Tags Posts tagged with "Jacob Melissen"

Jacob Melissen

dood 29 paarden

Eén van de allermooiste aspecten van de hippische wereld vind ik altijd de volkomen gendergelijkheid. En dan heb ik het niet alleen over de tweebenige atleten, maar ook over de vierbenige.

Mannen strijden tegen vrouwen en hengsten tegen merries en ruinen. De huidskleur van mens of dier maakt geen verschil: schimmels tegen zwarten, vossen tegen bruinen en moorkoppen tegen roodschimmels komen in actie op dezelfde wedstrijden als blanke, zwarte, rode of gele mensen.

WK voor jonge dressuurpaarden

Groot of klein maakt ook niet uit en nu ook het Friese paard gelukkig mee mag doen aan de kwalificaties voor het WK voor jonge dressuurpaarden is ook daarin weer iets gelijkgeschakeld wat al lang geleden had moeten gebeuren. En de opgaves waarvoor de paarden en ruiters/menners/jockeys gesteld worden zijn volslagen gelijk, net als de moeilijkheden die ze moeten overwinnen.

En afgelopen zaterdag werd de cirkel rond toen de Ierse jockey Rachel Blackmore de Grand National op haar naam schreef met Minella Times, een achtjarige ruin. Zij maakte daarmee de emancipatie in de gehele paardenwereld compleet, want voor het eerst in de geschiedenis zegevierde een vrouw in deze zwaarste steeple chase van de wereld.

Eerste Grand National

Of de eerste Grand National nu in 1836 of in 1839 werd verreden is geen punt van discussie. Zoals zo vaak is de bron van waaruit iets is ontsproten niet meer te vinden. Wat we wel zeker weten is dat vanaf de allereerste wedstrijd tot en met 2019 – de Grand National van 2020 werd immers niet verreden – nog nooit in de 173-jarige geschiedenis van deze race een vrouw als eerste over de eindstreep kwam.

Wat we ook zeker weten is dat in totaal 13 maal een merrie wist te winnen, voor het eerst in 1841, toen het Charity was die zegevierde. In 1951 was het voor het laatst dat een merrie als eerste over de eindstreep kwam op Aintree en dat was Nickel Coin.

Toch is de meest aansprekende merrie Tiberetta, die in 1957 als derde, in 1958 als tweede en in 1959 als vierde over de eindstreep kwam. In dat jaar was zij tevens laatste, want slechts vier paarden van de 32 starters haalden de eindstreep. In 1958 had zij een achterstand van maar liefst 30 lengtes op de winnaar Mr. What ,maar ook weer 15 lengtes voorsprong op de nummer drie, Green Drill.

Eén van de hoogtepunten van het jaar

Ik realiseer mij dat voor velen deze race wellicht een gruwel is, maar voor mij is deze race één van de hoogtepunten van het jaar, omdat deze tak van de paardensport, naar mijn mening, het dichtst bij het wezen van het paard komt. Een paard was ooit een prooidier, die op de vlaktes zijn eten zocht, waar op hem werd gejaagd door roofdieren. Om daaraan te ontsnappen moest het paard heel snel weg kunnen rennen en over bomen, beekjes en andere obstakels kunnen springen.

Feitelijk is dat wat het paard nu nog doet in een steeple chase. Misschien is dat ook de reden dat ik zo’n liefhebber ben van de vlakkebaan rennen en de eventingsport. Alle drie takken van sport die het wezen van het paard het dichtst benaderen. En inderdaad, daarbij vallen helaas soms ook slachtoffers. Net als in het verre verleden, toen ook niet alle paarden aan het roofdier wisten te ontsnappen.

Enorme bijdrage

En terug naar de emancipatie: ik vind dat de 31-jarige Ierse Rachel Blackmore, die geboren is in het dorpje Killenaule in de County Tipperary, een enorme bijdrage heeft geleverd aan de sportieve emancipatie van de vrouw in de hippische wereld met haar zege in de Grand National. Eindelijk is ook dit mannenbolwerk geslecht en is de cirkel rond. De strijd wie sportvrouw van het jaar 2021 in Ierland zal worden werd op 10 april beslist.

Door: Jacob Melissen

Foto: Shutterstock

0 3673
kwpn hengstenkeuring
KWPN Hengstenkeuring 2021 © DigiShots

Volgens het KWPN werden er in 2020 10.500 veulens geregistreerd, waarvan 4.800 in de dressuurrichting en ruim 5.000 in de springrichting.  Laten we er nu eens van uitgaan dat er ook een percentage van net onder de 20% gust is gebleven (in diverse artikelen lees ik nog hogere percentages), dan zouden er in totaal globaal zo’n 13.000 dekkingen zijn verricht.

Springrichting

Voor het vaderschap van deze ruim 5.000 veulens in de springrichting, dus in totaal zo’n  6.000 dekkingen, tekenden maar liefst 501 hengsten. Van 390 hengsten werden er 1 tot 10 veulens geregistreerd, van 60 hengsten lag het aantal geregistreerde nakomelingen tussen de 11 en 25, en van 31 hengsten werden 26 tot 50 veulens geregistreerd. Dan komen we op een totaal van 481 hengsten die voor hun eigenaar de kost niet hebben kunnen verdienen.

Van slechts 14 springhengsten werden tussen de 51 en 100 nakomelingen geregistreerd en slechts 6 hengsten brachten 100 veulens of meer. Concluderend kan worden vastgesteld dat slechts 20 van de 501 hengsten winst hebben opgeleverd. Kijkend naar de top vijf dan nemen zij met 758 geregistreerde nakomelingen 15% voor hun rekening. Dit zijn de hengsten Grandorado TN/215 veulens, Hardrock Z/159 veulens, Tangelo van de Zuuthoeve/133 veulens, Poker de Mariposa TN/127 veulens en Carrera VDL/144 veulens.

Dressuurrichting

Bij de dressuurhengsten is het eigenlijk niet anders. Op 1 onderdeel na. De dressuurfokkers kiezen voor minder hengsten. Van de top 5 werden 1.123 veulens geregistreerd en dat is een percentage van ruim 23%. Er werden van 347 verschillende vaders nakomelingen geregistreerd en 263 daarvan kenden een aantal geregistreerde nakomelingen dat lag tussen 1 en 10, 38 hengsten noteerden tussen de 11 en 25 geregistreerde veulens en 26 hengsten scoorden tussen de 26 en 50 geregistreerde nakomelingen. Elf hengsten wisten tussen de 50 en 100 nakomelingen geregistreerd te krijgen en 9 scoorden boven de honderd registraties. Ook hier zijn dat dus 20 hengsten op een totaal van 347 die ‘de kost hebben verdiend’.

Een opvallend verschil tussen de dressuur- en springpaardenfokkerij is dat bij het springen het aantal geregistreerde nakomelingen uit de groep hengsten met 1 tot 10 nakomelingen het grootst was. Bij de dressuurpaarden is de groep van 9 hengsten die honderd of meer nakomelingen geregistreerd kregen met 1.628 het hoogst.

Aantal dekkingen per ggk hengst?

Wat helaas niet uit deze door het KWPN verstrekte cijfers blijkt is hoeveel nakomelingen er zijn geregistreerd van hengsten die niet het gehele KWPN-selectiesysteem hebben doorlopen. Dat is jammer, omdat in de springhengsten top vijf één erkende hengst zit, Hardrock Z, met 159 nakomelingen en één niet-KWPN goedgekeurde dan wel erkende hengst is en dat is Poker de Mariposa TN, met 127 nakomelingen. Er ontbreekt nog iets om een zuiver beeld te verkrijgen en dat is het aantal dekkingen per KWPN goedgekeurde hengst afzonderlijk, zoals dat vroeger wel openbaar werd gemaakt.

De hengst van wie in de dressuurrichting de meeste nakomelingen werden geregistreerd is Kjento, die in 2015 werd geboren, met 303 nakomelingen. Le Formidable (geboren in 2016) staat tweede met 278 nakomelingen, Jameson RS2 (geboren in 2014) staat derde op deze lijst met 235 veulens en Glamourdale (geboren in 2011) staat als vierde op de lijst met 157 nakomelingen. Als vijfde vinden we Just Wimphof (geboren in 2014) met 150 geregistreerde veulens.

En dan zien we ook een gevaar aan de horizon opdoemen: Kjento heeft als vader de Ferro-zoon Negro en Ferro is ook de vader van de moeder van Le Formidable. Jameson RS2 heeft als vader Blue Hors Zack, die de Ferro-zoon Rousseau als vader heeft. Zijn moeder Atilinda M is een dochter van Negro . Glamourdale als heeft Lord Leatherdale als vader, maar heeft ook weer een moeder die Negro als vadert heeft. Daarmee wordt de invloed van Ferro op de dressuurfokkerij wel heel erg groot.

Kijkend naar de inteelt problematiek bij de tuigpaarden dan mag het KWPN er lering uit trekken om dit in de dressuurpaardenfokkerij te voorkomen.

Waarom nog het selectietraject?

Kijkend naar de kale cijfers en denkende dat de specialisatie in de fokkerij dermate ver is doorgevoerd dat er geen nakomelingen van springpaarden in de dressuurrichting worden geregistreerd en omgekeerd, dan tellen we het totaal aantal hengsten in beide fokrichtingen bij elkaar op en komen we op een totaal van 848 hengsten. Van dit enorme aantal hebben dus veertig hengsten meer dan 50 nakomelingen geregistreerd gekregen Dat houdt dus in dat 808 hengsten waarschijnlijk te weinig opgeleverd op rendabel te zijn?

Wat rest is de vraag voor opfokkers. Waarom zou je nog het enorm kostbare selectietraject ingaan als het terugverdienmodel zo laag is als uit de cijfers die door het KWPN worden gepubliceerd blijkt of lijkt?

Tekst: Jacob Melissen

Foto: DigiShots

Coronavirus The Dutch Masters
The Dutch Masters - Indoor Brabant 2019 © DigiShots

Uit de verschrikkelijke uitbraak van het rhinovirus in het Spaanse Valencia zou de totale hippische wereld een aantal lessen kunnen trekken. De eerste les is dat als je heel veel paarden op één plek samenbrengt er de kans bestaat dat, als er een uitbraak van welk besmettelijk virus dan ook komt, de gevolgen enorm kunnen zijn. Niet alleen maatschappelijk, niet alleen financieel, maar ook emotioneel en materieel. Samen te vatten onder het woordje ‘schade’, met een enorme impact.

Enten

Er wordt nu voor gepleit dat alle (wedstrijd)paarden naast de nu al verplichte vaccinaties ook tweemaal per jaar geënt zouden moeten worden tegen het rhinovirus. Dat lijkt een oplossing, maar daarbij dient bedacht te worden dat dit enten effectief is in ongeveer 75% van de gevallen. Dus ja enten, want hoe hoger de beschermingsgraad wordt opgevoerd hoe kleiner de kans op een uitbraak.

Reiniging

De tweede les die geleerd kan worden is dat het niet voldoende is om de tijdelijke boxen alleen te voorzien van schoon strooisel. Er is een protocol waarin staat hoe boxen gereinigd moeten worden en dit protocol zou onverkort gehandhaafd moeten worden. Dat houdt dus in alle boxen na afloop van een evenement huishoudelijk te reinigen. Mochten de stallen leeg zijn dan kunnen ze met een hogedrukspuit worden schoongespoten. Omdat virussen slecht tegen uitdroging kunnen moet men de boxen goed laten opdrogen en daarna desinfecteren met Halamid of een andere desinfecterend middel. Dat vervolgens goed laten inwerken om daarna de boxen wederom af te spoelen met water en ze vervolgens opnieuw goed te laten drogen. Pas dan zouden er nieuwe paarden in die boxen geplaatst mogen worden.

Officials

Ook zouden er door de FEI hogere eisen gesteld mogen worden aan de officials die op internationale wedstrijden actief zijn. Zo zou van dierenartsen verwacht mogen worden dat zij zich goed verbaal in het Engels weten uit te drukken. In Valencia spraken de twee verantwoordelijk wedstrijddierenartsen volgens zeggen zeer slecht Engels, waardoor de communicatie met ruiters en grooms ernstig werd bemoeilijkt. Dit leidde tot onduidelijkheid, met alle gevolgen van dien.

Evaluatie

De derde les die men kan leren uit het gebeurde is het volgende. Nu nodigt de organisatie de officials uit die actief zijn op door haar georganiseerde wedstrijden. Dat kan bij deze officials leiden tot een zekere mate van betrokkenheid bij die organisatie, waardoor men wellicht iets minder kritisch is. Immers, de kans op een uitnodiging voor het komende event kan gevoelsmatig kleiner worden als een official kritische opmerkingen maakt over zaken die niet geheel in de haak zijn. We zouden er dus voor kunnen pleiten dat de FEI die officials aanwijst die op cruciale punten binnen de wedstrijd actief zijn. Om er zeker van hun functioneren te zijn zouden de organisatoren van dat evenement een FEI evaluatierapport kunnen invullen over hoe die officials daadwerkelijk hebben gefunctioneerd. Deze evaluatierapporten zouden dan ook kunnen bijdragen aan promotie en degradatie van officials. Iets dat binnen de voetbalwereld ten aanzien van arbitrale trio’s heel gebruikelijk is.

Rapportage

Daarnaast zouden de officials ook met een gedegen rapportage moeten komen richting FEI over de sterke en minder sterke punten van een organisatie. De officials die er het jaar daarop actief zijn zouden die rapportage ter beschikking moeten hebben om na te kunnen gaan of er op de zwakke punten verbeteringen zijn geboekt.

Geen openheid

Het is vanuit Nederland moeilijk te achterhalen waar het in Valencia fout is gegaan. Wel staat vast dat op zondag vier wedstrijden zijn verreden en dat halverwege de Grote Prijs op bevel van de FEI de wedstrijd werd stilgelegd. De reden was dat er paarden mogelijk besmet waren met een virus en dat men wilde voorkomen dat op het voorterrein nog meer paarden elkaar zouden gaan besmetten. Volgens Michael Greeve, die daar met zijn paarden was, werd er geen openheid gegeven over de oorzaak van de besmetting. Er gingen wel geruchten dat het om een uitbraak van het rhinovirus zou gaan, maar ‘de uitslagen van de testen waren nog niet binnen’. Ondanks het feit dat de testuitslagen nog niet bekend waren stond men het op die zondag deelnemers wel toe om met de paarden te vertrekken. Het lijkt waarschijnlijk dat de uitbraak van het virus misschien wel al in de eerste week van het evenement heeft plaatsgevonden en dat de wedstrijddierenartsen te vaak en te veel van hun siësta hebben genoten. Daarbij lijkt het er tevens op dat ze bij vertrek van de paarden ook nog eens de ogen sloten. Dat kan haast niet anders, want anders zouden de uitbraken in andere Europese landen niet aan paarden te linken zijn die in Valencia verbleven.

Conclusie

De conclusie: verplicht enten tegen rhino, in ieder geval de boxen volgens een strikt protocol reinigen, waarbij er tussen vertrek en aankomst minimaal 48 uur dient te zitten, alle officials laten aanwijzen door de FEI, waarbij één van de criteria een goede verbale uitdrukkingsvaardigheid in het Engels is. Verder een goede vastlegging door de organisaties van het functioneren van officials en een goede vastlegging door officials van de sterke en zwakke punten van de organisatie, gekoppeld aan een strikte terugkoppeling en evaluatie het jaar erop om te controleren of de zwakke punten zijn verbeterd.

Beste beslissing

Daarbij mag de FEI zichzelf ook niet ontzien. Toch hecht ik er aan om op te merken dat de beslissing om in tien Eurpese landen de hippische sport stil te leggen voor een periode van vier weken de beste beslissing is van deze organisatie die ik in de afgelopen halve eeuw heb gezien. Ondanks alle verdriet die dat met zich meebrengt, zoals het (weer) niet doorgaan van The Dutch Masters. Ik houd dus hoop.

Tekst: Jacob Melissen

Foto: Digishots archief

Kooi KWPN Hengstenkeuring 2021 © DigiShots

Heeft u dat nu ook, dat u net als ik vindt dat één van de mooiste aspecten van een hengstenkeuring niet alleen het aanhalen van de sociale contacten is, maar dat u vooral ook de discussie mist?

Als we fysiek op de hengstenkeuring zijn stellen we elkaar vragen als “Zie jij dezelfde sterke punten als ik? Heb jij ook twijfels over de schoudervrijheid? Is het rechtervoorbeen wel helemaal zuiver gesteld? Is hier geen sprake van extreem veel souplesse op de sprong? Heeft dit paard wel voldoende vermogen? Noemen we dit gedragenheid in de galop?”. Kortom, het continue toetsen of dat wat we waarnemen terecht is of dat weer eens spijkers op het spreekwoordelijke lage water aan het zoeken zijn.

Uitgebreidere motivatie

Nu is er slechts één toetsingsmoment en dat is het voldongen feit dat Cor Loeffen of Bert Rutten presenteert. Hun woord is wet en hun ja of nee moeten we via de livestream voor waarheid aannemen. Ik had het wel mooi gevonden wanneer beide heren, juist dit maal, een uitgebreidere motivatie zouden hebben gegeven aan het beeldscherm kijkende publiek waarom zij tot hun beslissingen zijn gekomen. Niet alleen waarom het een nee is geworden, maar ook waarom men besloten heeft toch een positief oordeel te geven.

Ik kan mij heel goed voorstellen dat dit binnen de kaders van een tijdschema niet past. Maar het KWPN heeft de beelden en ik zou de inspectie van dit stamboek graag een uitdaging willen geven. Selecteer vier maal 15 hengsten uit de tweede bezichtiging; 30 die het wel gehaald hebben, waarvan 15 in de spring- en 15 in de dressuurrichting, en 30 die het niet gehaald hebben, ook uit beide richtingen. En geef daarmee als het ware een Masterclass met gedegen informatie waarom “het hoedje van Heidema” werd opgehouden of afgenomen.

Concentratievermogen

Heeft u dat nu ook, dat het concentratievermogen om de keuring te volgen thuis zittend achter de computer, toch minder is dan wanneer we lijflijk aanwezig zijn? Het is net als met een film. In de bioscoop mis je niets, maar thuis kijkend naar dezelfde film middels een streaming dienst komt de afleiding continue op je af. Je gaat toch even een kopje koffie halen, je telefoon gaat, en als je naar het toilet moet wacht je niet op een sleeppauze, zoals je wel doet op de hengstenkeuring. Met als gevolg dat je toch dingen mist.

Fokkerij tool

Heeft u dat nu ook? Ik ben een enorme liefhebber van progressie op alle mogelijke gebieden, dus ook op het vlak van de fokkerij. Zo lijkt mij de ontwikkeling van de KWPN fokkerij tool een enorme stap voorwaarts om fokkers behulpzaam te zijn bij het maken van de juiste keuze voor een het beste bij hun merrie passende hengst. Deze tool kan een belangrijke rol gaan spelen, omdat er een match wordt gemaakt richting fokdoel en exterieur, alsmede qua inteelt. Maar er is nog iets waar ik op hoop en dat is de waarheid van het Engelse gezegde “the proof of the pudding is in the eating”. Ik hoop dat het KWPN niet alleen registreert welke veulens met behulp van deze tool verwekt worden, maar dat dit ook op het stamboekpapier vermeld gaat worden.

Ik pleit dus voor een nieuwe vermelding op het stamboekpapier, bijvoorbeeld KWPN tool***, dan wel KWPN tool**, dan wel KWPN tool*. Daarbij staan de drie sterren voor een nakomeling uit de top drie, twee sterren voor de hengsten vier t/m tien en één ster voor een nakomeling van een hengst die in de aanbevelingen tussen de elfde en twintigste plek staat. In het vervolg daarop zou ik mij kunnen voorstellen dat erop de keuringen aparte rubrieken gaan komen voor de paarden die met behulp van deze tool zijn gefokt.

Alleen met een nauwgezette vastlegging van de resultaten van deze tool kan men op termijn de waarde niet alleen bewijzen, maar ook verder bijgeslepen en verfijnen. Het KWPN heeft met het in de markt zetten van deze tool een nieuwe trend gezet, waarvan ik op voorhand overtuigd ben dat deze in minimaal 75% van de aanbevolen hengsten goed gaat werken. Waar het dan om gaat is: hoe maak je van die 75% de noodzakelijke 95%.

Hengstkeuze

Heeft u dat nu ook, dat u net als ik tijdens de hengstenkeuring vaak denkt ‘wat is nu in vredesnaam de reden geweest om bij deze merrie voor die hengst te kiezen’? Vaak is dan de conclusie dat de ratio plaats heeft gemaakt voor de in overdaad aanwezige emotie. De boven geschetste tool kan hopelijk in een veel gevallen de emotie in toom houden en de noodzakelijk ratio terugbrengen. Als veel fokkers zich mede laten leiden door deze tool zou deze mogelijkheid wel eens één van de belangrijkste factoren kunnen gaan worden om Nederland het toonaangevende fokkerijland te laten blijven.

U hoort mij nu niet zeggen dat er hierdoor de komende tien jaar meer absolute cracks gefokt gaan worden, maar ik ben er wel van overtuigd dat met behulp van deze tool over tien jaar veel meer paarden op 1.45m en 1.50m niveau zullen springen en op een gemiddeld hoger niveau in de dressuursport zullen gaan uitkomen.

 

Bron: Jacob Melissen

Foto: Digishots

 

kwpn hengstenkeuring
KWPN Hengstenkeuring 2021 © DigiShots

De KWPN hengstenkeuring 2021 is van start en net als vele anderen zit ik in mijn eentje achter een beeldscherm te kijken naar de hengsten waarvan de eigenaren hopen dat ze voor nageslacht mogen gaan zorgen.

Op de eerste dag werd ik even op het verkeerde been gezet. Wout-Jan van der Schans, lid van de hengstenkeuringscommissie, zat in quarantaine vanwege een – althans zo kwam het op mij over – besmetting met het virus. Later bleek dat gelukkig niet het geval te zijn. Wout-Jan is in Spanje en zou, als hij terug zou keren naar Nederland, door de geldende regelgeving eerst een periode in quarantaine moeten blijven. Daardoor zou het niet mogelijk zijn deel uit te maken van de commissie.

Inhoudelijk bemoeien

Maar dat begrijp ik niet. Waarom zou Wout-Jan niet, net als wij, zittend achter een beeldscherm en bijvoorbeeld via een Facetime verbinding in contact staand met Cor Loeffen en Henk van den Broek, zich inhoudelijk hebben kunnen bemoeien met de beoordeling? Daaruit zou de voorzichtige conclusie getrokken kunnen worden dat het KWPN een beoordeling van het getoonde via een internetverbinding als onvoldoende waardeert?

Stel dat die conclusie juist zou zijn, dan is een logische volgende conclusie daaruit dat ook ieder ander die de hengstenkeuring op deze wijze volgt de verrichtingen onvoldoende kan beoordelen?
Want als Wout-Jan niet in staat wordt geacht via de beelden die tot ons komen zijn mening te vormen, hoe kunnen dan bijvoorbeeld potentiële kopers zich een juiste mening vormen over de paarden?

Mooi uitgelichte piste

De informatie van de hengstenkeuring komt op twee verschillende manieren op ons af. In de eerste plaats via beeld, maar ook via het gesproken woord. Aan het beeld valt niets te veranderen. Dat is zoals het is. En eerlijk gezegd: dat ziet er heel goed uit. De piste is mooi uitgelicht, de mensen in de piste met zweep gedragen zich voorbeeldig terughoudend en de jury geeft de hengsten de mogelijkheid om zich na een tegenvallende sprong te herstellen.

De tweede manier van informatie krijgen we via het gesproken woord. Daarvan kun je wel wat vinden. Dat Jan Heidema zijn voorliefde voor de oude Noordelijke stammen met enige regelmaat niet onder stoelen of banken steekt vergeef ik hem. Hij is immers, net als ik, doordesemd met Gronings bloed. Maar af en toe mis ik wel de aanwezigheid van kritische vragen die bijvoorbeeld gesteld kunnen worden door journalisten. Nu wordt het, hoe leuk gedaan ook, een nogal eenzijdig verhaal vanuit het KWPN. En dat is logisch, het is hun feestje, hun hengstenkeuring.

Vooruitstrevende beleid

Maar wat door de gesprekspartners naar voren wordt gebracht wordt heeft er soms de schijn van dat het van te voren gestuurd is op inhoud, met als doel het vooruitstrevende beleid van het KWPN te onderstrepen. Daarin schuilt ook het gevaar dat dit zich op enig moment tegen het KWPN kan keren. Dat bleek o.a. uit de storm van kritiek die op Facebook losbrak nadat de vrouwelijke partner van de fokker van het Gelders paard van het Jaar een boekje open deed hoe zij in haar ogen door het KWPN is gepasseerd bij de huldiging.

Benoeming Leontine ter Harmsel

Het meest positieve nieuws van de hengstenkeuring kwam echter uit de bestuurskamer van het KWPN. Na het veel te vroeg overlijden van Minne Hovenga moest er een opvolger voor hem worden gevonden. Ik kan prima me prima vinden in de benoeming van Leontine ter Harmsel.

Haar kennis, kunde en ervaring die zij in haar jeugd en in haar werkzame leven heeft opgedaan maken haar tot een prima opvolger van Minne.

Opvolger Egbert Schep

Er is nog een vacature die binnenkort opgevuld dient te worden. Nadat Paul Hendrix was opgevolgd door Egbert Schep is het nu de vraag wie na deze twee zeer deskundige insiders in sport, handel en fokkerij dit bestuurlijke stokje gaat overnemen.

Persoonlijk ga ik mijn geld zetten op jeugdige Koos Poppelaars. Na twee toppers uit de springsport nu een jonge kerel, die uit een familie komt waar de fokkerij van paarden diep is verankerd. Zijn kennis van het sportpaard en dan met name het dressuurpaard lijkt mij onomstreden. Daarnaast zou het aardig zijn om een echt jonge kerel in het bestuur te zien verschijnen.

Tekst: Jacob Melissen

dressuur algemeen subtop

Het jaar 2020 zal zich hechten aan het collectieve geheugen, zoals de Spaanse griep die in 1918 voor een totale ontwrichting van de Nederlandse samenleving zorgde, ook nog steeds wordt herinnerd. “De griep is een windvlaag des doods”, was de kreet waarmee een fabrikant van Abdijsiroop zijn ‘medicijn’ (bij analyse niet meer dan een mengsel van suikerwater en kaneel) aanprees in advertenties in de social media van die tijd. Deze Spaanse griep, die nu amper meer is dan een voetnoot in de geschiedenisboeken is, eiste in Nederland 38.000 slachtoffers, En zo zal de uitbraak van het COVID-19 virus van nu uiteindelijk ook niet meer dan een voetnoot blijken te zijn wanneer we 2120 als jaartal op de kalender zien staan.

Coronavirus

Het coronavirus vond zijn oorsprong in China, net als de pestepidemie, die in het midden van de 14de eeuw in Europa woedde en wereldwijd tussen de 75 en 200 miljoen slachtoffers eiste. Ongeveer een derde van de Europese bevolking verloor door deze uitbraak het leven. Wetenschappers van nu denken dat de oorsprong van deze pandemie lag bij marmotten, de vleermuis van toen, en zich via vlooien en ratten verspreidde en vervolgens oversprong op de mens.

Vaccin

We hebben als mensheid deze pest overleefd, evenals de Spaanse griep en we zullen als mensheid ook deze uitbraak van een uiterst besmettelijke ziekte weer te boven komen. Toch zal het jaar 2020 beklijven, omdat we met elkaar zoveel hebben verloren. We hebben langs de weg gestaan om te applaudisseren voor het stoffelijk overschot dat op weg was naar de laatste rustplaats. We hebben met mondkapjes op ruim anderhalve meter afstand familieleden gecondoleerd met het verlies van een dierbare. We hebben verjaardagen en Kerst in stilte gevierd. We hebben een minister in moeilijkheden zien komen omdat hij op zijn huwelijksdag even zijn schoonmoeder knuffelde. We hebben de medewerkers in de zorg, de verpleegsters en artsen in de ziekenhuizen alle mogelijke lof toegezwaaid en een diep respect betuigd aan al die mensen die zich wereldwijd in laboratoria hebben ingezet om als de wiedeweerga een vaccin te vinden.

Complotdenkers

Het jaar 2020 zal ook blijven hangen als een jaar waarin waarheden werden ontkend. Een jaar waarin de wetenschap door complotdenkers werd geridiculiseerd. Het was een jaar waarin mensen die zich een paar uur op internet hadden verdiept in deze pandemie soms meer volgers kregen dan zij die jarenlang hebben gestudeerd en met kennis van zaken spraken. Deze ‘wappies’, grote bekken zonder inhoud, niet in staat om twee pandeksels vast te houden, eisten hun plek op in het debat middels het roepen van verwensingen richting politici. Eensgezindheid leek plaats te maken voor een verregaande polarisatie, waarbij het opvallend was dat zij die een overduidelijke minderheid vertegenwoordigen onevenredig veel aandacht kregen.

Lockdown

In de marge van de maatschappij leven wij als hippische wereld ons eigen leven en we zijn daar voor het overgrote deel ook gewoon (met inachtneming van de regels) mee doorgegaan. Dat kan ook niet anders, want dat wat ons bindt – het paard – heeft onze zorg en aandacht 24 uur per dag, zeven dagen in de week en 365 dagen per jaar nodig. Onze wereld speelt zich voor een belangrijk deel af in de buitengewesten van ons land. Daar is de ruimte, waardoor de pijn van een lockdown lang niet zo hard werd gevoeld als in een driekamerflat in de Amsterdamse Bijlmer op tien hoog. Voor velen van ons is thuiswerken de normaalste zaak van de wereld en was het alleen al vanuit het oogpunt van dierenwelzijn een keiharde noodzaak om onze sport te blijven beoefenen. Laten we daarom vooral onze zegeningen blijven tellen.

Waar we in 2021 respect voor moeten hebben zijn al die mensen die weer hun sterke schouders onder het organiseren van wedstrijden gaan zetten. Zij zullen bergen werk moeten verzetten om alle vrijwilligers weer gemotiveerd te krijgen om zich in te gaan spannen om onze sport weer uit de lockdown te krijgen.

Wedstrijden

En niet alleen dat zal een inspanning zijn. Heel veel bedrijven hebben een uiterst moeilijk jaar achter de rug. Zullen deze bedrijven weer interesse, maar zeker ook de mogelijkheid hebben om onze sport financieel te (blijven) ondersteunen? Vinden de directies van deze bedrijven het wel verantwoord om door te gaan met sportsponsoring, terwijl ze als gevolg van de coronapandemie mensen hebben moeten ontslaan? Of gaan we het met elkaar accepteren dat het hebben van wedstrijden belangrijker is dan de hoogte van de prijzengelden? Vinden we het prima dat de wedstrijd doorgaat zonder de kostenverhogende factoren die verfraaiingen nu eenmaal met zich meebrengen? Accepteren we met elkaar dat de organisatoren gaan versoberen, of krijgen dan direct weer de grootste schreeuwers, die dit helemaal onacceptabel vinden, de onverdiende aandacht?

Genieten

Ondanks het gemis van vuurwerk met oud en nieuw mogen we hopen dat in 2021 de lontjes langer gaan worden. We mogen hopen dat we weer sociaal kunnen gaan doen, en dat niet alleen op social media. Dat we elkaar weer de hand kunnen schudden in plaats van elkaar elleboogstoten te verkopen. We mogen hopen dat we weer van elkaar en met elkaar kunnen genieten: rond de wedstrijdring, in de wedstrijdring of langs de keuringsbaan. We mogen hopen dat we gauw afscheid kunnen nemen van het computerscherm, waarop de livestream van wedstrijden of keuringen de enige mogelijkheid was op sport en fokkerij nog een beetje te kunnen volgen. We kunnen hopen dat de wereld, dus ook de onze, dankzij het vaccin weer gaat draaien zoals we dat het liefste willen: samen genieten van de paardensport- en fokkerij.

Niets is normaal

Het jaar 2020 zal beklijven omdat het ons allen iets fundamenteels heeft geleerd: niets is normaal, niets is vanzelfsprekend. Alles wat we ons tot 1 maart 2020 konden permitteren was bijzonder en hopelijk zal het ons milder stemmen wanneer we weer kunnen en mogen wat we tot die datum konden. Hopelijk maakt het realiseren daarvan ons ook gelukkiger.

Een heel gelukkig, gezond, blij en hoopvol 2021 gewenst!

Door: Jacob Melissen

Foto: Archief

0 5855
totilas edward gal
Edward Gal - Moorlands Totilas Alltech FEI World Equestrian Games Lexington - Kentucky 2010 © DigiShots

Er zijn vele soorten mensen. De ene soort denkt dat ze groots zijn in hun daden en lopen op schoenen die te klein geworden zijn. Van een andere soort passen de schoenen altijd, omdat ze zich niet op hun grootse daden voorstaan. Bij het uit de tijd komen van humane vertegenwoordigers van beide soorten is er voor hen veel aandacht in de media middels uitvoerige necrologieën.

Echter, dat een dier bij zijn heengaan alle media weet te halen zegt iets over de emotionele snaar die dit dier bij heel veel mensen heeft weten te raken. Het mooie van Totilas is dat de hoefijzers hem altijd bleven passen. Ondanks zijn zelfbewuste uitstraling in de box, in de voorring en in de wedstrijdpiste stond hij zich er op geen enkele wijze op voor dat hij vele malen grootser was dan al zijn soortgenoten.

Medaillemachine

Zelfs het NOS journaal ruimde zendtijd in toen bekend werd dat Totilas aan koliek is bezweken. Alle topprestaties die deze Eusebio onder de paarden in Nederlandse dienst had verricht werden aangehaald. Ook aan zijn falen toen hij in vreemde krijgsdienst trad werd aandacht besteed. Dat falen was niet zijn schuld, maar lijkt wellicht gelegen te hebben aan het onderschatten van de nieuwe bezitters van de medaillemachine die hij in hun ogen was. Een paard dat onder de ene ruiter top weet te presteren, zal onder een andere ruiter vast en zeker ook tot topprestaties in staat zijn, leken ze te denken. De onderschatting van de psyche van het paard?

Spontane tranen

Ik was er bij in Hengelo toen Totilas voor het eerst uitkwam in een wedstrijd. Ik zag hem onder een ruiter gekleed in een grijze stofjas Nederlands kampioen worden in De Steeg. Ik zag hem boven zichzelf uitstijgen op het EK in Windsor en onoverwinnelijk zijn op de WEG in Kentucky. Mensen die nooit naar paardensport op de tv keken vertelden mij nadien dat ze tijdens de ritten van Gal en Totilas spontaan tranen in de ogen kregen.

Ik was er bij toen Totilas door zijn nieuwe eigenaren onder zijn nieuwe ruiter op megalomane wijze aan de Duitse media en Duitsland werd gepresenteerd. Totilas zou Duitsland niet één, niet twee, maar zeker drie gouden medailles bezorgen op de Olympische Spelen in Londen en nog veel meer eremetaal op de daarna komende internationale kampioenschappen. Met Totilas leek de Duitse zilvervloot binnengehaald.

Magisch

Het was voor Nederland magisch om Edward Gal en Totilas samen door de piste te zien gaan. De lichtvoetige galop, de swingende changementen, de kracht en macht uitstralende piaffe. Zowel in de Grand Prix als in de Special als in de Kür werkte de magie van Edward Gal en Totilas betoverend. We zagen in Windsor, nog meer als in Kentucky, iets wat we nog nooit hadden gezien en waarvan velen als paardenmensen voelden dat ze dat misschien zelfs nooit meer zouden zien.

Van bijzonder naar gewoon

Ik was er ook bij in München-Riem, waar duizenden zich langs de losrijpiste hadden verzameld om de aanstaande gouden medaille winnaars van Londen in actie te zien en zij stroomden als een horde forensen in de spits achter de Rath en Totilas aan om hen in de wedstrijdarena te zien schitteren. Ik zag ze daarna in Aken en in Rotterdam, maar het was alsof bij iedere pas de lichtvoetigheid afnam, het swingende lijf verstijfde en het altijd goedig stralende oog de sprankeling verloor. Van een mirakel zakte Totilas af via bijzonder naar gewoon.

Het was triest om te zien dat Totilas begon te lijken op een topsporter die in weerwil van een steeds strammer lijf niet meer in staat was om de top te halen. Totilas werd de schaatser die ooit in staat was om de 10 kilometer af te leggen in 12 minuten en nu 20 minuten onderweg was. Hij werd de marathonloper die de 42 kilometer binnen de twee uur liep, maar daar nu 24 uur voor nodig had. Het deed me pijn aan de ogen en het deed me pijn tot in het diepst van mijn ziel om deze aftakeling te moeten aanschouwen.

Uniek fenomeen?

We hadden iets mogen meemaken waarvan velen dachten dat we het nooit meer zouden meemaken. Zij dachten dat Totilas tot in lengte van jaren een eenmalig en volstrekt uniek fenomeen zou zijn en dat ook zou blijven. Ik behoorde daar niet toe, want ik ging er van uit dat we dat tien, twaalf, twintig jaar later opnieuw te zien zouden krijgen. Waarom? Omdat fokkerij altijd progressie toont, want wat in 1960 uitzonderlijk goed was kan in 1990 al niet meer meekomen.

Zou de in 1972 onder Henk Nooren Nederlands kampioen springen geworden Gondelier nu nog mee kunnen? Zou Olympic Vincent, die in 1989 onder Annemarie Sanders-Keijzer Nederlands kampioen werd dat nu nog kunnen herhalen? Ik weet zeker van niet, omdat fokkerij niet te stuiten is.

Voortleven

Ja, Totilas zou vandaag de dag, mits onder Edward Gal, nog zeker een rol kunnen spelen in de sport, maar hij zou voorbijgestreefd worden door zijn nakomelingen. Van de doden niets dan goeds, maar in zijn zoon Glock’s Toto Jr. nu al niet beter dan zijn vader?

Je bent pas dood als de laatste die je gekend heeft is overleden. Voor Totilas zal zeker gelden dat dit nog heel lang zal duren. Niet vanwege zijn – op dat moment – ongekende prestaties in de wedstrijdring, maar misschien nog wel meer dankzij zijn nakomelingen, die in de eerste generatie al tot uiterst aansprekende resultaten komen. Daarom zal Totilas vast en zeker blijven voortleven, zoals Gambo en Oregon nog steeds voortleven in het collectieve geheugen van paarden fokkend en paarden minnend Nederland.

Jacob Melissen

Foto: Digishots

 

Mede dankzij het Covid-19 virus lopen er momenteel inderdaad meer toppaarden in de wei dan op wedstrijden. Onder het motto “Eigenaar zoekt ruiter” lanceerden de stamboeken samen met de FNRS en de KNHS een nieuw platform. Het primaire doel van dit plan is om eigenaren van paarden die financieel niet in staat zijn hun paarden in de sport te laten uitbrengen te koppelen aan ruiters die het zich financieel niet kunnen permitteren (potentiële top)paarden aan te schaffen.

Als je dit zo leest dan zeg je “Chapeau”. Drie belangrijke pijlers onder de hippische bedrijfstak hebben elkaar gevonden om het nog onontdekte talent tot wasdom te laten komen. Er is een breed kernteam geformeerd, dat zich zelfs van een juridische adviseur heeft weten te verzekeren. Laat ik er nu op voorhand eens van uitgaan dat het tiental leden van dit kernteam zich laat leiden door een gezonde dosis idealisme. Dat is gezond en noodzakelijk, maar tegelijkertijd hoop ik dat in dit kernteam voldoende mensen zitten met de kennis om het talent dan wel het gebrek aan talent van ruiter en paard te herkennen.

Hoger inschatten

Er schuilen in mijn ogen twee gevaren die een gewaardeerd initiatief als dit kunnen bedreigen. Het eerste is dat sommige fokkers c.q. eigenaren van paarden de potentie van hun paarden heel vaak hoger inschatten dan realistisch is. Het is net als met kinderen waarvan de leerkrachten de ouders adviseren dat een VMBO-opleiding het beste bij het niveau van hun kind past. Terwijl de ouders van mening zijn dat dit zelfde kind het VWO heel goed aan zou kunnen. Het tweede is dat sommige ruiters hun eigen kunnen hoger inschatten dan op grond van hun prestaties realistisch is dan wel realiteit gaat worden.

Een mogelijk derde gevaar kan zijn dat door de eigenaar wordt besloten met het paard een sportdiscipline te kiezen die niet de meest geëigende is voor het paard. Een net dravend paard met redelijke springkwaliteiten dat goed galoppeert zou in potentie tot een internationaal eventingpaard kunnen uitgroeien. Terwijl datzelfde paard in de dressuur zou blijven steken op ZZ-Licht, of in het springen tot het foutloos overwinnen van een 1.35m. parcours. Men moet dus vooraf goed bedenken wat men beoogt te bereiken.

Talententest

Het zou dus naar mijn mening goed zijn als, voordat eigenaar en ruiter met elkaar in contact worden gebracht, de paarden aan een talententest mee moeten doen. Het zou dan op grond van die talententest van realiteitszin getuigen als in dit onlangs gelanceerde plan strakke kaders worden geplaatst voor paarden én ruiters. Laten we voor het gemak de paarden en de ruiters eens indelen in vijf categorieën. Cat. A: Ruiters en paarden zonder talent; Cat. B: Ruiters en paarden met weinig talent; Cat. C: Ruiters en paarden met enig talent; Cat. D: Ruiters en paarden met voldoende talent; en tenslotte Cat. E: Ruiters en paarden met ruim voldoende talent.

Als we de paarden aan een talententest gaan onderwerpen zullen we van de ruiters hun ambitieniveau moeten kennen. Willen zij als vrijetijdsruiter lekker in het bos rijden, willen ze naast hun baan af en toe aan een wedstrijd deelnemen als pure amateur, zien zij voor zichzelf een semiprofessionele toekomst in de sport tot de mogelijkheden behoren, of zijn ze al als professional bezig?

Ik denk dat het van realiteitszin getuigt wanneer een ruiter wiens capaciteiten beperkt zijn tot het maken van een rit langs veld en beemd geen paard ter beschikking krijgt dat in het niveau E. thuishoort, en omgekeerd.

Match

Het welslagen van dit project “Eigenaar zoekt ruiter” staat en valt dus in eerste instantie bij het steeds weer vinden van de goede match. In tweede instantie staat en valt dit bij het maken van waterdichte afspraken tussen eigenaar en ruiter. Daarin dient niet alleen het startpunt te worden bepaald, maar ook het eindpunt moet juridisch waterdicht zijn afgetimmerd.

Ik voorzie dus een mooie toekomst voor dit plan wanneer topruiters c.q. menners uit alle disciplines bij het regionaal scouten en kwalificeren van de vierbenige talenten worden betrokken. Wanneer deze bewezen toppers dan ook de tweebenige atleten regelmatig gaan begeleiden kan er een regelmatige toetsing plaatsvinden of de combinaties zich door blijven ontwikkelen of juist stagneren.

Opvolging KNHS Talentenplan

Het zou op die basis voor de top een ideale opvolging kunnen geven aan het KNHS Talentenplan. Daarnaast zou het voor de mindere goden kunnen betekenen dat zij heel veel plezier beleven aan de hippische sport met een paard dat perfect bij hun capaciteiten en ambities past. De eigenaar kan dan plezier beleven aan zijn/haar paard dat top presteert op het niveau dat hij het dier past. Zonder de frustratie dat het paard het op voorhand ingeschatte mogelijke niet mogelijk maakt.

De stamboeken, de KNHS en de FNRS hebben zichzelf met een mooie, uitdagende en veel inzet vragende taak opgezadeld. Met de juiste vinger aan de pols moet dit plan kunnen slagen

Jacob Melissen

Foto: Remco Veurink

 

0 5374
Edward Gal en GLOCK's Toto Jr - NK Dressuur
Edward Gal en GLOCK's Toto Jr - NK Dressuur

Kijkend naar de 28 combinaties die van start gingen in de Grand Prix Special, het eerste onderdeel van het Nederlands Kampioenschap dressuur voor senioren, kan worden vastgesteld dat zeker de helft van het deelnemersveld enigszins leed aan een vorm van zelfoverschatting.

Noodzakelijk wedstrijdritme mist

Dat zal enerzijds zeker worden veroorzaakt door een gebrek aan wedstrijdritme, maar anderzijds ook aan een gebrek aan realiteitszin. Slechts een elftal combinaties eindigde boven de 70%. Dat het noodzakelijke wedstrijdritme ontbrak bij de combinaties kwam tot uiting in het feit dat bijna niemand zonder fouten de proef wist te rijden. Hans-Peter Minderhoud, die nu tweede staat, miste in de changementen om de één en twee een changement. Er was sprake van een zekere spanning bij GLOCK’s Dream Boy, die bijvoorbeeld tot uiting kwam in het taktverlies in de pirouette naar links. Marlies van Baalen reed met Don Johnson een foutloze proef, die misschien iets expressiever had mogen zijn, maar die wel beloond werd met een voorlopige derde plaats. Opvallend was de rust en de ontspanning die deze combinatie tijdens de rit uitstraalde. Madeleine Witte-Vrees reed Cennin naar een voorlopige vierde plek, die ook zeer ontspannen oogde. Ook bij haar had het beeld iets expressiever mogen zijn en er sloop een klein foutje in de eners. Emmelie Scholtens neemt met Desperado voorlopig de vijfde plek in en daar had meer ingezeten als zij minder kleine foutjes in de proef had gemaakt.

Déjà vu gevoel met GLOCK’s Toto Jr

Er was één combinatie die boven alles uitstak en dat was Edward Gal met de Totilas-zoon GLOCK’s Toto Jr. Gal had ook met GLOCK’s Zonik had ingeschreven, maar moest deze hengst thuislaten omdat hij zich in zijn box licht had geblesseerd. Dat leek een ramp, maar was het zeker niet omdat Toto Jr. werkelijk fenomenaal door de baan ging. ‘Ik mis nog net even de controle in sommige onderdelen, maar het is onvoorstelbaar dat een paard zoveel gelijkenis in kwaliteit met zijn vader kan tonen. Ik heb echt zo af en toe met hem een ‘déjà vu gevoel’. In sommige onderdelen was de controle nog niet optimaal, waardoor ik even gas terug moest nemen om foutjes te vermijden, maar dat lukte iedere keer wonderwel’, vertelde Edward na afloop van zijn rit.

Daarbij was hij zo eerlijk om toe te geven dat het uitstel van de Olympische Spelen hem nu wonderwel lijkt te passen. Toto Jr. ging zeer lichtvoetig door de baan. Alle overgangen in de draf werden zonder enige mate van storing gereden. Steeds werd daarbij het achterbeen zeer sterk ondergebracht. De piaffe en de passage waren van uitzonderlijke schoonheid, mede omdat de takt volledig werd bewaard. De eners werden kaarsrecht gesprongen en de beide pirouettes werden op een dubbeltje gedraaid. De score van de jury was 80.861%, maar ook wanneer de jurywaardring vijf procent hoger was geweest had niemand daar iets van kunnen zeggen.

Beter uitgave van zijn vader

Eén ding kan worden vastgesteld: GLOCK’s Toto Jr. is een verbeterde uitgave van zijn vader. Er kan na de eerste dag van dit NK senioren nog iets worden vastgesteld en dat is dat wanneer de kop van het klassement met behoud van de ontspanning de expressiviteit nog iets weet op te voeren er weer mooie tijden aan gaan komen voor de Nederlandse dressuursport!

Bron: Jacob Melissen, overname zonder toestemming en bronvermelding niet toegestaan

Foto: DigiShots

Children podium op het NK Dressuur 2020
Children podium op het NK Dressuur 2020

Maar liefst een dozijn Children ging van start in het Nederlands Kampioenschap dressuur en de top drie, Kebie Raaijmakers met Happy Feet, Veerle van Hof met Don Diablo en Maura Knipscheer met Amaretto, ontliep elkaar haast niets. Raaijmakers zegevierde met een totaal score van 152.845, terwijl Knipscheer derde werd met een score van 152.203, een marginaal verschil.

Podium aan elkaar gewaagd

‘Een mooi podium van drie meiden die zeer aan elkaar gewaagd zijn. Het enige jammerlijke hiervan is dat ik ze volgend jaar alle drie kwijt ben, want zij kunnen qua leeftijd de overstap maken naar de junioren’, vertelde bondscoach Imke Schellekens. Wel kan zij volgend jaar beschikken over de nummers vier, vijf en zes van het klassement, Fleur Kempenaars, Elise de Loos en Flore Woerts. ‘Wat in dit kampioenschap echt van belang is dat de ruiters de aanleuning honderd procent voor elkaar hebben, daarnaast dienen ze te tonen dat ze een zeer goede tempocontrole kunnen uitoefenen en als laatste is de basishouding van de ruiter heel erg belangrijk. Dat houdt dus in dat de basisafrichting voor 100% op orde dient te zijn, want wat in de proef van de combinaties wordt gevraagd is niet echt moeilijk’, aldus Imke.

Mooie afsluiting

‘Voor de nummers één, twee en drie in het klassement was dit een mooie afsluiting van hun Children periode, terwijl het voor de nummers vier, vijf en zes een hele mooie start is van hun wedstrijdloopbaan in deze leeftijdsgroep”. Van dit drietal lijkt alleen Veerle van Hof de overstap naar de junioren te gaan maken. “Veerle heeft de potentie om bij de junioren de aansluiting te vinden. Ik heb begrepen dat ook Kebie het gaat proberen, maar mocht dat niet gaan lukken dan gaat haar paard Don Diablo naar een andere ruiter die weer bij de Children gaat rijden. Amaretto is verkocht, maar ik ben er zeker van dat we deze drie amazones zeker terug gaan zien in de sport’, is de overtuiging van Schellekens.

Opvallende groei van Children-rubriek

Opvallend is de groei van deelnemers in deze leeftijdscategorie. ‘Het is voor de kinderen vaak veel beter om op paarden te gaan rijden dan op een pony te blijven ‘hangen’. De overstap van de wedstrijden voor Children naar junioren is een veel kleinere dan wanneer je deze overstap moet doen vanaf een pony. Ik voorzie ook nog geen einde aan de groei van deelnemers in deze leeftijdsgroep, want ik heb van verschillende trainers al signalen ontvangen dat er vele combinaties klaar staan om volgend jaar in deze wedstrijden aan de start te komen’.

Bron: Jacob Melissen, overname zonder toestemming en bronvermelding is niet toegestaan

Foto: DigiShots

Volg ons!

0FansLike
0VolgersVolg
0VolgersVolg
1,451Youtube abonneesAbonneer