Gebitsproblemen bij oudere paarden: op tijd (h)erkennen

Gebitsproblemen bij oudere paarden: op tijd (h)erkennen

0 406

Hoe ouder je paard hoe groter de kans op problemen met het gebit. Tanden en kiezen groeien langzaam vanuit de tandkas naar buiten, de mond in. Daar slijten ze af. Door dit proces raken de tanden en kiezen dus geleidelijk ‘op’.

Hieronder een aantal gebitsproblemen bij het oudere paard.

Symptomen

Gebitsproblemen kunnen opvallen door afwijkend eetgedrag of bijvoorbeeld omdat het paard het bit niet meer aanneemt. Paarden passen zich meestal goed aan aan hun ongemak, waardoor gebitsproblemen vaak pas laat worden opgemerkt. Naarmate de klachten ernstiger worden zullen ze langzamer gaan kauwen, meer gaan knoeien met hun voer en proppen maken van het ruwvoer.

Lange vezels en hele granen in de mest kunnen duiden op problemen met het vermalen van voedsel. Omdat paarden met gebitsklachten minder eten en slecht vermalen voedsel niet goed kan worden verteerd zullen zij vermageren. Let wel op; vermagering kan uiteraard ook andere oorzaken hebben, zoals een worminfectie of PPID.

Snijtanden

Bij oudere paarden zijn afwijkingen aan de snijtanden snel zichtbaar; er kunnen tanden missen of tanden kunnen te lang zijn doorgegroeid, afwijkend zijn afgesleten of niet goed in de mond staan. Ook kan er sprake zijn van ruimten tussen de snijtanden (diastasen), die tot problemen kunnen leiden.

Diastasen bij de snijtanden geven over het algemeen minder problemen dan bij de kiezen, omdat de eigenaar ze zelf schoon kan houden. Bij oudere paarden komt ook EOTRH vaak voor, een aandoening die kan leiden tot pijnklachten en het verlies van tanden en kiezen.

Kiezen

Hoewel er met name in de onderkaak veel tandsteenvorming kan zijn op de ruinen- en hengstentanden en het tandvlees ontstoken kan zijn, komen hier niet vaak afwijkingen aan voor. Oudere paarden kunnen, net als jongere paarden, een schaar- golf- of trapgebit ontwikkelen door ongelijke slijtage van de kiezen.

Daarnaast krijgen geriatrische paarden vaak problemen door diastasen, waarin voer vast kan komen te zitten wat weer kan leiden tot ontstekingen en uiteindelijk tot het verlies van elementen. Te lange kiezen moeten in lengte worden teruggebracht. Wanneer de kies veel langer is dan de andere elementen vergt dit meerdere behandelingen. Bij het afslijten van de kiezen worden deze steeds gladder. Bij behandeling van de kiezen van geriatrische paarden is het dan ook van belang zoveel mogelijk van het maaloppervlak te behouden. Losse en pijnlijke kiezen zullen wel verwijderd moeten worden.

Aangepast voer

Wanneer de kiezen te glad zijn zal een paard aangepast voedsel moeten krijgen, zoals gehakseld hooi of luzerne en/of senioren slobber.

Regelmatig controleren

Het is raadzaam om het gebit van een geriatrisch paard twee keer per jaar te laten controleren op aantasting, ontstekingen en onjuiste afslijting. Door tijdige signalering en behandeling blijft het gebit langer functioneel.

Bron: Hoefslag

Foto: Shutterstock

Vergelijkbare artikelen

Reacties