Liz Barclay in gesprek met Atjan Hop: ‘Hij is niet mijn paard,...

Liz Barclay in gesprek met Atjan Hop: ‘Hij is niet mijn paard, ik ben zijn mens’

atjan hop blog liz barclay

In deel 1 van mijn blog over mijn ontmoeting met Atjan Hop heb je al kunnen lezen over de enorme liefde van deze paardenman voor het Lipizzaner paard. Hij bracht de hele geschiedenis van de Lipizzaner fokkerij in kaart en werd in 2012 benoemd tot Ridder in de Orde van Oranje-Nassau.

Atjan heeft echter absoluut geen oogkleppen op ten opzichte van de dressuurwereld van nu.

Alle soorten paarden

Ook al is de band met de Lipizzaner de rode draad door zijn leven, hij heeft altijd altijd van iedereen willen leren en geleerd. Daardoor traint hij nu fulltime en geeft hij les. Hij is in staat om met alle soorten paarden en ruiters te werken en eventuele problemen op te lossen. Aan hokjes denken heeft hij een hekel.

Wel moet hij een beetje lachen om de nieuwe ‘uitvindingen’  in de dressuur, zoals de ‘zweefdraf’. ‘Je kan niet zomaar een nieuwe knop op een paard zetten die nooit heeft bestaan zonder schade te berokkenen.’ Ook voor de zadels met ‘hulpstukken’ die nodig zijn om paarden uit te zitten die ‘flashy’ maar uit hun tempo gereden worden, trekt Atjan zijn wenkbrauwen op. ‘Voor een onafhankelijke zit moet je hard trainen, die krijg je niet door zo’n mega-wrong.’

Een bijzondere ontmoeting

Bij Atjan op stal aangekomen, zie ik onmiddelijk hoeveel liefde hij heeft voor zijn paarden. ‘Napje’ (Neapolitano Elvira), de Lipizzaner hengst die Atjan 24 jaar geleden als veulen van vier maanden oud kocht bij een grote Lipizzanerfokker in Schaijk, laat duidelijk horen dat hij weet dat de baas gearriveerd is. Ook de andere twee, zijn jonge Lipizzaner en de Spaanse hengst van zijn vrouw Yolanda, laten zich niet onbetuigd.

Ieder paard krijgt zijn eigen persoonlijke begroeting en het eerste dat me altijd weer opvalt aan dit soort paarden zijn de ogen. Vol adel met een zo trouwe en eerlijke uitstraling.

Atjan Hop

Met de lange teugels

Atjan verontschuldigt zich voor de staart van Nap. Ik zie er niks verkeerds aan, maar Atjan vindt hem niet schoon genoeg en hij had hem gisteren nog gewassen. Ik geloof misschien zelfs omdat ik zou komen.

Na een klein borstelbeurtje, de tijd begint te dringen, leidt Atjan zijn paard naar de manege voor een lichte training aan de lange teugel. Er wordt lang gestapt, zoals dat hoort, vooral met een ouder paard. Atjan legt uit hoe hij met de bolle en de holle kant speelt.

Als er iemand door de gang loopt die Atjan wat wil vragen, bied ik aan om zijn Nap even voor hem vast te houden. Voor ik het weet, loop ik achter de schimmel met de lange teugels in m’n handen. Hoho, dat was niet de bedoeling! Okee, ik zal m’n best doen, want  ik snap de holle en bolle kant dondersgoed en begin gelijk met goed de ruggengraat en nek in de gaten te houden.

Ik kom er al gauw achter dat, als je er zo achter loopt, het haast nog meer als stijldansen wordt dan wannneer je erop zit. Atjan moet lachen als hij weer terugkomt. Ik bak er blijkbaar niets van maar het was wel leuk!

Met elkaar vergroeid

Als Atjan de teugels weer overneemt, doet hij nog even een paar oefeningen met Nap. Zijwaarts, pirouetje naar links, pirouetje naar rechts en nog een beetje piaffe. Zo ontspannen en geroutineerd heb ik het nog nooit van dichtbij mogen aanschouwen. Het is een samenspel tussen twee levende wezens die zoveel tijd met elkaar hebben doorgebracht, dat ze als het ware vergroeid zijn. Anders kan ik het niet omschrijven.

Er zijn een aantal momenten waarop ik heel duidelijk weet waarom ik deze man zo graag wilde ontmoeten. Ik herken niet alleen de liefde voor het paard als dier, en niet een machine, maar ook de romantiek om dressuur meer als kunst te beschouwen en niet alleen maar als topsport. De ellenlange weg om het paard te leren begrijpen en die weg niet zo snel mogelijk te willen doorlopen omwille van het hogere doel, maar van het hele proces te genieten en ervan te leren.

Het is vertederend om het ‘gouwen draadje’, zoals hij dat zelf noemt, tussen zijn geliefde Napje en hem te aanschouwen. Iets waarvan hij hoopt dat hij het met zijn jonge Lipizzaner hengst nog weer een keer mag meemaken.

‘Ik ben zijn mens’

We rijden terug naar het station en ik vind het jammer dat er een einde aan deze bijzondere dag gaat komen. Als we uitgestapt zijn en ik m’n bagage heb gepakt, vraag ik: ‘Dus kan ik zeggen dat jij van paarden en van mensen houdt?’ ‘Ja’, hij denkt even na. ‘Ik hou inderdaad van paarden en van mensen.’ Weer zie ik de lichte verlegenheid van eerder die dag.

In de trein zit ik na te genieten terwijl Nederland in de namiddagzon nog eenmaal aan me voorbij trekt. Ik herinner me weer een mooie uitspraak van Atjan. ‘Hij is niet mijn paard, ik ben zijn mens.’

In Engeland kun je het woord ‘gentleman’ veranderen in twee woorden, namelijk ‘gentle man’. Ik geloof dat ik er vandaag eentje ontmoet heb.

Liz Barclay

Nog een paar wetenswaardigheden:

Atjan Hop en zijn vrouw Yolanda Rozier hebben een prachtige website: Baroque Consult.

De 24-jarige Lipizzaner hengst Neapolitano Elvira heeft als vader Neapolitano Capriola en als moeder Elvira. Dat geeft meteen aan hoe het stamboek werkt. Het eerste deel van de naam, Neapolitano, geeft aan welke lijn. Het tweede deel, Elvira, de moeder.

atjan hop blog liz barclay

 

Reacties