BOG Auctions
BOG Auctions
BOG Auctions
Tags Posts tagged with "Blog"

Blog

ruiter paard algemeen

Snel poetsen, want hij komt zo thuis. Het spoor zaagsel kruipt van voordeur naar badkamer. Zijn avond begint slecht als hij zoiets ziet. Dat irriteert mij dan weer. Tenen die blauw zijn van de kou willen snel naar de badkamer. Die schoenen schop ik daar wel uit. Dat snap jij ook. Hij niet. Met fanatieke geldingsdrang maakt hij zijn punt. Dat ik minder haast uitstraal als ik met diezelfde kou op stal ben. Poetsen – bandageren – instappen – uitstappen – laatste knuffel. En terug, want muesli vergeten. Dan hoort hij me niet klagen over kou. Terwijl hij zijn rede voert, trekken mijn lippen samen. Fijntjes kom ik met het Argument der argumenten: “Maar dat is anders”.

Hobby? Noem het een ziekte.

Anders ja, maar hoe dan? Bij jou kan ik het wel toegeven, op stal ben ik inderdaad minder kleinzerig met die kou. Gelet op andere paardenmensen is dat niet eens de grootste rariteit. Prioriteiten bijvoorbeeld, daar hebben echt álle ruiters iets mee. Dat paard staat iedere keer torenhoog op de lijst. Paardrij-gewijs plannen noem je dat. Neem nou mijn eerste vriendje. Hem vertelde ik met droge ogen dat mijn paard belangrijker voor me was dan hij. Drie weken later was het uit. Ik huilde dikke tranen en zocht troost bij mijn paard. Niet bij hem.

En dus ben ik nu samen met Hij Die Het Beter Snapt (zaagselsporen uitgezonderd). Keuzevrijheid heeft hij niet, mijn hobby hoort bij mij. Hobby? Noem het een ziekte. Chronisch, ongeneeslijk, never ending.

Ruiters zijn vreemde snuiters

Over ziektekiemen gesproken. Stiekem een likje proeven van de liksteen? Boterhammen eten met vuile handen? Op stal spreekt iedereen dezelfde taal. Laten we het gerust een samenzwering noemen. Je stalgenoot knikt begripvol als je een goedkope maaltijd naar binnen schrokt. Ondertussen knabbelt je paard op de meest de exquise supplementen. Vinden we heel gewoon. Of toen, met die strenge vorst, deden we nog gekker. Waarom lopen wij te kleumen, terwijl onze paarden onder drie dekens staan?

Al overtuigd dat we vreemde snuiters zijn? Hier nog een closing example. Laatst op de bankleuning: ik hing en keek  een documentaire. Een akelig mooi meisje leefde in Londen een jetset leven. Inclusief mooie man, bakken met geld en bussen vol vrienden. Ze werd depressief, keerde terug naar Nederland en ging maandenlang stallen uitmesten. Om op te knappen.

Passie is vuur

Dus nog even over die rariteiten. Waar komen ze vandaan? Vreemde zaken hebben meestal een simpele verklaring. Soort van gedeelde factor. Mijn idee? We worden gedreven door passie. En passie is vuur. Vuur dat je voeten ontdooit bij vorst. Vurige brandstof na een goedkope maaltijd. En het vuur dat je door zware tijden heen helpt.

Passie dus. Het enige verschil tussen paardenmensen en de wat-een-gedoe-ik-blijf-liever-gewoon-thuis-mensen. Ach wat, noem ons een maf volkje. We hebben ook voordelen. Zo vervelen we ons nooit, dus we vallen anderen niet lastig met ons humeur. Behalve na een slechte proef, maar dat telt niet.  Ander pluspunt: als paardenmens staan we dicht bij de natuur. We gaan daarom heel goed om met veranderingen, afscheid nemen van paarden daar gelaten. En aardig zijn we ook. Aan goodwill geen gebrek. We willen écht wel een keer mee naar die Belangrijke Verjaardag. Op een rij-dag nota bene! Maar zeur dan niet dat ik naar paard stink, omdat ik nog éven die wortels breng. Anders is het zielig. En trouwens, paarden stinken niet, ze ruiken. Dat snap je of dat snap je niet.

Sara Ouwehand is initiatiefneemster van www.ruiterpilates.nl, start haar Haflinger ZZzwaar en loopt verwonderd rond in de paardenwereld.

Indoor Brabant
foto: Liz Barclay

Het zit er weer op. Vier dagen lang paardenplezier voor jong en oud. Van het hoogste niveau met de beste paarden en ruiters tot een grapje op zondagochtend met de grote springjongens die op Belgen, samen met in het roze en rood geklede kleine ponymeisjes op perfecte ponietjes, om Bosche Bollen vochten. Slagroom mengde zich al gauw met zand en het geluid van vrolijk lachende kinderstemmetjes vanuit het zeer jonge publiek.

Voor mij de eerste Indoor Brabant, waar ik voor de zaterdag en zondag speciaal vanuit Cornwall was overgekomen. Want ook al ben ik zelf een dressuurruiter, die zondag met twee springrubrieken, de Accumulator met Joker en de Rolex Grand Slam, trok me bijzonder aan. Als er gesprongen wordt moet er net zo goed met precisie gestuurd worden en als er mooi en met finesse gereden wordt kan ik echt genieten en uitzinnig uit m’n bol gaan als dat dan ook nog de winnaar wordt.

Tranen in de ogen

Maar natuurlijk waren de beide Freestyle rubrieken op zaterdag een belangrijk punt op de agenda. En ik realizeer me dat ik uiteindelijk nog steeds een Nederlands paardenmeisje (op leeftijd) ben als ik per ongeluk toch iets harder klap voor de Nederlandse ruiters.

Maar ook al dacht ik eerst, net als Tineke Bartels, oh die Duitse muziek, moet dat nou. Uiteindelijk hield ik het niet meer droog. Als iedere pas die het paard maakt relateert aan de maat en emotie van de muziek, is het moeilijk om de tranen in bedwang te houden en houdt voor mij persoonlijk het kritisch kijken op en laat ik me meenemen. Dat deed Isabel Werth met haar paard Emilio.

Isabell Werth, Emilio
Isabell Werth – Emilio 107
The Dutch Masters 2018
© DigiShots

Mooi oud worden

Het is de wens van iedereen: mooi oud worden. De ruin Oswin is dat gegund en dat was prachtig om te zien. Met zijn 22 jaren had hij duidelijk zin om er samen met zijn ruiter Geert Hofland een mooie dag van te maken. Een bewijs dat de dressuursport, als het met beleid en liefde gedaan wordt, een paard kan helpen om fit te blijven en vol enthousiasme de baan in te komen tot op het hoogste niveau.

De Freestyle U25 rubriek was zowiezo een lust om naar te kijken. Wat een ongelofelijke hoeveelheid jong talent komt er aanstormen!

Jammer vond ik het dat een proef die in ontspanning uitblonk, waardoor wat onschuldige foutjes, toch weer lager gejureerd werd dan een misschien wat ‘correctere’ proef met meer spanning.

Een leuke vlotte meid

Na op zondagochtend een aantal rondjes van de Piet Raijmakers Prize te hebben bekeken, zag ik bij het frietkraam een vlotte meid in rijbroek met haar vriendinnen zitten. In een gezellig praatje vertelde Marieke de Bruijn enthousiast over hoe geweldig ze het had gevonden hier op dit enorme evenement te rijden. ‘Het is de eerste keer en alhoewel ik een balkje eraf had was ik echt zo blij. Mijn paard is behoorlijk snel dus uiteindelijk stonden we er nog best nog wel goed voor. Ik dacht van te voren dat ik wel zenuwachtig zou zijn maar toen ik er een keer opzat viel dat best wel mee.’

Fijn om met zo’n leuke sportieve meid te praten die glom van blijheid en kon genieten zonder nou perse te moeten winnen. Uiteindelijk is het natuurlijk ook geweldig van de organisatie van Indoor Brabant om de kiene jonge ruiters met hun supergetalenteerde ponies de kans te geven om deel te zijn van een prachtig internationaal gebeuren en die sfeer als actieve deelnemer te proeven.

Indoor Derby, accumulator en Rolex Grand Slam: spannend!

De Indoor Derby vergt nogal wat van het concentratievermogen van de paarden. Denken ze net dat ze klaar zijn, moeten ze de grote baan weer in om door te springen naar de finish. Een moderne rubriek van deze tijd waar alleen vanwege de grote televisieschermen boven de ring volop door het publiek van genoten kan worden.

Door de innovatieve puntentelling is de Accumulator met de Jokersprong, waarbij er 20 punten bijkomen of afgaan naar gelang balkje d’rop of d’raf, een uitvinding om het publiek bij de les te houden. Wat dat betrefd blijft het makkelijker voor de vele verschillende springrubrieken om de tribunes  vol te houden (waardoor neem ik aan de waanzinnig hoge bedragen als prijzengeld) dan voor de dressuur.

De Rolex Grand Slam was letterlijk tot en met de laatste ronde berespannend, vooral omdat dat ook nog de snelste was. Knap om een parcours zodanig te bouwen, dat het mogelijk is om het foutloos te springen, maar net moeilijk genoeg om een eindeloze barrage te voorkomen.

Ook interessant om te voelen hoe de spanning onder publiek na de eerste foutloze ronde stijgt en daardoor bij ruiters de adrenaline beter op de goeie plek lijkt te zitten. Blijkbaar, als er een schaap over de dam is, volgen er meer.

Dha Dha zonder neusriem

Ik had trouwens net een stukje van Bianca Schoenmakers over haar paard Dha Dha gelezen. Ik begreep daaruit dat rijden zonder neusriem een soort laatste probeerseltje was. Nadat alles, ook bitloos, niet helemaal werkte bij haar paard Dha Dha, leek dit hen samen beter te bevallen.

Zoals ze zelf ook wel toegaf, mooi was anders. Gedurend de Indoor Derby was de mond van Dha Dha regelmatig een groot gapend gat, maar het enthousiasme waarmee de hindernissen genomen werden was er zeker niet minder om. De merrie leek vaak, juist doordat ze haar mond zo wijd kon openen, het heft zelf in handen te nemen, wat voor het eerste deel van het parcours, goed werkte.

Toch, netjes rijden kan net zo goed een snelle tijd geven en misschien waren het tweede en derde balkje dan wel blijven liggen. Als ruiter heb je dat natuurlijk niet altijd in de hand en als dit bij Dha Dha past, dan is dat misschien ook een kunst.

Dha Dha
Bianca Schoenmakers en Dha Dha

Emerald, wat een stuk!

Mijn hart sloeg sneller toen Emerald met Harrie Smolders op een zo jolige manier binenkwam met achterbenen die een heel duidelijk verhaal vertelden. Dat vind ik nou zo ongelofelijk knap. Om een paard zo goed te begrijpen. Zo rustig daar blijven zitten als ruiter, vooral ook bij het binnenkomen voor de barrage, en wachten tot je voelt en aangeeft: he Emerald, zullen we? Terwijl je als ruiter ook dondersgoed die klok die naar 0 seconden dendert in de gaten moet houden.

Dat samenspel om een paard met zoveel karakter de ruimte te geven te geven om zijn eigenaardigheidjes te hebben omdat je weet dat hij daardoor nog beter gaat presteren. Of misschien zelfs, op die manier alleen maar wil presteren. Op dat moment zit ik ook naar dressuur te kijken, alleen met hindernissen erbij.

Ik las ergens dat Emerald een lieveling van het publiek wordt genoemd. Na het venijn om alsjeblieft aan het werk te mogen gaan beweegt hij zo vloeiend, dat ik alleen maar kon denken: Emerald, je bent een stuk!

Harrie Smolders, Emerald
Harrie Smolders en Emerald (foto: DigiShots)

Het Wilhelmus

Ik had graag nog een keer het Wilhelmus gehoord. Als Nederlandse, wonende in het buitenland, raakte het me diep toen op zaterdagavond voor Maikel Van Der Vleuten en zijn paard Arera C de Nederlandse vlag langzaam uitrolde. Daarbij moest ik ook denken aan al die parades uit mijn jeugd, ergens in de Achterhoek in de weilanden.

Uiteindelijk luisterden we aan het einde van de Rolex Grand Slam naar het Belgische volkslied. Niels Bruynseels hield met zijn Gancia de Muze de spanning er tot het laatst in. Om onder zoveel spanning de snelste foutloze rit te rijden door goed voor je paard te blijven zorgen gedurende het hele parcours, daar heb ik zulk enorm respect voor.

En toen hem de microfoon gereikt werd, bedankte hij ook nog allereerst zijn paard. Top!

Niels Bruynseels - Gancia de Muze
Niels Bruynseels – Gancia de Muze
Jumping Indoor Maastricht 2016
© DigiShots

Flossie

Gedurende die laatste spannende rubriek zat er achter me een gezin met een dochtertje van, ik denk zo’n jaar of drie. Haar heldere stemmetje klonk als belletjes en haar opmerkingen zoals, ‘als dat paard klaar is moeten we klappen’ en ‘die poept netjes op de plek’, waren uit de kunst. Veel leuker dan het serieuze commentaar uit de speakers.

Hartvertederend was wel toen ze riep bij binnenkomst van een van de combinaties, ‘die lijkt net op Flossie!’

Droom maar, meisje, daar begint het mee…

0 1587
dressuur hoefslag ruiter
Dressuurring CDI Roosendaal 2017 © DigiShots

Ademloos kijken. En eigenlijk niets zien. Want alles lijkt vanzelf te gaan. Wat is dat toch, de magie van een goede ruiter? Ik weet, je moet niet alles willen verklaren. Zeker magie niet.

Nu, geheel in mijn eigenwijze stijl, doe ik toch een gooi. Naar de magische 3 K’s van een goede ruiter. Kennis, kunde, kracht.

Kennis

Ik stam uit de tijd dat boeken heel gewoon waren. Dat zijn dingen waar je Smartphone ongeveer 12 keer in past. Ik hoor je roepen: ‘paardrijden leer je niet uit een boekje!’. Maar misschien toch wel een beetje. Want meer inzicht in oefeningen en bewegingsdynamiek geeft helderheid in je hoofd. En helderheid geeft rust.

Alweer een puzzelstukje minder terwijl je in het zadel zit. Dat geeft ruimte voor iets anders. Voor voelen, opgaan in de beweging en weten waar je naar toe wilt rijden. Allemaal kenmerkend voor een goede ruiter.

‘Weet vooral waar je goed in bent.’

Kunde

Een cruciale tweede K: zet je kennis om in kunde? Dat is wel even een vak apart. Durf je te proberen? Vind je herstelkansen bij een misser? Ken je jouw leerstijl en past je instructeur daarbij?

Weet vooral waar je goed in bent. En nog liever waar niet in. Zo kan ik nog zoveel kennis hebben van de springsport, een goede springruiter word ik nooit. Ik storm niet onverdroten op een nieuwe hindernis af. Ben namelijk type ‘kijkt kat uit de boom’. Dat buig je niet zomaar om. In ieder geval onvoldoende om mezelf als parcourswaardig te bestempelen.

‘Paardrijden is moeilijk, confronterend en de blessuregoden dagen je uit.’

Kracht

Tot slot de gouden K, de kracht. Dit keer niet de spierballen. Wel emotionele veerkracht. Want paardrijden is moeilijk, confronterend en de blessuregoden dagen je uit. Dat moment, waarop alles de verkeerde kant op lijkt te vallen. Wie gaat er door? Minstens net zo belangrijk: hóe ga je door? Mopperend of opperend?

Want goede ruiters laten los, in de breedste zin des woords. Ze laten los in de teugelvoering. Maar ook laten ze alles achter hen los. Of dat nu een slecht uitgevoerde oefening is of een maandenlange blessure. Op een oxer afrijden alsof er nooit een weigering is geweest, dat werk. Iedere pas is nieuw en wordt voelend gereden.

‘Als jij los laat, laat je paard los.’

En weet je wat nou zo leuk is aan paarden? Ze spiegelen. Als jij mee blijft veren op welke gebeurtenis dan ook, zal je paard blijven veren. Veerkracht, letterlijk en figuurlijk, maakt het verschil tussen lijden en rijden. Als jij los laat, laat je paard los. En dat is het moment waarop magie kan ontstaan.

Sara Ouwehand is initiatiefneemster van www.ruiterpilates.nl, start haar Haflinger ZZzwaar en loopt verwonderd rond in de paardenwereld.

 

verzet

‘We verwachten toch wel dat ze het eind van het jaar M zijn.’ Dat waren de woorden van een trotse moeder een tijdje geleden. Haar dochter moest haar eerst B-proef nog rijden. Ik wilde haar niet beledigen, maar dacht: ‘oh jeetje, als dit maar goed gaat’.

Zoveel druk op de ketel voor een jonge meid met een paard wat ooit kuren had. Als het een klant van me was geweest, had ik proberen uit te leggen dat die zelf-geïmplementeerde druk voor paard en ruiter ongezond is en vaak contraproductief.

Doordat we in de professionele wereld continue voorbeelden krijgen van hoe vlot de opleiding van een paard kan gaan, wordt het ons op die manier wel met de paplepel ingegoten.
De gedachte van wat er achter de schermen allemaal verkeerd gaat door die enorm hoge verwachtingspatronen, maakt mij als paardenliefhebber angstig en ook boos.

Veelbelovend fokproduct

Ik heb het allemaal zelf meegemaakt. Ik had een fokmerrie gekocht en een hengst uitgezocht. In het voorjaar bleef ik maar blijven kijken in dat weiland, terwijl de buik almaar dikker werd en de merrie langzaam bij de flanken begon uit te zakken.

Haar energieke uitbarsting, al bokkend door de wei, vlak voor het uit- en aftellen. Het harsen. Nu kan het niet zo lang meer duren voor je hoogsteigen veelbelovende fokproduct het levenslicht zal aanschouwen.
Als je geluk hebt, kun je het hele gebeuren van het begin af meemaken. De zak met vocht, het eerste voetje, en nog een met een neusje erbij, en vervolgens, na een dramatische pauze met een hoop gekreun, ploeps, daar ligt een glimmend nat en nog geheel plat en slap veulen.

blog liz barclay

Ik had geleerd dat je met een stukje stro de neusgaatjes moet kietelen en ja hoor, met een schattig niesje en een klein beetje geschud met de nog kletsnatte oortjes komt er een beetje leven in de keet. Prachtig om te zien.

De onbarmhartige weg naar de tiet

En ook super spannend, want het moet nog gaan staan met bibberende knietjes, waarna het met vallen en opstaan als een dronken mannetje de onbarmhartige weg naar de tiet moet zoeken. De prille fokker zal dit proces met ingehouden adem blijven volgen. De wat meer door de wol geverfde fokker gaat waarschijnlijk even een kopje koffie drinken en steekt zo nu en dan even z’n kop om de hoek.blog liz barclay

Dan al begint het proces van hopen en dromen over wat dit kleine onschuldige diertje, dat nog niet eens een grassprietje gezien of geproefd heeft, in zijn leventje zal gaan bereiken.

Als in de eerste maanden in de wei het veulen met staartje recht omhoog speels om zijn moeder rent, staat de fokker trots aan de kant te genieten van het nog zo prille en parmantige gangwerk.

Drie jaar oud zonder kleerscheuren

Wanneer de volgende drie jaar hopelijk zonder kleerscheuren zijn verlopen, kan er met het aanrijden begonnen worden. Een periode die voor paard en ruiter cruciaal is.

Tot dan toe heeft men bij het bekappen en ontwormen wel enig idee gekregen wat voor vlees men in de kuip heeft, maar er wordt, behalve braaf meelopen op de keuring en voetje geven, nog niet echt iets verwacht.
Op het moment dat de eerste stappen onder het zadel genomen worden verandert dat. Daar ontkomt niemand aan. Je kijkt nu met hoop naar de toekomst, hoop op wat je hoopte te fokken of aan hebt geschaft. Ongeduld wordt je grootste vijand.

‘Als je maar op tijd begrijpt wanneer je paard het even niet aan kan en meer tijd nodig heeft.’

Iedere keer dat je erop stapt, hoop je iets te voelen dat beter is dan de vorige keer, of toch minstens hetzelfde. Dat mag ook, als je maar op tijd begrijpt wanneer je paard het even niet aan kan en meer tijd nodig heeft. Of misschien wel beter is in iets anders dan jij wil.

Op zoek naar een eerlijk paard

Enige jaren geleden ging ik met een moeder en haar dochter in Nederland naar een aantal dressuurpaarden kijken. De talentvolle dochter moest de overstap maken van pony naar paard, dus het moest een eerlijk paard zijn met wat ervaring.

Ergens bij Zelhem in de buurt vonden we wat we zochten…dachten we. Deze ruin was negen, had L2 gelopen, was super gehoorzaam, liep mooi en zat heerlijk. Maar mijn advies was: fijn paard, ga nog een weekend terug om het wat vaker te rijden.

Een radeloos paard

Of dat had kunnen voorkomen wat daarna gebeurd is; ik heb geen idee. In ieder geval kwam het paard twee weken later, na de keuring, in Cornwall aan. In een totaal ander humeur dan we hem in Nederland gezien en gereden hadden.

Hij was helemaal over z’n toeren, doodsbang en durfde niet eens zijn nieuwe stal in. Dit verhaal hoorde ik pas na een week of twee, toen de moeder me radeloos opbelde voor hulp.

‘Dit paard was doodsbang en compleet in verwarring.’

De dochter durfde er niet meer op. De moeder, een ervaren ruiter, nog wel maar ze wilde mijn mening. Ik kan het maar op een manier beschrijven. Dit paard was doodsbang en compleet in verwarring.

Na een half uur rijden in de baan met een paard dat volledig in lock-down was besloot ik een ommetje te maken. Toen we bij een hek kwamen waar ik af wilde stappen om het open te maken, sprong hij er vanuit z’n radeloosheid dwars doorheen.

Het broertje van…

Na een heleboel telefoontjes bleek dat de dierenarts wel een braaf paard had gekeurd maar dat bij het laden het wel een ander paard leek, zo was hij tekeer gegaan.

Na nog meer telefoontjes kon de ruin wel terug maar op voorwaarde dat deze dealer een ander paard voor hen zou zoeken. Het is nooit meer goed gekomen.

Wel heeft de moeder nog vrij veel informatie kunnen achterhalen over het paard zelf. Het was de volle broer van een Belgisch gefokt internationaal springpaard en het was de bedoeling dat ook hij de springsport in zou gaan. Naar mijn bescheiden mening is het daar mogelijkerwijze al verkeerd gegaan.

Er werd, als broertje van een bekend springpaard, waarschijnlijk een hoop van hem verwacht. Teveel druk op de ketel en voor je het weet heb je een paard dat zelfs niet meer wil doen waar hij goed in is. Dan maar de handel in en soms komt het goed, vaak ook niet. In en in triest en vooral ook voor het paard zelf.

Het kadootje van een blij paard

Het is maar een voorbeeld, maar ik ken helaas nog zoveel meer gevallen. Wanneer leren we nou dat als het paard er klaar voor is hij geeft wat het kan. Sommige paarden hebben gewoon meer tijd nodig. Het is moeilijk voor de handel en de gretige ruiter om dat te accepteren, maar het levert uiteindelijk meer resultaat en een veel prettiger sfeer op stal.

blog liz barclay

Hoe beter er gefokt wordt hoe hoger de verwachtingen. De hippische wereld staat tegenwoordig vol met paarden van beroemde moeders en vaders en even beroemde broers en zussen. Dat is geen makkelijke positie voor het jonge paard en daar is een hoop zelfcontrole van de berijders voor nodig.

Maar er is geen mooier kadootje dan een blij paard dat met vertrouwen en enthousiasme zijn ruiter wil plezieren. Daarbij, het geeft toch een fijn gevoel als je ’s avonds bij het tandenpoetsen gewoon in de spiegel kunt kijken zonder je te schamen voor je eigen gedrag…? Of niet?

Liz Barclay

Foto boven artikel: Archief Remco Veurink

Error, group does not exist! Check your syntax! (ID: 52)

blog sara ouwehand

Heikel punt: loopt je paard over de rug? Hoe zie je dat? Belangrijker; hoe voel je dat? Het ruggebruik van een paard krijgt (gelukkig) een hoop aandacht. Steeds meer zelfs.

Toch mis ik iets in deze gesprekken. Een ontbrekende schakel die de beweging van het paard kan (af-)maken of breken. Mag ik aan u voorstellen: de ruiter.

Laat jij als ruiter de beweging doorkomen? Concreter: ben je zélf wel over de rug? Paarden worden vaak geblokkeerd in de middenhand. En wat heet toeval, daar zit de ruiter meestal ook. Dus hoe zit dat nu eigenlijk met die ruiterrug? Loslaten, dat was het. Maar hoe?

Een mobiele onderrug is noodzaak voor een goede zit

De start van een losse ruiterrug ligt bij de zitbeenknobbels. Geen onderdeel van de rug, wel een cruciale schakel in het gebruik daarvan. Zitbeenknobbels moeten in beweging zijn, altijd. Dat is essentieel als je de beweging van je paard wilt volgen. En, nu komt het, in het mobiel houden van je onderderrug. Een mobiele onderrug is noodzaak voor een goede zit. Maar hoe bewegen ze dan, die zitbeenknobbels?

Stel je voor, ze gaan aan de wandel. Kleine voetjes onder iedere knobbel en ze lopen met de beweging van je paard mee. Werk subtiel, volg vanuit je botten en gebruik weinig spieren. Maak je te grote bewegingen, dan ga je waggelen. Misschien een leuk gezicht voor de omstanders, maar minder prettig voor je paard.

Blokkeren van deze lopende beweging in je zit? Nóóit. Dus ook niet bij het maken van een overgang terug. Ze blijven een lopende beweging maken. Dus óók voor je zit geldt: voorwaarts denken!

‘Weet dat de diepe buikspier, de transversus abdomnius, je echte vriend is.’

Recept voor een losse middenrug: draag jezelf correct. Train hiervoor alsjeblieft de juiste buikspieren. Bespaar je de lijdensweg naar een sixpack. Een sixpack zorgt níet voor een ontspannen, elastische stabiliteit. Training van deze oppervlakkige buikspieren maakt stabieler, maar door de verkorting van de spieren ook stijver. En dat willen we niet. Trouwens, als je de oppervlakkige buikspieren gebruikt, trek je je bekken uit positie. Ook niet handig. Dus ontdek liever de diepe buikspier, de transversus abdomnius, en weet dat dit je echte vriend is.

Nageven

Eindstation van je wervelkolom: de atlas. Daar waar je schedel op je wervelkolom rust. Bron van veel klachten in dit gebied: spanning op de kaakgewrichten. Terwijl we massaal onze kiezen op elkaar zetten bij moeilijke dingen. En laat paardrijden nu bepaald geen makkelijke sport zijn.

Hoe maf het ook klinkt, er is winst te behalen in het kaakgebruik van ruiters. Zeker als je weet dat je kaken je lage onderug/bekkengebied spiegelen. Voor de niet overtuigde lezer: zet je kaken eens hard op elkaar en voel wat er in je onderrug en bekken gebeurt. Verzachting van je kaken geeft indirect ruimte aan je rug. Nageven dus, ook voor ruiters.

Spiegelen

We tellen op, waar kwam die losse ruiterrug nou vandaan? Zie hier drie belangrijke ingrediënten: voorwaarts denken, correct dragen en het ontspannen van de kaken. Doet me denken aan dat spiegelen. Het zijn soms net paarden, die ruiters.

Sara Ouwehand is initiatiefneemster van www.ruiterpilates.nl, start haar Haflinger ZZ-zwaar en loopt verwonderd rond in de paardenwereld.

Error, group does not exist! Check your syntax! (ID: 52)

Koosje Mulders
Koosje Mulders en Wim geconcentreerd in de ring.

Ja, ik weet het, het is een gevleugelde uitspraak in de sport en daarom misschien een tikkie cliché van me om als kop te gebruiken. Maar bijna twee weken terug nam dit gezegde voor mij wel hele letterlijke vormen aan.

Ik zal bij het begin beginnen. Ik vertrok op vrijdag middag voor kerst naar Zuidbroek (heul ver weg) om de dag daarna te starten op IICH Groningen. Best spannend, want Wim had met mij nog nooit in zo’n entourage gelopen. Een groot concours in een evenementenhal met tribunes, kerstversiering en losrijden bij het strodorp. The whole shebang, zeg maar. Vooropgesteld: super cool om daar te rijden natuurlijk!

Jodelen

Wim had op stal meteen nieuwe vrienden gemaakt (zoals eigenlijk altijd) en stond bijzonder content op zijn hooi te knagen. Dus met een gerust hart naar bed, volgende ochtend vroeg baan verkennen. Ook dat ging er relaxt aan toe. Wim keek de tribunes in en dacht: ‘Ja fijn, hoe meer mensen er naar mij kijken, hoe beter’. Dat hij er zin in had, bleek een halve dag later wel toen ik ging losrijden voor de proef.

‘Wim maakte meteen nieuwe vrienden’

Zo ongeduldig om te beginnen dat hij vlak voor het opstijgen nog even lekker op mijn voet sprong. Ik stond te jodelen (alvast een voorschotje op de wintersport) van de pijn, maar had een proef te rijden. Tanden op elkaar en gaan. Wim piepend en bokkend van blijdschap door de baan. Ik uiteindelijk ook blij, want heb hem in de Grand Prix nog niet zo scherp en fijn aan het lopen gehad.

‘Het baan verkennen ging er super relaxt aan toe’

Van de leg

In de ring werd het echter allemaal iets teveel van het goede. Wim raakte zelfs ietwat van de leg en ik kon nog amper been geven zonder een bokje als gevolg. Ik moest twee keer een extra volte draaien!! En dat mag dus niet. Het leverde terecht dikke minpunten en onze laagste score ooit op. Maar kon er niet om treuren, Wim vond het leuk en ik moet simpelweg beter leren rijden om deze scherpte in de Grand Prix in goede banen te leiden.

En ondanks dat het bloedheet was in de hal door de heftige lampen en we ons allebei kapot hadden geZWEET, had Wim energie voor 10. Dus toch niet ontevreden sprong ik van mijn paard af. AAUWW!! Dat is waar ook, die voet! Ineens deed het echt gruwelijke pijn.

‘Tja, ’t is niet de eerste keer dat Wim bij mij een teen breekt…’

Smileys met tranen

Terug naar stal gestrompeld om mijn laars uit te doen, waar het BLOED me meteen tegemoet kwam. Mijn middelste teen was helemaal zwart en mijn nagel lag er half af. EHBO erbij gehaald, met tape vastgezet en te horen gekregen dat ie gebroken was. Tja, tis niet de eerste keer dat Wim bij mij een teen breekt, i know the drill. Echte TRANEN zijn er niet geweest hoor, behalve in de lachende smileys met tranen in de vele appjes die ik heb beantwoord over hoe het was gegaan.

‘Een paar dagen later vertrokken we op wintersport’

Een paar dagen later vertrokken we naar wintersport, waar ik nu nog steeds van aan het genieten ben. Ik heb iets te grote skischoenen gehuurd en heb gelukkig alleen echt last als ik in en uit die schoen moet komen. We hebben voor het eerst sinds jaren weer super veel sneeuw, dus ik ga koste wat kost die piste op! Daarnaast heel fijn om met mijn lieve vriend en familie hier samen te zijn en het nieuwe jaar in te luiden.

Wim heeft nog wat goed te maken, dus hij gaat vast heel erg zijn best doen in 2018 haha. Ik wens jullie allemaal een waanzinnig fantastisch en gezond 2018 en ik hoop dat ik jullie ook dit jaar mag vermaken met mijn verhalen.

Koosje en Wim tijdens hun Grand Prix-proef op IICH Groningen:

Sportjournaliste Koosje Mulders schrijft voor de Hoefslag en is daarnaast fanatiek dressuuramazone op Grand Prix-niveau. Voor onze website houdt ze een blog bij over alles wat ze meemaakt als ze op pad is om te schrijven en over haar paardenleven als ambitieuze amateur tussen de grote jongens.

 

 

 

Error, group does not exist! Check your syntax! (ID: 52)

Het lijkt gemeengoed: een instructeur spreek je niet tegen. De ‘ja, maar’ vorm is een no go. Noem in een groep instructeurs één keer de term ‘ja-maar-leerling’ en synchroon worden er zuchten geslaakt en hoofden geschud. Toegegeven, de ‘ja, maars’ vormen soms een flinke uitdaging. Toch vind ik ze verrijkend.

Nieuwe lesvormen

Onderwijsland heeft het al even door: we zijn toe aan nieuwe lesvormen. Hopelijk waait deze wind ook in paardenland. Afspraak tot op heden: ‘Docent zendt, leerling ontvangt’. Dit enigszins rigide basisprincipe botst met de ‘ja, maars’; er wordt immers geen antwoord verwacht. Gun me een voorstel voor een nieuwe werkvorm. De ‘ja, maars’ mogen blijven en zijn aan zet voo een dialoog. Geen eenzijdige communicatie alsjeblieft.

Omdenken

Omdenken dus. Ga jij er per definitie van uit dat de informatie die je zendt ook landt? In de vorm zoals jij bedoelt? Noem het vooruitstrevend, maar ik blijf graag tunen hoe, en óf mijn informatie landt. Daarom ben ik dol op ‘ja, maars’. Ze nemen me mee in de wereld van de leerling, geven me inzicht in weerstand en onzekerheid. Ze duiden onbegrip, miscommunicaties én geven aan waar de volgende stap in het leerproces zit. Een nogal waardevolle opbrengst voor iedere instructeur, zo lijkt me.

Zwemmen zonder bandjes

De mindswitch zit hem in het werkelijk horen van de ‘ja maar’. Hoor je een diskwalificatie van de kennis en kunde van de instructeur? Of hoor je een leerling die het gevoel heeft te zwemmen zonder bandjes? Goed luisteren zegt soms meer. De ‘ja, maar’ leerling krijgt nogal eens het verwijt dat hij of zij niet luistert. Persoonlijk vraag ik me af: ‘Wíe luistert er nu eigenlijk niet naar wíe?’

Op gang brengen van dialoog

Misschien zet ik de verhoudingen tussen instructeur en leerling te ouderwets neer. Ik hoopte met je mee, de praktijk gaf aan van niet. Tijdens clinics nodigde ik vele nieuwe ruiters uit om respons te geven op mijn inbreng. En ik was benieuwd naar hun motieven, waarom ze zus of zo reden. Telkens schrok ik van de schoorvoetende, excuserende houding als antwoord. Het op gang brengen van een dialoog, men is het duidelijk niet gewend. Een groot gemis.

Coachen

Er zijn instructeurs die volhardend aangeven dat een ‘ja, maar’ geen constructieve aanzet tot een dialoog is. Dan rest mij te zeggen dat iedere leerling recht heeft op weerstand. Dat hoort bij het aanleren van nieuwe vaardigheden. Het is aan de instructeur om kundig met de ‘ja maars’ om te gaan. Ja, ik durf te stellen dat dit onderdeel is van het instructeursvak. Niet het makkelijkste onderdeel, wel het boeiendste. Daar begint het pas, dat coachen.

Ook de ruiters een microfoontje

En nu we het er toch over hebben: laten we massaal die instructiesets vervangen. Geef die ruiters ook een microfoontje, in plaats van enkel een oortje. Opdat de ‘ja, maars’ gehoord worden.

Sara Ouwehand is initiatiefneemster van Ruiterpilates.nl, start haar Haflinger ZZ-Zwaar, en loopt verwonderd rond in de paardenwereld.

Error, group does not exist! Check your syntax! (ID: 52)

0 2308
Tineke Bartels -European Championships Dressage 2016 © DigiShots

Een tijdje geleden herinnerde Tineke Bartels ons in haar column aan het rijden met twee teugels aan de trens. Ook ik heb dat vroeger op de landelijke rijvereniging zo geleerd en haar column bracht me even terug naar die tijd.

Zo ging dat toen, en dan natuurlijk met de bedoeling om te leren de controle over die twee teugels te houden, voordat er in het echt een stang en trens in de mond van je paard zat. Ik gebruik het nog steeds; gewoon, omdat het een degelijke voorbereiding is en een hoop ongemak voor het paard wegneemt.

Doem’n d’rop!

‘Doem’n d’rop!’ Op landelijke rijvereniging ‘de Zevensteen’ proestten we het altijd weer uit als Albert Meutstege van de kaasboerderij uit Bronkhorst ons zo nu en dan les gaf. Want dat was zijn favoriete uitspraak die hij graag zo vaak mogelijk herhaalde.

Nu ben ik hem er dankbaar voor omdat het me, doordat we er zo lacherig van werden, altijd is bijgebleven. Die ‘duimen erop’ is namelijk heel belangrijk. Vooral als je met stang en trens gaat rijden val je behoorlijk door de mand als je dit kleine onderdeeltje van de rijkunst onderschat.

Stang en trens; een vak apart

Het is de droom van iedere ruiter aan het begin van zijn of haar dressuurcarrière. Het ‘hoort’ bij de hogere dressuur en het staat zo mooi. Vind ik ook, trouwens. Maar dan moet het wel in zijn waarde worden gelaten, het paard ten goede komen en zeker geen ongemak veroorzaken.

Correct op stang en trens rijden is een vak apart. Niet alleen moet de ruiter volledig de controle hebben om beide teugels op de juiste lengte te houden, d.w.z. de stangteugel nooit te strak, maar ook kunnen inschatten wanneer het paard zich op een trens voldoende geeft en ontspant om voor dit ‘wapen’ klaar te zijn. Want een wapen is het op het moment dat het in ongeoefende of verkeerde handen terecht komt.

Eerlijk en enthousiast

Gelukkig ben ik gezegend met een groep eerlijke en enthousiaste pupillen die er liever ietsje langer over doen dan te gehaast te werk willen gaan. Een paar van mijn klanten rijdt er heel netjes mee en zet een zeer acceptabele Z of PSG test neer, terwijl anderen keurig wachten tot zij en hun paard er klaar voor zijn.

Een jongedame van de laatstgenoemde groep heeft haar droom in zoverre waargemaakt dat het prachtige stang en trens hoofdstel al bij haar aan de muur hangt. Zij heeft heel hard gewerkt om met een eigen-gefokt paard, waarin ze een paar jaar geleden alle vertrouwen had verloren -wederzijds trouwens- weer op te krabbelen. Na heel wat vallen en opstaan rijdt ze nu een mooie gedegen L-proef, terwijl in de training een leuk begin is gemaakt met wat wijken en zijwaards. Ook zijn inmiddels de galopwissel en contragalop ik durf bijna te zeggen, een ‘piece of cake’.

Zonde van de tijd

Maar toch heeft de ruiter bij tijd en wijlen nog teveel moeite met het bergop rijden van de neerwaartse overgangen om die stang en trens van de muur te halen. Vooral ook omdat ze nog geen enkele ervaring met de stang en trens heeft, moeten we absoluut voorkomen dat er een handremsituatie ontstaat. Het zou toch zonde van de tijd zijn -belangrijker nog, heel rot voor dit paard- als we alles wat we bereikt hebben zomaar klakkeloos weg zouden gooien.

Ruiter en paard met teugels op oefenlengte.

En toen herinnerde Tineke Bartels me er weer even aan dat dit misschien een leuke uitdaging is voor deze ruiter met aspiraties om toch het gevoel te hebben dat ze er naar toe werkt! Dus sinds een week zit er nu een extra teugel aan haar trens.

Nadat ik aan haar heel simpel had uitgelegd wat ik wilde zien -contact op de trensteugel en hetzelfde boogje aan beide kanten in de stangteugel-, kwam ze er snel achter dat dit zelfs op de mooie momenten nog best moeilijk was en op de minder mooie momenten helemaal niet eens lukte.

‘Thumbs up’ voor ‘thumbs down’

Neerwaartse overgang van draf naar stap nog steeds niet bergop.

Een prachtige manier dus om zonder je paard schade te doen te leren een basisgevoel te ontwikkelen hoe in ieder geval controle te hebben over hoe je wat vasthoudt. Dit is nu huiswerk voor deze ruiter en ze is er al enthousiast mee aan de gang gegaan. Ik negeer het verder gedurende de lessen, anders zouden we geen steek meer opschieten. Het enige wat ik doe is aan het eind van de les vertellen of ze er al beter mee heeft leren omgaan dan de vorige keer.

Ik weet zeker dat, tegen de tijd dat haar paard er klaar voor is, mijn pupil het dan keurig onder de knie heeft. Ze zal dan in het begin met de stangteugel iets te los rijden. Prima, geen probleem, van daaruit kan ze heel veilig het gevoel ontwikkelen.

Grappig, ‘doem’n d’rop’ in het Engels vertaald is ‘thumbs down’! En als ik haar ‘thumbs up’ geef, mag ze eindelijk dat hoofdstel van de muur halen!

Liz Barclay

Error, group does not exist! Check your syntax! (ID: 52)

0 882
zadel balans
Foto: Remco Veurink

Bij dressuur denken we altijd gelijk aan het trainen van een paard, waarbij een goede balans een van de belangrijkste factoren is om resultaat te verkrijgen. Maar hoe kan een paard in een goede balans lopen als er meer dan 50 kilo niet goed in het midden of teveel voor- of achterover zit?

Wat is het effect van een ruiter wiens schouderbladen gespannen uit de rug steken of waarvan een heup hoger is dan de andere? Dressuur begint dus bij jezelf.

Vooral als je jong bent is het heel makkelijk om het zware werk op stal te onderschatten en belachelijk veel van je lichaam te eisen. Die jonge botten, gewrichten en spieren staan onder behoorlijk wat druk, en juist nu in de modderige herfst en de winter. Kruiwagens worden hoog volgestouwd om een extra gangetje naar de mesthoop te voorkomen en winterdekens voor binnen en buiten worden tig keer per dag met een enorme zwaai over de paardenrug gegooid.

Vroeger en nu

Fitness is in. Iedereen weet wat spinning is, er worden gewichten geheven en marathons gelopen. Wat een verschil tussen vroeger en nu. De ontwikkeling om fit oud te worden is vooral in de laatste tien jaar razendsnel gegaan.

Daarom is het, juist nu het zo makkelijk bereikbaar is, belangrijk om bijtijds te beginnen om goed voor je lichaam te zorgen en niet te wachten tot het lichaam stiekem begint te protesteren. Natuurlijk is voor sommigen een fitness work-out de beste oplossing. Maar als je als ruiter naast je rijden verder ook behoorlijk fysiek bezig bent, is het misschien beter om aan soepelheid en ontspanning door aanspanning te werken.

En het is echt niet oubollig om als jonge ruiter naar zoiets als een yogaklasje of pilates te gaan.

Alexander techniek

Na een redelijk lange revalidatieperiode na een rugblessure van een aantal jaren geleden attendeerde een vriendin mij op de Alexander Techniek. Een een-op-een methode waarbij je op zeer eenvoudige wijze opnieuw leert op een gezonde manier te gaan zitten, bukken en alle andere vrij banale dingen te doen waarmee we, als we het niet goed doen, onszelf kunnen beschadigen.

Jammer dat ik dat niet voor die blessure geleerd heb, dan had ik die niet alleen kunnen voorkomen maar ook veel eerder mooi op het paard gezeten en dus beter en effectiever kunnen rijden.

Waar zitten mijn zitbeenknobbels?

Om goed te kunnen rijden denkt men gauw aan fit en sterk zijn, maar dat zijn wij ruiters vaak al door onze levensstijl. Het verstandig loswerken in combinatie met balansoefeningen zet vaak meer zoden aan de dijk.

Juist ook te paard heb ik door de Alexander Techniek goed leren voelen waar mijn zitbeenknobbels zitten. Het heeft me een lichaam- awareness gegeven waar ik iedere dag weer de vruchten van pluk.

Het heet ook niet voor niks ‘techniek’, omdat je, als je de techniek eenmaal begrijpt na een aantal lessen, er zelf mee door kunt werken zonder iedere keer weer terug te hoeven gaan voor meer behandelingen.

Yoga is niet saai

Inmiddels ben ik begonnen met yoga en ben er achter gekomen dat ik zwaar onderschat heb wat dit voor je lichaam doet. Vooral voor de kernspieren van het lichaamscentrum, buik-, bekken- en ruggegraatspieren. Yoga is dus niet saai zoals ik jaren gedacht heb!

Daarbij leer je zoveel over je ademhaling, waar tussen de oefeningen door de tijd voor wordt genomen, om weer te ontspannen en nieuwe energie te creëren voor een volgende uitdaging.

Een prachtige combinatie dus voor de dressuurruiter, want juist de ademhaling is uitermate belangrijk bij de training van je paard. Denk aan ritme en overgangen.

Fitness met gevoel

De technieken die ik hier heb aangestipt, maken je niet alleen sterker maar leren je ook te voelen hoe je je lichaam moet gebruiken zonder er schade aan te berokkenen. Dat helpt je niet alleen op je paard, maar ook bij die zware kruiwagens (waar van af nu ietsje minder in gaat) en achter je bureau.

Het is fitness met gevoel en als jij de tijd neemt om te voelen hoe jijzelf beter in balans kunt leven, dan kun je ook beter voelen wat je paard nodig heeft om beter in balans te lopen.

Stoer genoeg

Wij leren alles over hoe belangrijk het is ons paard verstandig voor te bereiden met een goede warm-up voor we de zwaardere oefeningen gaan doen. Zelf zijn we vaak helemaal niet goed voorbereid om (vooral op een kouwe dag) lekker los op het paard te zitten.

In de paardenwereld is aan stoer gedrag geen gebrek. Het is gewoon een stoere sport en dus lijkt het me een goed idee om juist die andere kant van onze persoon te ontwikkelen door meer en beter te leren voelen.

Dat is niet alleen veel beter voor je lichaam maar ook voor jou als mens. Met als resultaat dat onze trouwe viervoeter je gauw zal laten merken dat hij het enorm waardeert. En dat kan jij dan weer goed voelen!

Liz Barclay

Foto: Remco Veurink

Jockey, renpaard
foto: Tophorseracing

Wat een samenspel van omstandigheden! Net het boek over Coolmore van William Jones gelezen, wat mij enkele weken geleden door een vriend overhandigd werd, waarin de beroemde renpaardentrainer, en vorige eigenaar van Coolmore, Vincent O’Brien een zeer belangrijke rol speelt. En nu lees ik dat de Melbourne Cup in Australie een paar weken terug is gewonnen door de driejarige Rekindling, getraind door Joseph O’Brien, terwijl vader Aidan O’Brien, met Johannes Vermeer, de tweede plaats verwierf.

De eerstgenoemde, Vincent, wordt wel de beste renpaardentrainer ooit genoemd. Aidan O’Brien, geen directe familie trouwens, volgde Vincent op (no pressure!) en heeft daarmee de traditie van topprestaties voor Coolmore voortgezet. En nu zoon Joseph die er nog een schepje bovenop doet door zijn vader te overtroeven.

Ik weet bijna zeker dat alle paardenmensen, inclusief mijzelf, de volbloed een prachtig en edel dier vinden. En zonder de paardenrennen is het twijfelachtig of dit paard überhaupt bestaansrecht zou hebben. Toch hou ik niet zo van paardenrennen. Het zeer jonge aanrijden, de vele valpartijen en het gokelement staan mij tegen. Dit heeft me er niet van weerhouden om het wat ongemakkelijke boek over Coolmore met de intrigrerende titel ‘The Black Horse Inside Coolmore’, geschreven door William Jones, te lezen.

Veel detail, een beetje gezeur

Het boek zit bomvol interessante details, vanaf het moment dat gewezen luchtmacht piloot Tim Vigors er begon tot aan de huidige jaren, en leest als een tierelier…totdat aan het eind William Jones verzandt in een persoonlijke aanval op wat er mis is op Coolmore, niet alleen met het wel en wee van de hengsten en fokmerries, maar vooral ook met het personeel.

Toch denk ik dat Jones het boek juist daarom geschreven heeft. Hij vertelt dat zijn strijd, toen hij nog op Coolmore werkte, om de arbeidsomstandigheden te verbeteren -betreffende overuren, veiligheid en bullyproblemen- niets opleverde. Sterker nog, bijdroeg aan zijn vertrek.

Coolmore, renpaardenkoninkrijk in Ierland

Ik ben er een paar jaar terug doorheen gereden. Coolmore lag die dag in zijn volle glorie te glimmen in een zongevulde vallei in County Tipperary. Adembenemend. Ik kon niet anders dan genieten van de prachtige weilanden vol met jonge paarden, omgeven door lange rijen bomen langs de perfect onderhouden lanen.

Dit alles nu het eigendom van John Magnier, de schoonzoon van de in 2009 overleden Vincent O’Brien. John Magnier was vijftien toen hij zijn school verliet om het landgoed van zijn overleden vader te runnen. Nu is hij waarschijnlijk een van de rijkste zakenmannen, ooit.

Ze werden ‘The Brethren’ genoemd, money shooter Robert Sangster, trainer Vincent O’Brien en gehaaide zakenman John Magnier. Samen hebben zij de renpaardenwereld voor altijd veranderd door in de zeventiger jaren in Amerika met grof geld de beste hengstveulens weg te kopen voor Coolmore.

97 merries naar Be My Guest!

Playboy Sangster heeft de glorie van Coolmore nog een aardig handje geholpen met het in de wereld zetten van de beroemde hengst Sadler’s Wells, zoon van Northern Dancer, en vader van onder andere Galileo en Montjeu. Allemaal hengsten die de harten van de volbloedaanbidders zoveel sneller doen kloppen. Al deze hengsten hebben voor Coolmore gedekt. Galileo doet dat op z’n 19ste nog steeds. Klein detail, dekgeld: 350.000 euro.

Een ander doorslaggevend moment betreffende die omslag was In 1978, toen Magnier besloot om de jonge hengst Be My Guest 97 merries te laten dekken, terwijl het in de renpaardenwereld tot dan toe een ongeschreven wet was om nooit meer dan 55 merries per jaar naar dezelfde hengst te sturen. (Even voor de duidelijkheid: in de renpaardenwereld is KI niet toegestaan.)

Dat was nog maar het begin. Een zeer inventieve stap, wat je er verder ook van mag vinden, was om de hengsten twee dekseizoenen te gebruiken. Als in Ierland het dekseizoen was afgelopen begon het een paar maanden later aan de andere kant van de wereldbol in Australië. Met dekgeld in de mega duizenden per wip. Tel uit je winst!

Tot zover…

Tot zover las ik met alleen maar admiratie. Jones, die van 2006 tot 2014 in een van de stallen werkte waar de veulens geboren werden, beschrijft met kleur hoe Coolmore zich ontwikkelde. Maar ja, aan een wereld waar zoveel geld in omgaat zit meestal wel een vreemd luchtje, vandaar de titel ook, ‘The Black Horse Inside Coolmore’.

‘Koning’ Magnier

‘Koning’ Magnier houdt er volgens Jones enkele vreemde regeltjes op na. Als meneer Magnier door de stallen loopt mag het personeel alleen antwoorden als hij hen aanspreekt. Men mag zelfs niet uit eigen beweging goedendag zeggen. Ook wordt van hen verwacht dat ze niet zeuren over belachelijk veel onbetaalde overuren. Verder is er een afspraak over geheimhouding wat er binnen de muren van Coolmore gebeurt.

Als Michael Jones naar waarheid schrijft is het dus geen wonder dat in het boek het woord ‘maffia’ voorkomt.

De onmenswaardige dood van Montjeu

Er mag dan een echte begraafplaats zijn met prachtige gedenkstenen voor de tophengsten, het draait uiteindelijk allemaal om geld, en dan hebben we het over vele miljoenen. John Magnier staat voor zo’n 900 miljoen terwijl de waarde van Coolmore op vier biljoen wordt geschat. Dat dit volgens Jones soms helaas over lijken gaat is schokkend maar verbaast me eerlijk gezegd niks.

De beschrijving van hoe de hengst Montjeu, die al zoveel jaren zo ongelofelijk veel voor Coolmore had betekend,  volledig buiten zinnen een etmaal lang moest lijden om een natuurlijke dood te sterven, brak mijn hart. Dit om het enorme bedrag, ver in de miljoenen, van de verzekering uitbetaald te krijgen. Een afschuwelijke regel om veterinaire fraude te voorkomen.

Deze hengst had al zo enorm veel geld verdiend voor zijn eigenaren dat het wel heel rauw is om op deze onmenswaardige manier voor zijn dood te hebben moeten vechten.

Ook het verhaal over de merrie Jude, die na tien veulens en een inwendige bloeding toch maar weer drachtig moest worden van de hengst Galileo met alle risico’s vandien. Uiteindelijk is ze inderdaad doodgebloed nadat ze haar laatste veulen in de wereld had gezet, maar daar was al keurig over nagedacht en voorbereidingen waren getroffen. Er stond een geduldige Clydesdale merrie met een vol uier klaar om het veulen over te nemen.

Het lot van de Clydesdale merries op Coolmore

Coolmore heeft namelijk zo’n 50 Clydesdale merries die ieder jaar een veulentje krijgen. En dat puur voor het geval dat een super gefokt volbloed veulentje om de een of andere reden niet bij de eigen moeder kan blijven. Dan wordt het Clydesdale veulentje weggehaald en aan de fles gezet en zijn moeder ongelofelijk gefopt.

Soms, schrijft Jones, is dat zelfs om de bizarre reden dat de volbloedmerrie ergens anders dan Coolmore gedekt wordt en Coolmore zijn eigen veulens nooit uit het oog wil verliezen.

Tja, en die Clydesdale veulentjes? Niet echt een leuk verhaal. Er wordt altijd naar potentiële eigenaars gezocht maar helaas lukt dat niet altijd…

Naar de hunt als voer

Omgekeerd worden alle jonge paarden regelmatig voorgeleid en als er ook maar iets te zien is waardoor een nog zo jong dier misschien niet voor de renbaan geschikt is, worden ze onmiddelijk opgeladen en afgevoerd om bij de Tipperary Hunt een kogel door de kop te krijgen om vervolgens de hounds een lekker maaltje te verschaffen. Er wordt geen tijd en geld verspild aan iets wat niet kan winnen.

Jones windt er geen doekjes om. Lastig, als je hard kan rennen en goed kan dekken ga je als je pech hebt langzaam dood en als je zomaar op een onschuldig lijkend moment niet helemaal mooi stapt dan is het met een paar uurtjes afgelopen.

Zo heeft deze prachtige valei die door Coolmore voor het hele gebied een eigen economie heeft gecreeerd helaas, als we de schrijver mogen geloven, toch een luguber bijsmaakje gekregen,.

William Jones en rechtszaak

William Jones houdt van de rensport, en ook heel veel van de volbloedpaarden waar hij in zijn tijd bij Coolmore met veel liefde voor zorgde. Maar hij is zeer duidelijk in tweestrijd over hoe Coolmore zijn zaakjes regelt. Niet alleen betreffende het paardenwelzijn maar ook het personeel.

Hij zeurt daar een beetje lang over door aan het eind van zijn boek, soms met een vleugje rancune, maar het zit hem blijkbaar hoog. Er werd volgens hem niet geluisterd naar wat hij graag veranderd zag ten gunste van de veiligheid en het welzijn van paard en personeel.

Coolmore is dus niet blij met het boek en na een rechtzaak kan William Jones dit boek alleen nog maar in eigen beheer uitgeven. Verder is het nergens meer te koop.

Uit eigen ervaring in Amerika

Gedurende mijn periode in Amerika ben ik ooit gevraagd om manager bij de fokafdeling van een privé-renstal te worden. Ook al wist ik van tevoren dat dit een verantwoordelijkheid was die mijn schouders niet zouden kunnen dragen, heb ik me toch over laten halen om me door de, overigens bijzonder aardige en gastvrije, eigenaren rond te laten leiden.

Het was ergens in de staat Maryland en het was op z’n Amerikaans prachtig met perfecte witte afrasteringen en ieder grassprietje dezelfde lengte. In de stallen werkelijk geen stofje te bekennen.

Hoefbevangen fokmerrie

In de laatste stal stond een oudere merrie wiens hoeven en benen in enorme zwachtels stonden. De eigenaresse deed de staldeur open en, terwijl de tranen over haar wangen liepen, sloeg zij haar armen om de nek van het geduldige dier en wenste haar sterkte.

Ik snapte er geen biet van. Er werd mij uitgelegd dat deze 18-jarige merrie hoefbevangen was, maar dragend van een tophengst.

Dit was bij haar vorige veulen ook zo gegaan, maar ze wilden zo heel graag nog een keer een veulentje dat ze het er toch maar weer op gewaagd hadden.

De merrie heeft nog drie maanden in draagbanden moeten hangen omdat zij niet meer kon staan. Zij is daarin samen met haar ongeboren veulen overleden. De eigenaar en zijn vrouw zaten toen ergens op hun zeiljacht in de Maagdeneilanden.

 

foto: TophorseracingBlog Liz Barclay: ‘De Melbourne Cup 2017: een triomf voor de O’Briens…en een ongemakkelijk boek’

HOEFSLAG ACADEMY

Volg ons!

101,733FansLike
0VolgersVolg
7,008VolgersVolg
1,451Youtube abonneesAbonneer