Tags Posts tagged with "gedrag"

gedrag

0 558

Een klant vroeg om advies omdat haar paard een onhebbelijke gewoonte had ontwikkeld. Het dier probeerde te bijten als zijzelf of iemand anders met de voerschep de stal in wilde stappen. Zodra het voer in de bak zat was het probleem over. Zoals met veel gedragsproblemen was niet helemaal duidelijk wanneer en waarom het probleem was ontstaan.

Bij verder informeren werd duidelijk dat het probleem alsmaar erger werd omdat iedereen zijn best deed het voer zo snel mogelijk in de bak te krijgen. Vanuit menselijk oogpunt te begrijpen, want niemand wil gebeten worden. Vanuit het standpunt van het paard was dit ‘steeds sneller voeren’ de positieve bekrachtiger; de beloning voor het bijten. Al het gedrag dat een paard iets oplevert, zal hij vaker vertonen. Een praktische oplossing, een luikje maken waardoor er van buitenaf gevoerd kon worden, was niet mogelijk.

Toen ik bij het paard op stal kwam, liet de eigenaar zien hoe het toeging bij het voeren. Het was duidelijk dat het paard een voor hem succesvolle strategie had ontwikkeld. Er was een creatief plan nodig om dit dier op andere gedachten te brengen. Alle vormen van geweld en intimidatie waren al uitgeprobeerd en werkten niet of niet meer. Ik besloot een gedragstherapiemethode toe te passen waarbij nieuw gedrag, dat onverenigbaar is met het probleemgedrag, wordt aangeleerd. Het is een vorm van herconditioneren waarbij het paard iets nieuws leert dat voor het bijten in de plaats komt. In dit geval moesten wij dus niet trainen tijdens voertijd, maar op een tijdstip dat het paard niet opgewonden was.

Ik besloot de ‘ga met je neus in de hoek staan’ oefening aan te leren. Nu is dit soort oefeningen met paarden nog geen gemeengoed, maar in dierentuinen wordt het vaker gebruikt. Dolfijnen in Harderwijk leren om met de zijkant van hun lijf tegen de vlonder aan te gaan drijven, zodat de dierenarts op zijn gemak medisch onderzoek kan verrichten. Als een wild dier het kan leren, moet het voor een paard een eenvoudig kunstje zijn.

Leuk spel

Eerst leerden we het paard om met zijn neus een target aan te raken. Hiervoor hadden we een stok met een knop erop die door de tralies gestoken kon worden. Het aanraken van de target, de knop vond het paard een leuk spel en binnen enkele keren begreep het dier wat de bedoeling was. Toen werd het tijd om er een signaal aan te koppelen en het paard nog alleen te belonen als hij de knop aanraakte wanneer die in een bepaalde hoek van de box verscheen.

We gebruikten het commando ‘ga in je hoek’ en natuurlijk werd het alleen gezegd vlak voordat het paard de target aanraakte. Door de kreet en het gedrag binnen een halve seconde te koppelen, leert het paard de betekenis. Paarden vinden dit soort oefeningen leuk en leren snel wat de bedoeling is. Nu de basis erin zat, maakten we het moeilijker. De target werd beurtelings in de gekozen hoek door de tralies gestoken voorafgegaan door het commando ‘ga in je hoek’, maar ook weleens op een andere plek en dan werd er niets gezegd en ook niet beloond. De bedoeling was het paard te leren oplettend te zijn en alleen gedrag te vertonen dat gevraagd werd.

In eerste instantie veroorzaakt dit verwarring, maar door consequent in een aantal korte sessies te oefenen, leerde het paard snel wat de bedoeling was. In dit stadium van de training is het belangrijk om de frustratie bij het dier niet te lang te laten duren.

Een paard mag nadenken over wat de bedoeling is, maar het niet opgeven. Zodra dat aan de orde is doe je een stapje terug en werk je alleen vanuit de hoek waar het dier de beloning verwacht en las je een trainingspauze in. Vaak zie je dat bij het hervatten van de training het kwartje valt.

Toen het paard begrepen had dat hij alleen lekkers kreeg als hij de stok ‘op commando’ aanraakte, verdween de target door de tralies en kon het paard niets anders doen dan tegen de tralies duwen in een poging het target aan te raken. Deze tijd werd uitgebouwd tot zo’n 30 seconden. Toen dat goed ging werd het ‘ga in je hoek’ gecombineerd met het dagelijkse eten geven. Om het wat makkelijker te maken, werd het voeren iets eerder gedaan dan normaal en kreeg ons probleempaard als eerste eten. De persoon met de target stond klaar in de hoek en ik had de etensbak vast. Het paard kreeg het commando ‘ga in je hoek’ en toen het daar rustig stond, liep ik de stal in en gaf het voer.

Herhalen

De eerste keer was het dier overdonderd en bleef het in de hoek wachten op z’n beloning. Pas daarna ging hij naar z’n etensbak. De tweede keer zag hij mij aankomen met de voerbak en reageerde hij in eerste instantie niet op het commando maar deed een stap in mijn richting. Dit gedrag bracht niet het verwachte resultaat omdat ik direct weer wegliep met de voerbak. Ook de targetpersoon deed een paar passen bij de tralies vandaan. Nu had het dier dus niets; geen beloning voor de target en ook geen voer. Na een paar minuten pauze was het paard voldoende gekalmeerd om de oefening te herhalen. Ik kwam in zicht met de voerbak en tegelijkertijd kreeg het paard het commando ‘ga in je hoek’. Het paard vertoonde een lichte aarzeling en besloot de hoek in te lopen. Ik kon het voer in de bak doen en het paard kreeg een extra lekkere beloning voor het in de hoek staan. Belangrijk bij dit laatste trainingsgedeelte is natuurlijk dat het paard voor het in de hoek staan een grotere – lees lekkerder – beloning ontvangt dan wat er in zijn etensbak zit.

Nu werd het laatste gedeelte van de training ingezet. De helper verdween uit de hoek en het paard kreeg het commando ‘ga in je hoek’. Dit was voor het paard een nieuwe oefening. We hadden iemand weggehaald en dan ziet het er voor een dier anders uit. Ik stond klaar om na tien seconden goed gedrag alsnog naar de hoek te lopen en de beloning te geven. Toen dat goed ging werd de tijd in vijf sessies opgevoerd naar ongeveer 35 seconden.

We zijn nu een paar weken verder en het paard gaat nog steeds op commando naar de hoek, maar inmiddels niet omdat de eigenaar het vraagt, maar omdat hij de voerbak ziet aankomen. Het dier is helemaal ‘vergeten’ dat hij ooit degene probeerde te bijten, die het voer kwam brengen. Een mooie bijkomstigheid is dat eigenaar en paard zo’n plezier hebben in het target trainen dat ze een paar keer per week in de bak grondoefeningen trainen met de target. Daarover een andere keer meer. |

Tekst: Debbie Rijnders/Foto: Remco Veurink

0 50

Internationaal welzijnsorganisatie The Brooke heeft een onderzoek uitgevoerd naar het gedrag van werkezels in arme gebieden van Pakistan. Twintig ezels met hoefproblemen, wonden of kreupelheid kregen een enkele dosis orale ontstekingsremmer toegediend, terwijl een controlegroep een placebo ontving. Voor het ontvangen van medicatie toonden de ezels diverse gedragskenmerken als sloomheid, soezen, lange periodes sluiten van de ogen en het laten hangen van het hoofd. Nadat de medicatie begon te werken waren de dieren aanmerkelijk alerter.

‘Het is een feit dat ezels op een andere manier reageren op pijn dan paarden en deze tekenen zijn vaak zo subtiel dat mensen er al snel overheen kijken. Ezels zijn ongelooflijk hard voor zichzelf,’ aldus onderzoekster Melissa Upjohn. ‘Werkpaarden en ezels zijn vaak van grote waarde voor arme mensen, maar de dieren staan vaak bloot aan grote stress en maken lange dagen in slechte leefomstandigheden. Deze studie moet eigenaren bewuster maken van de gemoeds- en gezondheidstoestand van hun dier.’

The Brooke behandelde vorig jaar 1.5 miljoen werkpaarden, ezels en muildieren. Het doel voor 2016 is om 2 miljoen dieren te helpen.

Hoefslag/Horseandhound

0 209

Bijna iedereen kent wel een paard met het stempel ‘gemeen’. Een die altijd gericht lijkt te schoppen, zijn tanden in je bovenarm zet, of de oren al platlegt als je alleen maar kijkt. Het waarom van dit gedrag is vaak een raadsel, maar zeker is dat er nooit sprake is van kwade opzet. Iemand is gemeen wanneer hij of zij doelbewust een ander wil benadelen. Een gemeen paard zou dus slechte bedoelingen hebben. De vraag rijst of een paard überhaupt doelbewust kan handelen. Het antwoord hierop ligt in het mentale vermogen van het paard. De hersenen van het paard zijn relatief beperkt, doordat het miljoenen jaren lang beschikking heeft gehad over voldoende graslanden. Het paard is geëvolueerd terwijl het letterlijk op zijn eten stond. Ingenieuze jachttechnieken waren overbodig. Hierdoor is het gedeelte van de hersenen, dat bedoeld is om te redeneren, analyseren en reflecteren niet ontwikkeld. In tegenstelling tot de mens heeft het geen voorstellingsvermogen of fantasie. Een paard kan ‘gemeen doen’ niet als doel hebben en kent geen verschil tussen goed of kwaad. Wat wij zien als gemeen gedrag, is voor het paard een manier om met stress om te gaan.

Het hele artikel over ‘gemene paarden’ lees je in Hoefslag 11.

Foto: Remco Veurink

0 174
foto: Remco Veurink

Onderzoekers uit Polen en Ierland hebben het gedrag van 150 top spring- en dressuurpaarden via FEI.tv bestudeerd en zijn tot de conclusie gekomen dat ook paarden die tot en met het allerhoogste niveau worden getraind en uitgebracht niet altijd ‘klaar’ zijn voor de wedstrijd. De dieren vertonen conflictgedrag omdat ze psychisch of fysiek niet tegen de opdracht opgewassen zijn.

Het gedrag van honderd spring- en vijftig dressuurpaarden tijdens wedstrijden werd onder de loep genomen. Conflictgedrag uit zich in schudden van het hoofd, trekken aan de teugels, met open mond lopen en zwiepen van de staart. Ook het ver achter de loodlijn lopen werd aangetekend als conflictgedrag. De onderzoekers merkten ook een bepaalde reactie op bij bepaalde hindernissen, of bij dressuurpaarden, steeds hetzelfde gedrag als een bepaalde oefening werd gevraagd.

Bij springpaarden kwam het het vaakst voor dat de paarden de teugels uit de handen trokken, en wel het meest bij steilsprongen en combinatiesprongen. Bij dressuurpaarden werd het zwiepen van de staart het meest gesignaleerd, bij alle oefeningen. Andere reacties traden slechts zelden op. Dressuurpaarden liepen wel vaker met de neus achter de loodlijn dan springpaarden.

Het feit dat conflictgedrag zo vaak waargenomen wordt, wordt als zorgelijk ervaren. Als paarden niet voldoende voorbereid op wedstrijd gaan, is dat in strijd met de FEI Gedragscode. ‘Je moet je afvragen of het welzijn van het paard dan niet in het gedrang komt’, vinden de onderzoekers. ‘Het zou een goede zaak zijn als de FEI haar gedragscode nog eens bekijkt, in relatie tot dit onderzoek.’

‘Conflict Behavior in elite show jumping and dressage horses’.

Horsetalk/Hoefslag

0 61

Wanneer een paard gevoelig is voor stereotypisch gedrag als kribbebijten, luchtzuigen of weven, of wanneer jouw paard vatbaar is voor koliek, dan is het noodzaak om het dier zoveel mogelijk op het land te zetten. Volgens een recente studie keert het klachtenbeeld minder vaak terug wanneer de paarden buiten in beweging zijn en zelf hun kostje bij elkaar moeten grazen. Onderzoekers aan de Universiteit van Liverpool bestudeerden 59 paarden die gevoelig waren voor koliek en 177 paarden die een enkele keer koliek hadden gekregen. Bij de groep van paarden met herhaaldelijk koliek was er zelfs een paard die vijf keer in één jaar koliekerig bleek. Aan de hand van een veterinair archief en eigenaarverslagen, ontdekten de wetenschappers specifieke trends bij de paarden met terugkerende koliek. Wanneer de paarden meer op het land kwamen, keerde de koliek minder vaak terug. Maar bij het vertonen van stereotypisch gedrag, waaronder zelfs het weven, bleek de koliek sneller terug. Ook lijkt er een verband tussen een koliekaanval en het gebruik van probiotica, maar hiervoor ontbreekt nog bewijs. Daarnaast bespeurde het onderzoeksteam een mogelijke link tussen het voeren van groente en fruit en een afnemend risico op koliek bij paarden met stereotypisch gedrag, maar ook hiervoor is aanvullend onderzoek nodig.

Hoewel buiten lopen ervoor lijkt te zorgen dat koliek minder vaak terugkomt, is het moeilijk te bepalen hoelang een paard dan buiten moet lopen. Iedere verandering in het voer- en weilandmanagement moet langzaam worden ingevoerd om het spijsverteringssysteem van het paard te laten wennen. Andere methodes om koliekkansen te verkleinen zijn een regelmatige checkup door de tandarts, toegang tot vers water en tijdig ontwormen.

Hoefslag/TheHorse

0 55
Kribbebijten
Kribbebijten

Paardeneigenaren missen vaak signalen die duiden op gezondheidsproblemen bij hun paard. Dit wijst een nieuwe Franse studie uit. Onderzoekers bekeken hoe acuraat eigenaren de gezondheidstoestand van hun paard beoordeelden. Er werden tijdens dit onderzoek maar liefst zeven keer zoveel paarden met stereotypisch gedrag aangetroffen dan hun eigenaren hadden aangegeven. ‘Eigenaren hebben vaak geen idee van welzijnsproblemen bij paarden,’ aldus onderzoeker Clémence Lesimple. ‘Dit is misschien te wijten aan gebrek aan kennis of aandacht, of misschien willen ze het ook gewoon wel helemaal niet weten. In sommige gevallen waren de eigenaren zo gewend aan de slechte leefomstandigheden van hun paard dat ze de drempel tot ‘normaal gedrag’ drastisch hadden verlaagd.’

373 paarden van verschillende rassen uit 26 maneges en pensionstallen deden mee aan het onderzoek. De eigenaren of grooms moesten een enquete invullen, waarna de onderzoekers de paarden zo’n 18 uur lang observeerden. Van de 373 geobserveerde paarden zou 5% sterotypisch gedrag tonen, maar na onderzoek bleek dit maar liefst 37% te zijn. Sommige paarden vertoonden zelfs zeven verschillende soorten vreemd gedrag. Het baart paardenwelzijnsorganisatie World Horse Welfare zorgen dat zoveel eigenaren geen idee hebben over het gedrag van hun paard: ‘We willen eigenaren aanmoedigen om hun dieren goed te observeren en ook naar andere paarden te kijken, zodat er genoeg vergelijkingsmateriaal is over verschillende situaties en gedragskenmerken. Soms zijn mensen zo gewend aan vreemd gedragvan hun paard, waardoor ze dit als normaal beschouwen.’

Hoefslag/Horseandhound

Foto: Marjolijn Munnich

0 214
koniks
foto: Remco Veurink

Er werd altijd aangenomen dat een kudde paarden aangevoerd wordt door een ‘leidmerrie’, die de groep naar nieuwe gebieden voert en de paarden die uit de pas lopen corrigeert. Nieuw onderzoek door de Duitse professor Konstanze Krüger van de Universiteit van Nürtingen suggereert dat dat een fabel is. Zij observeerde haar eigen paarden, maar dat overtuigde haar niet van het idee dat de merrie die het hoogste in rang was bepaalde waar de rest van de kudde heen ging of wat er ging gebeuren. Vandaar dat ze twee keer samen met een onderzoeksteam naar Italië ging om met een tussenpose van een jaar drie groepen wilde Esperia-paarden te bestuderen.

Er werden twee soorten bewegingsacties onderscheiden: ‘drijven’ (andere dieren van de kudde van achteren opdrijven) en ‘vertrekken’ (de leiding nemen, waarna de rest van de kudde volgt). De bevindingen van de onderzoekers waren verbazingwekkend:
– niet de leidmerrie is de hoogste in rang. In één groep was het een hengst. In de andere twee groepen namen hengsten de tweede en vijfde plek in de rangorde in.
– alleen de alpha-hengst, de hengst die het hoogste in rang is in de kudde, vertoonde ‘drijf’ gedrag. De hele groep volgde hem.
– alle merries initieerden ‘vertrek’ gedrag, zeker niet alleen de leidmerrie. Hoewel de overige paarden wat meer geneigd waren de hoogst-in-rang-zijnde merries te volgen, gingen ze ook wel met de merries mee.

Volgens Krüger kan het hele idee over een ‘leidmerrie’ in twijfel worden getrokken na deze bevindingen. Voor de relatie mens-paard heeft het onderzoek interessante gevolgen. Hoewel de hiërarchie grotendeels stabiel is, wordt de manier waarop een paard besluit al dan niet mee te werken ingegeven door verschillende factoren. ‘De baas zijn’ betekent niet persé dat je paard je als de baas ziet als hij besluit om je te volgen.

Krueger, K., Flauger, B., Farmer, K., & Hemelrijk, C. (2014). Movement initiation in groups of feral horses. Behavioural Process., 103, 91–101.

Horseandhound/Hoefslag

0 351

Volgens de Deense onderzoekster Payana Hendriksen zouden veel ongelukken met paarden voorkomen kunnen worden. Dit heeft te maken met de interpretatie van het gedrag van het paard. Vooral jongere en oudere ruiters en amazones interpreteren paardengedrag nog weleens verkeerd, wat kan lijden tot vervelende situaties.

Hendriksen voerde haar onderzoek uit door middel van het beantwoorden van een vragenlijst onder 4.539 ruiters en amazones uit Denemarken die in drie leeftijdsgroepen werden ingedeeld. De vrouwen scoorden met een gemiddelde van 74% beter als de mannen. De kinderen kwamen tot een gemiddelde van 59%. De ouderen (60 tot 90 jaar) beschikten met 41% over de minste kennis. De groep dertigers behaalden het beste resultaat.

Vooral conflictsituaties leverden de meeste moeilijkheden op. Maar liefst 73% van de deelnemers wist wel wanneer een paard boos of gestresst was, maar kon het gedrag niet goed omschrijven, waardoor de score naar 54.5% daalde.

Volgens Hendriksen zouden maneges en prive-instructeurs meer aandacht moeten schenken aan het aanleren van correcte interpretatie van paardengedrag aan de leerlingen. Daarmee voorkomt men ongelukken op stal, op het land en onder het zadel.

Hoefslag/The Horse

0 163

Wetenschappers kwamen tot de conclusie dat het belangrijk is om een paard positief te benaderen. Ook zou hierbij de stemming van de trainer of ruiter een grote rol spelen.

Dr. Andrew McLean van het Australian Equin Behaviour Centre (AEBC) en professor Paul McGreevy van de Universiteit van Sydney gaven een gezamenlijke presentatie over de factoren die gevolgen kunnen hebben voor de opleiding van paarden. Dit deden zij tijdens een conferentie van de International Society for Equitation Science.

McLean zegt dat een positieve associatie tot de trainer kan worden vergroot door ‘het veilige effect’. Er zou hierbij gekeken moeten worden naar wat het dier fijn vindt en hoe hij zich in bepaalde situaties voelt. Vervolgens kan hier dan rekening mee worden gehouden.

Volgens McGreevy helpt het optimisme van de trainer om het dierenwelzijn te verbeteren. Een slechte stemming kan voor het dier namelijk duiden op een waarschuwing voor gevaar. Dit kan leiden tot gedragsproblemen.

Opgemerkt werd door McLean dat paarden de grootste amagdala (een deel van de hersenen) hebben van alle huisdieren. ‘Dit zorgt voor een vluchtreactie. Het zijn zeer angstige dieren’, zegt hij. Inzicht hierin zou van waarde kunnen zijn voor degenen die een band met hun paarden willen opbouwen. ‘Om verandering aan de angst te brengen, moeten we het paard anders benaderen.’ Al eerder bleek dat niet kloppen, maar strelen de beste manier is om een paard aan te raken. Er bleek dat tweederde van de paarden versnelde als ze beloond werden met een klopje, terwijl degenen die over de schoft werden gestreeld rustig reageerden.

Wel is het zo dat de reactie per dier verschillend is. ‘De ene training werkt voor het ene paard wel en voor de ander niet. De alertheid speelt hierbij een grote rol. Er moet daarom aandacht worden besteed aan hoe een paard zich in de trainingsomgeving voelt’, zegt McGreevy. Een slechte situatie of omgeving kan een paard hierbij koppelen aan de trainer. Volgens de wetenschappers is het daarom van belang om de dieren in een positieve gemoedstoestand te houden.

Bron: Horsetalk

Volg ons!

0FansLike
0VolgersVolg
0VolgersVolg
1,451Youtube abonneesAbonneer