Tags Posts tagged with "gebit"

gebit

0 1664

De karakteristieke kenmerken bij bepaalde fancy paardenrassen, zoals minipaardjes, zorgen vaak voor gebitsproblemen, met pijn als gevolg. Dat ondervindt een Britse paardentandarts.

Vikki Vowler, naast paardentandarts ook afgestudeerd dierenarts, komt steeds vaker pony’s tegen waarbij de mond niet voldoende ruimte biedt aan het aantal tanden en kiezen. De kiezen groeien letterlijk hun kaak uit.

Schoonheidsideaal

Fokkers zien het liefst een prachtig klein hoofdje, met dito mondje. ‘Een knap smoeltje is het schoonheidsideaal, het raskenmerk van bijvoorbeeld miniatuurpaardjes en een aantal andere paarden- en ponyrassen. Soms is het gebit zelfs in zo’n deplorabele staat, dat het dier afgemaakt moet worden.

Onvoldoende ruimte

‘De laatste keer dat ik deze pony zag, zat een van haar melktanden vast achter haar blijvende gebit. Zo’n tand is gewoon niet meer in staat om de vaste tand eruit te duwen, zoals normaal gesproken heel simpel het geval is. Ik trok de melktand eruit, maar nog altijd was er niet genoeg ruimte voor de ‘grote’ tand. De wortel ervan stak uit haar kaak, waardoor er een bult onder haar oog was ontstaan. Gelukkig waren de grote bloedvaten in haar hoofd nog intact.’

Verdwaalde tand

Maar de melktand was niet het enige probleem bij deze zesjarige pony. ‘Toen ik haar op vierjarige leeftijd behandelde, moesten haar achterste kiezen nog doorkomen. De eigenaar vertelde dat ze wat magerder geworden was, en ik ontdekte een ‘verdwaalde’ tand achter haar mond’, vertelt Vowler. ‘In plaats van voor in de mond naar buiten te komen, had deze tand een eigen plek gecreëerd. Ik kon er niet bij om ‘m te verwijderen; het risico dat ik haar kaak zou breken zou immens zijn.’

Onmogelijke operatie

De andere optie zou zijn de tand eruit halen via de buitenkant, maar een incisie om een acht tot tien centimeter grote voorwerp uit het hoofd te hengelen, is geen sinecure. De spieren, belangrijke bloedvaten en zenuwen zouden het moeten ontgelden. Dat wilden de eigenaren hun pony niet aandoen. Ik had de foto’s rondgestuurd om te horen of iemand ideeën had. Maar de enige optie was het dier laten inslapen. Een vergelijkbaar geval heb ik eerder gezien.’

Idiote rasidealen

De eigenaren van de pony zijn er kapot van, vertelt Vowler. ‘Ze willen mensen waarschuwen over de gevolgen die zo’n prachtig hoofdje kan hebben. De gebitsproblemen zijn helemaal te wijten aan de idiote rasidealen.’

Bron: Horse&Hound

Foto: Istockphoto

dierenkliniek wolvega gebit paard

Vroeger hoefden paarden niet naar de tandarts. Zij hadden zelden of nooit gebitsproblemen. Paarden die slecht wilden eten en/of vermagerden werden vroegtijdig opgeruimd. Tegenwoordig weten we wel beter en roepen we regelmatig de hulp in van de tandarts.

Bij de ontwikkeling van de kiezen en het uitbotten gaat het niet altijd goed. Hierdoor sluiten de kiezen soms niet goed tegen elkaar aan en kan er aan met name de tandvleeszijde ruimte ontstaan waar ruwvoer in gepropt wordt (diastasen). Dit gaat rotten en levert tandvleesontsteking op (periodontitis), wat zeer pijnlijk kan zijn.

Scherpe randen

Het paard gaat meer en meer op één kant kauwen en de snijtanden slijten scheef af. Ook kunnen kiezen scheef of uit de rij staan, waardoor ze niet normaal slijten en er haken en scherpe randen ontstaan.

De tanden van een paard zijn totaal anders dan die van een mens. Mensen hebben net als vleeseters brachydonte tanden met een lage kroon en een glazuurkap. Het kauwoppervlak is veelal puntig, geschikt om de prooi vast te houden en te verscheuren.
Paarden hebben net als herkauwers hypsodonte tanden met een hoge kroon en enamellen die instulpen. Daartussen ligt het dentine en cement, zodat je een ruw kauwoppervlak hebt met harde lamellen en iets minder harde dentine opvulling: een soort molensteen, uitermate geschikt voor het malen van ruwvoer.

Kieswortelontsteking

Mensen kunnen gaatjes krijgen door aantasting van de glazuurkap (suikerresten, het ontstaan van tandplaque en verkeerde bacteriegroei.). Paarden krijgen niet zo snel gaatjes. Toch kunnen de kiezen aangetast worden, bijvoorbeeld wanneer de instulpingen van de lamellen (infundibulae) heel diep zijn en er voedsel in blijft zitten rotten. Of wanneer door een steentje een stuk afbreekt en een pulpaholte bloot komt te liggen.

dierenkliniek wolvega gebit paard

Kieswortelontsteking komt nogal eens voor, alhoewel het meestal niet duidelijk is hoe de bacteriën ter hoogte van de wortel komen. Dit wordt in een iets gevorderd stadium meestal wel duidelijk in de vorm van een pijnlijke dikte van de kaak. Soms zijn ze hier behoorlijk ziek van met hoge koorts.

Kies eruit

Een kieswortelontsteking van de derde, vierde of vijfde kies in de bovenkaak kan ook nog eens een kaakboezemontsteking geven met pus in de kaakholte en uit de neus drainerend. Deze kiezen zijn veelal niet te redden. In een vroeg stadium red je het soms met antibiotica, maar meestal moet de kies eruit.

dierenkliniek wolvega gebit paard

Wanneer op een röntgenfoto duidelijke afwijkingen te zien zijn of er is een duidelijke zwelling ter hoogte van de slechte kies is de diagnose rond. Vaak geeft het klinisch en radiografisch onderzoek onvoldoende zekerheid over welke kieswortel aangetast is, of het slechts één kies betreft etcetera. Dan kan een CT-scan van het hoofd uitsluitsel geven. Dit kan tegenwoordig bij het staande gesedeerde paard.

Routine onderhoud

Tegenwoordig worden kiezen ook meer en meer bij het staande gesedeerde paard getrokken. De belangrijkste redenen om kiezen te verwijderen zijn kieswortelontsteking en ‘losse’ (uitgegroeide of scheef groeiende) kiezen bij oudere paarden. Dit vereist wel enige ervaring. Vroeger werden deze onder algehele narcose ‘gestempeld’. Hierbij heb je echter veel bijkomende schade, doordat je door de schedel en door de bodem van de tandkas heen timmert. Dit kan nog steeds nodig zijn bij jonge paarden met lange kiezen die achterin zitten, maar meestal lukt het ze via de mond te verwijderen.

Routinematig onderhoud helpt een normale stand behouden en bevordert gelijkmatig afslijten. Het kaakgewricht, de kiezencassettes en de snijtanden moeten alle drie normaal op elkaar afgestemd zijn. Dit kan worden verstoord door een abnormale stand van de snijtanden (over/onderbeet) of haken op de eerste/laatste kiezen of abnormale golfvorming in de kiezencassette.

Ook de hellingshoek in de snijtanden en de zijdelingse hoek van de kiezen (normaal 10-15 graden) moeten binnen normaalwaarden vallen. Is de mond op alle punten in balans, dan kan het paard goed kauwen en zijn de krachten die op de verschillende onderdelen worden uitgeoefend binnen proporties. Dit voorkomt dat tanden of kiezen verkeerd of overbelast worden, overmatig slijten en dat hun opponenten teveel doorgroeien.

Goed kauwen

Daar komt nog een belangrijk aspect bij. Goed kunnen kauwen is natuurlijk van het grootste belang voor een goede spijsvertering en daarmee de algehele gezondheid. Maar het gaat nog verder wanneer een paard een hoofdstel met bit in de mond moet en allerlei veeleisende inspanningen moet verrichten waarbij de sturing in de mond en de hoofd/halshouding van het grootste belang zijn.

Pijn in de mond is funest voor het goed kunnen functioneren van je sportpaard. Hiervan kan al snel sprake zijn door scherpe enamelranden die in de wang of in de tong prikken. Of dominante kiezen of zelfs haken die het voor/achterwaarts bewegen van de kiezencassettes onmogelijk maken wanneer het paard nageeflijk moet zijn.

Wolfskiezen moeten sowieso op correcte wijze verwijderd worden en vaak is een (kleine) bitseat een hulp voor een comfortabel zittend bit.

Preventieve zorg

Kortom, natuurlijk moeten alle paarden minimaal één keer per jaar naar een goede gecertificeerde gebitsverzorger of indien nodig naar een gespecialiseerde KNO dierenarts. Net als de hoefsmid, ontworming, de zadelpasser etcetera, behoort dit tot standaard preventieve gezondheidszorg in de 21e eeuw.

Tekst en foto’s: Marco de Bruijn en Cathérine Delesalle

 

http://paardengebitdierenarts.nl/
Sanne Journée schrijft dit artikel over de pijnlijke aandoening EOTRH.

Het gebit van je paard laten controleren kan veel gezondheidsproblemen en rijtechnische problemen voorkomen, ook wanneer je bitloos rijdt. Maar hoe vaak moet een controle eigenlijk en vanaf welke leeftijd?
En misschien wel het belangrijkste: wat mag je verwachten van een kwalitatief goede gebitsinspectie?

Een goede en volledige beoordeling van het gebit kan alleen met een spiegel en goede lichtbron of camera bij een paard wat ontspannen is en zijn hoofd volledig stil houdt. Eigenlijk niet anders dan bij je eigen tandarts die wil dat je hoofd stil ligt en dat je meewerkt. Met veel rust kunnen we ver komen bij een gebitscontrole van de meeste paarden, alleen zal bij een volledige controle en onderzoek van het gebit het paard gesedeerd moeten worden.

Wat is sederen?

Sederen is het toedienen van een anesthesiemiddel waarbij het bewustzijn van het paard verlaagd wordt en het heeft een licht pijnstillende werking. Het paard blijft staan en zal goed meewerken en ontspannen zijn. Wanneer het sedatiemiddel in de bloedbaan van het paard toegediend wordt, kan dit zeer nauwkeurig gedoseerd worden en het werkt al binnen enkele minuten. Meestal is het met een uurtje weer uitgewerkt. Het toedienen via deze route mag alleen door dierenartsen of paraveterinairen onder toezicht van een dierenarts gedaan worden.

Een andere mogelijkheid van sederen is met behulp van een pasta welke in de mond ingegeven moet worden. Deze pasta is door een eigenaar makkelijk te verkrijgen en dit is de enige toegestane manier voor het toedienen van sedatie door een niet-dierenarts. Het sederende effect laat wat langer op zich wachten en het duurt wat langer tot dit uitgewerkt is, maar biedt zeker een goede mogelijkheid voor de meeste paarden om het gebit goed te kunnen controleren.

Waarom sedatie?

Goede sedatie zorgt ervoor dat het paard rustig en zonder stress gedetailleerd bekeken kan worden. Bij een gesedeerd paard kun je goed naar de mogelijkheden en beperkingen van de bewegingen van het gebit kijken en hoe alles op elkaar aansluit, voordat we de mondsperder inbrengen. In het filmpje hieronder is goed te zien hoe we de kaken ten opzichte van elkaar kunnen bewegen bij een gesedeerd paard om de zijwaartse bewegingsmogelijkheid te beoordelen.

Wanneer het paard behandeld moet worden, zal de sedatie ervoor zorgen dat het paard er rustig bij staat en de behandelend persoon in de mond kan kijken, om te zien wat hij aan het doen is.
Waar wordt naar gekeken bij een gebitscontrole?

Aan de eigenaar worden vragen gesteld over het eten, gebruik en gedrag van het paard. Wanneer de behandeling plaatsvindt op de stalling van het paard, wordt gelijk gekeken naar voerresten in de stal. Soms laat je het paard even eten om te kijken op wat voor een manier deze afwijkend eet bij problemen.
De lichaamsconditie wordt beoordeeld en aan het hoofd wordt onder meer gekeken naar de bespiering, vorm, voorhoofdsholte, lymfeklieren, eventuele neusuitvloeiing en kaakgewrichten. Ook de mest kan extra informatie geven bij problemen.

Nadat de snijtanden en de voorwaartse plus zijwaartse bewegingsmogelijkheden van de kaken beoordeeld zijn, zal een mondsperder in de mond aangebracht worden om de slijmvliezen, tong en kiezen afzonderlijk te kunnen aftasten op afwijkingen.

Goede lichtbron

Een mondsperder om de mond open te houden is ook nodig om het achterste deel van de mondholte goed te kunnen beoordelen. Alleen de mondholte aftasten met de handen zal niet voldoende zijn. Het in de mond kijken met een goede lichtbron is nodig om ook de afwijkingen op te sporen welke niet voelbaar zijn. De hoek en de belijning van het kauwvlak van de kiezen worden bekeken. Met de spiegel bekijk je de kiezen aan alle zichtbare kanten. Je kan zien of de kiezen goed op elkaar aansluiten en of er geen ruimten (diastasen) tussen de kiezen met eventuele ontstekingen aanwezig zijn.

Soms missen er kleine fragmenten van kiezen, zijn ze gespleten of zitten er dop- (melkkies) restanten klem welke pijnlijk kunnen zijn voor het paard. De combinatie van voelen en kijken in de mond, inclusief een spiegel en goede lamp maken een gebitscontrole van de mondholte volledig.
Er zijn vele gebitsafwijkingen welke ik met regelmaat tegenkom, zoals zeer scherpe punten aan de zijkant, een trapgebit, golfgebit, doorgegroeide elementen door een ontbrekend tegenover liggend element, grote haken, ontstekingen (periodontitis), etc.

Hoe vaak is een gebitscontrole wenselijk?

Dit hangt af van de leeftijd en of er al problemen ontstaan zijn in de mond. Soms blijkt een paard nog geen verschijnselen van gebitsproblemen te tonen, maar zijn er al wel grotere problemen in de mond aanwezig, Dan kan het verstandig zijn intensiever het gebit te laten controleren en behandelen. Wanneer dit niet het geval is, kan het volgende als leidraad worden gebruikt:

– 2 t/m 5 jaar leeftijd: 2x per jaar controle
– 5 t/m 15 jaar: 1x per jaar controle
– >15 jaar 1 tot 2x per jaar controle

paardentandarts
Op deze foto is een overjet zichtbaar waarbij de boventanden duidelijk over de ondertanden heen steken.

Veulens

Bij een veulen wordt er gekeken of er ook aangeboren afwijkingen in de mond zijn. Zo kan er bijvoorbeeld een overjet aanwezig zijn, waarbij de bovenste snijtanden volledig voor de onderste snijtanden staan.

2 t/m 5 jaar

In deze leeftijdsgroep is er veel activiteit in de paardenmond. Er komen nieuwe tanden en kiezen door en er wordt gewisseld. Wanneer dit onjuist verloopt, kunnen gebitsafwijkingen ontstaan welke grote problemen met zich meebrengen. Een paard kan erg pijnlijk in de mond zijn wanneer een melkelement iets los of klem zit. Dit is vaak de oorzaak van het proppen draaien van het ruwvoer door de paarden uit deze leeftijdsgroep.

Door de halfjaarlijkse controles uit te laten voeren kan er tijdig ingegrepen worden voor een optimaal resultaat. Zeker voordat een paard voor het eerst zijn bit in gaat krijgen is dit belangrijk. Wolfskiezen, scherpe punten en haken willen nogal eens een zeer pijnlijke eerste ervaring met het bit geven.
Onderstaande tabel geeft weer wanneer de elementen doorkomen en wisselen. De nummering van de tanden en kiezen zijn wederom weergegeven op de foto van de paardenschedel.

paardentandarts

Bij paarden tussen de 2 en 4 jaar zien we zogenaamde eruptiecysten ontstaan, zoals op de foto te zien is. Het deel van de kroon wat in de tandkas zit (reservekroon) is erg lang en aan de onderzijde zitten eruptiecysten. De onderrand van de onderkaak gaat hierdoor rondingen laten zien om ruimte te maken voor deze structuren in de kaak. Op de röntgenfoto zien we dat het laagje bot van de onderkaak onder de kies dan heel dun of zelfs aangetast is. Dit verdwijnt vanzelf weer wanneer het paard ouder wordt en het wisselen goed verloopt.

paardentandarts
De pijlen wijzen naar de eruptiecysten in de onderkaak.

Leeftijd > 15 jaar

Vanaf 15 jaar worden er bij paarden vaker gebitsproblemen gezien. Hierbij worden dan ook de paarden mee gerekend die niet met regelmaat goed zijn nagekeken. Bij het oudere paard komen de kiezen minder snel uit de tandkas dan bij het jonge paard. Rond de 20 jaar leeftijd raakt de kroon van de kies op en de wortelpunten komen tevoorschijn in de tandkas.

Afhankelijk van de conditie van het gebit wordt er aangeraden om 1 tot 2 keer per jaar het gebit te laten controleren om het paard zo comfortabel en functioneel mogelijk te houden.

Als paardengebit-dierenarts zie ik vele paardengebitten in de week voorbij komen. Door tijdig problemen te diagnosticeren en te behandelen, kan er veel onomkeerbare schade voorkomen worden. Wanneer gebitten regelmatig gecontroleerd worden op alleen gevoel en niet op zicht met een spiegel en goed licht of orale camera, kan er geen garantie gegeven worden dat er daadwerkelijk geen problemen zijn.

Een tandarts zal ook geen goed werk kunnen verrichten bij een bewegende patiënt en zonder een duidelijke beeldvorming in de mond. Wees kritisch op hoe je paard nagekeken wordt als je kwaliteit verwacht!

Over paardengebit-/dierenarts Sanne Journée
Tijdens mijn studie diergeneeskunde heb ik extra stages en co-schappen gelopen bij Club Hipico la Silla in Mexico, de Singapore Turf Club Racetrack en Texas A&M University. Na mijn afstuderen in 2008 als erkend paardendierenarts aan Universiteit Utrecht, heb ik een jaar als paardendierenarts in Zuid-Afrika aan de Universiteit van Pretoria gewerkt. In Nederland ben ik vervolgens enkele jaren als erkend paardenarts in Friesland werkzaam geweest, waar ik met regelmaat paardengebitten behandelde. In de zomer van 2013 ben ik mijn eigen praktijk in Wyns gestart als Paardengebit Dierenarts met een werkgebied van voornamelijk Friesland, Groningen en Drenthe. In 2014 heb ik het laatste examen van de Nederlandse Vereniging Voor Gebitsverzorging bij het Paard gehaald, waardoor ik mijzelf nu naast erkend paardendierenarts ook erkend gebitsverzorger kan noemen. Door nascholingen en cursussen in binnen- en buitenland blijf ik op de hoogte op het gebied van onder andere de veterinaire gebitsverzorging bij paarden.

0 194

Volgens onderzoek bij 400 Australische paarden heeft 93,8 procent van de dieren een of meer afwijkingen aan het gebit. Bij slechts vijftien van de 400 paarden werden geen abnormaliteiten aangetroffen.

De meest voorkomende afwijkingen waren scherpe punten op het glazuur (55,3%) en haken (43%). Het merendeel van de haken werd gevonden op de kiezen. Er werd bij ruim een kwart van de paarden golvende vorm van de kiezen aangetroffen en 22,3% bleek gaten te hebben waarin voedsel kan achterblijven.

De meeste mondziekten en afwijkingen werd gevonden bij paarden tussen de elf en vijftien jaar oud; 97,5 procent daarvan had een afwijking. Naarmate de paarden ouder waren, werden meer afwijkingen aangetroffen. ‘Deze studie laat zien dat het gebit regelmatig moet worden nagekeken door de tandarts om afwijkingen vast te stellen en te behandelen, om leed in het latere leven te voorkomen’, was de conclusie van de onderzoekers aan de Faculteit van Diergeneeskunde aan de Universiteit van Queensland in Australian Veterinary Journal.

De onderzoekers vertelden dat mondziekten veel voorkomen. Tien procent van de ziektegevallen die in een kliniek behandeld worden in Engeland hebben te maken met het gebit, terwijl mondziekten in de top vijf van medische problemen bij volwassen paarden in de VS staan.

‘Veel onderzoeken laten al zien dat het verstandig is om paarden van vijftien jaar of ouder regelmatig na te laten kijken, maar onze studie wijst uit dat tandproblemen op alle leeftijden voorkomen en dat ze makkelijk kunnen worden opgespoord’, aldus de onderzoekers. ‘De frequentie waarop paarden behandeld moeten worden varieert per paard, afhankelijk van het soort werk dat het verricht, zijn training, vorige afwijkingen en harnachement. Preventief onderzoek op jonge leeftijd kan problemen op latere leeftijd voorkomen.

Volgens de onderzoekers is verdere studie wenselijk om de relatie te onderzoeken tussen de aandoening en de gevolgen ervan.

Het onderzoek in Queensland vond plaats op de kadavers van paarden waarvan de leeftijd lag tussen de één en de dertig jaar. Het waren volbloeds, warmbloeden en kruisingen en ze waren geen van alle gewond of ziek.

Horsetalk/Hoefslag

Foto: Remco Veurink

0 758

De teugeldrukmeter is een praktisch en objectief instrument om problemen op te sporen, zowel op rijtechnisch gebied als op het gebied van (preventieve) gezondheidszorg bij paarden.

Wat is teugeldrukmeting en hoe werkt het?

De teugeldrukmeter meet de trekkracht tussen teugel en bit, waarbij er geen onderscheid wordt gemaakt tussen de druk die het paard aanneemt of die van de ruiter. Tussen teugel en bit worden twee sensoren (een voor de linker en een voor de rechter teugel) bevestigd die verbonden zijn aan een data logger. Metingen kunnen vervolgens via een draadloze verbinding direct zichtbaar worden gemaakt in een grafiek op de computer. De rode lijn in de grafiek geeft de rechter teugel weer en de groene lijn de linker, waardoor goed is af te lezen hoe de druk is verdeeld over de teugels. De hoogte van de gemeten druk is direct gerelateerd aan de snelheid van de gang: in stap is er de minste druk en in galop de meeste.

Gebruik op rijtechnisch gebied

De teugeldruk die door ruiters vaak als constant wordt aangevoeld, is in feite helemaal niet constant. De ruiter kan door het gebruik van de teugeldrukmeter tijdens een training heel bewust worden gemaakt van zijn/haar teugelvoering. Zijn er afwijkingen? Dan is het altijd goed om je af te vragen of de oorzaak bij het paard of bij de ruiter ligt, omdat de teugeldrukmeter hier geen onderscheid tussen maakt. Om dit te kunnen achterhalen kan een aanvullende meting met een andere ruiter of een ander paard gedaan worden. Voor een goede teugelvoering zijn ook het hoofdstel en het type bit van groot belang.

Gebruik op het gebied van (preventieve) gezondheidszorg

Een probleem hoeft niet altijd bij de ruiter te liggen. Het kan ook heel goed zijn dat de (medische) oorzaak bij het paard ligt. Denk bijvoorbeeld aan:

Gebitsproblemen
Gebitsproblemen als wolfstandjes, beschadigde lagen en/of een ongebalanceerd gebit kunnen leiden tot afwijkende metingen.

Kreupelheden
Kreupelheden kunnen zorgen voor een verhoging van de gemiddelde druk, omdat het paard zichzelf bijvoorbeeld minder goed kan dragen en daardoor in de teugel gaat ‘hangen’.

Hals- en rugproblemen
Als het paard bijvoorbeeld pijnlijk is in de buiging naar links of rechts, zijn er bij de teugeldrukmeting links-rechts verschillen te zien.

Revalidatie
Tijdens een revalidatiefase kan met teugeldrukmetingen zowel ruiter als paard goed gemonitord worden en kan de training tijdig aangepast worden om een terugval in blessures te voorkomen.

Schakel bij bovengenoemde medische problemen ook altijd tijdig de hulp in van een paardenarts.

Meer weten over wat basis contact en maximale druk is en hoe het zit met links-rechts verschillen in teugeldruk? Lees dan hier het volledige artikel Teugeldrukmeting bij paarden op Paardenarts.nl. (Foto: Centaur Consulting)

Meer over de auteur:
Morgan Lashley (paardenarts, chiropractor en auteur bij Paardenarts.nl): ‘In 2009 ben ik afgestudeerd als dierenarts aan de Universiteit Utrecht. Sinds mijn afstuderen heb ik als paardenarts gewerkt in Stockholm (2009-2012) en bij Paardenkliniek de Raaphorst in Wassenaar (2012-nu). Vroeger was ik actief wedstrijdruiter en was ik in 2000 lid van het Nederlandse team bij het EK junioren. Vanwege mijn ervaring als amazone ben ik altijd erg geïnteresseerd geweest in het management en de revalidatie van sportpaarden. In mijn dagelijkse werk ben ik verantwoordelijk voor de revalidatie van sportpaarden bij het Paardenrevalidatiecentrum de Vrijhoeve, waar ik de paarden zowel als dierenarts en als amazone begeleidt. Ik heb osteopathie gestudeerd en ben sinds juli 2014 FES-certified chiropractor.’

De Hoefslag publiceert wekelijks een actueel artikel van Paardenarts.nl; het onafhankelijke platform voor paardenhouders en paardenartsen waar men (betrouwbare) informatie over paardengezondheid en -welzijn kan vinden. Paardenarts.nl schrijft in samenwerking met paardenartsen en specialisten veterinaire artikelen. Naast de Veterinaire Kennisbank biedt Paardenarts.nl handige tools voor paardenhouders zoals de Paardenarts Locator en de Ent-herinnering. Via een nieuwsbrief en Facebook blijft men op de hoogte van nieuwe en seizoensgerelateerde artikelen.  

0 430
Gebit
Gebit

Gebitsproblemen kunnen bij ieder paard voorkomen, maar vooral bij oudere paarden (+20 jaar). Gevolg is dat het aangeboden voer slechter wordt opgenomen (door veel knoeien, proppen draaien), minder goed wordt verteerd (door weinig kauwen) en daardoor minder voedingsstoffen levert. Bij een ouder paard is de spijsvertering ook nog eens minder efficiënt, waardoor gebitsproblemen in relatief korte tijd tot sterke vermagering kunnen leiden.

1. Seniorenvoer

Tegenwoordig zijn er verschillende seniorenvoeders in de handel. De betere producten hebben een hoog ruwe celstofgehalte (eventueel door bietenpulp) en een wat lager zetmeelgehalte. Sommige van deze voeders kunnen zowel krachtvoer als ruwvoer vervangen, maar het blijft raadzaam om onbeperkt langstengelig ruwvoer te verstrekken, zodat er altijd wat geknabbeld kan worden. De speekselaanmaak die ontstaat bij het bewegen van de kaken is belangrijk voor het voorkomen van maagzweren!

2. Gehakseld ruwvoer

Wanneer een paard geen of weinig kiezen meer heeft, ontstaan er problemen met het eten van langstengelig ruwvoer. Er worden proppen van gedraaid, die niet worden doorgeslikt en die je later rondom de eetplaats terugvindt. Gehakseld ruwvoer (gras, hooi, luzerne) en geweekte grasbrok kunnen een mooie aanvulling zijn op een seniorenvoer.

3. Bietenpulp met zemelen

Omdat de enzymproductie in de oudere paarden trager loopt, worden voedingsstoffen zoals vetten en zetmeel minder goed verteerd. Dit verhoogt het risico op verteringsproblemen, vooral bij rantsoenen met veel zetmeel (granen/regulier krachtvoer). Voor oudere paarden met gebitsproblemen is een combinatie van geweekte bietenpulp en tarwezemelen (of haverschillen) in verhouding 4 op 1 veel beter geschikt om extra energie te leveren.

Een oud paard is net als andere paarden gebaat bij een regelmatige controle en eventuele behandeling door de tandarts, ook wanneer er nog maar weinig tanden en kiezen in de mond zitten!

Lees meer over voeding voor paarden met gebitsproblemen.

Ir. Marike Jacobs (Voerconsultant & Columniste VoerVergelijk.nl)

Meer over de auteur: Marike Jacobs is afgestudeerd aan Wageningen Universiteit voor de masteropleiding Animal Nutrition en gespecialiseerd in paardenvoeding. Tijdens haar studie schreef Marike o.a. artikelen voor PaardenSport en verder werkt ze als stalmedewerker op een pensionstal. Mennen is haar favoriete tak van de paardensport, maar voeding en verzorging, en het waarborgen van de ‘happy athlete’ vanuit dat oogpunt, hebben de meeste aandacht.

VoerVergelijk.nl brengt iedere week op de site van de Hoefslag een voedingsverhaal met nuttige tips. VoerVergelijk is een onafhankelijke vergelijkingswebsite die is uitgegroeid tot een platform voor paardenvoer. Op VoerVergelijk kan een bezoeker paardenvoer zoeken, vergelijken en beoordelen. De database bevat alle paardenvoeders en supplementen die in Nederland en België verkrijgbaar zijn.

 

0 360

Het paardengebit is ontwikkeld voor het vermalen van vezelrijk en plantaardig voedsel. Een goed functionerend paardengebit houdt direct verband met een gezond spijsverteringsproces en draagt eveneens bij aan een plezierige samenwerking met je paard. Het gebit blijft gedurende het paardenleven doorgroeien en veranderen. Het is daarom van groot belang dat het regelmatig gecontroleerd wordt.

De ontwikkeling van het paardengebit

Het paard ontwikkelt in verschillende levensfases diverse tanden en kiezen. Normaliter is een paard op 5-jarige leeftijd uitgewisseld.

  • Premolaren: ook wel de veulenkiezen (melkkiezen). Deze zijn al aanwezig bij de geboorte. Er zitten er zes in de bovenkaak en zes in de onderkaak. Ook noemen we de wolfskies een premolaar. De melkkiezen worden iets eerder gewisseld dan de snijtanden.
  • Molaren: ook wel de ware (blijvende) kiezen. Verschijnen na het eerste levensjaar achter de derde premolaar. In totaal komen er in iedere kiezenrij drie molaren bij.
  • Snijtanden: deze worden gebruikt voor het afsnijden van het voedsel. De eerste snijtanden komen binnen één week na de geboorte al door. Wanneer het veulen 6 tot 8 maanden oud is, heeft het alle twaalf snijtanden. Het paard wisselt normaal gesproken de snijtanden (van binnen naar buiten) op 2,5 jarige, 3,5 jarige en op 4,5 jarige leeftijd.
  • Hengstentanden: ook wel ruinentanden. Komen voor bij hengsten, ruinen en sommige merries.
  • Wolfstanden: een tand die zich soms ontwikkelt voor de voorste kies. De wolfskies is een uitgroei van een rudimentaire tandkiem. Paarden kunnen zowel in de boven- als de onderkaak wolfskiezen/-tanden krijgen. Deze komen door tussen de 6 en 18 maanden. Het paard kan hier hinder van ondervinden wanneer er met een bit wordt gereden.
Verschillende gebitsafwijkingen bij paarden

Onderstaand de meest voorkomende afwijkingen en kunnen door de dierenarts/paardentandarts worden verholpen:

  • Glazuurpunten (enamelpunten)
    Deze (scherpe) richels ontstaan voornamelijk aan de tongzijde van de kiezen in de onderkaak en aan de wangzijde van de kiezen in de bovenkaak.
  • Doppen
    Tijdens het wisselen van de premolaren kunnen resterende elementen bovenop de nieuwe elementen blijven zitten, dit worden ook wel ‘doppen’ genoemd.
  • Golven
    Wanneer de kiezen ongelijk afslijten is er vanaf de zijkant vaak een golvend patroon te zien.
  • Haken
    Als de wrijfvlaktes van twee tegenoverliggende kiezen niet evenredig afslijten, kunnen er (scherpe) haken ontstaan.
  • Onderbeet
    De onderste snijtanden liggen minstens een tandbreedte meer naar voren dan de bovenste snijtanden.
  • Overbeet
    De bovenste snijtanden staan minstens een tandbreedte verder naar voren dan de onderste snijtanden.
  • Tandsteen
    Hierdoor kunnen ontstekingen van het tandvlees ontstaan.
  • Wolfskiezen/- tanden
    Het kan pijnlijk zijn wanneer het bit de wolfskies raakt.

Een paard kan verschillende signalen afgeven die wijzen op een van de bovenstaande gebitsafwijkingen. De meeste zijn op het gebied van de spijsvertering, maar sommige afwijkingen laten nagenoeg geen symptomen of gedragingen van het paard zien. Het is daarom verstandig om je paard regelmatig te laten controleren door de dierenarts/paardentandarts.

Meer weten over het de groei en het wisselen van de tanden, verschijnselen bij gebitsafwijkingen, gebitscontrole, behandeling en verzorging? Lees hier het volledige artikel Paardengebit op Paardenarts.nl 

Meer over de auteur:
Mark van Manen (paardenarts en auteur bij Paardenarts.nl): ‘Sinds Januari 2010 ben ik dierenarts bij Paardenkliniek Wapenveld. In 2002 ben ik begonnen met de studie Diergeneeskunde aan de Universiteit van Utrecht; na een algemene opleiding tot allround dierenarts ben ik uiteindelijk afgestudeerd als erkend paardenarts. Tijdens mijn studie heb ik bijna twee jaar onderzoek gedaan naar de invloed van hoofd/halshouding op het ontstaan van blessures aan de halswervelkolom. Naast de algemene geneeskunde en fertiliteitbegeleiding van het paard hebben hoofd-, gebit, hals- en rugproblemen mijn speciale interesse.’

De Hoefslag publiceert wekelijks een actueel artikel van Paardenarts.nl; het onafhankelijke platform voor paardenhouders en paardenartsen waar men (betrouwbare) informatie over paardengezondheid en -welzijn kan vinden. Paardenarts.nl schrijft in samenwerking met paardenartsen en specialisten veterinaire artikelen. Naast de Veterinaire Kennisbank biedt Paardenarts.nl handige tools voor paardenhouders zoals de Paardenarts Locator en de Ent-herinnering. Via een nieuwsbrief en Facebook blijft men op de hoogte van nieuwe en seizoensgerelateerde artikelen.  

Foto: Paardenarts.nl

0 373
mager
Paardis te mager

Afhankelijk van de leeftijd heeft een paard andere voeding nodig. Dat geldt voor jonge paarden, maar ook voor de oudjes. Vanaf een leeftijd van ongeveer 20 jaar begint het lichaam van een paard te veranderen, tot dusdanig dat speciale voeding nodig is. Je zult ervan versteld staan hoeveel oude paarden uiteindelijk overlijden aan ondervoeding. Niet doordat ze te weinig te eten krijgen, maar simpelweg te weinig kunnen opnemen. Met de seniorenvoeders van tegenwoordig is dit niet meer nodig.

1. slecht gebit
De tanden en kiezen van paarden groeien en slijten constant, totdat ze ‘op’ zijn en uitvallen. Vanaf dat moment, maar ook al geruime tijd daarvoor, is het voor de senior lastig om goed te kauwen. En kauwen is essentieel voor een goede spijsvertering. Gehakseld ruwvoer en ander bewerkte producten, zoals bietenpulp, zijn voor oudere paarden vaak onmisbaar.

2. minder efficiënte spijsvertering
Een hoge leeftijd betekent dat het lichaam deels is versleten. Zo ook de spijsverteringsorganen. Er worden minder enzymen aangemaakt, waardoor binnengekomen voedsel minder goed wordt verteerd. Daarnaast is de absorptie van voedingsstoffen minder efficiënt. Dit alles betekent dat een oud paard minder voeding uit een kilo voer haalt dan een gezond volwassen paard, en dus extra geconcentreerde en hoogwaardige voeding nodig heeft.

3. verminderde leverfunctie
De lever is een onmisbaar spijsverteringsorgaan, verantwoordelijk voor het aanmaken van allerlei essentiële stoffen. Een voorbeeld hiervan is vitamine C. Een gezond volwassen paard heeft normaliter geen extra vitamine C nodig, omdat dit ruim voldoende in de lever wordt aangemaakt. Bij een verminderde leverfunctie, zoals bij oude paarden, kan echter wel extra vitamine C nodig zijn.

Bij oude paarden is vooral de ruwvoeropname vaak een probleem vanwege het gebit. Maar ook oude paarden hebben voldoende vezels nodig om hun darmen te laten functioneren. Gehakseld ruwvoer, bietenpulp en speciale seniorenvoeders zijn een uitkomst om een oud paard langer van zijn oude dag te kunnen laten genieten. (Foto: Remco Veurink)

Lees hier meer over voeding bij verschillende leeftijden.

Ir. Marike Jacobs (Voerconsultant & Columniste VoerVergelijk.nl)

Meer over de auteur: Marike Jacobs is afgestudeerd aan Wageningen Universiteit voor de masteropleiding Animal Nutrition en gespecialiseerd in paardenvoeding. Tijdens haar studie schreef Marike o.a. artikelen voor PaardenSport en verder werkt ze als stalmedewerker op een pensionstal. Mennen is haar favoriete tak van de paardensport, maar voeding en verzorging, en het waarborgen van de ‘happy athlete’ vanuit dat oogpunt, hebben de meeste aandacht.

VoerVergelijk.nl brengt iedere week op de site van de Hoefslag een voedingsverhaal met nuttige tips. VoerVergelijk is een onafhankelijke vergelijkingswebsite die is uitgegroeid tot een platform voor paardenvoer. Op VoerVergelijk kan een bezoeker paardenvoer zoeken, vergelijken en beoordelen. De database bevat alle paardenvoeders en supplementen die in Nederland en België verkrijgbaar zijn.

 

HOEFSLAG ACADEMY

Volg ons!

100,885FansLike
0VolgersVolg
6,962VolgersVolg
1,451Youtube abonneesAbonneer