Tags Posts tagged with "Doordraver"

Doordraver

paardrijden na bevalling
Doordraver maakt een buitenrit over de Veluwe

Ter afwisseling van de eindeloze dressuurrondjes ben ik lid van een ‘lange afstand’ rijvereniging. Het gaat om het rijden op de mooiste plekjes die doorgaans verboden zijn. ‘En om het eten’, vult een altijd gezellig meerijdende Vriendin eerlijkheidshalve aan. Na de rit vindt ’s avonds een riant diner plaats, met minstens vijf gangen.

Mannen thuis laten

Onze mannen vinden dat een oneindig lange zit met ‘aanstellerige hapjes’ op de borden. De laatste keer dat ze mee waren stelden ze broodnuchter voor om na afloop nog even de plaatselijke snackbar te bezoeken. Wij pakken dus onze koffers en laten de mannen thuis het fort bewaken. Deze week zullen we op de Veluwe rondrijden. Een luxe hotel voor ons, een dik bestrooide box voor de paarden. Een landgoedeigenaar heeft genereus zijn hele grondbezit voor ons opengesteld. Zijn echtgenote heeft dagenlang op haar mountainbike gezeten om de allermooiste routes samen te stellen. Het privédomein biedt edelherten en wilde zwijnen een beschutte woonplaats.

Achterom kijkend zien we vooral de forse, uit haar bek priemende hoektanden.

Wildroosters

Om te paard veilig de wildroosters over te steken liggen er oude rollen vloerbedekking, vrijwilligers rollen die uit zodra de ruiters naderen. Drie potige heren die voorbereidingen treffen op hun ‘klaar-over’ taak beleven spannende momenten horen we later. De kudde wilde varkens-met-jong is niet gecharmeerd van rondlopende kerels in hun peuterspeelzaal. Met meegenomen harken moeten ze de dieren op afstand houden. Als ervaren testruiters hebben wij de eer een half uur eerder dan de rest de route te mogen verkennen. ‘Aaaah, zie die biggetjes…’ Vertederd stappen we langzaam langs de kleintjes in gestreepte pyjama outfit.

Achtervolging

Eén zeug is er helemaal klaar mee. Eerst al een paar mensen die met een rol kamerbreed tapijt ongevraagd haar gebied komen stofferen, nu een clubje ruiters. Ze gromt vervaarlijk en voor wij er erg in hebben zit ons ineens een woest ogend wild zwijn op de hielen. De paarden hebben de boodschap snel door en zetten de sokken erin. Achterom kijkend zien we vooral de forse, uit haar bek priemende hoektanden. Uiteindelijk blijken wij toch sneller en staakt ze de achtervolging. Met knikkende knieën gaan we over in stap. ’s Avonds bij het gezamenlijke diner hebben wij hét verhaal van de avond. Met blozende konen vertellen wij het keer op keer, zelfs de ober is onze belevenis ter ore gekomen, vertelt hij terwijl hij ons een grote schaal lekkers voor houdt. ‘Jammer, geen karbonaadjes’ zegt Vriendin grimmig terwijl ze haar vork in het malse vlees prikt.

 


Doordraver schrijft voor Hoefslag Magazine maandelijks een column. Uit een serie van een aantal jaren geleden, plaatsen we enkele columns als blog op de website.

 

0 5612
Stalgebrek

Op zoek naar een geschikt dressuurpaard melden Vriendin en ik ons bij een grote handelsstal. Tevoren heeft de eigenaar gemeld dat hij in het buitenland is, maar zijn vrouw wil ons met alle plezier rondleiden.

Onafzienbare

We draaien het reusachtige erf op, aangestaard door een rij paardenhoofden. De bloemen bloeien uitbundig en geen strootje wappert ongecontroleerd los. De ontvangst is hartelijk. Mevrouw neemt ons mee naar een ellenlange gang met een onafzienbare rij boxen. Ze stelt voor om maar gewoon aan de rechterkant te beginnen en dan naar achteren te werken. Aan het eind kunnen we aan de overzijde van de stal verdergaan. Haar dochter komt helpen halsters aan doen. De dames geven grif toe niks van paarden te weten maar als wij zelf een beetje willen helpen komt het allemaal goed.

Schiefels

De eerste box bevat een wat kleinere ruin met een formidabele afstamming. Vriendin en ik staren alsof het afgesproken is tegelijk naar een paar enorme schiefels op de pijpen. ‘O, is dat erg dan, wat botjes extra?’ vraagt de gastvrouw oprecht verbaasd. We leggen globaal uit waarom we dat liever niet hebben. De tweede box toont een paard met een blauw waas over het oog. Ook dat zien we niet graag. Onze rondleidster kan zich daar in vinden. Zou ze zelf ook niet willen ‘want een bril voor een paard is geen optie’.

Kale plekken

Het derde paard hadden we al gehoord, hij staat driftig lucht te zuigen. De gids vindt dat na onze uitleg ook een rare gewoonte en schuift de volgende box royaal open. Ook royaal zijn de kale plekken midden op de manenkam en een zielig staartje met een paar haren er aan. Dat we niet met eczeemdekens willen hannesen snappen moeder en dochter direct. Een beetje opgelaten schuiven we derhalve door naar box vijf.

Stalgebrek

Daar treffen we een prima uitziende ruin. Rustig laat hij zich alles welgevallen. We mogen hem uit de stal halen en ook in vrije beweging overtuigt hij. Er zit een mooi keuringsrapport bij van een gerenommeerde paardenkliniek. Het paspoort toont een fijne afstamming en blij doen we het halster weer af.
‘Zijn er ook stalgebreken naar u weet?’ vraagt Vriendin argeloos. Nu wordt het onze begeleidster te veel.
‘Hoe durft u!’ schreeuwt ze boos. ‘Alles is hier tip-top in orde, hang- en sluitwerk, schoon gemetselde muren, afgeschermde waterbakken, houtwerk in de verf, er is hier geen enkele stal met ook maar enig gebrek!’

 


Doordraver schrijft voor Hoefslag Magazine maandelijks een column. Uit een serie van een aantal jaren geleden, plaatsen we enkele columns als blog op de website.

Foto:  Shutterstock

Doordraver
Cap en zweep

‘Lang geleden volgde ik een instructeursopleiding. Niks geen specialisatie, gewoon springen, dressuur, voltige en één maal per week als toegift een rondje terreinrit.’

Paardenvirus

‘Het lerarenkorps was erg gevarieerd. Ervaring hadden ze allen ruimschoots, didactische kennis een stuk minder. Waar je tegenwoordig terecht allerhande bijscholingen moet volgen om je lesgeeflicentie te houden, deden ze daar op die opleiding niet aan. Sterker nog, het leek wel of de docenten geselecteerd waren op narcistische trekjes naast een enorm stemvolume. Aangezien het de enige opleiding betrof, was het slikken of stikken. Zwaar besmet zijn met het paardenvirus was een pré, maar met een dikke huid had je op deze private school veruit de beste papieren. Het verhaal van de tien kleine negertjes was naadloos van toepassing op het leerlingenaantal. Met gezwinde vaart kozen wekelijks jongelingen het hazenpad richting huis. Dat was ook een geliefde uitspraak van een lid van het lerarenkorps. ‘Dan bel je toch gauw je mammie? Koffertje pakken en richting pappot.’

Vaatdoek

‘Dit heerschap, laat ik hem Jansen noemen, had zoveel longinhoud dat je hem drie binnenbakken verder kon horen. Aan voornamen deed hij niet. Het hele klasje sidderde als hij de rijbaan betrad. ‘Doorrrrdraverrrrr!! Denk je werkelijk dat het zo ooit wat wordt met jou?! Je zit als een vaatdoek!’ Jaren later kon ik dat textielstukje niet oppakken zonder aan zijn bariton herinnerd te worden.

Gentleman

‘Het is in een bestuursvergadering van een hippische club waar ik ineens dat geluid weer hoor. Geschrokken kijk ik om en ja hoor, daar betreedt Jansen ruimschoots te laat de zaal. De enige vrije plek is naast…mij. Jansen herkent mij niet en begint zich uitermate beminnelijk voor te stellen. Met een grote glimlach serveert hij mij zelfs een verse kop koffie alvorens een bos papier uit zijn tas te graaien. Ik draai mijn ogen bijna uit de kassen om te gluren welke naam hij op het naambordje schrijft. Hij is het echt… Ook tijdens de lunch toont hij zich een wellevende gentleman. Hij vertelt dat hij jury, keuringslid en bestuurder van veel paardensport organisaties is. ‘Leuk’, jok ik.’

 

Pruttelgeluidjes

‘Na afloop spoed ik mij opgelucht naar de auto. Op de parkeerplaats zit Jansen in zijn grote bolide. De glanzende auto maakt slechts wat pruttelgeluidjes. Hulpeloos glimlachend opent Jansen zijn raam. ‘Ach, heb jij missschien…’ Ik loop naar hem toe en trek mijn charmantste blik. ‘Dan bel je toch gauw je mammie? Koffertje pakken en richting pappot.’

 


Doordraver schrijft voor Hoefslag Magazine maandelijks een column. Uit een serie van een aantal jaren geleden, plaatsen we enkele columns als blog op de website.

landschap algemeen

‘Het gaat nu gebeuren, ik ga een eigen paard kopen!’ Een vriend die meestal niet zo spraakzaam is gooit het er uit. Hij rijdt al jaren maar door een drukke baan wilde hij geen eigen paard. Wel fungeert hij zo nu en dan als bijrijder.

Geschiktheid

Nu is het dus zover. Hij maakt er een heuse studie van. Alle internet sites speurt hij minutieus af. Zijn voorlopige favorieten print hij uit en legt ze op volgorde van geschiktheid op zijn bureau. Vervolgens pakt hij de routeplanner erbij om een efficiënte dagindeling te maken.

Stallogo

Hij showt vol trots een mooi paard op een dito website. De site ziet er glamoureus uit en toont meiden in keurige stalkleding. Ze dragen polo’s en bodywarmers van alle kanten voorzien van het stallogo.
Op één van zijn aankoopreisjes mag ik mee. Hij heeft een heel fraaie bolide met allerlei snufjes erin waar ik nog nooit van gehoord heb. Met het eerste printsel op schoot stelt hij de navigatie in. De airco gaat aan de mp4 speler zoemt zacht. Ik nestel mij in de verwarmde luxe stoel en hoop dat het ritje lang gaat duren.

Niemandsland

‘Bestemming bereikt’ spreekt de TomTom na een uurtje. We blikken uit het raam. We zijn op een polderweggetje beland. ‘Getsie’ zegt vriend geïrriteerd. ‘ Ik had dat navigatieding natuurlijk een keer moeten updaten. Staan we in  niemandsland. Heb ik weer!’  Wat verderop zie ik wel een paard. Stapvoets rijden we die kant op. ‘Probeer om te draaien’ tipt de elektronica ons. Twee containers , een paard en een pony die kogeldiep door een modderbad scharrelen. Dit kan het niet zijn, concluderen we eensgezind.

SuperHorsetrading

We pakken het printje van de site er nog maar eens bij. Handelsstal SuperHorsetrading lees ik hardop. Inmiddels is een meisje één van de containers uitgekomen. We besluiten haar de weg te vragen. Eenmaal dichterbij stoot vriend mij aan: het meisje draagt een bodywarmer met het SuperHorse logo. ‘Misschien een dependance?’ fluister ik. ‘Welkom op ons bedrijf!’ schudt ze ons hartelijk de hand.  En ja hoor, de site was zeker van hun. Of van haar, liever gezegd, giechelt ze.  ‘Kijk maar, de bruine ruin daar, dat is ‘m’, zegt ze blij.

Kiezen

Vriend laat zich niet kennen en vraagt waar hij een stukje zou kunnen proefrijden. Ondertussen staart hij ontredderd naar de blubberbrij. ‘Gewoon, in de berm hoor’  is het vriendelijke antwoord. ‘U kunt kiezen, links- of rechtsaf!’


Doordraver schrijft voor Hoefslag Magazine maandelijks een column. Uit een serie van een aantal jaren geleden, plaatsen we enkele columns als blog op de website.

Error, group does not exist! Check your syntax! (ID: 18)

Foto: Shutterstock
Buurman, misschien een warme choco?
‘Naast ons wonen een aantal vrijgezelle broers. Ze zijn inmiddels de pensioengerechtigde leeftijd gepasseerd maar blijven lekker samen.’
‘Hun moeder is een paar jaar geleden overleden. De heren hebben de taken gebroederlijk verdeeld. Zo gaat er eentje over de huishoudelijke zaken, een ander bekommert zich om de buitenboel en nummer drie heeft een baan buitenshuis. Nou ja, een bezigheid. Hij vangt mollen. Weer of geen weer, hij loopt in een karakteristieke houding, een beetje voorovergebogen met een schep onder zijn arm langs de weg. Soms spot ik ergens zijn fiets om hem in de verte met vooruitgestoken stuk gereedschap verderop in het land te ontwaren. Het is nog niet eens zo lang geleden dat hij de enig overgebleven koe met de hand naast ons huis zat te melken. Ook scharrelde er toen een Shetlander rond. Zo hadden de ex-agrariërs nog een beetje binding met het paardengebeuren.’

‘Hoewel onze beste buurman een gedateerd gehoorapparaat ter grootte van een mobieltje achter zijn oor heeft is hij behoorlijk doof. Elke conversatie moet met een enorm volume plaatsvinden. Wat je ook zegt, de standaard reactie is ‘hèh?’  Een beetje gesprek met hem ontaardt dan ook steevast in een behoorlijk zere keel. Wanneer ik manlief keihard in tweevoud hoor brullen weet ik: buurman is nabij. Buum neemt zijn mollenbestrijding uiterst serieus. Vol trots legt hij zijn vangst gewoonlijk boven op een dampaal als ware het een zwaar bevochten trofee. Op gezette tijden scharrelt hij over ons erf voor een praatje. Hij kijkt graag even in de smederij.’

‘Maakt niet uit wat voor klant met welk soort paard er staat, buum is altijd nieuwsgierig. Hij vraagt aan elke begeleider of het dier ‘toch wel voor de ploeg kan?’ De verbaasde en soms verbolgen blikken van de eigenaar negerend geeft hij intussen mijn man ook nog wat tips. Wanneer een paard ongedurig is kan echtgenoot deze maar het beste flink bij de tong vastpakken. Of oortje draaien. Op getob met trailerladen heeft hij allang een oplossing: jas over het hoofd. Terwijl hij zijn adviezen verkondigt zwiept zijn schep vervaarlijk dicht langs de paardenbenen. Niet alle modern gefokte paarden zijn daar gecharmeerd van. ‘Een paar uur voor de mestwagen, daar wordt ‘ie wel rustig van’, adviseert hij de ruiters. Doorgaans lokken we hem dan met een bekertje warme choco de kantine in. Dit ritueel heeft zich al vele malen herhaald. Wij hebben geen burendag nodig…’

Doordraver schrijft voor Hoefslag Magazine maandelijks een column. Uit een serie van een aantal jaren geleden, plaatsen we enkele columns als blog op de website.
Error, group does not exist! Check your syntax! (ID: 17)

Foto: Remco Veurink
Overdekte longeercirkel Foto: Remco Veurink

Een vriendin die niks met paarden heeft is op bezoek. Terwijl ik koffie zet bladert zij de Hoefslag door. ‘Wat is longeren?’, vraagt ze zodra ik terug ben. Ik vertel over rondjes rennen aan een lijn en over een lange zweep die dan ineens een Franse naam krijgt. En nu we toch internationaal gaan: de Spaanse ruiter op de paardenrug waar geen mensenhand aan te pas komt. Hoe lastig het is als onervaren longeur. Of met een jong paard. Dat zo’n dier dan steeds gezellig naar je toe komt terwijl jij met je voeten (‘kop en schotel’!) verstrikt in die longeerlijn staat. Denk je dat je het beheerst blijkt rechtsom ineens nog veel moeilijker. Dat het longeergebeuren zo handig is als de bak slecht begaanbaar is. Over voorover gevallen in het zand meegesleurd worden als zo’n beest zin heeft in een sprintje trekken. Over pijnlijke blaren die de lijn in je hand brandt omdat kennelijk nog niemand de juiste stof heeft uitgevonden zodat je bij tropische temperaturen schaarsgekleed-met-handschoenen- aan compleet voor gek staat.

Dat een zichzelf respecterend paardenhouder tegenwoordig niet meer genoeg heeft aan een rijbaan. Of een overdekte manege. Wil je een beetje meetellen dan heb je een heuse longeercirkel. Hoog omheind met hout en prima bodem. Vriendin wil nog veel meer weten. Gevleid door zoveel aandacht ga ik er nog maar eens goed voor zitten. Kauwend op chocokoeken vertel ik honderduit over hulpteugels die aan alle kanten om en aan het paard gegespt kunnen worden. De edele viervoeter kun je dan als een marionet aansturen. Trek maar aan een touwtje en een lichaamsdeel gaat omhoog. Dat er zelfs mensen zijn die de lijnen aan de hoeven vastmaken zodat ze zijn benen hoger kunnen sjorren. Dat het arme beest er regelmatig bij voorover kukelt meld ik er wijselijk maar niet bij. Over de tijdwinst die het geeft als je geen tijd of zin hebt om te rijden en toch het voldane gevoel wilt hebben ‘iets’ met je paard ondernomen te hebben die dag. Over teveel energie, wat zich ook prima leent voor een potje longeren.

‘Er bestaat dus een meerdaagse cursus om handig te worden in rondjes laten lopen aan een touwtje?’ vraagt ze indringend. Ja, beaam ik. Ik vraag me hardop af hoe ze zo aan haar interesse in het longeerwerk komt. Ze heeft toch helemaal geen paard? ‘Nee, maar wel vier kinderen!’ giechelt ze.

Loslopend paard. Foto: Jessica Pijlman
Als beginnend paardenhouder doe je soms domme dingen. Gelukkig loopt het meestal goed af en is er weinig schade aan mens of dier. Zo leek het een klant heel gezellig om zijn paard even sociaal te laten snuffelen aan een soortgenoot in een naburig weiland. Zijn paard was heel enthousiast maar het andere dier minder. Een hoop gegil, gesnuif en een uitslaand voorbeen maakten een eind aan de pret. Het afgerukte hoefijzer hing troosteloos in het schapengaas en paardlief had een lelijke schram.  Zelf dacht ik als zeventienjarige nuttig te zijn door voordat de hoefsmid kwam de onderkant van de hoeven in te smeren met vet en de bovenkant met…. bruine teer. De echtgenote van de arme smid heeft mij nog lang nagedragen dat haar man een week lang in de logeerkamer moest vertoeven vanwege de indringende lucht. Toen ik zelf met een hoefsmid trouwde laat het zich raden met welk huwelijksgeschenk zij aankwamen.


Hondenpenning
Na een verenigingsles wilde ik mijn zweterige paard even lekker laten rollen in de binnenbak. Een propvolle kantine was er getuige van hoe ik hem bij de uitgang losliet alwaar hij ter plekke op de grond smakte, zich vastrolde tegen de draaideuren en zo de uitgang een tijdlang spartelend versperde. De complete ploeg van de volgende les moest eraan te pas komen om hem daar weg te sjorren.  Datzelfde paard hield erg van ontsnappingen. Altijd was hij erop uit om deuren open te maken, knopen uit touwen te peuteren en razendsnel het hazenpad te kiezen. Hij was gek op mijn vader. Papalief hield hem namelijk nogal eens vast aan de paniekhaak die dan spontaan open ging. De nauwelijks hoorbare ‘klik’ van de sluiting was genoeg om hem vol gas te doen wegsprinten. Het was vast een leuk gezicht voor de andere wedstrijddeelnemers. Voorop een snuivend paard met de staart erop en een jammerend wicht in zijn kielzog. Die escapades kenden nog spannende momenten toen de ruin eens besloot het terras van de manege te inspecteren en netjes gebukt onder de parasols door sjeesde. De keer dat hij zich midden in het bos wéér los wist te wrikken en tussen de dennen van een enorm natuurgebied verdween dacht ik hem nooit weer te zien. Wonder boven wonder dook hij kalmpjes grazend tussen de heipollen weer op. Vanaf die dag kreeg ‘ie een hondenpenning met adres en telefoonnummer aan zijn halster. Wel zo praktisch tussen de gevonden voorwerpen.



Doordraver schrijft voor Hoefslag Magazine maandelijks een column. Uit een serie van een aantal jaren geleden, plaatsen we enkele columns als blog op de website.

‘Het gaat nu gebeuren, ik ga een eigen paard kopen!’ Een vriend die meestal niet zo spraakzaam is gooit het er uit. Hij rijdt al jaren maar door een drukke baan wilde hij geen eigen paard. Wel fungeert hij zo nu en dan als bijrijder. Nu is het dus zover. Hij maakt er een heuse studie van. Alle internetsites speurt hij minutieus af. Zijn voorlopige favorieten print hij uit en legt ze op volgorde van geschiktheid op zijn bureau. Vervolgens pakt hij de routeplanner erbij om een efficiënte dagindeling te maken.

Hij showt vol trots een mooi paard op een dito website. De site ziet er glamoureus uit en toont meiden in keurige stalkleding. Ze dragen polo’s en bodywarmers van alle kanten voorzien van het stallogo.

Polderweg

Op één van zijn aankoopreisjes mag ik mee. Hij heeft een heel fraaie bolide met allerlei snufjes erin waar ik nog nooit van gehoord heb. Met het eerste printsel op schoot stelt hij de navigatie in. De airco gaat aan de mp4 speler zoemt zacht. Ik nestel mij in de verwarmde luxe stoel en hoop dat het ritje lang gaat duren. ‘Bestemming bereikt’ spreekt de TomTom na een uurtje. We blikken uit het raam. We zijn op een polderweggetje beland. ‘Getsie’ zegt vriend geïrriteerd. ‘ Ik had dat navigatieding natuurlijk een keer moeten updaten. Staan we in niemandsland. Heb ik weer!’

Ondertussen staart hij ontredderd naar de blubberbrij

Wat verderop zie ik wel een paard. Stapvoets rijden we die kant op. ‘Probeer om te draaien’ tipt de elektronica ons. Twee containers , een paard en een pony die kogeldiep door een modderbad scharrelen. Dit kan het niet zijn, concluderen we eensgezind. We pakken het printje van de site er nog maar eens bij. Handelsstal SuperHorsetrading lees ik hardop. Inmiddels is een meisje één van de containers uitgekomen. We besluiten haar de weg te vragen. Eenmaal dichterbij belandt stoot vriend mij aan: het meisje draagt een bodywarmer met het SuperHorse logo. ‘Misschien een dependance?’ fluister ik. ‘Welkom op ons bedrijf!’ schudt ze ons hartelijk de hand.  En ja hoor, de site was zeker van hun. Of van haar, liever gezegd, giechelt ze. ‘Kijk maar, de bruine ruin daar, dat is ‘m’, zegt ze blij. Vriend laat zich niet kennen en vraagt waar hij een stukje zou kunnen proefrijden. Ondertussen staart hij ontredderd naar de blubberbrij. ‘Gewoon, in de berm hoor’  is het vriendelijke antwoord. ‘U kunt kiezen, links- of rechtsaf!’

Was getekend: Doordraver

Deze editie van Doordraver verscheen eerder in de Hoefslag. Doordraver deelt iedere maand in de Hoefslag haar persoonlijke ervaringen met alledaagse gebeurtenissen. De nieuwste doordraver vind je in editie 9 (september)

Foto: Remco Veurink

Zodra de eerste lentetekenen verschijnen is het altijd weer een gezellige boel bij de smederij: klanten brengen hun veulens mee. De ene bouwt een hele stellage voor in de trailer met strobalen zodat de jongste passagier niet onder de borstbalk doorkruipt. Om rondvliegende veulens op de weg te voorkomen wordt de achterklep zorgvuldig voorzien van een ‘kinder’rekje. Anderen bekijken het wat makkelijker. Merrie erin, veulen ernaast duwen en rijden maar.

Het is erg fijn voor mijn echtgenoot en zijn collega’s wanneer mensen de moeite nemen het jonkie al vroeg aan de smid te laten wennen. Het scheelt een hoop stress en ongemakkelijke manoeuvres wanneer de diertjes er aan gewend zijn dat er iemand aan hun benen zit te frunniken. Niet alleen honden en bazen lijken op elkaar… Een hoogelegante dame die altijd tot in de puntjes gesoigneerd ten tonele verschijnt heeft een dito veulen bij haar merrie. Het beestje heeft enorm lange stelten, een hoofdje als ware het geboetseerd en diepzwarte, gekrulde wimpers. Uiteraard draagt de jongeling  een modieus geruit halstertje wat weer prima combineert met het exemplaar van de merrie en uiteraard de bodywarmer van de eigenaresse.

Hulpeloze blik

Het veulen heeft een onvervalst ramshoofd

Harm doet niet aan zulke fratsen. Elk jaar weer heeft hij een veulen bij zijn tuigpaardmerrie. Zijn veulens zijn zonder uitzondering mak want Harm besteedt er veel tijd aan. Zwijgend zet hij het hengstje vast voor de merrie waarna manlief het bekapmes hanteert. Elk jaar heeft Harm ook dezelfde vraag aan zijn smid: ‘Nou, wat vin’ie ervan? En geen geneuzel, gewoon zegg’n waor ’t op staot.’  Manlief werpt een blik op het veulen en op Harm. Dit jaar valt het niet mee om te zeggen waar het op staat zie ik aan zijn hulpeloze blik. Het veulen heeft een onvervalst ramshoofd. Zijn koppie heeft zo’n enorme bolling dat het zoeken naar een passende neusriem later geen sinecure zal zijn. ‘Hij staat prima op de benen Harm, mooi vierkant’, zegt mijn echtgenoot opgewekt. Harm kroelt het veulen met zijn reuzenhanden liefkozend op de billen. Na wat peinzende blikken vraagt Harm: ‘En verders? Haj anders nog wat te zegg’n?’ Manlief, die zich fluks op het bekappen van de merrie heeft gestort moet nu toch echt even overeind komen. ‘Nou ja, misschien dat het hoofdje wat edeler kon…’, zegt hij voorzichtig.

‘Die kop is hartstikke krom’, buldert Harm van het lachen. ‘Maor dat geft verders niks, ik zit er laoter immers alleen maor áchter!’

Was getekend: Doordraver

Deze editie van Doordraver verscheen eerder in de Hoefslag. Doordraver deelt iedere maand in de Hoefslag haar persoonlijke ervaringen met alledaagse gebeurtenissen. De nieuwste doordraver vind je in editie 7. 

Foto: Remco Veurink

Vandaag geef ik een workshop. Er zijn tien mensen op afgekomen. Zij willen gecoacht worden met paarden. ‘Goed voor hun persoonlijke ontwikkeling’, heeft hun baas gezegd. Hij noemde ook nog iets over competenties en duurzaam, want een beetje moderne manager gebruikt die woorden regelmatig.

Na een voorstelronde troon ik de cursisten mee het weiland in. Daar staat Vosmerrie die direct nieuwsgierig komt aanstappen. Ze laat zich genietend door iedereen aaien en kroelt de één na de ander met haar bovenlip door de haren. Een kale cursist likt ze vriendschappelijk over de bol. ‘Kijk, je maakt uitstekend contact met anderen. Zie je hoe het paard in verbinding is met jou? Je straalt rust en intimiteit uit’, spreek ik de verblufte kale man toe.
Tijd voor een dieper niveau. De New Forest pony loopt als kantjesmaaier in de bak. Wanneer mijn klasje binnentreedt kijkt ze even op. Haar grasmalende kaken staan een paar seconden stil. De pony besluit ons te naderen. Ze duwt haar neus dwingend tegen ieders jas- en broekzak. Een oudere dame kijkt bevreesd en doet een stap terug. ‘Je neemt geen leiding hier, ik zie dat je zelfs letterlijk een stap terugdoet?’ spreek ik op zalvende toon. De pony heeft intussen ervaren dat niemand iets lekkers uit de zak tovert en slentert weer naar de graspollen. ‘Helaas, je weet de aandacht niet lang vast te houden’, confronteer ik een bedeesd kijkende jongedame. Ze staart vertwijfeld naar de grond waarin ze rondjes maakt met de punt van haar laars.

Geen leiderschapskwaliteiten

Na een royale lunch is het tijd voor het middagprogramma. Lopend naar het volgende weiland leg ik nog even iets uit over de holistische visie en verdiepende bewustzijnslagen. De workshoppers knikken begrijpend. In het weiland aangekomen turen we in de verte naar twee stilstaande zwarte stippen op benen. Er zit niets anders op dan ons maar naar hen te begeven. Eenmaal dichtbij kijkt een tweetal ruinen verstoord op. ‘Kom, wie neemt nu het initiatief, wie toont leiderschap?’ orakel ik. Een vrouw van middelbare leeftijd stapt manhaftig naar de twee paarden toe. De ene loopt geïrriteerd staartzwiepend weg. De andere laat haar naderen en trekt de neusgaten op, legt de oren naar achteren en sprint weg. Mevrouw laat zich niet kennen. Ze voelt de bui al hangen, ‘geen leiderschapskwaliteiten en het paard zelfs weggejaagd’. Ai, als dit een metafoor voor haar team is…

Ik ga een lekker gevulde factuur typen

Ze begeleidt alle collega’s naar het eind van het weiland. De ruinen hebben nu echt genoeg van hun graasonderbreking. Ze draaien hun forse billen toe en kijken minachtend achterom. De groep overlegt fluisterend met elkaar. ‘Dit is ervaringsgericht leren, wat wil het paard je duidelijk maken? Wat voel je er zelf bij?’ vraag ik de inmiddels onzeker kijkende collega’s. De cursusuren zijn voorbij, de groep gaat met een mapje vol ‘hand-outs’ en een deelnamecertificaat huiswaarts. Ik ga een lekker gevulde factuur voor het verlenen van ‘management- competentiecoaching’ typen. Ik zie het bedrag al op onze bankrekening… Manlief duwt en trekt mij wakker: ‘Waarom grijns jij zo in je slaap?’

Was getekend: Doordraver

Deze editie van Doordraver verscheen eerder in de Hoefslag. Doordraver deelt iedere maand in de Hoefslag haar persoonlijke ervaringen met alledaagse gebeurtenissen. De nieuwste doordraver vind je in editie 5 (online uitverkocht)

Foto: Remco Veurink

HOEFSLAG ACADEMY

Volg ons!

101,065FansLike
0VolgersVolg
6,970VolgersVolg
1,451Youtube abonneesAbonneer