Roos Dyson in Portugal
Roos Dyson in Portugal foto: Privebezit

“Jouw lijf hoort ook in dat rijtje thuis”

Ze rijdt zelf al anderhalf jaar nauwelijks. Door langdurige klachten na covid kan ze geen kwartier in het zadel zitten zonder uitgeput te raken, al zou ze in haar hart niets liever willen dan de training van haar paarden weer oppakken. Maar Roos Dyson, specialist in ruiter biomechanica en zitcoaching, laat zich daar niet door stilzetten. Als gast van de negende editie van de Next Generation Q&A van Hoefslag deelt ze vol passie haar kennis over hoe een ruiter het paard beïnvloedt. "Het rijden moet voor het paard net zo waardevol zijn als voor de ruiter."

Tekst: Zoe Jansen | Foto's: Privébezit

We beginnen altijd met dezelfde vraag tijdens de Q&A, al voelt het nu niet helemaal gepast gezien de situatie rond je gezondheid. Toch stellen we hem: welk paard heb je als eerste gereden vandaag?

Roos antwoordt: "Dat is inderdaad een minder leuk stukje van mijn leven op dit moment. Er ontbreekt een heel belangrijk deel van mijn dagindeling momenteel en dat is het rijden. Ik heb al anderhalf jaar te maken met de gevolgen van longcovid en ik kan nog geen kwartier rijden zonder ziek te worden van de inspanning. Dus ik heb helaas geen paard gereden vandaag. Ik ben net terug uit Portugal, waar ik de winter heb door gebracht, deels voor de warmte, deels voor de rust. Ik had mijn paarden meegenomen, met het idee te revalideren, maar het zat niet mee. Het weer was dramatisch deze winter in Portugal met veel regen en wind. Het was meer overleven in plaats van revalideren. Vorig jaar was ik daar ook drie maanden met mijn paarden. Toen heb ik wel het rijden op kunnen bouwen en enorm genoten. Het is een prachtig land en de Portugese manier van rijden spreekt me erg aan. Helaas heb ik na die drie maanden weer een flinke terugval gehad toen ik weer terugkwam in het koude weer.”

Vertel eens meer over de paarden, die je mee hebt genomen naar Portugal.

"Het ene paard is Mickey, mijn Fürstenball-merrie, en de andere is Variety, alias Maus. Dat is een merrie van Rubiquil, nu vierentwintig jaar oud en met wedstrijdpensioen. Die heb ik gekocht toen ze twaalf was. Voor mij was ze destijds betaalbaar en achteraf was het echt het lotje uit de loterij. Ze heeft me naar de Intermédiaire I gebracht en heeft mij ontzettend veel geleerd. Op mentaal vlak moest ik zelf ook echt eventjes aan de slag door haar. Nu gaat ze nooit meer weg en mag ze oud worden bij mij. Mijn eerste echte dressuurpaard was trouwens de Jazz-merrie Romy. Zij was oorspronkelijk één van de paarden dat ik zadelmak maakte voor iemand, maar ik had een enorme klik met haar. Ze ging vaak keihard aan de kletter en was daardoor moeilijker te verkopen en zo is ze een beetje ‘aan mijn kont blijven plakken’. Ik heb haar uiteindelijk zelf gekocht en haar opgeleid van zadelmak tot de Lichte Tour, maar ik zeg altijd: zij heeft mij opgeleid. Via haar is ook mijn passie voor de dressuursport echt ontstaan."

Hoe is uiteindelijk je interesse voor ruiter-biomechanica ontstaan?

"Ik zou het zelf geen andere weg noemen. Het is een verdieping op wat ik al deed. Eigenlijk is dit niet ‘extra’ op wat je moet weten als ruiter of trainer, maar dit is de basis en dus het begin van alles. Het moment dat alles veranderde voor mij, was toen ik mee reed met een clinic van Leunus van Lieren. Ik dacht altijd dat Romy moeite had met de appuyementen naar links. Dus ik was op die oefening altijd enorm aan het klooien. Een instructeur zei zelfs een keer: ‘trek maar eens door aan die linkerteugel, ze is niet van suiker.' Ik wist dat ik het zo niet wilde, maar wist niet hoe ik het op moest lossen. Leunus bracht hier verandering in. Aan het einde van die clinic mocht ik onverwachts op de dekhengst Rubiquil rijden. Leunus had er een demonstratie mee gegeven. Dat paard was super opgeleid en kende alle oefeningen. Totdat ik het linker appuyement met hem in wilde zetten. Ik kreeg geen mooi appuyement, terwijl Rubiquil dit wel heel mooi kon. Leunus zei toen maar één ding. Eén zinnetje dat niet alleen mijn appuyementen voorgoed heeft veranderd, maar eigenlijk mijn hele leven. Hij zei: ‘je moet wat meer mee naar links gaan zitten.’ Dat was het, simpel toch? Dus ik verplaatste mijn lichaam een beetje en hoppetee het appuyement naar links ging als vanzelf. Dat ene moment. Dáár viel mijn kwartje. Het gaat over hoe ík erop zit. Niet over het paard." Daarna zocht ze koortsachtig naar iemand die haar meer kon leren over biomechanica en zit. "Tegenwoordig kun je op iedere hoek van de straat zitles nemen, maar toen was er bijna niks. Totdat ik een piepklein advertentietje vond van Akashia Rijkunst. Biomechanica, houding en zit. Ik heb dat advertentietje nog steeds in mijn portemonnee. Ik dacht: dát is wat ik zoek. En toen ben ik de opleiding gaan doen bij Anne Muller. Eenmaal daar, vielen er zoveel meer kwartjes. Ik dacht de hele tijd: waarom heeft niemand mij dit ooit geleerd?"

Je werkt ook met topsporters?

"In 2017 werkte ik voor het eerst met Laurens van Lieren. Laurens is de zoon van Leunus, maar dit was toeval. Hij was zo’n beetje de eerste topruiter die ervoor openstond. Daarna volgden er meer. Het zit hem soms in zulke kleine dingetjes, onzichtbare dingetjes die toch het verschil maken. Ik vind het jammer dat er op dat niveau niet méér op gelet wordt. Als we het hebben over winnen op de Olympische Spelen, denk ik dat Nederland daardoor veel punten laat liggen. Simpelweg door onvoldoende aandacht voor de ruiter biomechanica." Een van haar mooiste ervaringen was een clinic met Imke Bartels, tijdens Horse Event. "De voorbereiding was tien minuten achter de schermen. Meer niet. En Imke zat ook echt klassiek, zoals de meeste dressuurruiters dat vaak doen: schouders mooi naar achter, achterover met het bovenlichaam, hakken netjes uitgedrukt. Heel netjes, maar functioneel niet optimaal. Wat ik heel erg leuk vond is dat Imke qua coachbaarheid én qua humor echt geweldig is. Op een gegeven zag het publiek ook dat Imke haar paard steeds mooier ging lopen en begon spontaan te klappen. Dat was voor mij één van de mooiste momenten. En ook het werken met Joep Raymakers, internationaal springruiter. Ik heb hem geholpen zijn eigen galopbeweging te verbeteren. Het verschil in hoe zijn paard daarna sprong was spectaculair. En vergis je niet, hij kon echt goed paard rijden en hij komt uit een ‘nest’ waar ze echt verstand van zaken hebben."

Hoe herken je als ruiter dat het probleem bij jóu ligt?

"Natuurlijk kan er met het paard altijd iets anders aan de hand zijn en het is belangrijk om dat uit te sluiten. Aan jezelf werken is de simpelste oplossing van het hele verhaal. Toch wordt die pas als laatste erbij gehaald. Als ik een clinic of workshop geef, stel ik altijd een vraag aan het publiek. Wie laat de osteopaat regelmatig, preventief bij het paard komen? Bijna alle handen gaan dan hoog. Wie heeft een zadelfitter voor zijn paard? Vrijwel iedereen. Wie gaat zelf wel eens preventie naar de osteopaat of de masseur? Dan blijven er weinig handen over. En dan zeg ik: jouw lijf hoort ook in dat rijtje thuis. Want je zadel kan nog zo goed passen en je paard kan nog zo gezond zijn, maar als jij erop gaat zitten en je zit ergens vast of scheef, dan heeft je paard nog steeds een probleem om goed te kunnen bewegen."

Hoe kijk jij naar de toekomst van de paardensport?

"Ik hoop dat wat er nu gaande is, zich door ontwikkelt. Zestien jaar geleden was er bijna niemand die zitles gaf. Qua paardenwelzijn was er zoveel minder bewustzijn. In Deurne stonden die paarden gewoon 24 uur in een klein stalletje en we vonden dat allemaal heel normaal. Er is ontzettend veel gaande in de ontwikkeling van welzijn, maar ook op het gebied van houding en zit en biomechanica. Dat is positief. En ja, je hebt de activisten en die mogen niet de overhand krijgen, maar we gaan hierdoor wél meer nadenken over hoe we met onze aarden omgaan. Wat ik hoop? Dat de paardensport nog lang blijft bestaan. Want als het goed gebeurt dan is het iets magisch. Ik hoop dat onze kennis en bewustwording zich steeds verder door blijft ontwikkelen. Paardensport en paardenhouderij kan een prachtige symbiose zijn tussen mens en dier. We moeten parasitisme voorkomen; een paard mag nooit de dupe zijn van onze sport ambities of van financieel belang. Dat is een kwestie van de juiste kennis en mindset. Mijn streven is altijd: het rijden moet voor het paard net zo waardevol zijn als voor de ruiter", besluit ze gedreven.

Luister de hele podcast terug via de qr-code.

Positief inzicht geven en uitdragen waar ze voor staat: Roos Dyson
Nogmaals Roos Dyson  met Romy
Subtop Oirschot 2011
© DigiShots - Leanjo de Koster
Afbeelding
Roos Dyson met Jazz-merrie Romy tijdens de 
Subtop Oirschot 2011
© DigiShots - Foto: Leanjo de Koster
Roos Dyson met drie voor haar speciale paarden
Afbeelding