Tags Posts tagged with "instructie"

instructie

Foto: Wilma Frentz
Foto: Wilma Frentz

Ook instructeur Gerald Drent merkt veel van de Corona-maatregelen. Desondanks zit hij niet bij de pakken neer, maar doet hij juist iets extra’s om ruiters toch bezig te houden.

“Ik merk dat veel mensen de motivatie een beetje kwijtraken doordat ze geen wedstrijden meer kunnen rijden of trainingen kunnen volgen. Dat wil ik voorkomen”, legt hij uit.

Video’s

In plaats van de reguliere lessen, heeft Drent een concept met videolessen opgestart. “Normaal gesproken train ik klanten bij mij thuis of ga ik naar hen op locatie, maar door de nieuwe maatregelen wordt dat steeds moeilijker. Dit is ook de reden dat ik bedacht heb om ruiters te gaan helpen door middel van beeld. Normaal werk ik ook heel veel met video’s, ik neem stukjes op van de lessen die de klanten achteraf terug kunnen kijken. Soms oogt het vanaf de zijkant anders dan dat het voelt. Met wedstrijden maken we ook vaak video’s. Als ik niet mee kan om een leerling te begeleiden, dan vraag ik vaak om een filmpje van de proef. Dan kunnen we die samen terugkijken en overleggen waar we de volgende trainingen aan willen werken.”

Vicieuze cirkel

“Toen we in deze Corona-situatie terechtkwamen was het, vooral in het begin, erg onduidelijk met betrekking tot het lesgeven. Er gebeurt veel in een korte tijd en ook de maatregelen veranderen snel,” vertelt Drent. “Toch zijn de meeste ruiters en amazones nog steeds aan het trainen met de mogelijkheden die we hebben. Iedereen probeert natuurlijk aan het rijden te blijven, maar het kan zijn dat je in een situatie terecht komt waar je echt op jezelf aangewezen bent. Je kan natuurlijk niet meer zomaar naar een andere locatie toe om les te krijgen. Daarom leek het mij wel een goed idee om mijn lessen iets uit te breiden, en me meer op het videogedeelte te richten. Voor mijn eigen lesklanten, maar ook voor mensen van buitenaf die tegen bepaalde dingen aanlopen. Ik vind het sowieso heel leuk om mijn kennis te delen, niet alleen met mijn eigen leerlingen, maar ook in het algemeen. Door middel van video’s kan ik op afstand iets voor deze mensen betekenen. Ik wil voorkomen dat mensen in een vicieuze cirkel cirkel blijven rondrijden.”

Richtlijnen

Drent geeft les in alle disciplines, maar houd zich voornamelijk bezig met dressuur. “Voor de video’s heb ik niet veel richtlijnen, het is heel vrij allemaal. Stuur me een Facebookberichtje met vragen of punten waar je tegenaan loopt, en ik probeer je te helpen. Het is niet dat je vanaf een bepaalt punt moet filmen, maar het is wel belangrijk dat je genoeg beeld hebt om te laten zien waar je tegenaan loopt, en waar het probleem ontstaat. Als ik het filmpje bekeken heb stuur ik hem terug met begeleidend commentaar,  wat de ruiter later weer kan toepassen bij het trainen.”

Inspiratie

De instructeur ziet ook steeds meer dat mensen de inspiratie een beetje missen. “Omdat alle wedstrijden tot en met 1 juni geschrapt zijn, is de motivatie om te trainen ook een beetje weg. Zeker de mensen die regelmatig op een andere locatie trainen, kunnen nu wat vastlopen. Mensen hebben een doel en motivatie nodig om te trainen. Ik probeer met mijn online lessen de uitdaging in de training terug te vinden en de ruiters te inspireren om door te gaan. En juist nu ook te investeren in de africhting en ontwikkeling van hun paard.”

Het lesgeven met video’s is niet moeilijk, vindt Drent, maar er zit wel een valkuil in. “Als je te lang wacht met het bekijken van de video dan raak je het gevoel van je training of proef een beetje kwijt. Wat veel mensen dan gaan doen is teveel kijken naar het plaatje, in plaats van het ontwikkelen van je ruitergevoel. Dat kan een valkuil zijn bij mensen die heel wedstrijdgericht rijden, dan ben je snel te veel bezig met het creëren van het perfecte plaatje. Dat is met video hetzelfde geval. Als je teveel naar de video’s kijkt, maar het rijgevoel er niet bij kan halen, dan is het moeilijk te combineren. En je hebt nu natuurlijk geen directe interactie, dat is wat minder prettig. Deze videolessen zijn ook niet bedoelt ter vervanging van de normale trainingen, het is echt een tijdelijke oplossing.”

Kennis delen

Drent vindt het ontzettend leuk om op deze manier mensen te bereiken en te inspireren. “Ik kan mijn ervaringen en ideeën delen, en zo helpen we elkaar, ondanks de afstand. Het helpt mij ook om mezelf door te ontwikkelen en te ontdekken waar ik dit nog verder zou kunnen toepassen. We denken tegenwoordig vaak te individualistisch en te gekaderd. Ik ben juist een voorstander van het delen van kennis, ideeën en inspiratie. Online zijn hier veel mogelijkheden voor, het hoort echt bij deze tijd.”

Tekst: Isa Wessels

Bron: Hoefslag/Overname zonder bronvermelding en toestemming via webredactie@mediaprimair.nl niet toegestaan.

Foto: Wilma Frentz

Manon Bakker en Zillion. Foto: Alysa van Gageldonk

FPG-instructrice Manon Bakker en haar paard Zillion maakten begin maart hun L2 debuut in Laag Soeren. Dit was voor Bakker de eerste keer dat ze op dit niveau startte, maar voor haar paard niet. “Ik had net mijn pony verkocht, en wilde mijzelf voornamelijk in de dressuur verbeteren. Toen heb ik Zillion als leerpaard gekocht”, vertelt ze.

Slordigheid

“Zillion liep superfijn”, steekt de amazone van wal. “Er zaten nog wat slordigheidsfoutjes in, het was nog niet heel spectaculair. We reden twee winstpunten, daar was ik het ook wel mee eens. We hebben gewoon lekker relaxed kunnen rijden. De fouten die ik maakte kan ik echt voor de volgende keer meenemen, dus daar kan ik ook wat mee in de training. We haalden de vierde prijs binnen, dat was natuurlijk ook wel heel leuk.” Ondanks dat haar paard al hoger had gelopen, is Bakker toch in de B gestart. “Ik wilde dat hij weer meer laag en over zijn rug ging lopen. In de B hebben we heel leuk gereden, maar uiteindelijk moet je door.  Ik verwacht ook wel dat we nu weer redelijk gauw naar het M1 zullen gaan.”

Terug naar de basis

“Zillion is een super braaf paard, hij is heel erg relaxed”, vertelt Bakker over haar paard. “Hij kan ook mee op buitenrit aan de lange teugel en we maken ook wel eens een sprongetje voor de afwisseling. Hij is echt een ideaal paard.” Dat Zillion zo relaxed is, was niet altijd het geval. “In het begin moest ik heel erg aan hem wennen omdat hij zo heet was. Hij werd in het management ook heel heet gehouden. Hij was op dat moment echt te fel, maar hij liep toen nog hoger in de sport dus dan wil je dat ook wat meer. Ik wilde hem heel graag terug naar de basis rijden“, aldus de gedreven amazone.

Geen stress

Dat de combinatie weer even terugging naar de basis, heeft nu zijn vruchten afgeworpen. “Je kan hem nu overal instellen qua hoofd-hals houding, zonder dat hij verandert in tempo of in losgelatenheid in de rug. Ik word hierbij begeleid door Eline Koppenol, zij kent Zill vanaf het moment dat ik hem heb. Ook Carlijn Oversteegen begeleidt mij. Zij staan heel erg achter mijn standpunt om hem weer bij de basis op te pakken. Omdat hij nu heel fijn over zijn rug heen loopt kan ik hem ook goed naar de oprichting rijden zonder dat hij gestresst of heet wordt. Dat stukje is er nu redelijk uit, hij krijgt die stress niet meer. Dat vind ik wel heel leuk om te merken”, vertelt ze trots.

Veel plezier

De leerpunten die Bakker uit haar lessen bij Koppenol en Overstegen krijgt, gebruikt ze ook weer in haar eigen lessen op twee FPG-maneges. “Ik geef les op twee verschillende maneges, dus ik heb enorm veel lesklanten. Deze variëren van mensen die niet kunnen praten en die met 3 begeleiders een buitenritje mogen maken, tot ruiters met concentratieproblemen maar die gewoon wedstrijden rijden zoals jij en ik. Dat doe ik nu een klein jaar met heel veel plezier.” De amazone geeft aan eerder in de reguliere paardensport gewerkt te hebben. Toch was dit niet iets voor haar. “Ik miste het sociale contact heel erg, de sport is natuurlijk best individualistisch. Toen ik stage ging lopen op een FPG-manege wist ik wat ik wilde doen.”

Zo optimaal mogelijk

“Ik hoop echt dat ik dit nog heel lang mag blijven doen”, klinkt het enthousiast. “Ik denk dat je hier heel veel van kan leren en dat ik me ook nog echt kan verbreden.” Ze vindt het ook voor het lesgeven belangrijk dat ze zelf actief blijft in de sport. “Als je niet meer weet hoe het voelt kan je het niet meer doorgeven aan je lesklanten. Mijn voornaamste doel is om op een paardvriendelijke manier mijn lessen en mijn eigen ‘rijderij’ zo optimaal mogelijk te maken. Ik wil me dan ook nog graag verbreden op hippisch gebied, maar ook binnen mijn eigen doelgroep van gehandicapte ruiters. Ik zal daarom ook verschilldende cursussen blijven volgen en bij blijven leren om op de hoogte te blijven”, stelt ze vast.

Tekst: Femke Verbeek

Bron: Hoefslag / Overname zonder bronvermelding én schriftelijke toestemming via webredactie@mediaprimair.nl is niet toegestaan.

Foto: Alysa van Gageldonk

Loïs Leliveld en haar Kief (v. Charmeur). Foto: Equineshot

De ouders van Loïs Leliveld stonden in eerste instantie niet te springen toen ze wilde gaan paardrijden. Laat staan dat ze een opleiding in de paardensport ging volgen…

Toch kreeg Leliveld het voor elkaar: ze deed de KNHS opleiding Instructeur Wedstrijdsport Niveau 4 en sinds 2017 is ze de drijvende kracht achter Loïs Leliveld Dressage. “Een eigen stal runnen in combinatie met het op pad gaan om les te geven is een drukke bedoening. Ik ben heel dankbaar dat mijn ouders soms bijspringen en dat ik de kans heb gekregen dit zo te doen. Inmiddels vinden zij de paarden ook heel leuk”, vertelt ze enthousiast.

Niet vanzelfsprekend

Voor Leliveld was het niet vanzelfsprekend dat haar toekomst in de paarden lag. “Mijn ouders hadden beide helemaal niets met paarden. Zij hebben zelf ook nooit gereden. Ik was 4 jaar en wilde dolgraag op ponyrijles. Dat mocht helaas niet, want mijn moeder vond het veel te eng allemaal.” Na twee jaar ‘zeuren’ stemden de ouders van Leliveld toch in. Enkele jaren later, toen ze 11 was, kreeg ze haar eerste eigen pony. “Grey-Joy is inmiddels halverwege de 30 en staat nog steeds hier, lekker van zijn pensioen te genieten.” Na haar ponytijd ging de amazone over naar de paarden met haar Sam, die in 2018 met pensioen ging. “Hij is heel speciaal voor mij. Ik heb met hem bij de Young Riders, in de gewone Lichte Tour en in het Rabo Talentenplan gereden.”

Genieten

“Maar dat ik in de paarden mijn geld ging verdienen, dat zagen mijn ouders niet zitten”, vervolgt ze. Om deze reden startte Leliveld met de PABO, maar dit was van korte duur. “Steeds vaker kwam de vraag of ik ook dressuurles gaf. En tja, voor de klas miste toch nét dat stukje wat ik in de rijbaan wel voel. Het tussen de paarden overbrengen van kennis, passie en liefde voor de sport is wat mij drijft. Daarom heb ik toch mijn diploma Instructeur Wedstrijdsport Niveau 4 behaald en sindsdien heb ik mijn eigen bedrijf. Werken met paarden en mensen is voor mij echt mijn passie. Het mooiste vind ik het als iemand heel erg gemotiveerd is. Of diegene nu recreatief rijdt of wedstrijdgericht, als diegene maar wil leren. Als dan de puzzelstukjes in elkaar vallen kan ik daar enorm van genieten. Voor mij is lesgeven echt maatjes worden met het paard, en door grenzen te verleggen samen met je paard tot een optimaal resultaat komen.”

Jonge paarden

Inmiddels is Leliveld fulltime bezig met haar eigen bedrijf. Naast het lesgeven heeft ze ook een hele schare aan jonge paarden op haar eigen accommodatie staan. “Zodra ze oud genoeg zijn wil ik ze op een enthousiaste manier opleiden. Ik heb er heel veel staan, dus af en toe wordt er wel eens eentje verkocht. Op dit moment is Kief (v. Charmeur) heel erg speciaal. Hij is heel erg op mij gericht, hij hangt zo erg aan mij. Het is een heel lief paard, een beetje een watje, maar onder het zadel heel erg stoer.” Op 15 februari startte de combinatie voor de tweede keer in de L1, met als resultaat: twee keer een score van 69%. “Het was in de mega harde storm, maar we zijn toch gegaan. Zelfs dan kan hij goede focus houden. Hij gaat de ring in, zijn knopje gaat om en hij doet het gewoon. Ik hoop dat ik aan hem een opvolger voor Sam heb.”

Harmonie

De combinatie van instructie geven en zelf rijden bevalt de amazone goed. “Je weet omdat je zelf start heel goed wat ze in een proef willen zien en je gaat met de tijd mee. Tegenwoordig gaat het steeds meer om het stukje harmonie, dat vind ik zelf ook heel belangrijk. Ik denk wel dat het een voordeel is voor je leerlingen als je zelf start, omdat je dan zelf ook heel goed weet wat het is om te starten. Je kan meepraten over wedstrijdspanning en hoe je daarmee om moet gaan.” Ook gaat de instructrice regelmatig met haar leerlingen mee op wedstrijd. “Dat is superleuk. In de ring zie je soms ineens dingen gebeuren die thuis nooit gebeuren. Omdat je meegaat zie je het, en dan kun je daar in de training ook weer aan werken.”

Samen doen

Het doel van Leliveld is zo veel mogelijk lesklanten naar optimaal resultaat helpen. Ze vult aan: “Zelf wil ik ook eigenlijk wel graag weer in de subtop rijden. Kief is nu nog heel jong, ik ga hem alle tijd geven. Ik ga niets overhaasten want daar houd ik niet van. Hij mag nu lekker ervaring opdoen en krijgt de tijd om zich te ontwikkelen. Kief is in ieder geval super, super werkwillig.  Je hoeft hem iets maar één keer uit te leggen en hij doet het. Ik denk dat dat ook wel een stukje is wat je voor het hogere niveau nodig hebt, werkwilligheid en slimheid. En zoals ik zei, hij is helemaal gericht op mij. Een paard voor het hoge niveau moet talentvol zijn, werkwillig zijn, maar je moet bovendien ook een goede klik hebben samen. Niet alleen jij doet het, niet alleen je paard doet het, je moet het toch echt samen doen”, sluit de gedreven instructrice af.

Tekst: Femke Verbeek

Bron: Hoefslag / Overname zonder bronvermelding én schriftelijke toestemming via webredactie@mediaprimair.nl is niet toegestaan.

Foto:

Foto: Privébezit/Natalia van Gilst

Monya Spijkhoven is al 30 jaar actief in de paardensport. Ze was lange tijd één op één instructeur, maar merkte hierin dat veel ruiters behoefte hadden aan een andere manier van lesgeven.

“Wat ik merkte was dat veel ruiters behoefte hadden aan écht gezien en gehoord worden. Dat is toch anders dan alleen maar een les halen”, vertelt ze. Met deze instelling startte Spijkhoven in 2017 de Gelukkige Ruiter Academie.

Positieve feedback

Spijkhoven leidt binnen de Gelukkige Ruiter Academie instructeurs op tot zogenaamde ruitercoaches. “In feite ben je instructeur, maar we vliegen het op een andere manier aan”, legt ze uit. “Bij ons staat de hulpvraag centraal, niet alleen de prestatie. Het kan een niveau zijn wat iemand wil behalen, maar het kan ook echt een probleem zijn.” Voorheen kreeg de instructrice veel positieve feedback terug van haar lesklanten. “Klanten wilden blijven omdat ik luisterde en omdat ik ze goed aanvoelde. Dat wilde ik delen met andere instructeurs. Na het eerste jaar dacht ik: ‘dit is het’. Dit moet meer gebracht worden. Alle ruiters stappen met een glimlach af, dat maakt dat ik dit iedere dag weer wil doen.”

Meer zelfvertrouwen

“In de tijd dat ik werkzaam ben in de paardensector heb ik veel gezien”, vervolgt Spijkhoven. “Ruiters die overweldigd zijn door de keuzes en stromingen binnen de paardensport. Hierdoor is er enorm veel onzekerheid. Mensen vragen zich af: Kan ik het wel? Doe ik het wel goed? Hierdoor worden ze beïnvloed door andere ruiters en maken ze geen eigen keuzes. Ruitercoaches werken niet alleen aan de techniek, maar ook aan een stuk mentale ontwikkeling. Je leert dat je goed bent zoals je bent, en dat je fouten mag maken. Daar profiteert het paard ook van.”

Aansluiting

Volgens Spijkhoven profiteert het paard op verschillende manieren van een zelfverzekerde ruiter. “Als een ruiter meer zelfvertrouwen heeft en eigen keuzes durft te maken, dan kan je beter bij je paard aansluiten. Het is hetzelfde als bij het opvoeden van kinderen; je weet niet precies hoe het moet dus volg je je intuïtie. Als een paard een ruiter heeft die zichzelf volledig accepteert en niet onzeker is, dan sluit hij vanuit zijn natuur aan. Hij heeft niets aan een piekerende of onzekere eigenaar, daar snapt hij niets van.” Ze vult aan: “Daarbij zijn mensen die hun eigen keuzes maken onderzoekend, en volgen ze niet maar zo een ander. Onze ruiters krijgen alle opties om goed te blijven nadenken over hun ontwikkeling. Ze zijn voortdurend op zoek naar beter. Zo blijven ze kijken naar wat het beste is voor zichzelf en hun paard.”

Van binnen naar buiten

De methode van lesgeven kan volgens Spijkhoven beschreven worden als van binnen naar buiten lesgeven. Ze legt uit: “Vaak wordt er heel technisch lesgegeven, het is A + B en dan kom je bij C. Wij gaan eerst definiëren: wat is je vraag? En wat denk je zelf dat je daar voor nodig hebt? Daar haken we op in. Wij bepalen niet wat goed is voor jou, we bepalen samen wat goed is voor jou. We kijken naar wat er al in zit, wat we naar boven kunnen halen. Daarnaast maken we de ruiter enorm bewust van het paard, zodat de ruiter ziet wat het effect is. Een voordeel is ook dat de ruiter het thuis makkelijker kan herhalen, omdat het vanuit een eigen hulpvraag komt. Als je meer van binnen naar buiten werkt dan blijf je er sneller mee bezig.”

Respecteren

Volgens Spijkhoven is haar opleidingsprogramma voor iedere instructeur geschikt. “De vraag is alleen of iedere instructeur dit wil, maar ik denk dat iedere instructeur dit kan. Daarnaast hoeven ervaren instructeurs niet de gehele opleiding te doen, door vrijstellingen kunnen ze er uit pikken wat ze willen leren.” Dat deze methode bij veel mensen aansluit, is volgens de amazone alleen maar een voordeel. “Al die groepen leren hier met elkaar omgaan en elkaar waarderen en respecteren. Het is belangrijk om te proeven dat er eenheid kan bestaan. Soms hebben we discussies, we hoeven het niet met elkaar eens te zijn. We gaan dan echt onderzoeken welke wegen allemaal naar Rome leiden en deze bespreken. Je kan van elkaar leren.”

Meer eenheid

Samen met de instructeurs die verbonden zijn aan de Gelukkige Ruiter Academie streeft Spijkhoven naar een community-gevoel. “We kunnen met zijn allen naar elkaar gaan wijzen, maar we kunnen ook met zijn allen naar binnen kijken. Het gaat er om dat we samen de sport beter maken, en niet de verdeeldheid zo in stand houden. We moeten met zijn allen uitstralen dat wij dit zo de moeite waard vinden en dat de publieke opinie om mag. Er is zo veel kritiek, laten wij nu met zijn allen de schouders er onder zetten. Dat is ook waarom ik begonnen ben: ik wilde meer eenheid krijgen. Vanaf de plek waar ik iets kan veranderen, wil ik wat veranderen. Vanuit daar heb ik de Gelukkige Ruiter Academie laten ontstaan.”

Tekst: Femke Verbeek

Bron: Hoefslag / Overname zonder bronvermelding én schriftelijke toestemming via webredactie@mediaprimair.nl is niet toegestaan.

Foto: Privébezit/Natalia van Gilst

0 2651
yvonne schoo terug naar de schoolbanken

In het tweede deel van ‘Terug in de Schoolbanken’ gaat Yvonne Schoo in op het van hand veranderen en het  rijden van de gebroken lijn van 10 meter.

Het van hand veranderen komt in alle proeven, dus op alle niveau’s voor. Belangrijk is dat je voor het van hand veranderen de hoeken goed doorrijdt. De bocht waarmee je het van hand veranderen inzetten wordt dan ruimer. De bedoeling is dat je iets voor de letter weer op de hoefslag terechtkomt, zodat je met je billen bij de letter uitkomt.

De gebroken lijn

Het rijden van een gebroken lijn gebeurt weliswaar gedeeltelijk op dezelfde lijn als het van hand veranderen, toch zet je deze ofening niet hetzelfde in.  Als kijkpunt bij de gebroken lijn van 10 meter houdt je de middenletter (dus de E of de B) aan.

Ook voor de gebroken lijn van 5 meter heeft Yvonne Schoo een trucje. Ze legt het allemaal uit in haar nieuwste video.

Zie ook: Vlog Yvonne Schoo: Zo rijd je een nette grote volte *VIDEO*

grote volte
Foto: Sabine Timman

De grote volte rijden leer je al vanaf het moment dat je voor het eerst op een paardenrug zat. Maar een nette grote volte rijden in een proef is nog helemaal niet zo makkelijk.

Deze nieuwe video van Yvonne Schoo maakt deel uit van de serie ‘terug in de schoolbanken’. Daarin legt Yvonne een aantal oefeningen uit in theorie.  Waarom? “Omdat we paardrijden zo vaak doen in de praktijk,” legt ze uit. “En sommige dingen moet je even zien of theoretisch leren om ze te kunnen verbeteren.”

Zie ook: Vlog Yvonne Schoo I Zelf een kür op muziek maken! *VIDEO*

Foto: Sabine Timman

 

yvonne schoo

Yvonne Schoo maakte eerder al enkele instructievideo’s voor Hoefslag, maar het was een poosje stil rondom de amazone. Nu maakte ze weer een nieuwe video, waarin ze zich opnieuw voorstelt.

Dat doet ze dit keer niet alleen!

Coachen en trainen

De 29-jarige Schoo is fulttime docente op een middelbare school. Ze was met haar Alwin (v Archipel) Zware Tour startgerechtigd, maar haar 23-jarige ruin is inmiddels met pensioen. Daarom is Schoo momenteel vooral bezig met het coachen en trainen van anderen.

Daarnaast heeft ze het rijden van haar 14-jarige E-pony Nigel weer opgepakt. “We trainen op M-Z-niveau en misschien ga ik met hem wel weer ‘s op wedstrijd,” vertelt ze. “Het is zo’n leuk dier, dat ik zijn beperkingen vanwege zijn afmeting voor lief neem.”

Breder trekken

In haar nieuwe filmpjes voor Hoefslag wil Schoo meer onderwerpen aanboren dan alleen (het trainen voor) de dressuursport. “Ik wil het breder trekken dan dat. Daarom komen ook springen, eventing en de paarden- en ponysport in het algemeen aan de orde.”

In haar nieuwe video stelt Yvonne Schoo haar nichtjes en neefje voor, die samen de New Forest-pony Floxs delen. Ze rijden Bixie dressuur en Wout springt ook met hem. Vragen die in de voorstelronde aan de orde komen zijn: Ben je wel eens bang geweest, heb je wel eens paardenvoer geproefd, ben je tijdens een wedstrijd wel een verkeerd gereden en zou je met je paard willen praten?

Bron: Hoefslag

Grand Prix-amazone Judy Reynolds boekt internationaal succes met haar KWPN-ruin Vancouver K (v. Jazz). Ze is dé dressuurruiter van Ierland en vertegenwoordigde haar land op EK’s, WEG’s, de Olympische Spelen en in World Cup-finales. Haar beste prestatie in een wereldbekerfinale was een vierde plek, in 2017.

De in Duitsland gevestigde amazone deelt haar top-trainingstips met ons.

1. Losstappen

Graag neem ik de tijd om mijn paarden los te stappen, aan de lange teugel. Of ze nu uit het land komen, uit de molen of uit stal, zo wennen ze aan de situatie en kunnen ze zich mentaal voorbereiden op de training. Natuurlijk hangt het er wel van af hoe je paard is; heb ik een frisser paard, dan zal ik sneller gaan draven.

2. Stapreprises

Ik houd ervan om veel korte stapreprises in de training op te nemen. Als ontspanning en om de gereden oefeningen te laten beklijven. Zowel mentaal als fysiek is zo’n pauze nuttig. Aan 30-40 minuten lang alleen maar ‘werken’ is niet prettig. Bovendien heb je zo zelf ook even een adempauze.

3. Overgangen

Een dressuurproef bestaat uit veel overgangen. En dus is het belangrijk daar veel aandacht aan te besteden. Daarnaast helpen overgangen bij de opbouw van spieren en kracht, soepelheid. Weet ik niet waar ik aan moet werken, dan maak ik gewoon lekker veel overgangen, de hele tijd door.

4. Zijwaarts

Het laterale werk vind ik heel belangrijk. Daarbij is het ritme het aller belangrijkste. Dat geldt bij het wijken, schouderbinnenwaarts, appuyementen…  expressie komt wel, eerst en vooral moet je paard in één tempo lopen, in de juiste stelling en buiging.

5. Keertwendingen

Ik laat mijn paard graag keertwendingen in stap maken. Bij jonge paarden is een paar pasjes al voldoende. Weer geldt: niet te vaak, en steeds weer een lange teugel tussendoor. Het gaat er om dat de oefening ‘blijft hangen’, niet dat hij afstompt. Bij een jonger paard is het belangrijk om te voorkomen dat hij gestresst raakt.

Geduld

Het aller, allerbelangrijkst bij het trainen van een paard, of hij nu ervaren is of niet: blijf geduldig. Een paard leert oefeningen nooit in één keer, het gaat om herhaling en ervoor zorgen dat hij steeds maar weer positieve ervaringen opdoet. Lukt een oefening niet goed, raakt niet van de kook, maar stel je paard gerust en neem even pauze: wéér even lekker stappen aan de lange teugel dus. En probeer het nog een keer.

Nooit uitgeleerd

Wat ik in al die jaren dat ik paarden train geleerd heb, is dat je nooit uitgeleerd raakt. Elk paard is anders, van elk paard leer je weer nieuwe dingen. Jij kunt net zoveel van je paard leren als dat hij van jou leert, als je er voor open staat.

Bron: Facebook Judy Reynolds Dressage

Foto: DigiShots

0 24603
afkeer tegen koudbloedrassen

Bijna iedere eigenaar van een koudbloedpaard heeft weleens te maken gehad met een lagere jurybeoordeling. Gewoon simpelweg om het feit dat een koudbloed ‘nu net niet het ding was’ van het dienstdoende jurylid.

Iets wat dan wel niet letterlijk gezegd wordt, maar alsnog zijn er een tal van gevallen bekend waarin een koudbloed aanzienlijk in het nadeel was ten opzichte van de rankere, slankere en over het algemeen; populairdere warmbloedrassen.

Geen sportpaarden

Ondanks dat de opvatting dat een koudbloedpaard niet als sportpaard zou kunnen presteren zwaar achterhaald is, blijkt het nog altijd een heersend probleem voor veel koudbloed-eigenaren met wedstrijdambities. En klaarblijkelijk ook nog eens een probleem wat volgens gedupeerden zijn oorsprong vindt in de wortelen van de KNHS. Iets waar Chantal Borst-Platel sinds zondagavond over mee kan praten. Borst-Platel zag een cursist zakken voor het ORUN-examen omdat er ‘geen sportpaarden’ in de les reden, maar twee Tinkers. Ze deelde haar verhaal op Facebook en ontving binnen korte tijd veel bijval van vooral medestanders en lotgenoten.

Net niet

“Het is een beetje hetzelfde als in de wedstrijdring,” begint Borst-Platel het gesprek. “Een jurylid mag niet opschrijven dat ze geen koudbloed willen zien, maar de punten zijn gewoon lager waardoor je er net niet komt. Ik kom gelukkig uit de goede regio, dus heb zelf niet vaak meegemaakt. Desondanks hoor en zie ik het heel veel in mijn omgeving. Het is alom bekend bij het KNHS, maar het komt nog altijd te vaak voor.”

Jurycursus

Als eigen ervaring geeft de eigenaresse van Stal ’t Heideveld aan hoe ze eerder is benaderd om te rijden voor de opleiding tot jurylid van het KNHS. Echter was het niet toegestaan om dit op een Tinker te doen. “Als een koudbloed al niet mee mag rijden tijdens de cursussen, hoe leert een jurylid dan om ook dit soort rassen fatsoenlijk te kunnen beoordelen en een instructeur hoe ze elk paard kunnen lesgeven?”

Antipathie tegenover koudbloeden

Borst-Platel is er om deze reden dan ook van overtuigd dat de voorkeur en afkeer naar bepaalde paardenrassen toe al vanaf de basis wordt meegegeven, maar waar de antipathie tegenover koudbloeden vandaan komt snapt ze niet. “Natuurlijk is het voor een Tinker, met name door hun exterieur, wat lastiger om mee te komen met bepaalde oefeningen. Zo weet ik dat we voor de uitgestrekte draf meestal geen acht gaan krijgen, maar ook die mindere cijfers kan je ‘wegpoetsen’ door andere onderdelen wel supergoed te rijden. Desondanks hoor je nog te vaak dat koudbloeden beter thuis kunnen blijven of voor de wagen horen.”

Elitesport

Dat er op cursussen en trainingen al een stilzwijgende boycot heerst op koudbloeden is wat Borst-Platel een signaal wat anno 2019 niet meer thuishoort in de paardensport. “Zonder naam of afstamming hoor je er niet bij, terwijl er zoveel verschillende koudbloedpaarden zijn die wél meekomen op hoog dressuurniveau. Dressuur wordt op deze manier echt een elitesport en daar hoort een Tinker bijvoorbeeld, niet in thuis.”

Reactie KNHS

“Bij de KNHS is kennis genomen van de berichtgeving over het niet slagen van een kandidaat voor haar instructeursexamen. Vooropgesteld betreuren we het dat een dergelijk verhaal, dat altijd vraagt om wederhoor, eenzijdig naar buiten komt. Zo is er namelijk in dit geval absoluut geen sprake van dat deze kandidaat gezakt zou zijn omdat er Tinkers in haar les meeliepen. Navraag bij de examinatoren leert dat een dergelijke opmerking richting de kandidaat helemaal niet is gemaakt. De reden voor het niet slagen was terug te voeren op iets dat, in tegenstelling tot het gesuggereerde, wel van belang is bij een dergelijk examen.

Wat betreft de inzet van koudbloeden in de sport is het mogelijk mensen ontgaan dat er voorbeelden te over zijn van koudbloeden die in de breedtesport en zelfs tot en met subtopniveau in de prijzen vallen. Het is duidelijk dat deze rassen tot prima prestaties in staat zijn en vanuit de KNHS willen we dan ook benadrukken dat koudbloeden meer dan welkom zijn in de sport.”

Bron: Hoefslag / Overname zonder bronvermelding en toestemming via webredactie@mediaprimair.nl niet toegestaan/ Tekst: Denise Meijer

Foto: Privéfoto Chantal Borst-Platel

 

0 1062

In navolging van de miniserie’ Aanleuning’ vertelt Grand Prix-ruiter en trainer Rien van der Schaft over zijn visie op het correct trainen van een dressuurpaard.

Karakter daargelaten, wat maakt een paard tot een goed dressuurpaard?

‘De belangrijkste factor: wie er op zit! Het zijn de goede, kundige ruiters die van een gewoon talentvol paard een wereldster kunnen maken. Zij kunnen er iets extra’s aan geven. En gelukkig zal dat altijd zo blijven, anders zou de dikste portemonnee met de medailles naar huis gaan. Daarnaast moet het paard natuurlijk wel een goed exterieur hebben. En daarmee bedoel ik vooral functioneel. Niet te lang en niet te kort, juiste bespiering, goede zelfhouding (opwaarts gebouwd) en, misschien nog wel de belangrijkste, atletisch vermogen. Drie correcte basisgangen is uiteraard ook een must. Bovendien vind ik het van net zo groot belang dat de paarden de kans en tijd krijgen om rustig te groeien. Zowel lichamelijk als geestelijk. Wij maken pas zadelmak met vier jaar. Eerder heeft toch geen zin, want de ontwikkeling gaat heus niet sneller in het begin.’

Het valt op dat jullie alle drie prachtig zitten op het paard. Wat is het geheim?

‘Ook daar zit de filosofie van Oothout achter. Ik slaagde op Deurne met een negen voor mijn houding. Ik dacht dat ik dus al aardig kon zitten, maar toen ik bij Piet kwam, was het eerste wat hij zei: ‘Wat zit jij slecht. Als een houten klaas.’ Ik zat inderdaad veel te strak. Hij heeft mij geleerd te ontspannen met lichte aanspanning. Losgelatenheid in je lijf, waardoor je mee kan gaan in de beweging van je paard. Daarbij doen vooral je buik- en rugspieren het werk, de rest is losjes. Ik hou er ook niet van om in een zadel te zitten wat je in een houding dwingt. Ik heb niet eens wrongen op mijn zadel, echt zo plat als een pannenkoek. Dan heb je tenminste de ruimte.’

Heb je zelf nog wedstrijdambities?

Wedstrijd rijden heb ik altijd heel leuk gevonden en het mooie van onze sport is dat je het tot late leeftijd kan blijven doen. Mits het er nog een beetje soepel uitziet natuurlijk. Bovendien vind ik dat het sterker overkomt wanneer je zelf de ring ingaat als je een bepaald standpunt hebt en daarvoor staat. Geen stuurlui aan wal, maar op de boot. Neemt niet weg dat Inge en ik wel duidelijk van mening zijn dat onze wedstrijden niet in de weg moeten staan van de carrière van Romy. Voordat ik bondscoach was, heb ik Chopin CL (v. Dayano) een paar keer in de Lichte Tour gestart. Nu start Romy hem in de Inter II.

Ik ben veel in het buitenland om les te geven. We hebben bewust nooit meer dan achttien paarden op stal staan. Dat redden we prima met z’n drieën en op die manier krijgen de paarden de rust en de aandacht die ze verdienen. Wanneer er een nieuw paard op stal komt, probeer ik hem meestal als eerste uit. Daarna kijken we voor wie hij het meest geschikt is. Alle trainingen doen we ook gezamenlijk, er kijkt altijd wel iemand mee. Af en toe ga ik met of zonder paard naar een collega ruiter om van gedachten te wisselen, maar ik ben niet echt meer een leerling van een bepaalde trainer. Zolang het ons gegund is, blijven we zo verder samenwerken, want het is nog iedere dag genieten.’

Marieke van der Putten over Rien van der Schaft

‘Ik heb van Rien geleerd om tot in de puntjes op gevoel te rijden. Het draaide om voelen wat je paard nodig heeft en wat er iedere pas onder je gebeurt. Hij vond het heel belangrijk om onafhankelijk te kunnen zitten. Wij reden daar op zadels zonder wrongen en tot op de dag van vandaag rijd ik op een zelfde soort zadel. Wel met iets wrong, maar veel bewegingsvrijheid. Ik was daar een soort kind aan huis en heb een fantastische tijd gehad. Rien was er altijd om mij te helpen en we gingen met de hele familie Van der Schaft op concours. Ik denk er met veel plezier aan terug.’

Les van Rien via Hoefslag

Hoefslag geeft een dressuurles van Rien van der Schaft weg. Ben je nog geen abonnee? Zorg dan dat je snel een abonnement neemt *Let op: Aantrekkelijke actie!* Uiteraard doet de Hoefslagredactie verslag van de les, waarvan het resultaat verschijnt in Hoefslag Magazine. Mail bovendien vóór 30 september je naam en adres, je paard, je niveau en een filmpje van ongeveer één minuut van jou en je paard naar hoefslag@mediaprimair.nl. Uit de ingezonden reacties zal de redactie samen met Rien een combinatie uitkiezen.

Bron: Hoefslag

Foto: DigiShots

Volg ons!

102,129FansLike
0VolgersVolg
7,056VolgersVolg
1,451Youtube abonneesAbonneer