Tags Posts tagged with "Janina van der Drift"

Janina van der Drift

“Heb je de nieuwe proeven al gelezen?”, vroeg een leerling mij onlangs. Ze was nogal blij, want voortaan mocht ze ook in het M2 het hals strekken laten zien. “Daar zijn we goed in!” zei ze enthousiast. Dat is niet bij iedere combinatie het geval. Een goede zaak dat dit nu in de ring gevraagd wordt. Hopelijk zal hier thuis op de juiste manier voor getraind worden.

Later las ik echter met verbazing dat tot en met de klasse ZZ-licht het halt houden bij binnenkomst is afgeschaft. De achterliggende gedachte zou zijn dat het halt houden aan het begin van de proef teveel spanning zou geven. Maar misschien is de eigenlijke reden wel dat het tijdwinst oplevert, want de eerste gedachte volg ik niet. Normaal gesproken is stilstaan achteruitgang, maar in dit geval is mijns inziens het omgekeerde van toepassing.

Tempocontrole is niet alleen van dressuurmatig belang.

Als je ervan uitgaat – en gezien de wetenschappelijke studies mogen we dat – dat het paard angstiger wordt wanneer het meer vluchtgedrag kan vertonen, dan is tempocontrole niet alleen van dressuurmatig belang. Het is zelfs van het grootste belang voor de ontspanning en dus de geestelijke gesteldheid. Hoe meer het paard kan rennen, hoe meer spanning er ontstaat. Wanneer we door training meer invloed krijgen op de vluchtreactie en dus het tempo van het paard, zal de invloed van  de omgeving op het dier afnemen. En het mooie is: dat geeft rust.

Juist het op ieder moment kunnen halt houden getuigt van gehoorzaamheid van het dier. Het toont in mijn ogen een correcte africhting, waarin veiligheid ook een belangrijke rol speelt. Het paard moet onvoorwaardelijk en onmiddellijk reageren op iedere hulp, maar zeker op de teugelhulp. Je stapt ook niet in een auto waarvan de remmen kapot zijn. Dit krijg je niet in 1 dag voor elkaar, hiervoor moet je trainen. Nu halt houden van minder groot belang wordt in de wedstrijdring is er een kans dat deze mate van controle minder focus krijgt in de dagelijkse training. Terwijl dat juist de sleutel is voor een ontspannen paard en veilig paardrijden.

Vooral met die hete dressuurpaarden vandaag de dag is het waardevol dat we de benen in bedwang kunnen houden. Dat begint in mijn ogen niet alleen vroeg in de opleiding van het paard, maar ook vroeg in proef. Juist op deze manier toont de ruiter aan gehoorzaamheid prioriteit te hebben gegeven in zijn training.

Maandelijkse column

In mijn columns die je iedere maand op dehoefslag.nl kunt lezen hoop ik praktische situaties te belichten waarin het duidelijk wordt hoe het paard denkt en leert. Soms zullen het mooie momenten zijn over leerlingen die de moeite nemen hun paard beter te begrijpen om zo hun problemen op te lossen. Maar ik zal ook mijn minder leuke ervaringen met jullie delen. Niet om met het vingertje te wijzen, maar gewoon om wat bewustzijn te creëren. Zodat langzaam maar zeker de paardensport weer wat paardvriendelijker wordt.

Janina van der Drift (foto, gedragsdeskundige/instructrice)

Lees hier de vorige column van Janina.

Openingsbeeld: Dessing Photography

Eigenlijk moet ik mijn vingers niet branden aan dit onderwerp. Voor je het weet word je beticht van het promoten ervan of aan de virtuele schandpaal genageld voor het mogelijkerwijs bekritiseren van Neerlands trots. Maar ik doe het toch. Het ISES (International Society of Equitation Science), een gezelschap van wetenschappers op het gebied van paarden(sport), bracht namelijk begin augustus haar standpunt over hyperflexie naar buiten. Het toeval wil dat in dezelfde maand de hippische wereld valt over de zogenaamde wanpraktijken van de Nederlandse dressuurruiters in Aken. LDR of Rollkür, hoe je het ook wilt noemen, is het grootste kwaad dat je een paard kunt aandoen. Althans als ik alle Facebook-posts van de afgelopen tijd erop nasla.

Los van de vraag of er daadwerkelijk paarden waren in Aken die in hyperflexie werden los gereden, ben ik van mening dat de grote winst voor paardenwelzijn niet bij de topsport zit. Deze is namelijk vooral te behalen bij de hordes ruiters die hen probeert na te doen. Helaas weten deze mensen minder goed waar ze mee bezig zijn. Laat ik dan ook beginnen met een vrij vertaalde definitie die door het ISES wordt gehanteerd. De hoofd-halshouding van een paard is in hyperflexie wanneer de halswervels dusdanig gebogen of gestrekt worden dat lichamelijk functioneren van het paard beperkt wordt. Zoals het blokkeren van de luchtwegen, beschadiging van weefsels in de hals en beperking van het zicht tijdens het rijden. Ook stress ten gevolge van deze fysieke beperkingen en stress veroorzaakt door de handelingen van de ruiter om het paard in hyperflexie te kunnen rijden horen hierbij. Het valt mij op dat ISES het nog niet eens heeft over het uiterlijk van hyperflexie. Iedere overbuiging van de halswervels valt onder hyperflexie wanneer het lichamelijk letsel veroorzaakt, dus niet alleen de extreem lage, diepe en ronde houding.

Ruiters moeten allereerst kritisch naar zichzelf kijken.

Er zijn in totaal 55 onderzoeken naar hyperflexie uitgevoerd. De overgrote meerderheid van de onderzoeken concludeert dat deze rijmethode schadelijk is voor de gezondheid van het paard. Een aantal factoren speelt hierbij een rol. Zoals de bouw van het paard, hoe lang het paard in hyperflexie gereden wordt en de mate waarin het dier bekend is met de houding. Ook de manier waarop de houding wordt verkregen is belangrijk. Is het een getrainde reactie? Of wordt de houding met harde hand en/of hulpmiddelen afgedwongen? Kan het paard de houding zelf handhaven of houdt de ruiter het paard vast? Hoewel er ook onderzoeken zijn die aantonen dat het een gymnastiserend effect heeft, is het ISES vrij duidelijk. De positieve effecten wegen niet op tegen de negatieve effecten.

Ik doe geen uitspraken over de trainingsmethodes van bekende ruiters. Net als de zelfuitgeroepen experts die zich achter hun computer verschuilen, ben ik niet dagelijks aanwezig bij hun training. Wel trek ik de conclusie dat we als ruiters allereerst eens kritisch naar onszelf moeten kijken. Is onze eigen manier van rijden wel zo vriendelijk. Of dwingen we ze stiekem in een houding? En past dat wat we van onze paarden vragen wel bij hun bouw? Laten we van Aken leren. Het is namelijk makkelijker de splinters in het oog van een ander te zien dan de balk in het eigen oog.

Maandelijkse column

In mijn columns die je iedere maand op dehoefslag.nl kunt lezen hoop ik praktische situaties te belichten waarin het duidelijk wordt hoe het paard denkt en leert. Soms zullen het mooie momenten zijn over leerlingen die de moeite nemen hun paard beter te begrijpen om zo hun problemen op te lossen. Maar ik zal ook mijn minder leuke ervaringen met jullie delen. Niet om met het vingertje te wijzen, maar gewoon om wat bewustzijn te creëren. Zodat langzaam maar zeker de paardensport weer wat paardvriendelijker wordt.

Janina van der Drift (foto, gedragsdeskundige/instructrice)

Lees hier de vorige column van Janina.

Openingsbeeld: Dessing Photography

Afgelopen zaterdag heb ik alweer voor de vijfde keer een clinic met Andrew McLean georganiseerd. Deze bioloog uit Australië heeft zich verdiept in de wetenschap achter het paardrijden. Zijn methode is gebaseerd op onderzoek naar hoe het paard denkt en leert, waardoor het trainen van paarden geen giswerk is, maar eenvoudig voor het paard te begrijpen en effectief. Gedurende de dag vielen er grote kwartjes bij het publiek, maar waren er ook hele mooie kleine momenten, zoals het wachten op een proestende pony.

Stress

Het schimmeltje verscheen als eerste in de rijhal en haar eigenaresse gaf aan dat ze met name wilde leren hoe ze het beste de stress van haar pony kon laten afvloeien. Om te beginnen zag Andrew dat de teugelhulp voor de pony niet betekende dat ze langzamer moest gaan, maar juist harder. De eerste prioriteit was ervoor te zorgen dat de pony weer een rem kreeg. De ruiter moest de pony een aantal keren laten halthouden, waarbij het de bedoeling was om dit uiteindelijk binnen twee passen voor elkaar te krijgen. Zo weet je namelijk zeker dat je paard op een lichte hulp, onmiddellijk reageert.

Tempocontrole

Na een aantal keer oefenen was het voor het publiek goed zichtbaar dat het schimmeltje beter op de teugelhulp reageerde. De controle over het tempo van het paard en de duidelijkheid van de hulpen gaf het dier al meer ontspanning. Maar de meeste ontspanning kreeg ze toen Andrew de ruiter vroeg de paslengte in stap zo groot mogelijk te maken en daarbij het dier veel halslengte te geven. Je kunt het vergelijken met een goede middenstap. Lange en lage hoofdhalshouding met lange passen zorgt voor ontspanning, terwijl een gestresst paard de hals hoog en kort houdt en daarbij ook korte passen maakt.

Terwijl de ruiter aan het stappen was, zag je de spanning afnemen.

De merrie ging zowaar ademen in het ritme van haar passen. Omdat ontspanning het allerbelangrijkst is als je een vluchtdier traint, wilde Andrew pas verder wanneer de pony had geproest ten teken van ontspanning. Simpel gezegd: een gestresst paard slaat CO2 en waterdamp op in zijn longen. Dit geeft een irriterend gevoel, dat pas weggaat als het paard zich meer ontspant en even kan proesten.

En dus wachtte het publiek met ingehouden adem op het verlossende geproest van de pony. Na twee rondjes werd het wachten beloond en verscheen er een grote lach op ieders gezicht. Zo kan iets heel simpels als een proestend paard prachtig zijn om naar te kijken.

Maandelijkse column

In mijn columns die je iedere maand op dehoefslag.nl kunt lezen hoop ik praktische situaties te belichten waarin het duidelijk wordt hoe het paard denkt en leert. Soms zullen het mooie momenten zijn over leerlingen die de moeite nemen hun paard beter te begrijpen om zo hun problemen op te lossen. Maar ik zal ook mijn minder leuke ervaringen met jullie delen. Niet om met het vingertje te wijzen, maar gewoon om wat bewustzijn te creëren. Zodat langzaam maar zeker de paardensport weer wat paardvriendelijker wordt.

Janina van der Drift (foto, gedragsdeskundige/instructrice)

Lees hier de vorige column van Janina.

Openingsbeeld: Dessing Photography

Sinds kort heb ik de stad verruild voor de polders. In de achtertuin van ons bescheiden dijkhuisje staan nu mijn twee paarden. Mijn ene ruin geniet op zeventienjarige leeftijd van zijn pensioen en de andere heeft hopelijk nog een glansrijke toekomst voor zich. Heerlijk om uit het raam te kijken en de hoofden van deze twee te zien. Ik ben van alle gemakken voorzien. Op iets meer dan een halve kilometer afstand van mijn huis is de rijbaan van de vereniging. Ik kan gewoon onder de man erheen stappen. Maar voor een jong paard met weinig ervaring op de weg en het feit dat er een paard achterblijft kwam hier wel een plannetje bij kijken.

Allemaal heel romantisch die paarden aan huis, maar als ik niet kan rijden omdat de twee continue naar elkaar gillen of mijn jonge paard zich niet gedraagt buiten de deur dan heeft de hele verhuizing weinig zin gehad. En ik wist op voorhand al dat mijn voorstel, om een derde paard aan te schaffen voor als het oude paard alleen zou zijn, in het huidige politieke klimaat van mijn huishouding vrij snel zou sneuvelen. Dus hoe pak je zoiets aan?

Positieve leerervaring

Ten eerste, de grote afleidingstruc voor het thuisfront: een goed gevuld hooinet en iets lekkers in de voerbak. Ten tweede, voor het weggaande paard dagelijkse training op de weg. De eerste paar keren liep ik met het paard aan de hand tot aan de parkeerplaats van de rijbaan en weer terug. Voor beide paarden was de scheiding hierdoor van korte duur. Vooral voor de achterblijver werkte dit geruststellend. In de loop van de week bleef ik steeds langer weg. Tot het moment dat het vertrek van huis voor beide paarden geen reden meer tot onrust vormde. 

Voor zowel ruiter als paard geeft deze controle ontspanning

Misschien is dit maar een simpel voorbeeld van hoe je ervoor kunt zorgen dat je paarden stressvrij door het leven kunnen gaan. Toch is dit voor mij de essentie van “horsemanship”. Het betekent dat je moet snappen hoe je het paard zo kunt trainen en motiveren dat het dier ontspannen onder controle staat. Het houdt in dat je situaties naar je hand kunt zetten, zodat het een positieve leerervaring wordt. Voor zowel ruiter als paard geeft deze controle ontspanning. En niet onbelangrijk: het maakt onze sport veiliger.

Maandelijkse column

In mijn columns die je iedere maand op dehoefslag.nl kunt lezen hoop ik praktische situaties te belichten waarin het duidelijk wordt hoe het paard denkt en leert. Soms zullen het mooie momenten zijn over leerlingen die de moeite nemen hun paard beter te begrijpen om zo hun problemen op te lossen. Maar ik zal ook mijn minder leuke ervaringen met jullie delen. Niet om met het vingertje te wijzen, maar gewoon om wat bewustzijn te creëren. Zodat langzaam maar zeker de paardensport weer wat paardvriendelijker wordt.

Janina van der Drift (foto, gedragsdeskundige/instructrice)

Lees hier de vorige column van Janina.

Foto: Dessing Photography

Het meest voorkomende probleem waarvoor mensen bij mij terecht komen is het niet kunnen laden van hun paard. Vaak hebben ze zelf al van alles geprobeerd, voordat ik gebeld word. Longeerlijnen, lokvoer, en liefkozingen, alles zonder resultaat. Meestal kost het best wat tijd om paard en eigenaar te trainen rustig te laden.  Zeker als het dier niet de beste ervaringen heeft. Gelukkig kan het af en toe ook heel vlot gaan.

trailer laden (staand beeld)Dat overkwam me een paar weken geleden. Een dame belde me dat ze graag wilde leren hoe ze haar Arabiertje zonder stress de trailer op kon laten gaan. Zoals altijd begin ik met grondwerk. Dat is helemaal niets zweverigs en moet je meer zien als een opvoedcursus. Ik leer het paard simpelweg om op lichte druk op een normaal halster voor- en achterwaarts te gaan en halt te houden. Zo train je het paard zich aan het halster te laten leiden. Heel veel mensen leren hun paard om hen te volgen. Dat past heel goed bij het natuurlijke volggedrag van het paard. Maar als je opeens met je paard een donkere, wiebelende trailer in moet, dan moet je niet raar staan te kijken als hij je niet volgt. Als je je paard vervolgens niet aan de hand getraind hebt, kan je dit lastig oplossen. Jammer genoeg komen er dan weleens bezems aan te pas.

Engels rijdende ruiters

De eigenaar in kwestie was een fanatieke beoefenaar van de westernsport. Helaas kom ik deze ruiters weinig tegen. Ik zeg helaas, want zij had haar paard eigenlijk alles al perfect aangeleerd. Halthouden, voor- en achterwaarts gingen weliswaar op een Amerikaans commando, maar het liep heel erg soepel. Bij deze combinatie hoefde ik echt alleen maar aan een iets betere timing van de hulpen en de beloning te werken. Nog voordat ik zelf gewend was “back up” te zeggen, was de klus geklaard. 

Bij het laden worden we met de neus op de feiten gedrukt

Ik snap dat dit niet bij iedere westernruiter het geval zal zijn, maar ik juich wel toe dat het grondwerk een onderdeel is van de opleiding van het paard. Wij Engels rijdende ruiters springen soms op een paard dat aan de hand niet eens stil kan staan en vinden het vervolgens gek dat het onder het zadel niet te controleren is. De basisopvoeding schiet er vaak bij in en dit wordt pas bij het laden opgemerkt. Dan worden we met de neus op de feiten gedrukt. Gelukkig is het voor ruiter en paard nooit te laat om te leren.

Maandelijkse column

In mijn columns die je iedere maand op dehoefslag.nl kunt lezen hoop ik praktische situaties te belichten waarin het duidelijk wordt hoe het paard denkt en leert. Soms zullen het mooie momenten zijn over leerlingen die de moeite nemen hun paard beter te begrijpen om zo hun problemen op te lossen. Maar ik zal ook mijn minder leuke ervaringen met jullie delen. Niet om met het vingertje te wijzen, maar gewoon om wat bewustzijn te creëren. Zodat langzaam maar zeker de paardensport weer wat paardvriendelijker wordt.

Janina van der Drift (foto, gedragsdeskundige/instructrice)

Lees hier de vorige column van Janina.

Openingsbeeld: Dessing Photography/ Foto tekst: Remco Veurink

Angstige paarden hebben baat bij een voorspelbare en controleerbare omgeving. Wanneer ze ervaren dat ze controle hebben op de situatie worden ze meteen rustiger. Een bekend voorbeeld is het paard dat bang is voor schapen. Wanneer je zo’n paard schapen laat drijven en het ontdekt dat het schaap voor hem opzij gaat, verdwijnt de angst als sneeuw voor de zon.

Het paard leert dat wanneer het een stap in de richting van het schaap zet het dier altijd wegloopt. De situatie wordt zo controleerbaar voor het paard, omdat het met zijn eigen acties daadwerkelijk van het schaap af kan komen. Doordat het schaap altijd op dezelfde manier op het paard reageert, wordt de situatie ook nog voorspelbaar voor het paard. Dit creëert rust en zekerheid bij het paard.

Voorspelbaar en controleerbaar

Dit geldt niet alleen voor paarden, maar ook voor volwassenen en kinderen. Zo heb ik onlangs les gegeven aan twee zusjes. De meiden hadden niet zulke goede ervaringen opgedaan en durfden eigenlijk niet meer te rijden. Mijn aanpak voor hen was hetzelfde als hoe ik paarden van hun angst af help. Ik geef ze controle over de situatie. Ik leerde de twee zusjes hoe ze controle over het tempo van het paard konden krijgen: door het langzamer en sneller te laten gaan, door achterwaarts en halt houden. Het goed afgerichte paard gaf consistent de juiste reactie op de hulpen. Het dier werd voorspelbaar en controleerbaar voor de meiden en hun zelfvertrouwen groeide. Uiteindelijk durfden ze zelfs aan de longeerlijn te draven. 

We moeten alleen iets vragen wanneer we echt reactie van het paard willen

Ook in ons rijden moeten we zorgen dat onze hulpen voorspelbaar en controleerbaar zijn voor het paard. Hiermee bedoel ik dat er voor het paard een patroon in de manier waarop we druk op hem uitoefenen moet zitten. Dit betekent dat we alleen iets moeten vragen wanneer we echt reactie van het paard willen. En bijvoorbeeld geen been blijven geven wanneer we al reactie van het paard hebben gekregen.  Zorg ervoor dat je iedere keer dezelfde hulp geeft wanneer je een bepaalde reactie van het paard voor ogen hebt en dat je na de juiste reactie altijd onmiddellijk de druk eraf haalt. Zo wordt druk controleerbaar voor het paard. Het weet exact wat het moet doen, welke oefening of reactie het moet laten zien, om van de druk af te komen. Een goede africhting betekent dat de hulpen voorspelbaar en controleerbaar zijn en zorgt voor een ontspannen paard.

Maandelijkse column

In mijn columns die je iedere maand op dehoefslag.nl kunt lezen hoop ik praktische situaties te belichten waarin het duidelijk wordt hoe het paard denkt en leert. Soms zullen het mooie momenten zijn over leerlingen die de moeite nemen hun paard beter te begrijpen om zo hun problemen op te lossen. Maar ik zal ook mijn minder leuke ervaringen met jullie delen. Niet om met het vingertje te wijzen, maar gewoon om wat bewustzijn te creëren. Zodat langzaam maar zeker de paardensport weer wat paardvriendelijker wordt.

Janina van der Drift (foto, gedragsdeskundige/instructrice)

Lees hier de vorige column van Janina.

Foto: Dessing Photography

 

Regelmatig krijg ik vragen binnen over wedstrijdspanning bij paarden. Weet mijn paard dat hij op wedstrijd gaat? Voelt hij mijn spanning? Hoe kan ik het beste met zijn spanning omgaan? Een kleine selectie van de vragen die in mijn inbox belanden. Uiteraard zijn er oefeningen die je kunt doen om je paard te laten ontspannen en bij de les te houden. Ook zijn er manieren waarop je met je eigen stress om kunt gaan. Maar ik wil je één tip meegeven: wees jezelf.

Een paard is erop ingesteld om de kleinst mogelijke verandering in zijn omgeving waar te nemen. In de natuur kan een opvliegende vogel bijvoorbeeld betekenen dat er een roofdier aankomt. Heel herkenbaar is ook de schrikreactie van het paard wanneer de prullenbak is omgewaaid. Hij merkt deze kleine verandering op en zijn instinct vertelt hem alert te zijn. De omgeving ziet er namelijk anders uit dan hij gewend is.

Waar we ons niet altijd van bewust zijn, is dat wij als ruiter en dagelijkse verzorger een belangrijk onderdeel van zijn omgeving zijn. Dagelijks halen wij onze paarden uit stal om te borstelen, op te zadelen en te rijden. Ook tijdens onze stalklusjes hoort en ziet hij ons bewegen en praten. Hij kent onze geur. Hij kent ons.

Wedstrijddag

Dan is het zondag. Er staat een wedstrijd op de planning en al om zeven uur ’s ochtends pluk je je paard uit zijn box. Je begint met vlechten en bedenkt je intussen dat zijn witte beentjes ook nog even gewassen moeten worden. Gelukkig zijn je laarzen al schoon, maar je hoofdstel kan nog wel een doekje gebruiken. Je komt tijd tekort en loopt zenuwachtig door de stal.

Of onze paarden onze spanning kunnen overnemen is niet eens meer relevant. Hij heeft allang aan jou gezien dat er iets niet pluis is. Je paard is al in opperste staat van alertheid en begint waarschijnlijk ook te mesten. Logisch toch? Je bent namelijk niet in je voor hem vertrouwde manier van doen.

Op een wedstrijddag is het dus belangrijk om je hetzelfde te gedragen als normaal. Makkelijker gezegd dan gedaan, want die knotjes moeten er echt in en die beentjes spierwit. Toch kan het helpen na te denken over de routine die je normaal hebt met je paard en op een wedstrijddag hier zoveel mogelijk aan vast te houden. Het helpt bijvoorbeeld al om hem op dezelfde poetsplaats te zetten als op een gewone dag. Loop rustig heen en weer en niet alsof je de trein moet halen. Dat zal ook op jezelf een rustige uitwerking hebben. Houd met losrijden dezelfde opbouw en hetzelfde tempo aan en haast je niet. Zet je altijd je paard voor het rijden in de stapmolen, sla dat dan op een wedstrijddag niet over.

Lukt het niet jezelf te blijven op een wedstrijddag, probeer dan zelf routine te creëren in het op pad gaan. Dit kun je het beste doen door regelmatig buiten de deur te trainen. Schrijf je in voor clinics, waarbij jij en je paard in wedstrijdtenue moeten verschijnen. Neem les van een instructeur op een andere stal of start HC. Zo wordt van stal weggaan steeds gewoner voor jou en je paard en onderdeel van jullie wekelijkse routine. Hierdoor zal je paard al met veel minder spanning van huis gaan. Weet je dit ook in het losrijden door te voeren dan zul je ook meer ontspannen de proef ingaan.

Maandelijkse column

In mijn columns die je iedere maand op dehoefslag.nl kunt lezen hoop ik praktische situaties te belichten waarin het duidelijk wordt hoe het paard denkt en leert. Soms zullen het mooie momenten zijn over leerlingen die de moeite nemen hun paard beter te begrijpen om zo hun problemen op te lossen. Maar ik zal ook mijn minder leuke ervaringen met jullie delen. Niet om met het vingertje te wijzen, maar gewoon om wat bewustzijn te creëren. Zodat langzaam maar zeker de paardensport weer wat paardvriendelijker wordt.

Janina van der Drift (foto, gedragsdeskundige/instructrice)

Lees hier de vorige column van Janina

Foto: Dessing Photography

Door schade en schande wijs worden. Dat is wat vele ruiters gedurende hun loopbaan meemaken. Schade van de valpartijen, pijnlijke tenen wanneer er weer eentje op je voet staat of touwen die door je handen zijn geglipt. Schade aan het paard in de vorm van blessures of onbenut potentieel. Een schande was het achteraf gezien, wanneer we onredelijk of grof tegen onze paarden zijn geweest. We hebben het wellicht allemaal meegemaakt uit pure onwetendheid of op advies van mensen die er verstand van zouden hebben. Ik ook, zeker met mijn eerste paard: een extreem angstig en gevoelig dier. Ik heb veel goed gedaan, maar ook veel fout. Helaas kwam ik pas later in contact met Andrew McLean (foto rechts). Dat was voor mij zo’n eye-opener dat ik vrijwel meteen naar Australië ben afgereisd om bij hem stage te lopen.

Dr. Andrew McLean, een internationaal gerenommeerde trainer en gedragswetenschapper, heeft op basis van wetenschappelijk onderzoek een methode ontwikkeld voor het trainen van paarden. Hiervoor neemt hij het leerproces van het paard als uitgangspunt en maakt daarbij handig gebruik van het vermogen en de tekortkomingen van het paardenbrein. Ik geef dit in Nederland door aan mijn leerlingen en train paarden en ruiters die problemen ervaren waarmee ze niet bij reguliere instructie terecht kunnen. Of ruiters die op zoek zijn naar meer achtergrond en verdieping. Het doel is het dier zo paardvriendelijk mogelijk de beste opleiding te geven. Resultaten in de sport zijn daarbij net zo belangrijk als een rustig buitenritje kunnen maken.

Licht aan de hulpen

Wat is een paardvriendelijke opleiding? In mijn ogen is dat wanneer wij als ruiters of als paardenliefhebber begrijpen hoe het paard in elkaar steekt. Zowel geestelijk als lichamelijk. Ik zeg dan ook regelmatig dat je het paard pas echt kunt trainen als je weet hoe het denkt en leert. We moeten ons verdiepen in wat een paard motiveert, beloont en hoe zijn geheugen werkt. Tegelijkertijd moeten we snappen hoe het fysiek in elkaar steekt. Uiteraard moet het dier vrij zijn van lichamelijke ongemakken en voorzien zijn in de basisbehoeftes. Maar er valt zoveel winst te halen als we snappen hoe lichaam en geest met elkaar verbonden zijn.

Het ultieme doel is om je paard licht aan de hulpen te krijgen, zodat het paard met zo min mogelijk druk van onze handen en benen kan presteren. De training die je het paard aanbiedt moet duidelijk zijn en vrij van angst of verwarring. Er is ook efficiëntie te behalen. Door je paard in één keer iets goeds aan te leren, voorkom je eindeloze herhaling. De paardensport is mooi en het is onze taak dit zo te houden.

Maandelijkse column

In mijn columns die je iedere maand op dehoefslag.nl kunt lezen hoop ik praktische situaties te belichten waarin het duidelijk wordt hoe het paard denkt en leert. Soms zullen het mooie momenten zijn over leerlingen die de moeite nemen hun paard beter te begrijpen om zo hun problemen op te lossen. Maar ik zal ook mijn minder leuke ervaringen met jullie delen. Niet om met het vingertje te wijzen, maar gewoon om wat bewustzijn te creëren. Zodat langzaam maar zeker de paardensport weer wat meer paardvriendelijker wordt.

Janina van der Drift (op foto links)

Volg ons!

0FansLike
0VolgersVolg
0VolgersVolg
1,451Youtube abonneesAbonneer