.

Department of Animal Science

Professor Janne Winther Christensen van het Department of Animal Science van de universiteit in Aarhus voerde het onderzoek uit, in samenwerking met Mette Uldahl van Vejle Equine Practice.

Op de eerste dag van het onderzoek werden de paarden klinisch onderzocht en werd hun basisconditie gemeten. De onderzoekers hielden ook rekening met de stokmaat en de bouw van de paarden.

Van de ruiters werd de balans, coördinatie en bewegingspatroon vastgelegd.

Gewicht toevoegen

Op de drie volgende testdagen reden de ruiters hun paard zonder extra gewicht, daarna werd eerst 15 procent en daarna 20 procent van het lichaamsgewicht van de ruiter toegevoegd. Dat extra gewicht werd in een speciaal vest gestopt.

De paarden droegen een hartritmemeter en werden op gemiddeld niveau dressuurmatig getraind.

Sensoren

Daarna werd een zadeldruk-meter toegevoegd en werden de gangen geanalyseerd. Met sensoren werd de regelmaat van de gangen gecontroleerd en potentiële veranderingen in de symmetrie in kaart gebracht. Dat gebeurde in draf zowel op de rechte zijde alsook op de volte linksom en rechtsom.

Door middel van een speekseltest stelden de onderzoekers vast of de paarden last hadden van stress.

De resultaten van het onderzoek worden momenteel in kaart gebracht. Zodra deze zijn geanalyseerd, zullen ze worden gepubliceerd.

Bron: Horsetalk

Foto: archief Remco Veurink

Stethoscoop

De Britse Equine Veterinary Association heeft dierenarts David Rendle onderscheiden vanwege zijn onderzoek naar de behandeling van PPID, ofwel de ziekte van Cushing.

Rendle gaf over de resultaten van het onderzoek een lezing tijdens een congres van de BEVA.

Pergolide-tabletten

David Rendle kreeg de Sam Hignett Award omdat hij nader onderzoek deed naar pergolide-tabletten, een medicijn voor de behandeling van PPID, een afkorting van ‘pituitary pars intermedia dysfunction’, bij paarden.

Rendle merkte onder meer op dat het middel niet smakelijk is en dat de tabletten moeilijk zijn te doseren  wanneer een pony  bijvoorbeeld een halve dosis voorgeschreven krijgt. ‘Er moet kritisch worden gekeken naar een alternatief voor dit medicijn,’ concludeert hij.

Pasta

Rendle behandelde negentien pony’s met cushing, die niet op de reguliere medicijnen reageerden. Hij gaf ze een smakelijke pasta met dezelfde werkzame stof erin verwerkt. Bij veertien van de negentien pony’s daalde de hoeveelheid ACTH-hormoon, dat bij cushing-patiënten verhoogd is, aanzienlijk.

Rendle is als paarden-geneeskundige verbonden aan de Rainbow Equine Hospital in Old Malton, North Yorshire.

Antibiotica bij paarden

Adam Redpath won the Voorjaarsdagen BEVA Award voor zijn proefschrift over de noodzaak van het gebruik van antibiotica bij paarden. Volgens Redpath heeft het beperken van het gebruik van antibiotica vergaande consequenties. ‘Er is behoefte aan een richtlijn voor wat betreft het verstandig gebruik van deze middelen.’

Redpath is als docent verbonden aan de University of Nottingham en is werkzaam als dierenarts. Hij doet onderzoek naar pijnstilling bij paarden en naar de toepassing van medicijnen bij paarden in het algemeen.

Hij zal zijn proefschrift over antibioticagebruik bij paarden nogmaals presenteren tijdens de European Veterinary Conference Voorjaarsdagen volgend jaar in Den Haag.

Bron: horsetalk.co.nz

Foto: archief Digishots

renbaan renpaard

Wetenschappers hebben DNA uit de hoeven van Seabiscuit kunnen veiligstellen. Ze proberen nu via zijn genen te achterhalen waarom dit paard zo snel was.

Het is alweer meer dan tachtig jaar geleden dat Seabiscuit War Admiral onttroonde als winnaar van de ‘Triple Crown of Thoroughbred Racing’. Wetenschappers willen nu weten: Maakten zijn genen hem zo snel?

Geen geboren talent

Seabiscuit werd geboren in 1933 en stierf veertien jaar later. De hengst was geen geboren talent, maar werd uiteindelijk toch een van de meest geliefde en aansprekende renpaarden ooit.

Hij werd als 5-jarige uitgeroepen tot Horse of the Year nadat hij de legendarische Triple Crown als underdog won van War Admiral.

Invloed van genen

Het Institute for Equine Genomics van de universiteit in het Amerikaanse Binghamton (New York) doet onderzoek naar de invloed van de genen op het succes van renpaarden, maar ook van paarden in andere takken van sport. De wetenschappers doen onder meer onderzoek in opdracht van stoeterijen in de VS, Zuid Afrika en Nieuws Zeeland en baseren daar hun fokadviezen op.

Ze kunnen onder meer van tevoren bepalen of een paard geschikt is voor de renbaan, of dat het hier geen aanleg voor heeft.

Bronze Sea

Het instituut kwam in contact met Jacqueline Cooper van de Seabiscuit Heritage Foundation. Zij wilde de genen van een vijfde-generatie nakomeling van Seabiscuit, Bronze Sea, laten onderzoeken vanwege de fokkerij. Cooper vroeg zich af of het DNA van Seabiscuit met het materiaal van Bronze Sea kon worden vergeleken. Dat leek de onderzoekers onmogelijk aangezien het verwantschap zo ver weg was.

Een vergelijking bleek alleen mogelijk wanneer er DNA van Seabiscuit zou zijn opgeslagen. Een lastige opgave, omdat de bruine hengst vele jaren geleden werd begraven in Northern California.

Hoeven verzilverd

De oplossing kwam van Michael Howard, een achterkleinzoon van de eigenaar van Seabiscuit. Hij vertelde dat de hoeven van Seabiscuit bewaard zijn gebleven en werden verzilverd. Een niet ongewone daad in die tijd. Ze werden nogal eens gebruikt als asbak of als luciferhouders.

De hoeven van Seabiscuit worden tentoongesteld bij de California Thoroughbred Foundation.
De hoeven die het laboratorium voor onderzoek in bezit kreeg, bleken in zeer slechte staat. Ze waren bovendien zo ver ‘uitgehold’, dat er bijna geen bot meer aanwezig was om DNA-materiaal uit veilig te stellen.

Hoefbeen

Uit boringen in de hoef is inmiddels gebleken dat er zich nog wel degelijk hoefbeen in de hoef bevindt. Daaruit is onder meer gebleken dat Seabiscuit genen had die zowel talent voor de korte als de langere afstanden vertegenwoordigen.

Deze zeldzame genetische combinatie verklaart waarom hij succesvol tijdens races van zowel een kilometer als die van ruim 2 kilometer. Verder laten zijn genen zien dat hij een laatbloeier was. Paarden met dezelfde genen-types zijn over het algemeen pas op latere leeftijd succesvol.

Bron: smithsonianmag.com

Foto: archief

0 496
borstels verzorging paarden
© DigiShots

Uit een Frans onderzoek blijkt dat paarden een ‘kriebelbeurt’ met de handen verkiezen boven een behandeling met een rosborstel. Paarden die met de hand worden verzorgd, zoeken aantoonbaar vaker contact met hun verzorger.

De onderzoekers verdeelden 27 paarden in twee groepen. Dertien paarden werden gekrauwd en gemasseerd op hun favoriete plekjes, in elf sessies van tien minuten elk. Veertien paarden werden zoals gebruikelijk met kam en borstel verzorgd.

Knuffelhormoon

Alle reacties van de paarden werden geregistreerd, zoals gezichtsuitdrukkingen, gedrag, hartslag en de aanmaak van het stresshormoon cortisol en het knuffelhormoon oxytocine.

De paarden van de ‘handverzorgingsgroep’ bleken veel vaker uitdrukking te geven aan kenmerken van welbevinden. Ze hadden half gesloten ogen, een naar voren uitgestoken bovenlip en een lage hals.

Defensief gedrag

In de vergelijkingsgroep werd vaker defensief gedrag waargenomen: een omgedraaide hals, opengesperde ogen en samengeknepen lippen.

Ook was het gedrag van de paarden significant veranderd na de eerste sessies. De handverzorgingsgroep zocht contact met de verzorger. De paarden uit de andere groep vermeden aanraking, trokken de buikspieren aan en drukten de rug weg.

Meer contact

Het onderzoeksteam vat samen: ‘Deze resultaten komen sterk overeen met eerder verzamelde gegevens, waaruit is gebleken dat vachtverzorging kan leiden tot het zoeken van meer contact bij het masseren van favoriete delen van het lichaam. Wanneer je de reactie van een paard niet in acht zou nemen, kan dat leiden tot vermijdend en defensief gedrag.’

Bron: St-Georg

Foto: Digishots

wond hoofd paard

De British Horse Society (BHS) en wetenschappers van de Nottingham University doen onderzoek naar verschillende verwondingen bij paarden om zo de behandeling ervan beter te kunnen afstemmen. Ze vragen paardeneigenaren hun ervaringen met wonden en de behandeling ervan te delen.

‘Paardeneigenaren krijgen vaak te maken met een grote verscheidenheid aan verwondingen en daar willen we graag alles over te weten komen, ook wanneer het slechts om een kleine verwonding gaat,’ legt Emmeline Hannelly van de BHS uit.

Equine Wound Project

Het Equine Wound Project moet inzicht geven in de beste manier om wonden te behandelen. ‘Dat kan verwarrend zijn, omdat er behandelingen bestaan die juist schadelijk zijn voor het herstel van de wond.’

De uitkomsten van het project moeten antwoord geven op vragen als: Wanneer bel ik de dierenarts, hoe lang duurt het herstel van een wond, wanneer kan mijn paard weer aan het werk en hoe zal de plek eruit zien wanneer de wond is hersteld?

Paardeneigenaren wordt gevraagd om de foto’s en gegevens van de wonden bij hun paard te delen zodat het behandelproces en het resultaat ervan in kaart kunnen worden gebracht. Of de dierenarts bij de behandeling betrokken is geweest, is niet relevant.

Wondherstel

‘Er wordt te weinig onderzoek gedaan naar welke factoren van invloed zijn op het herstel van een wond,’ vindt Gemma Stanford van de BHS. ‘Daardoor is er te weinig informatie beschikbaar.’

De resultaten van het onderzoek zullen onder meer worden gebruikt voor voorlichting.
De universiteit van Nottingham en de British Horse Society deden eerder al gezamenlijk onderzoek naar koliek bij paarden.

De onderzoekers verzamelen gegeven tot 1 augustus 2019.

Klik hier voor de website van het project.

Bron: horseandhound.co.uk

Foto: archief Remco Veurink

0 175

De afgelopen tien jaar zijn vijftien ongevallen met publiek en grote grazers in Nederlandse natuurgebieden geregistreerd waarbij behandeling in het ziekenhuis of eerste hulp nodig was. In twee gevallen was een paard bij het incident betrokken, bij alle andere gevallen was er een confrontatie met een rund.

Dat blijkt uit onderzoek dat het adviesbureau Van den Herik & Verkaart heeft uitgevoerd in opdracht van ARK Natuurontwikkeling.

Omvergelopen

In 2009 werd een persoon door een paard omvergelopen tijdens het wandelen in de Uiterwaard. De wandelaar liep daarbij een breuk in de wervelkolom op.

In 2014 werd een kind in de vinger gebeten terwijl het de ‘paardjes voerde’. Het liep daarbij oppervlakkig letsel op.

Ark noemt het aantal ongelukken ‘gering’, gelet op het grote aantal bezoekers van begraasde gebieden.

Het volledige rapport ‘Grote grazers, aanvaardbare risico’s’ vind je hier.

Ontelbaren ontmoetingen

Er vinden jaarlijks ontelbare ontmoetingen plaats tussen publiek en grote grazers in tal van Nederlandse natuurgebieden. Een enkele keer gaat dat niet goed. Uit het onderzoek blijkt echter vooral dat bezoekers over het algemeen de aanwezigheid van grote grazers gewend zijn.

Dit geldt ook andersom, grote grazers zijn veelal gewend aan de activiteiten die de bezoekers in de betreffende natuurterreinen ontplooien, zoals fietsen, hardlopen of wandelen.

Inrichting terrein

Beheerders houden het gedrag van de kudde ten opzichte van publiek nauwgezet in de gaten evenals de inrichting van het terrein.

Uit analyse van de ongevallen met grote grazers blijkt dat bij circa driekwart van de ongevallen de geadviseerde afstand tussen de bezoeker en de grazers niet is aangehouden. ‘Het is belangrijk dat bezoekers van opengestelde natuurgebieden waar grote grazers leven zich realiseren dat richtlijnen, die onder andere op entreeborden worden aangegeven, aangehouden dienen te worden.’

Bron: Ark

Foto: Remco Veurink

Onderzoekers proberen het risico op ernstige blessures bij renpaarden in kaart te brengen door middel van bloedonderzoek. Inflammatoire (ontsteking) en ontstekingsremmende markers zouden vroege indicatoren kunnen zijn van een verhoogd risico, meldt horsetalk.co.nz

Het onderzoek, dat wordt uitgevoerd aan het Gluck Equine Research Center van de Universiteit van Kentucky, wordt ondersteund door de Kentucky Horse Racing Commission.

Biomarkers

Wetenschappers hebben vaker pogingen ondernomen om biomarkers (meetbare indicatoren) te gebruiken als voorspellers van mogelijk letsel. Dat is vooral in de race-industrie interessant omdat uitval grote financiële  gevolgen kan hebben. De gegevens waren tot dusver echter niet betrouwbaar genoeg.

De Gluck-onderzoekers maken gebruik van een mRNA-meting, de voorlopers van eiwitten, in witte bloedcellen.

Voorspellen blessure

‘We hebben een methode om ontstekingen bij paarden te detecteren en bepalen nu of die doorslaggevend kunnen zijn voor het bijtijds voorspellen van een dreigende blessure,’ aldus hoofdonderzoeker Allen Page.

‘Onze theorie is dat deze cellen gebieden van botschade of schade aan zacht weefsel passeren, dat zij vervolgens worden geactiveerd door die schade en een ontstekingsremmende stof of ontstekingsremmend mRNA gaan produceren, dat we vervolgens meten.’

Ontstekingswaardes

Op basis hiervan zouden renpaarden die een fatale blessure hebben opgelopen tijdens het racen hogere ontstekingswaardes moeten hebben dan paarden die niet geblesseerd zijn geraakt.

De onderzoekers hebben sinds januari van dit jaar bloedmonsters verzameld.

Paarden bemonsteren

Page moedigt eigenaren van renpaarden aan om mee te doen met het onderzoek. Het doel is om 150  paarden die zijn overleden aan een blessure te bemonsteren, alsook 1000 niet-gewonde paarden in heel Noord-Amerika.

‘We verwachten dat we ontstekingspatronen zullen waarnemen ​​die kunnen wijzen op een specifiek letseltype,’ aldus David Horohov van het Gluck Center.  ‘Uiteindelijk zouden we met een enkel bloedmonster de race-industrie veiliger kunnen maken en het welzijn van deze ongelooflijke atleten verder verbeteren.’

Bron: horsetalk.co.nz

Foto: Shutterstock

HOEFSLAG ACADEMY

Volg ons!

101,065FansLike
0VolgersVolg
6,970VolgersVolg
1,451Youtube abonneesAbonneer