Moniek Valk: ‘Ze moeten echt wel braaf zijn’

Moniek Valk: ‘Ze moeten echt wel braaf zijn’

emmelie Scholtens-Indian Rock

Toen Moniek Valk via Facebook naar het WK Jonge Dressuurpaarden in Ermelo zat te kijken, kon ze constateren dat zij en haar partner Gilbert Mangnus een heel behoorlijk deel van de jonge paarden zadelmak hebben gemaakt. ‘We gaan er naartoe en dan gaan we erop zitten. Zo simpel gaat het.’

Valk en Mangnus waren de allereerste ruiters van paarden als Glamourdale, Instyle en Indian Rock, om maar eens wat te noemen. ‘We werken voornamelijk bij de eigenaren thuis,’ legt Valk uit. ‘En dan kijken we naar het paard om te zien wie van ons er als eerste op gaat. Er zijn paarden die een voorkeur hebben voor vrouwen. Zo hadden we een paard dat ging liggen zodra Gilbert zijn voet in de stijgbeugel zette. Toen ik erop ging, was er niks aan de hand.’

1500 per jaar

Mangnus doet het werk al zo’n dertig jaar, Valk kwam er een jaar of tien geleden bij. In totaal maakt het duo zo rond de 1500 paarden per jaar zadelmak, van eigenaren als Ad Valk, AniCare Sport Horses, Robin van Lierop, Joop van Uytert, President Stables en Van Olst Horses. ‘Gert Jan van Olst belt meestal tussen de eerste en de tweede bezichtiging van de hengsten, dan heeft hij er een stuk of 20 a 30 staan. Daar gaan we dan mee aan de slag. Evelien (De Jong, red.) werkt daar met de jonge paarden die heeft het hele voorwerk al gedaan, zoals longeren met zadel en hoofdstel en eventueel een hulpteugel, zodat ze al wat gewend zijn aan de voorkant.’

Eigen zadel

Ook bij Valk en Mangnus wordt er vooraf altijd gelongeerd. ‘Het opzadelen doet we altijd zelf. En we rijden altijd op ons eigen zadel. We maken al gauw een inschatting ‘hij is zus of zo’ en dan gaat Gilbert rustig hangen terwijl ik het paard vasthoud. Als er bij het paard geen spanning is, dan gaat Gilbert zitten en houd ik het paard bij me. Daarna begin ik met longeren, linksom, en meestal na drie of vier rondjes knip ik ‘m los en gaat hij rijden.’

Bij particuliere paardeneigenaren is het nog wel eens spannend, geeft Valk aan. ‘Bij de hengsten weet je dat ze al een heel traject doorstaan hebben. Ook daar zit wel eens een doerak tussen, maar bij particulieren weet je vaak niet wat het paard wel en niet kent.’

Brutale doerak

Valk heeft een voorkeur voor paarden die wat bang zijn. ‘Die kun je op het gemak stellen, dat is makkelijker. Zo’n brutale doerak die wat dominant is, die komt met het hangen al op je af. Die zijn net niet genoeg op hun plek gezet. Qua rennen, bokken of steigeren vind ik het verder niet zo spannend.’

Bizar goed

Van de paarden die deze week aan de start komen in Ermelo is Indian Rock, die zich onder Emmelie Scholtens kwalificeerde voor de finale bij de 5-jarigen, een van Valks favorieten. ‘Hij was gelijk al bizar goed. We konden er gelijk mee rijden. Je kon hem ‘maken’ maar je kon hem ook heel normaal laten lopen. Op het moment dat je hem eraan wilde zetten, dan ging hij bizar draven. Zoveel lossigheid en zoveel kracht, dat was niet normaal. De tweede keer dat we hem kwamen rijden, kon dat al in de buitenpiste zonder omheining.’

Heel vlugge

Hoe vaak een paard door Valk en Mangnus wordt gereden, wordt geheel door het karakter bepaald. ‘Bij Indian Rock was dat vier of vijf keer, daarna kon hij worden overgenomen. Je maakt ook wel mee dat er een heel vlugge tussen zit die bokkerig is. Daar gaan die meiden niet op zitten. Ze moeten echt wel braaf zijn. Na een keer of drie keer rijden gaan die jonkies altijd wel wat proberen. De eerste keren zijn ze wat overdonderd, daarna gaan ze altijd wel een keer bokken of rennen. Als je dat netjes oplost, is het daarna meestal weer over.’

Bron: Hoefslag / Overname zonder bronvermelding en toestemming via webredactie@mediaprimair.nl niet toegestaan

Vergelijkbare artikelen

Reacties