Tags Posts tagged with "Blog"

Blog

paardrijden na bevalling
Doordraver maakt een buitenrit over de Veluwe

Ter afwisseling van de eindeloze dressuurrondjes ben ik lid van een ‘lange afstand’ rijvereniging. Het gaat om het rijden op de mooiste plekjes die doorgaans verboden zijn. ‘En om het eten’, vult een altijd gezellig meerijdende Vriendin eerlijkheidshalve aan. Na de rit vindt ’s avonds een riant diner plaats, met minstens vijf gangen.

Mannen thuis laten

Onze mannen vinden dat een oneindig lange zit met ‘aanstellerige hapjes’ op de borden. De laatste keer dat ze mee waren stelden ze broodnuchter voor om na afloop nog even de plaatselijke snackbar te bezoeken. Wij pakken dus onze koffers en laten de mannen thuis het fort bewaken. Deze week zullen we op de Veluwe rondrijden. Een luxe hotel voor ons, een dik bestrooide box voor de paarden. Een landgoedeigenaar heeft genereus zijn hele grondbezit voor ons opengesteld. Zijn echtgenote heeft dagenlang op haar mountainbike gezeten om de allermooiste routes samen te stellen. Het privédomein biedt edelherten en wilde zwijnen een beschutte woonplaats.

Achterom kijkend zien we vooral de forse, uit haar bek priemende hoektanden.

Wildroosters

Om te paard veilig de wildroosters over te steken liggen er oude rollen vloerbedekking, vrijwilligers rollen die uit zodra de ruiters naderen. Drie potige heren die voorbereidingen treffen op hun ‘klaar-over’ taak beleven spannende momenten horen we later. De kudde wilde varkens-met-jong is niet gecharmeerd van rondlopende kerels in hun peuterspeelzaal. Met meegenomen harken moeten ze de dieren op afstand houden. Als ervaren testruiters hebben wij de eer een half uur eerder dan de rest de route te mogen verkennen. ‘Aaaah, zie die biggetjes…’ Vertederd stappen we langzaam langs de kleintjes in gestreepte pyjama outfit.

Achtervolging

Eén zeug is er helemaal klaar mee. Eerst al een paar mensen die met een rol kamerbreed tapijt ongevraagd haar gebied komen stofferen, nu een clubje ruiters. Ze gromt vervaarlijk en voor wij er erg in hebben zit ons ineens een woest ogend wild zwijn op de hielen. De paarden hebben de boodschap snel door en zetten de sokken erin. Achterom kijkend zien we vooral de forse, uit haar bek priemende hoektanden. Uiteindelijk blijken wij toch sneller en staakt ze de achtervolging. Met knikkende knieën gaan we over in stap. ’s Avonds bij het gezamenlijke diner hebben wij hét verhaal van de avond. Met blozende konen vertellen wij het keer op keer, zelfs de ober is onze belevenis ter ore gekomen, vertelt hij terwijl hij ons een grote schaal lekkers voor houdt. ‘Jammer, geen karbonaadjes’ zegt Vriendin grimmig terwijl ze haar vork in het malse vlees prikt.

 


Doordraver schrijft voor Hoefslag Magazine maandelijks een column. Uit een serie van een aantal jaren geleden, plaatsen we enkele columns als blog op de website.

 

blog koosje mulders

Eerder schreef ik hier dat ik Wim helaas een tijdje niet kon rijden. Dat werd besloten door een verrekt bandje. Mijn andere paard Las Vegas rijd ik inmiddels ook al even niet meer. Maar dat werd besloten door mij.

Na eindeloos wikken en wegen heb ik een tijdje terug de knoop doorgehakt om niet meer verder te gaan met Las en ik denk dat ik hem daar heel blij mee maak.

Teveel moeite

Het zit zo. Las liep al een aantal jaren niet geheel onverdienstelijk Lichte Tour met mij. Geen topscores, maar wel internationaal. Hij leerde zelfs langzaamaan alle Grand Prix oefeningen en even hebben we gedacht dat hij dat wellicht ook zou redden. Maar ik moet eerlijk zijn tegenover mezelf en vooral tegenover mijn paard, het kost hem echt veel moeite.

In tegenstelling tot zijn witte broer Wim moet Las het uit zijn tenen halen en hij zou dat voor mij nog doen ook. Zo lief is ‘ie. Inmiddels weet ik hoe zwaar het is om al die oefeningen in de proef aan elkaar te breien en dat wil ik hem eigenlijk niet aandoen. Dan neem ik hem liever in bescherming, want zelf zou Las dat nooit doen.

Conclusie: Las Vegas hoeft van mij de Grote Overstap niet te maken. Hij is alleen ‘pas’ 15 en topfit, dus wat dan?

Geen heftige dingen meer

Kijk, ik vind wedstrijd rijden onwijs leuk, maar ik wil alleen gaan als ik op den duur kan verbeteren. Na vier jaar Lichte Tour weet ik dat Las niet ineens heel veel hogere percentages gaat halen. Daarnaast vind ik het juist wel lekker voor hem als hij geen heftige dingen meer hoeft te doen.

Verkopen daarom liever niet, want dan moet hij misschien toch weer op hoog niveau lopen. Maar het is wel fijn als we de maandelijkse kosten kunnen inperken, hij staat immers op een pensionstal.

Zij blij, ik blij, Las blij

Uiteindelijk heb ik de ideale oplossing kunnen vinden. Een stalgenootje van me, die Las al wel eens reed als ik op vakantie was, least hem nu. Zij blij, ik blij, Las blij. Perfect! Hij blijft in zijn eigen stal, krijgt mega veel aandacht (ook nog van mij natuurlijk) en gaat hooguit af en toe nog de ring in voor een M-proefje. Hoe fijn!

Bovendien doet hij alweer net zo zijn best voor haar als voor mij. Fantastisch om te zien. Zo kan Las nog een beetje ‘schoolmasteren’ tot aan zijn pensioen en kan ik nog elke dag van hem genieten.

Rustig opbouwen

Gelukkig gaat het met Wim intussen weer de goede kant op en mogen we rustig opbouwen. Na twee maanden niet trainen ben ik terug waar ik het liefste ben: in het zadel.

Foto’s: Koosje Mulders / Digishots

0 2814
Ceylan Avinal
Ceylan Avinal en Zygrande le Coupied, hier op Indoor Brabant 2016 Foto: DigiShots

De aller, aller , aller eerste blog in mijn leven… ik vind het heel spannend om mezelf op internet bloot te geven, maar goed , velen van jullie weten vast wel dat er wat ergere dingen over mij op internet staan. Ha – ha, op Google staat dat je je blog met een blunder moet beginnen, zodat mensen zich daarin kunnen herkennen.

Onderbuikgevoel

Ik denk dat veel mensen zich hierin kunnen herkennen; leugenaars vertrouwen, je onderbuik gevoel negeren, omdat het verhaal toch net klopt, dan gebeurt er weer iets positiefs (“zie je wel, het is geen leugenaar”), en uiteindelijk escaleert de situatie. In mijn geval een explosie die me uiteindelijk naar Turkije heeft geleid. Turkije, mijn eeuwige vakantieland, mijn vaders thuisland en nu mijn thuisbasis. Voor mij is Istanbul het paradijs op aarde. Ik voel me veilig, word omringd door geweldige mensen, ik houd van de relaxte cultuur , het leeft hier, je weet nooit wat er gaat gebeuren, het eten is heerlijk (+5 kilo) en het weer is natuurlijk fantastisch.

‘In Turkije krijg je bij de boxhuur automatisch een groom die alles doet’

Welzijn

En dan nu de paardenwereld in Turkije, tja , dat is wel een beetje anders ja. Ik prijs mezelf uiterst gelukkig dat ik de mogelijkheid heb gekregen om mijn paarden op de beste club van Turkije te kunnen houden, want anders was dit avontuur op een groot drama uitgelopen, omdat het welzijn van hun het allerbelangrijkste is voor mij.

Inburgeringscursussen

Het grootste deel van de paardenwereld in Turkije loopt achter, staat in de kinderschoenen en zal niet snel veranderen.  Maar dit betekent niet dat er geen toekomst is voor de paardensport en dat sommige dingen hier veel beter geregeld zijn. Er zijn veel ruiters die serieus aan de weg proberen te timmeren en besluiten naar Europa te gaan, tijdelijk of permanent, alleen een Turkse ruiter in Europa is ook niet zo makkelijk. Die ruiter heeft wat inburgeringscursussen “paardrijden in Europa” te volgen.

Geen groom

Een gemiddelde Turkse jeugdruiter weet geen afstamming van hun paard (hij komt uit Nederland, het is een KWPN-er) wat voor en hoeveel voer ze eten (geen idee, mijn groom regelt dat) én ze kunnen hun eigen paard niet opzadelen (nog nooit gedaan, dat is mijn groom zijn taak). In Turkije krijg je bij de boxhuur automatisch een groom die alles doet, dus ook bij één paard krijg je een groom. Vandaar dat de normale dingen voor ons, zoals je paard opzadelen en wassen, hier niet normaal zijn. Ik heb er bijvoorbeeld voor gekozen om geen groom te nemen en dat is heel apart. Klassiek voorbeeld van cultuurverschil.

Vertrouwen

Gelukkig hebben veel Turkse ruiters en trainers hun weg in Europa al gevonden en daardoor heb ik vertrouwen in een succesvollere toekomst, omdat zij hun opgedane kennis zullen gaan overdragen aan de leerlingen in Turkije. En dit principe geldt in elk land; het vergaren en delen van kennis, zodat we stap voor stap beter worden in deze geweldige sport. Overigens zijn er een aantal echt succesvolle permanente Turken in Europa, met de meest prachtige stallen, denk aan ; Carpe Diem, Siec, Uzunhasan. Deze stallen dienen niet alleen hier in Turkije als voorbeeld, maar ook voor de gemiddelde Europeaan.

Paardenleven in Turkije

In de komende blogs wil ik jullie graag meer vertellen waar de Turkse ruiters vandaan komen, hoe ze hier leren rijden en met paarden leren omgaan.  Gewoon het paardenleven in Turkije. Misschien krijgen we dan wat meer begrip voor elkaar, want niet iedereen is opgegroeid in zo’n fantastisch paardenland als Nederland.

Foto: Digishots

training

“Ik heb nu eenmaal het lichaamsbewustzijn van een sperzieboon.” Schouderophalend ruimt hij de borden op. Nog even en de vaatwasser is net zo leeg als zijn lichaamsgevoel. Daar komt het op neer.

Irritatie en verbazing mengen zich in mijn ogen. Het staat nogal ver af van mijn eigen lichaamsbeleving, die sperzieboon.

Het lijkt een speling van het lot. Een psycholoog krijgt verknipte kinderen, de slager wordt verliefd op een vegetariër en ik trouw met een sperzieboon. In termen van lichaamsbewustzijn dan hè. De rest aan hem is overmatig perfect. En wat maakt het uit, hij zit nooit in het zadel. So, anyway.

Introspectie is in

Lichaamsbewustzijn, het is in opkomst. De aandacht ervoor is verrijkend voor de paardensport. Ach wat, vooral voor de ruiters zelf geeft het groei. En het past in deze tijd. Steeds meer ruiters durven in de spiegel te kijken. Introspectie is in. Je doet tegenwoordig écht niet meer mee als je niet zo nu en dan op zoek gaat naar jezelf, jezelf kwijt bent of jezelf herondekt.

Wat is het, dat lichaamsbewustzijn? Eigenlijk is het heel erg Jip en Janneke. Je natuurlijke vermogen om je lichaam en haar sensaties te voelen. Daarmee wordt je geboren en er is niets vreemds aan. Maar wij zijn tegenwoordig té computer-minded. Die voelsensoren werken lang niet meer altijd. De prioriteit is verlegd van lichaam naar verstand. Dus moeten we opnieuw leren voelen. Een soort revalidatie.

Chronisch tekort aan aandacht

De zin ervan? Door meer te voelen ontwikkel je je besturingssysteem. Hoe High Tech is jouw lichamelijke kompas? Beweeg je zomaar een been? Of open je je heup, laat je je lieslijn los en til je zo passief vanuit de knie waarbij je voetboog ontspannen blijft?

Het maakt nogal een verschil, dat lichaamsbewustzijn. Paarden voelen dat verschil. Nee, ik overdrijf niet. Ze voelen een vlieg op hun vacht en dus ook of jij je lieslijn los laat. Take it or leave it.

En dan komt ‘ie hè, de Meest Gestelde Vraag. “Of ik effe wat oefeningen heb?”. Oefeningen genoeg, maar het gaat om aandacht. Daar is een chronisch tekort aan.

WOW- ervaring

Aandacht en rust zijn gouden ingrediënten als je je besturingssysteem wilt ontwikkelen. Niet DAT je de oefeningen doet maar HOE je de oefeningen doet. Beter 1 taktzuivere schouderbinnenwaarts dan vijf keer van-dikhout-zaag-maar-planken. Zoiets.

Dus ga er voor zitten en investeer in je lichaamsbewustzijn. Trouwens, waarom noemen we het niet gewoon ‘lichaamsgevoel’? Maakt het meteen een stuk toegankelijker. Want ik gun iedereen de WOW-ervaring op een kleine hulp.

Geef toe, de beste ruiters lijken niks te doen. Dat kan alleen als je besturingssysteem minuscuul is afgesteld. Sommige talenten worden daarmee geboren. De rest zal het moeten leren. Behalve de sperzieboon, die leert het nooit.

Sara Ouwehand is initiatiefneemster van Ruiterpilates.nl, start haar Haflinger in het ZZ-Zwaar en loopt verwonderd rond in de paardenwereld.

Foto: Sabine Timman

 

instructeur

De ik-bestuur-op-afstand-het-paard-instructeur is voor ons al jaren reden voor een grapje: ‘Een klein beetje been, nu even opvangen op je buitenteugel, even aantikken, zo ja, nee op het achterbeen houden, opvangen, opvangen! Maar wel door blijven gaan! Zo ja, beetje buitenbeen nu, juist zoooooo.’ De ruiter heeft fantastisch gereden, het paard liep zoooo fijn, echt niet normaal!

Des te groter het drama de volgende dag, dat wel. Want ja… dan is er niemand die aan de touwtjes trekt en moet de ruiter het zelf doen. Maar ja, wat dan eigenlijk precies???

Onze grap was dan dat die ik-bestuur-op-afstand-het-paard-instructeur het vele malen beter doet dat wij. Ons doel is namelijk een zelfstandige trainer te creëren, iemand die weet wat hij doet, waarom en hoe.

Waarom die andere instructeur het dan toch beter doet?

Heel simpel…

De leerling heeft de volgende dag die ik-bestuur-op-afstand-het-paard-instructeur weer nodig en daarom lessen ze iedere week of soms zelfs een aantal keren per week. En bij ons, in het meest gunstige geval steeds minder vaak, omdat ze het zelf af kunnen, omdat ze in een vroeg stadium problemen leren herkennen, ze zelf deze problemen kunnen oplossen, doelen kunnen stellen, een trainingsschema kunnen maken en gemotiveerd zelfstandig naar het doel toe kunnen trainen.

Dus ja, omzettechnisch helemaal niet zo snugger… Toch is dat iets dat ik nooit ga veranderen! Dat is ons doel en dan ook onze missie :-)!

Vandaag had ik er weer eens een leuk gesprek over met mijn vriendinnetje. Ze had vorige week mee gelest bij mijn trainer Tonnie Huberts en vond het lastig het zelfstandig in de praktijk te brengen na een losse les en zodoende heb ik haar vandaag nog een kleine opfrissing gegeven.

‘Waarom dan?’

Waar ze bij hem braaf luistert en gewoon doet wat er gezegd wordt, gaat ze met mij het ‘gesprek’ aan. Waarom dan? Maar het voelt niet fijn! Loopt ze dan niet helemaal zus of zo? Hoe zit dat dan? Dat kan ik niet hoor.. En ik vraag op mijn beurt weer door aan haar. Dat doe ik heel vaak trouwens, soms lijkt het wel eens of de rollen omgedraaid zijn, dat ik de vragen stel en de leerling moet uitleggen.

Schermafbeelding-2018-06-23-om-10.48.18-198x300.jpg

Mijn vriendinnetje is een talentvolle meid, met een goede dosis verstand (als ze naast haar paard staat) en een heleboel gevoel in haar donder. Maar soms lijken die twee dingen nog niet helemaal met elkaar samen te werken. Door haar vragen te stellen wordt ze gedwongen om na te denken en deze gedachten weer te koppelen aan het gevoel. Op die manier worden er verbindingen gemaakt, die ze niet meer vergeet en die dus wel blijven hangen voor langere tijd.

Dat werkt niet

Ook is ze een verschrikkelijk gewoontedier, net als velen van ons overigens. En net als onze trouwe viervoeters. Je doet dan ook vaak iets puur en alleen uit gewoonte. Dat werkt niet. Tenminste.. Niet als je iets wilt veranderen. Alleen als je iets wilt houden zoals het is, oftewel bevestigen. Een stukje onbewust bekwaam zoals bijvoorbeeld lichtrijden waar je niet meer bij na hoeft te denken.

Als je iets anders wilt, zul je dus eerst bewust moeten zijn van het feit dat je iets nog niet goed kunt, oftewel bewust onbekwaam.

Ik heb dat echt nodig, zij ook. Wij moeten eerst snappen wat er niet goed is, wat er moet gebeuren en dan schudden we het uit ons mouw. Zo maar bevelen opvoeren is niet ons ding, maar laat ik voor mezelf spreken.

Gek van het spelletje

Hiermee bedoel ik overigens niet dat Tonnie een ik-bestuur-op-afstand-het-paard-instructeur is, integendeel! Hij kan heel snel de vinger op de zere plek leggen en vol overgave hiermee aan het werk gaan. Niemand komt de les uit en zegt: ‘Zo, doe mij gelijk nog zo’n les er achteraan!’ Het is altijd zeer intensief, zullen we maar zeggen! En of hij nu om 8u begonnen is en je de laatste bent om 23u, maakt geen enkel verschil, echt bewonderenswaardig, zo enorm bevlogen en gek van het spelletje!

Het gesprek ging dan ook verder over extremen. Haar vraag aan mij was: ‘Zo kan ik mijn paard toch niet altijd laten lopen, te hard voorwaarts en te weinig over de rug?’ Mijn antwoord hierop is als volgt: ‘Iedereen gaat terug naar zijn comfortzone, tenminste dat is mijn ervaring. Dus als je een ‘vreemd’ iemand in de les hebt, dan pik je er uit wat het meest belangrijk is dat er verandert en daar ga je aan werken, soms best ‘extreem’ om diegene te kunnen laten ervaren waar dat stukje over gaat. Eenmaal thuis zwakt dit weer af en gaat iemand al snel weer terug naar het veilige, het stukje dat ze kennen. En hopelijk blijft er dan 10% hangen van dat ‘extreme’ stukje dat jij in de les hebt behandeld en dat ze vervolgens zelfstandig thuis kunnen toepassen…’

Al huppelend door de baan

En hierin vind ik Tonnie Huberts echt een kei. Hij legt de vinger op de zere plek en laat je ervaren wat er moet gebeuren onder het genot van een goed onderlegd stukje theorie en bijna altijd vergezeld van een stukje voordoen op de grond. Zo huppelt Tonnie dan ook vaak genoeg door de baan om te laten zien hoe ik wissels om de pas moet rijden, of een pirouette.

Het werkt een beetje hetzelfde als iemand die scheef zit. Je kunt 100 keer tegen die persoon zeggen: ‘Ga recht zitten!’ Maar die persoon denkt dat hij recht zit.. Wil je die persoon in het midden krijgen, zul je diegene eerst scheef de andere kant uit moeten zetten en pas daarna kunnen ze zelf het midden vinden. Eerst een stukje overcompenseren en dan weer uitbalanceren.

Dus als je jouw paard telkens op het voorbeen laat remmen, zoals hier het geval was, zul je dus eerst even geheel van dat voorbeen af moeten. Ook als dit voor nu ten koste gaat van andere voorwaarden. En hierna breng je alles weer in balans. Dat hele stuk daarvoor kende je al, dat deed je namelijk al een poosje, dus hoef je dat niet eindeloos te doen in een les.

Zet jouw instructeur aan het werk!

Uit jouw comfortzone komen wel, net als zelf nadenken, zelf voelen, je aan jouw plan houden, initiatief nemen en zelfstandig rijden. Vraag jouw instructeur de hemd van het lijf: Waarom? Waarom niet? Waarvoor dan? Hoe zit dat dan? Leg eens beter uit! Ik snap je niet! Doe het eens voor? Laat het me zien! Mag ik het op jouw paard voelen? Ken je filmpjes die ik moet kijken? Ken je boeken die ik moet lezen? Waar heb jij het meest aan gehad? Wat is jouw meest belangrijke levensles? Hoe zie je mij als ruiter? Waar liggen mijn verbeterpunten?

Zet jouw instructeur aan het werk! Geloof me, voor ons wordt het dan alleen maar leuker en interessanter en we brengen elkaar allemaal naar een hoger niveau:-)

Nicky Star is dressuuramazone, instructrice, jurylid en moeder van twee zonen. Ze runt in Hoeven haar dressuurstal Equinova. Ze behaalde zowel haar ORUN diploma’s (t/m niveau 4) als de freestyle instructeursopleidingen niveau 1 & 2 bij Emiel Voest. Naast het geven van instructie, verzorgt ze ook regelmatig allerlei soorten trainingen. Meer weten: www.equinova.nl

Foto: archief Nicky Star en Remco Veurink

 

hartslagmeter
Hartslagmeter (foto: Remco Veurink)

In de vorige blogs heb ik verteld wat ik door de jaren heen zoal geleerd heb van mijn paarden Las Vegas en Wim. En dan vooral van de verschillen tussen die twee. Als afsluiter van het serietje wil ik het met jullie hebben over de wetenschap. Want niets is zo leerzaam als keihard met je neus op de onomstotelijke feiten te worden gedrukt. In mijn geval in de vorm van hartslagmetingen. Ik heb hier al wel eens eerder over geschreven, maar het is zo’n eye-opener geweest dat ik het gewoon lekker nog een keer doe.

Hartslag meten!

Toen ik twee jaar geleden na de ziekte van Wim weer langzaam aan mocht gaan rijden, tastte ik nogal in het duister over hoe op te bouwen. De artsen hadden nog nooit een paard meegemaakt wat zoveel complicaties had overleefd, dus zij konden daar ook geen duidelijk schema voor geven. Waar het mij in eerste instantie om ging: hoe weet ik of bepaalde bewegingen misschien pijn doen aan zijn buikwond? Zie daar het antwoord: hartslag meten. Want behalve stress en conditie, is daar ook pijn uit af te lezen. Daarnaast kwam ik er al snel achter dat ik misschien wel dacht mijn paarden goed te kennen, maar ik wist nog lang niet alles!

Zo kwamen we er achter dat Wim in het begin nog wat fysieke moeite had met de zijgangen en kon de betrokken expert mij helpen hoe ik het beste verder kon trainen. Anderzijds dacht ik dat hij soms last had met andere dingen, omdat hij dan even kreunde. Dat deed hij voor zijn operaties ook geregeld, maar toch was mijn reactie meteen stoppen. Was als de dood (toepasselijke uitspraak in deze) dat hij pijn had. Een vergissing, want er was geen enkele verandering in zijn hartslag te zien. Dat er echt niets aan de hand was, bleek wel uit zijn voorspoedige herstel. Mede door de metingen kon ik hem optimaal revalideren en binnen een half jaar was hij weer bijna helemaal de oude.

Las leunt op mij

Bij Las Vegas zijn de metingen zo mogelijk nog nuttiger geweest. Lasje heeft vaak behoorlijk last van spanning in de proef. Dus na een nulmeting thuis in de training hebben hem eens getest op een oefenwedstrijd. En inderdaad, hij had op een aantal momenten ineens enorme pieken en direct daarna zakte zijn hartslag naar zo’n laag niveau dat het net leek alsof hij niet meer aan het werk was. De uitleg was logisch, door de zenuwen sluit hij zich af en spant hij zich inderdaad even niet meer in. Dat kan ik in het zadel natuurlijk ook wel voelen. Naarmate de ontspanning dan weer terug komt, gaat de hartslag iets omhoog en doet hij weer braaf zijn best.

We hebben zelfs via de meter kunnen concluderen dat Las nogal op mij leunt. Op een dag gingen we weer een training meten en paard en ik waren klaar en gekoppeld aan de computer. Ik moest alleen vlak voor opstijgen nog even naar de wc, dus liet Las achter bij een stalgenootje. Hij stond er ogenschijnlijk heel relaxt bij, maar de laptop wees uit dat zijn hartslag 20 slagen omhoog ging. Toen ik een paar minuten later weer in beeld verscheen, zakte het terug naar rust. Ok Las, staat genoteerd, eenmaal met jou bezig nooit meer zomaar weglopen…

Aha-momentjes

Zo heb ik nog veel meer verhalen waarin ik met deze meter aha-momentjes heb gehad. Nog altijd gebruik ik de metingen om optimaal te trainen. Ik weet daardoor precies waar terrein te winnen valt in kracht, waar ik rekening mee moet houden, wanneer het teveel wordt en hoe mijn wekelijkse trainingsschema’s er uit moeten zien. Een aanrader!

Foto: Remco Veurink

Projectje
Een nieuw 'projectje'?

‘Je bent de laatste redding voor dit paard.’ Een hoop gesputter volgt. Ze heeft meer dan genoeg projectjes, geld is een ding en de hele wereld kan ze niet  redden. Kortom:  dit keer begint ze écht niet aan een nog een nieuw projectje! Toch geeft hij zijn nummer, mocht ze zich bedenken. Ze hangt op en bedenkt zich. Drie dagen later hangt er een vers hooinetje in de trailer. Daar gaan we weer.

Hoofdschuddende mensen

Losgeslagen merries, hengstgebleven ruinen, driedelige bouwpakketten: sommige ruiters kan het niet gek genoeg. Ze zijn standaard omringd door hoofdschuddende mensen.  Afgewisseld met bewonderende ogen. Ondertussen breek ik mijn hoofd over dit fascinerende fenomeen: de gekte van een projectje.

Vast protocol

Maandagochtend: de viervoeter van mijn vriendin eist zijn vaste plek in mijn agenda. Dat is niet toevallig op het fitste moment van de week.  Uitgerust zadel ik hem op. Het komt goed. Vast. Ik sta te dralen en voel me klein. Zijn 1.80 m schofthoogte heeft daar niets mee van doen. Het is zo’n beetje ‘zegen de greep’ met deze jongen. Alleen een vast protocol werkt. Even slikken, stalgenoot stoer aankijken en opstappen. Mijn billen halen het zadel. Breath in, breath out. Gevolgd door gefladder van een nestelende duif. Dan gaat het snel, letterlijk. We schieten door de baan. Mijn adrenalinepeil is maximaal. Bloed stroomt volop door mijn aderen. Ik voel dat ik leef.  En misschien is dat wel de gekte van een projectje. Live the moment.

Redderssyndroom

Een lesklant oppert een andere verklaring. ‘Ik zie het mooie paard achter dit lelijke gedrag.’ Kijk, dat is een interessant gebied. Paardenpsychologie. Poneer een stelling op internet en je hebt ruzie. Een regenachtig weekend vul je er zo mee. Oké, het uitgangspunt is mooi. Wonden helen en van het eendje een zwaan maken. Alleen soms schieten we door. In mensenland heb je hier een term voor: het helperssyndroom. In vrouwenland gaan we graag een tandje verder. Daar heerst het redderssyndroom. “Voor mij verandert hij wel”. Deze syndromen zijn gouden ingrediënten voor frustraties, wanhoop en ander aanvullend drama. Zo bekeken kunnen we maar beter stoppen met die projectjes.

Dubbel

En toch hè, die verschoppelingen doen iets met je. Alles telt dubbel. De kopzorgen, de builen en de rekeningen.  Een heel leger aan (vermeende) specialisten laat je aanrukken. Just to be sure. Terechte medische zorg, daar niet van hoor. Maar ergens blijft het een grote gok. De stem die je overdag niet wilt horen, meldt zich s’avonds als omgekeerd slaapliedje. “Komt dit óóit goed?”

Explosies

Na een slechte nacht stap je gebroken op. Vandaag wordt het zeker niks. Verwachtingen worden losgelaten en dáár is dan dat moment. Hij doet ‘het’! Maakt mij het uit wat: aanspringen zonder explosies, een rechte lijn over de AC, een rit zonder stakingen. Niks is te gek. De zon breekt door en jij zit te shinen. Het liefste met publiek. Al is het maar de shetlander in de wei van de buurman. Achterstevoren op je paard van blijdschap.

Blij als een kind

Die momenten tellen ook dubbel. Wat zeg ik? Vierdubbel (en dwars)! Na de nodige projectjes trek ik iedere keer dezelfde conclusie. Ik ben zo blij als een kind met (ogenschijnlijk) kleine dingen. Ik denk het dát is, met die projectjes.

Foto: Shutterstock

Koosje Mulders - Las Vegas
Koosje Mulders - Las Vegas CDI Zeeland Outdoor 2017 © DigiShots

De vorige keer vertelde ik al dat mijn paarden Wim en Las Vegas heel verschillend van elkaar zijn, maar dat ik dat juist super leerzaam vind. Daarom schrijf ik een klein serietjes blogs, waarin ik vertel wat ik dan zoal heb opgestoken van mijn lievelingsmonsters, want monsters zijn het af en toe echt.

In deel 1 en 2 legde ik uit hoe zij mijn beoordeling van een goed dressuurpaard hebben veranderd (en wie weet verbeterd) en wat hun verschillende bouw van mijn rijderij verlangt. Dat ging dus over het uiterlijke vertoon, vandaag ga ik het hebben over hun innerlijk. Daar zit per slot van rekening de ware schoonheid, toch?

Dat zeggen ze ja, maar tjonge jonge jonge wat zit er een kop op deze beesten. Zelden heb ik paarden gehad met zulke uitgesproken karakters. Leuk hè?

Trouw als een hond

Zo baas, zo paard. Misschien wel, maar in mijn geval zou dat betekenen dat ik extreem bipolair ben, want Lassie en Wim zijn elkaars tegenovergestelde. Wederom vergt dat van mij een verschillende benadering. Zowel op stal als onder het zadel. Zoals ik al zei: erg leerzaam.

Toen ik ooit in een ver verleden Las kocht, was hij een beetje bangig van mensen. Je moest vooral niet met teveel bombarie zo op hem afstappen, want dan raakte hij echt in paniek. Inmiddels is zijn vertrouwen in de mensheid gigantisch gegroeid, maar ik probeer nog steeds rust hetzelve te zijn als ik met hem bezig ben.

Constante factor

Hij is dus een tikkie onzeker en onderdanig en zoekt zijn steun altijd bij mij. Puur en alleen omdat ik zijn constante factor ben en hij er van op aan kan dat ik er voor hem ben. In de omgang is hij een volgzaam hondje.

En ook in het rijden heeft hij mijn leiderschap nodig. Ik moet niet boos op hem worden, want dan begrijpt hij er niets meer van en dat zou ook echt niet eerlijk zijn. Ik moet hem daarentegen aan het handje meenemen en rustig uitleggen dat iets niet eng is of dat hij het heus wel kan.

Door het vuur

Las is enorm werkwillig en gaat voor mij door het vuur. Soms moet ik hem tegen zichzelf beschermen. Ik voel hem dan ook onder mij groeien van zelfvertrouwen als ik hem beloon. Zo hebben we jaren geleden erg lang gedaan over de vliegende wissel. Hij bleef ze in tweeën springen. Mijn juf kon ruim een jaar haar geduld bewaren en legde mij telkens uit dat ik van de rustige aanpak in de toekomst profijt zou hebben.

Natuurlijk, zoals altijd, had ze gelijk. Toen het kwartje eenmaal viel, sprong hij ze geweldig. Later heeft het ons zelfs wel eens tienen voor de series opgeleverd op het protocol. Belangrijker nog: hij vindt de wissels inmiddels leuk en ik kan ze gebruiken om hem te laten ontspannen (met hartslagmeter bewezen!) en meer vertrouwen te geven.

Bijzonder eigenwijs

Dan komen we bij Wim. Het grootste geval apart wat ik ooit heb meegemaakt. Nu ben ik natuurlijk behoorlijk bevooroordeeld, maar er wordt mij door anderen toch wel erg vaak verteld wat voor een bijzonder paard hij is. Dat bleek ook wel toen hij zo doodziek was dat hij alle records moest breken om te overleven. Ik zeg altijd: ‘Wim kon zich simpelweg geen wereld voorstellen zonder Wim, daarom is hij er nog’.

Zo is het ook echt, het is een arrogant ding. En heel intelligent, soms meer dan goed voor mij is. Godzijdank, want het heeft hem destijds gered. Maar dat maakt hem ook op z’n zachtst gezegd ingewikkeld. Hij laat zich gewoon niets vertellen, Wim weet het namelijk allemaal beter. En oh zo blij met zichzelf, zelfs van vier weken IC op de kliniek kon hij niet chagrijnig worden.

Constante discussie

Onder het zadel betekent dit constante discussie. Wim hoeft niets uitgelegd te krijgen, Wim loopt reeds olympisch, al zegt hij het zelf. Dus ben ik al vijf jaar op zoek naar een manier om een beetje de baas te worden. Iedere pas moet eigenlijk van mij zijn, maar dat lukt lang niet altijd.

Het vraagt om zo’n klein motorische techniek, poeh, moeilijk! Als ik even een seconde niet oplet, neemt hij het over. Fysiek en technisch gezien (wederom met geregelde hartslagmetingen gezien) zou hij nog makkelijk een tandje er op kunnen zetten. Wim: “Maar ach, waarom zou ik? Ik ben toch sterker en groter en mijn baasje vindt mij toch wel lief.”

Hij heeft nog gelijk ook. Ik kan er ook wel om lachen als hij me weer eens in volle galop achter zich aantrekt naar de paddock of terug naar stal omdat hij even geen zin heeft in de smid. Het symboliseert de gedachte die als een rode draad door zijn leven (ook in de proeven) gaat: ‘Super gezellig als je mee gaat, maar ik weet wel al waar ik heen wil’.

Gemene deler

Gelukkig hebben ze een ding met elkaar gemeen: ze zijn allebei ongelofelijk lief en aanhankelijk. Hoewel ze ieder op eigen wijze om aandacht vragen. Waar Las bij mijn aankomst op stal zachtjes en beleefd een hoog piepend hinnikje geeft en mij lieflijk aankijkt, eist Wim brullend dat ik NU (ja echt NU) mij kom melden. En ze krijgen ook altijd hun zin, want met twee van die blije enthousiastelingen kan ik niet zonder knuffels gewoon langs lopen. Verwend tot het bot. Dus toch zo baas, zo paard.

Volgende week sluit ik het serietje af met de hartslagmetingen die ik hier al even noemde. Want hoe goed ik ook dacht mijn paarden te kennen, de keiharde wetenschap heeft me nog veel meer inzichten gegeven.

Foto: DigiShots

Vorst D
Diederik van Silfhout - Vorst D World Equestrian Festival, CHIO Aachen 2013 © DigiShots

Je kan het niet gemist hebben. Zijn naam is Tristan Tucker en op ongenaakbare wijze heeft hij zich opgeworpen als ambassadeur van de Australische lach.

Hilarische Tucker

Het concept is eenvoudig. Tristan doet zich voor als een manegeruiter die net zijn eerste les heeft gehad, maar laat zijn paard op Grand Prix niveau geweldig lopen en dat alles voorzien van een hilarische toelichting:

Shelley Browning en Vorst D

Op internet circuleert ook een vergelijkbaar filmpje: de proef van Shelley Browning en haar paard Vorst D (die we allemaal nog kennen onder Diederik van Silfhout):

Shelley Browning Intermediare 2 Test

https://www.writingofriding.com/in-the-media/the-dressage-community-has-failed-shelley-browning/Shelley Browning riding Voste D, the Intermediare 2 test on Thursday January 18, 2018 at the Adequan West Coast Dressage Festival in Del Mar, California.

Geplaatst door Writing of Riding op woensdag 24 januari 2018

Helaas bedoelde Shelley het niet zo komisch als Tristan. Kennelijk poogde Shelley een serieuze proef neer te zetten hetgeen jammerlijk mislukte. En daarna kwamen de publieke reacties en die waren niet bepaald mals. Shelley had zich in de ogen van de Facebookgemeenschap schuldig gemaakt aan dierenmishandeling en zou een schande voor de dressuursport zijn. Feitelijk werd Shelley verweten dat ze zo’n goed paard had gekocht en dat niet verdiende.

Neersabelen

Ik begrijp de kritiek, maar het neersabelen van amateur ruiters op het open web draagt niet bij aan constructieve verbeteringen. Daarbij gaat men erg kort door de bocht. Ik geef toe, bij het zien van de beelden is de eerste reactie ‘arm paard’. Het liefst trek je zo’n ruiter van het paard. Maar met deze Shelley zijn er nog honderdduizenden.  Daarbij kennen we geen achtergronden. Misschien realiseert Shelley zich wel degelijk dat ‘het er niet uitziet’, maar was het haar grote wens om – ongeacht het resultaat – dit een keer te proberen. Volgens mij heeft iedereen wel een bucketlijstje.

Enige nuance is op zijn plaats

Ik las dat het paard was aangeschaft voor de recreatie met het doel om incidenteel een proef te rijden. Ik weet niet of dit wel zo’n slechte bestemming voor het paard is. Verder kan het ook wel zo zijn dat het ‘thuis’ wel meevalt. Op de video is goed te zien dat het paard in extreme mate achter het been loopt en dat is niet bepaald bevorderlijk voor de houding en zit van de ruiter. Ook vind ik dat je het deze amazone moeilijk kwalijk kan nemen dat zij niet over de kwaliteiten beschikt die Diederik van Silfhout zijn toebedeeld (daar zijn er maar weinig van). Al met al is enige nuance wel op zijn plaats.

En laten we eerlijk zijn. Het kan de beste overkomen:

Foto: DigiShots

ruiter paard algemeen

Snel poetsen, want hij komt zo thuis. Het spoor zaagsel kruipt van voordeur naar badkamer. Zijn avond begint slecht als hij zoiets ziet. Dat irriteert mij dan weer. Tenen die blauw zijn van de kou willen snel naar de badkamer. Die schoenen schop ik daar wel uit. Dat snap jij ook. Hij niet. Met fanatieke geldingsdrang maakt hij zijn punt. Dat ik minder haast uitstraal als ik met diezelfde kou op stal ben. Poetsen – bandageren – instappen – uitstappen – laatste knuffel. En terug, want muesli vergeten. Dan hoort hij me niet klagen over kou. Terwijl hij zijn rede voert, trekken mijn lippen samen. Fijntjes kom ik met het Argument der argumenten: “Maar dat is anders”.

Hobby? Noem het een ziekte.

Anders ja, maar hoe dan? Bij jou kan ik het wel toegeven, op stal ben ik inderdaad minder kleinzerig met die kou. Gelet op andere paardenmensen is dat niet eens de grootste rariteit. Prioriteiten bijvoorbeeld, daar hebben echt álle ruiters iets mee. Dat paard staat iedere keer torenhoog op de lijst. Paardrij-gewijs plannen noem je dat. Neem nou mijn eerste vriendje. Hem vertelde ik met droge ogen dat mijn paard belangrijker voor me was dan hij. Drie weken later was het uit. Ik huilde dikke tranen en zocht troost bij mijn paard. Niet bij hem.

En dus ben ik nu samen met Hij Die Het Beter Snapt (zaagselsporen uitgezonderd). Keuzevrijheid heeft hij niet, mijn hobby hoort bij mij. Hobby? Noem het een ziekte. Chronisch, ongeneeslijk, never ending.

Ruiters zijn vreemde snuiters

Over ziektekiemen gesproken. Stiekem een likje proeven van de liksteen? Boterhammen eten met vuile handen? Op stal spreekt iedereen dezelfde taal. Laten we het gerust een samenzwering noemen. Je stalgenoot knikt begripvol als je een goedkope maaltijd naar binnen schrokt. Ondertussen knabbelt je paard op de meest de exquise supplementen. Vinden we heel gewoon. Of toen, met die strenge vorst, deden we nog gekker. Waarom lopen wij te kleumen, terwijl onze paarden onder drie dekens staan?

Al overtuigd dat we vreemde snuiters zijn? Hier nog een closing example. Laatst op de bankleuning: ik hing en keek  een documentaire. Een akelig mooi meisje leefde in Londen een jetset leven. Inclusief mooie man, bakken met geld en bussen vol vrienden. Ze werd depressief, keerde terug naar Nederland en ging maandenlang stallen uitmesten. Om op te knappen.

Passie is vuur

Dus nog even over die rariteiten. Waar komen ze vandaan? Vreemde zaken hebben meestal een simpele verklaring. Soort van gedeelde factor. Mijn idee? We worden gedreven door passie. En passie is vuur. Vuur dat je voeten ontdooit bij vorst. Vurige brandstof na een goedkope maaltijd. En het vuur dat je door zware tijden heen helpt.

Passie dus. Het enige verschil tussen paardenmensen en de wat-een-gedoe-ik-blijf-liever-gewoon-thuis-mensen. Ach wat, noem ons een maf volkje. We hebben ook voordelen. Zo vervelen we ons nooit, dus we vallen anderen niet lastig met ons humeur. Behalve na een slechte proef, maar dat telt niet.  Ander pluspunt: als paardenmens staan we dicht bij de natuur. We gaan daarom heel goed om met veranderingen, afscheid nemen van paarden daar gelaten. En aardig zijn we ook. Aan goodwill geen gebrek. We willen écht wel een keer mee naar die Belangrijke Verjaardag. Op een rij-dag nota bene! Maar zeur dan niet dat ik naar paard stink, omdat ik nog éven die wortels breng. Anders is het zielig. En trouwens, paarden stinken niet, ze ruiken. Dat snap je of dat snap je niet.

Sara Ouwehand is initiatiefneemster van www.ruiterpilates.nl, start haar Haflinger ZZzwaar en loopt verwonderd rond in de paardenwereld.

HOEFSLAG ACADEMY

Volg ons!

101,341FansLike
0VolgersVolg
6,984VolgersVolg
1,451Youtube abonneesAbonneer