Tags Posts tagged with "Hippisch Loket"

Hippisch Loket

Iedere maand bespreken we op onze site een juridische vraagstelling uit de praktijk. In deze aflevering bespreekt juriste Kim Voskuilen de volgende vraag:

Je hebt na een lange zoektocht eindelijk je nieuwe topper gevonden. Het enige dat nog rest is een aankoopkeuring en dan is hij echt van jou. Je koopt het paard dus onder de voorwaarde dat hij goedgekeurd wordt. Maar wat spreek je dan eigenlijk precies af? En kan de verkoper het paard nog aan iemand anders verkopen voor de keuring?

Recent werd via Hippisch Loket een vraag gesteld over dit onderwerp. Iemand had een paard gekocht onder de voorwaarde dat het paard goedgekeurd zou worden. Echter, tussen de koop en de keuring bleek de verkoper het paard al aan iemand anders te hebben verkocht. Nu stond zij met lege handen en wilde weten of zij nog iets kon beginnen tegen de verkoper.

Tegenwoordig koopt bijna niemand meer een paard zonder het paard eerst te laten keuren. Dus nadat je het paard een keer of wat uitgeprobeerd hebt, spreek je met de verkoper af dat je het paard koopt, maar dan moet het paard wel klinisch en röntgenologisch goedgekeurd worden. Vaak zit er nog een korte periode tussen jouw besluit om het paard te kopen en de keuring. Waar moet je op letten in zo’n situatie?

Overdracht eigendom

Om een paard in eigendom over te kunnen dragen aan een ander, moet voldaan worden aan een aantal voorwaarden. Er moet sprake zijn van een titel, levering en beschikkingsbevoegdheid. Bij titel moet je denken aan de koopovereenkomst: dat is de basis van de overdracht van de eigendom. De levering is de wijze waarop de eigendom wordt overgedragen. Veelal gebeurt dat door machtsverschaffing: het paard wordt letterlijk aan de nieuwe eigenaar gegeven.

Beschikkingsbevoegdheid zegt iets over de bevoegdheid van de verkoper: is hij gerechtigd om de eigendom over te dragen. Stel dat je een zadel te leen hebt van een stalgenoot en je verkoopt dit zadel aan een ander, dan ben jij beschikkingsonbevoegd. Jij bent immers niet de eigenaar van het zadel en iets wat je niet bezit, kun je ook niet aan een ander overdragen.

Opschortende voorwaarde

Er zijn twee manieren waarop je de voorwaarde van goedkeuring kan afspreken met de verkoper. De eerste mogelijkheid is de opschortende voorwaarde. De overdracht van de eigendom komt als handeling tot stand, maar de voorwaarde van de koopovereenkomst (de goedkeuring van het paard), schort de werking op. Met andere woorden: je wordt pas eigenaar van het paard op het moment dat het paard is goedgekeurd. Je spreekt dus af dat je het paard koopt onder de opschortende voorwaarde dat het paard wordt goedgekeurd.

Ontbindende voorwaarde

De tweede mogelijkheid is de ontbindende voorwaarde. Hierbij geldt de overdracht van de eigendom meteen. Dit betekent dat je meteen eigenaar wordt van het paard, maar dat de overeenkomst automatisch wordt ontbonden wanneer het paard wordt afgekeurd. Je spreekt dan af dat jij het paard koopt onder de ontbindende voorwaarde dat het paard wordt afgekeurd. Je wilt immers het paard niet kopen als het wordt afgekeurd.

Nu vraag je je waarschijnlijk af wat het uitmaakt of je een koopovereenkomst onder opschortende of ontbindende voorwaarde sluit. Het grootste verschil is de beschikkingsbevoegdheid van de verkoper. Bij opschortende voorwaarde is en blijft de verkoper eigenaar van het paard totdat het paard is goedgekeurd. Dit betekent dat de verkoper bevoegd is om het paard ook aan een ander te verkopen. Hoewel hij hiermee jullie overeenkomst schendt (verbintenisrechtelijk), mag hij dit, als eigenaar zijnde, doen (goederenrechtelijk).

Bij ontbindende voorwaarde word jij als verkoper meteen eigenaar. Dit gebeurt ook vaak bij de koop van huizen: je koopt het huis onder de ontbindende voorwaarde van financiering. Krijg je de financiering niet rond, dan wordt de koopovereenkomst ontbonden. Doordat jij meteen eigenaar wordt, is de verkoper niet meer beschikkingsbevoegd om het paard aan een derde te verkopen.

Derdenbescherming

Wanneer een verkoper het paard toch verkoopt, terwijl hij dit niet kan/mag, omdat hij niet meer beschikkingsbevoegd is, dan kan de derde die het paard verkrijgt een beroep doen op derdenbescherming. Als de derde het paard heeft gekocht tegen betaling en te goeder trouw was, dan zal de derde toch rechtmatig eigenaar worden, ondanks dat de verkoper niet bevoegd was om het paard te verkopen. Wat dan slechts rest is de mogelijkheid tot het instellen van een schadevergoedingsactie jegens de verkoper die door de verkoop de overeenkomst heeft geschonden.

Conclusie

Let er dus goed op wanneer je een paard koopt onder welke voorwaarde je de afspraken precies maakt. Het is verstandig om dit expliciet te vermelden en uiteraard het liefst schriftelijk. Afgezien het juridische vraagstuk, kan het risico op verkoop aan een derde worden verkleind door de keuring zo snel mogelijk in te plannen.

Omdat dit zeer complexe materie is, heb ik het in grote lijnen weergegeven. Er zijn echter meer aspecten waar rekening mee gehouden moet worden. Mocht je vragen hebben naar aanleiding van dit artikel of zelf een probleem hebben waar je hulp bij kan gebruiken, neem dan gerust contact op via hippisch-loket.nl.

Dit artikel is geschreven door Kim Voskuilen van het Hippisch Loket. Voor meer informatie kun je contact opnemen via info@kimvoskuilen.nl of bezoek de website: www.hippisch-loket.nl.

Foto: Remco Veurink

Iedere maand bespreken we op onze site een juridische vraagstelling. De betreffende zaken komen uit de praktijk en in deze aflevering bespreekt juriste Kim Voskuilen onderstaand probleem:

Sinds een jaar heb ik mijn paard gestald op een pensionstal. De stalling houdt, naast het dagelijks mesten en opstrooien van de stal, dagelijkse weidegang, gebruik van alle faciliteiten en twee keer per dag krachtvoer, ook het voldoende voeren van ruwvoer in. Het is de afspraak dat de paarden ‘s ochtends en ‘s avonds ruwvoer krijgen. Omdat mijn paard enorm begon in te vallen en totaal geen energie meer had, ben ik in de gaten gaan houden hoeveel ruwvoer ze daadwerkelijk krijgt. Nu blijkt dat alle paarden iedere dag veel te weinig krijgen. Ik heb dit aangegeven bij de staleigenaar. Zij is van mening dat de paarden allemaal te dik zijn en echt wel genoeg te eten krijgen. Omdat ik het daar niet mee eens ben (ik zie immers aan mijn paard dat ze echt te weinig eten krijgt), heeft ze gezegd dat ik binnen drie dagen moet vertrekken. Maar zij kan mij toch niet verplichten om op zo’n korte termijn te vertrekken?

Een pensionstallingsovereenkomst bevat veelal meerdere overeenkomsten: naast de huur van de stal en de faciliteiten, behelst het vaak ook een overeenkomst met betrekking tot de verzorging van een paard. In de meeste gevallen mest de staleigenaar de stallen, zorgt voor het buiten en binnen zetten van de paarden en het voeren van kracht- en ruwvoer. In deze vraag komen deze twee elementen samen: de afspraken met betrekking tot het voerbeleid worden niet naar behoren uitgevoerd en, als gevolg daarvan, zegt de staleigenaar de overeenkomst vrijwel per direct op.

In tegenstelling tot de huur van woon- en bedrijfsruimte bestaan er geen speciale regels waar het gaat om de huur van een pensionstal. Bij huur van een woonruimte geniet de huurder extra bescherming waardoor de verhuurder bijvoorbeeld niet zomaar de huurovereenkomst op mag zeggen. Helaas gelden deze regels niet bij de huur van een stal. Beide partijen zijn in principe vrij om op ieder moment de huurovereenkomst op te zeggen.

Huur onbepaalde tijd

Het komt helaas vaker voor dat bij een meningsverschil een staleigenaar zijn klant meteen de deur wijst. De staleigenaar kan echter niet verwachten dat de klant ook per direct vertrekt. Indien er bij het aangaan van de huur geen contract is opgesteld, dan is de staleigenaar toch verplicht een opzegtermijn in acht te nemen. Als het een huurovereenkomst betreft met betrekking tot een onroerende zaak, niet zijnde een woning of bedrijfsruimte, die aangegaan is voor onbepaalde tijd, dan dient er tenminste een opzegtermijn van één maand in acht genomen worden. Deze opzegtermijn geldt voor de opzegging door zowel de staleigenaar als de pensionklant.

Huur bepaalde tijd

De opzegtermijn van één maand is alleen van toepassing op stalhuur voor onbepaalde tijd. In de meeste gevallen zal hiervan sprake zijn: vaak stallen mensen een paard ergens met als doel daar voor langere tijd te staan zonder de intentie om te verhuizen. In de gevallen dat wel een bepaalde tijd is afgesproken, bijvoorbeeld voor een half jaar, dan is sprake van een huurovereenkomst voor bepaalde tijd. In beginsel bestaat er dan geen mogelijkheid tot tussentijdse opzegging. Uiteraard kan dit wel als afgesproken is dat een tussentijdse opzegging mogelijk is of natuurlijk met wederzijds goedvinden, wanneer deze afspraak niet is gemaakt.

Conclusie

Een staleigenaar kan dus niet van zijn klant verwachten dat hij binnen drie dagen zijn paard verhuist. Hij zal zijn klant minimaal één maand de tijd moeten geven om een andere stalling te zoeken en te verhuizen. Uiteraard zal de verzorging van het paard in deze periode naar behoren uitgevoerd moeten worden. In een volgend artikel zal verder ingegaan worden op de mogelijkheden wanneer een staleigenaar de afspraken met betrekking tot de verzorging niet naar behoren nakomt.

Checklist opzegging huur:

  • Is sprake van een huurovereenkomst voor bepaalde of onbepaalde tijd?
  • Huurovereenkomst voor bepaalde tijd: in principe geen mogelijkheid om tussentijds op te zeggen. De huurovereenkomst kan wel met wederzijds goedvinden beëindigd worden of als afgesproken is dat tussentijds opzeggen wel mogelijk is.
  • Huurovereenkomst voor onbepaalde tijd: opzegging mogelijk, mits in achtneming van minimaal één maand opzegtermijn. Uiteraard kunnen partijen overeenkomen dat zij afwijken van de maand opzegtermijn, maar dit kan alleen met wederzijds goedvinden.

Dit artikel is geschreven door Kim Voskuilen van het Hippisch Loket. Voor meer informatie kunt u contact opnemen via info@kimvoskuilen.nl of bezoek de website: www.hippisch-loket.nl.

Foto: Remco Veurink

 

Onderhoud
Schoonhouden van je hoofdstel is het halve werk van je onderhoud

Iedere maand bespreken we op onze site een juridische vraagstelling. De betreffende zaken komen uit de praktijk en in deze aflevering bespreekt juriste Kim Voskuilen onderstaand probleem:

Een week geleden heb ik bij een ruitersportzaak in de buurt een nieuwe rijbroek gekocht. Ik heb de broek meteen gedragen tijdens het rijden en ik kwam ’s avonds tot de ontdekking dat in de broek al een gat is ontstaan. Omdat de broek na één keer dragen al stuk was, ben ik teruggegaan naar de ruitersportzaak en heb ik mijn geld teruggevraagd. In de winkel kreeg ik te horen dat ik geen geld terug kreeg, maar een tegoedbon. Ik was het hier totaal niet mee eens. Het kan toch niet zo zijn dat ik een rijbroek koop die na één keer dragen al stuk is en dat ik mijn geld niet terugkrijg. Mag dit zomaar?

Consumentenkoop

Veel winkels hebben de regel dat een gekocht product binnen een aantal dagen of weken geruild of geretourneerd mag worden. Hieraan zijn wel bepaalde regels verbonden. Een winkel mag niet altijd, bij iedere teruggave van een product, een tegoedbon verstrekken. Wanneer u een broek koopt en thuis begint u te twijfelen over uw aankoop, dan kunt u bij de meeste winkels zonder problemen de broek retourneren. Het staat een winkel echter vrij het aankoopbedrag in de vorm van een tegoedbon terug te geven. Deze vorm van retourneren is namelijk een service van de winkel. Ze zijn het niet verplicht om een goed product terug te nemen, alleen maar omdat de klant zich bedacht heeft.

Dit is anders wanneer sprake is van een ondeugdelijke product. Van een ondeugdelijk of gebrekkig product wordt gesproken, indien het niet de eigenschappen bezit die voor normaal gebruik nodig zijn. Zo mag van een rijbroek verwacht worden dat de stof en garen van dusdanige kwaliteit zijn dat u daar geruime tijd mee kunt rijden en van een poetsborstel mag verwacht worden dat de haren blijven zitten wanneer u de borstel gebruikt. In Nederland bestaat regelgeving die zich richt op de koop van goederen. Hierin staat onder meer wanneer sprake is van koop, welke verplichtingen een koper heeft en welke verplichtingen een verkoper heeft. Tevens wordt er een onderscheid gemaakt tussen een ‘gewone’ koop of een consumentenkoop.

Van consumentenkoop is sprake wanneer een koper, een natuurlijk persoon, niet handelend in de uitoefening van een beroep of bedrijf, een roerende zaak koopt bij een verkoper die handelt in de uitoefening van een beroep of bedrijf. Een ‘gewone’ koop vindt plaats tussen meerdere natuurlijke personen of tussen meerdere professionele partijen. Koopt u een rijbroek in de plaatselijke ruitersportzaak, dan is sprake van een consumentenkoop. 

Ontbinding

De algemene regel is dat een koper de overeenkomst kan ontbinden (beëindigen) wanneer de verkoper tekortschiet in de nakoming van de verbintenis. Dit betekent dat indien de verkoper een ondeugdelijk product levert, de koper de overeenkomst kan ontbinden. De wetgever heeft echter bij consumentenkoop een uitzondering op deze regel gemaakt. Een consumentkoper kan de overeenkomst pas ontbinden, als de verkoper de mogelijkheid heeft gekregen het product te herstellen of voor vervanging te zorgen.

Tot slot is ontbinding pas mogelijk als de tekortkoming (het gebrek) de ontbinding rechtvaardigt. Dit is bijvoorbeeld niet het geval wanneer u een poetsborstel koopt waarbij een klein krasje op het handvat zit: dit krasje rechtvaardigt geen ontbinding.

Kunnen ze geen nieuwe rijbroek leveren, zijn ze verplicht het aankoopbedrag terug te geven

Wanneer u een rijbroek hebt gekocht die na één keer dragen al stuk is, dan is de ruitersportzaak verplicht een vervangende rijbroek te leveren. Dit houdt echter niet in dat ze zomaar een rijbroek kunnen leveren. Het moet wel gaan om een rijbroek die u wilt hebben. Het moet dezelfde rijbroek betreffen of u moet zélf akkoord gaan met een andere rijbroek. Kunnen ze geen nieuwe rijbroek leveren, dan zijn ze verplicht u het aankoopbedrag terug te geven.

Checklist

Neem in het geval van een ondeugdelijk product geen genoegen met een tegoedbon. De winkel dient u alsnog een deugdelijk product te leveren of het aankoopbedrag aan u te retourneren.

Checklist retourneren:

  • Het retour- en/of ruilbeleid van een winkel is een service die zij wel of niet bieden. Een winkel is niet verplicht goede producten zomaar terug te nemen of te ruilen.
  • Is het product goed, maar u wilt het product om welke reden dan ook toch terugbrengen, dan mag de winkel u een tegoedbon geven in plaats van geld.
  • Is het product kapot of dusdanig beschadigd dat het niet naar behoren functioneert, dan dient de winkel voor vervanging te zorgen of het product te herstellen.
  • Kan de winkel geen vervanging of herstel aanbieden, dan moet de winkel u het aankoopbedrag teruggeven.

Dit artikel is geschreven door Kim Voskuilen van het Hippisch Loket. Voor meer informatie kunt u contact opnemen via info@kimvoskuilen.nl of bezoek de website: www.hippisch-loket.nl.

Foto: Remco Veurink

Iedere maand bespreken we op onze site een juridische vraagstelling. De betreffende zaken komen uit de praktijk en kunnen daarom voor een ieder die beroeps- of hobbymatig actief is in de paarden(sector) interessant zijn. In deze eerste aflevering bespreekt onze juriste Kim Voskuilen een probleem dat ontstaat wanneer de training van je paard bij een professional is uitbesteed. Voordat we aan deze zaak toekomen, stelt ze zich eerst even aan je voor:

Beste paardenliefhebber,

Kim VoskuilenIk verheug mij erop om jouw juridische paardenvragen te beantwoorden. De wet- en regelgeving is niet altijd even makkelijk te doorgronden en ik hoop op deze manier de rechten en plichten duidelijker te maken. Ik zal mij eerst kort voorstellen. Mijn naam is Kim Voskuilen (foto rechts) en ik ben werkzaam als jurist. Van jongs af aan ben ik ‘besmet’ met het paardenvirus. Momenteel rijd ik drie paarden. Ze zijn allemaal vijf jaar: één ruin en twee merries, waarvan ik één merrie de mijne mag noemen. Ik heb mij als jurist dan ook gespecialiseerd in het hippisch recht, wat betekent dat ik mij bezig houd met alles wat met paarden en het recht te maken heeft. Hierbij kan je denken aan problemen met de koop van een paard, bijvoorbeeld het paard voldoet niet aan je verwachtingen, aansprakelijkheidskwesties, zoals schade veroorzaakt door jouw paard, of onenigheid met de pensionhouder.

Ik vind het belangrijk dat iedereen de mogelijkheid heeft om gedegen rechtshulp te krijgen.  Om dit te bewerkstellingen heb ik het Hippisch Loket opgericht. Via dit platform kan je geheel gratis en vrijblijvend jouw juridische vraag stellen. Binnen twee dagen krijg je het antwoord toegezonden. Ook kan je reeds gestelde vragen inclusief antwoorden bekijken. Wellicht dat jouw vraag er al tussen staat. Het Hippisch Loket onderscheidt zich van andere rechtswinkels of juridisch loketten doordat jouw vraag wordt beantwoord door juristen die de taal van de paardenwereld spreken. Iets wat van essentieel belang is bij het beantwoorden van juridische paardenvragen.

Paard in training

De juridische kwestie van deze maand betreft de volgende vraag:

Mijn paard staat in training bij een professionele ruiter, maar er wordt onvoldoende vooruitgang geboekt. Kan ik de gemaakte kosten verhalen omdat ik ontevreden ben over de kwaliteit van de training? 

Omdat mijn paard door mijn bijrijdster verkeerd is gereden en ik haar zelf niet voldoende kan verbeteren, heb ik besloten haar in training te zetten bij een professionele ruiter. Hij heeft het paard één keer bereden voordat het paard definitief bij hem in training kwam. Na deze kennismaking werd het hem duidelijk dat er behoorlijk wat werk in zou gaan zitten, maar dat hij verwachtte na één maand al een duidelijke verbetering te zien. Inmiddels staat het paard voor de tweede maand bij hem in training, maar is er nog weinig vooruitgang te zien. Naar mijn mening wordt mijn paard te weinig en te kort gereden. Ik probeer zoveel mogelijk bij de trainingen te gaan kijken, zodat hij mijn paard wel moet rijden, maar dat is geen doen en zou ook niet nodig moeten zijn. Ik vraag mij af wat ik hieraan kan doen. Kan ik mijn geld terugvragen omdat mijn paard onvoldoende wordt gereden en daardoor onvoldoende vooruitgang boekt?

Inspanningsverbintenis

In dit geval, waar het gaat om een trainingsovereenkomst, is het allereerst van belang te realiseren dat het gaat om een inspanningsverbintenis. Dit betekent dat de ruiter een bepaalde inspanning dient te leveren, maar geen concreet resultaat moet behalen. De intentie om een bepaald doel te halen is er wel degelijk, alleen kan de ruiter niet verantwoordelijk gehouden worden wanneer hij na voldoende inspanningen en inzet het doel niet weet te bereiken. Stel dat de ruiter er alles aan heeft gedaan om het paard op Z-dressuurniveau te krijgen (het doel), maar het paard blijkt dat fysiek niet aan te kunnen, dan kan de ruiter daar niet op afgerekend worden.

Belangrijk is dat afspraken schriftelijk zijn vastgelegd

Bij dergelijke overeenkomsten is het van belang wat partijen precies hebben afgesproken met betrekking tot de training. Hierbij kunt u denken aan de afspraak dat het paard vijf dagen per week minimaal een half uur onder het zadel wordt getraind. Belangrijk hierbij is dat deze afspraken schriftelijk zijn vastgelegd in verband met de bewijslast. Een mondelinge overeenkomst is uiteraard ook rechtsgeldig, maar resulteert bij onenigheid vaak in een welles-nietesdiscussie, ook bij mensen die u goed kent en vertrouwt.
Omdat het om een inspanningsverplichting gaat, zal de ruiter niet snel tekortschieten in de nakoming van de overeenkomst, tenzij hij te weinig inspanningen heeft verricht. Dit is anders wanneer blijkt dat de ruiter niet, zoals afgesproken, vijf dagen per week heeft gereden, maar het paard slechts drie dagen per week heeft getraind.

Checklist overeenkomst

Om een definitief antwoord te kunnen geven op bovenstaande vraagstelling is nog meer informatie nodig. Het is mogelijk dat u de kosten terug kan krijgen, dit is echter afhankelijk van alle feiten, omstandigheden en gemaakte afspraken. Neemt u bij twijfel of vragen contact op met een deskundig jurist, deze zal u verder kunnen helpen.

Om u een aantal handvatten te geven bij het afsluiten van een trainingsovereenkomst, kunt u deze minichecklist gebruiken:

  • Leg de gemaakte afspraken altijd schriftelijk vast;
  • Maak afspraken met betrekking tot de duur, intensiteit en omvang van de training;
  • Spreek een concreet doel af binnen een gesteld termijn;
  • Maak inzichtelijk wat er gebeurt als dit doel niet binnen de termijn behaald wordt;
  • Leg vast wat er gebeurt als het doel eerder wordt behaald;
  • Eventuele andere afspraken met betrekking tot stalling en dergelijke.

Deze minichecklist is niet limitatief, maar geeft u houvast bij het afsluiten van een trainingsovereenkomst.

Dit artikel is geschreven door Kim Voskuilen van het Hippisch Loket. Voor meer informatie kunt u contact opnemen via info@kimvoskuilen.nl of bezoek de website: www.hippisch-loket.nl.

Foto openingsbeeld: Remco Veurink

 

Volg ons!

103,192FansLike
0VolgersVolg
0VolgersVolg
1,451Youtube abonneesAbonneer