Larissa van de Beemd eerste officiële Klassieke Gelderlander-kampioene

Larissa van de Beemd eerste officiële Klassieke Gelderlander-kampioene

0 569
keuring gelderlander Larissa van de Beemd
Foto: N.F Lieuwen

Na tien jaar voor erkenning gestreden te hebben kon het KPST (Klassieke Paarden Stamboek) dit jaar voor het eerst ‘officieel’ een kampioene huldigen. De driejarige Larissa van de Beemd werd in een groep uniforme groep van vijf stermerries gekroond tot meest rastypische Klassieke Gelderlander merrie.

Jeugdig voorkomen

De driejarige Larissa van de Beemd (Wilskracht—Amsterdam uit Diamant v. Sirius) heeft nog een zeer jeugdig voorkomen en doet nog wat ‘rauw’ aan. Hoewel ze de bespiering nog mist heeft ze al een opvallend mooie bovenlijn met een mooie overgang tussen de hals, schoft en rug en sterke lendenen.

De croupe heeft voldoende lengte en de broekspier loopt opvallend lang door. Het voorbeen is een fractie hol en in het algemeen is het beenwerk aan de fijne kant.

Larissa van de Beemd draaft met de nodige kracht en souplesse en liet op de keuring ook steeds een constant optreden zien. Met 79,5 punt werd de vosmerrie niet alleen kampioen, maar ook tot ‘ster’ bevorderd.

Kiolancie

Eenzelfde puntenaantal kon de jury noteren voor Kiolancie, een vierjarige dochter van Danser uit Zanoucka van Koss. Kiolancie is in haar exterieur een echte Gelderse merrie met een indrukwekkend front. Ze toont ruim voldoende beweging, maar in draf blijft het voorbeen wat rollend. Ze mist ze wat aan schoudervrijheid, wat haar ditmaal van de kampioenstitel afhield.

Zes veulens werden in totaal bij de diverse fokrichtingen (Klassiek Gelderlander, Edel-klassiek-Gelderlander en Register Tuigpaard) aangeboden.

Guusje van de Roodwilligen

De kampioenstitel in de Klassieke Gelderlander-fokrichting was voor Guusje van de Roodwilligen. Dit  merrieveulen stamt af van Garant (Gerlinus x Commandant) uit Thirza van de Roodwilligen ster van Toevallig (Elegant x Walser).

Een veulen met een sprekend hoofd, opvallend veel bot en voldoende lengte in het lichaam. De hals is een fractie kort, maar goed gespierd. De stap is ruim, de draf wordt met veel kracht getoond waarin het achterbeen goed onder het lichaam wordt gebracht. Het veulen zou in de draf nog wat meer front mogen maken waarin het voorbeen nog wat vrijer vanuit de schouder mag komen.

In het algemeen veulenkampioenschap versloeg Guusje van de Roodwilligen tevens de kopnummers uit de rubrieken voor Edel-klassieke Gelderlander en Register Tuigpaarden.

keuring gelderlander
Foto: N.F Lieuwen

Nola jeugdkampioen

De enige jaarling op de keuring, Nola (Urgent x Zorro), werd beloond met een eerste premie en bij afwezigheid van tweejarige merries mocht ze eveneens als jeugdkampioen worden opgesteld.

Nola is een Register Tuigpaard-jaarling, die ondanks haar leeftijd al een harmonieus exterieur heeft. Het hoofd is op dit moment eenvoudig, met een bolle neuslijn, en de hals is weinig bespierd. Wel is al duidelijk zichtbaar dat Nola over veel formaat beschikt met een schoft die lang doorloopt. De stap is kort, in draf waardeert de enter zich op door deze met de nodige afdruk en souplesse te tonen.

Bloedvoering essentieel

Het KPST is nu erkend als moederstamboek voor het Klassiek Gelderlander paard (het vroegere Gelderse landbouwtuigpaard en landbouwrijpaard, inclusief de Gelderse bloedvoeringseis). Bij het KPST is de bloedvoering essentieel voor de vraag of een paard tot het ras behoort.

Het stamboek ‘Klassiek’ is voor hengsten en merries vanaf 75% Klassiek Gelderlander bloed en met maximaal 6,25% Hackney bloed. Het stamboek ‘Edel- klassiek’ is voor hengsten en merries vanaf 50% tot 75% Klassiek Gelderlander bloed en maximaal 12,5 Hackney bloed.

Fokdoel KPST

Het stamboek ‘Register’ is voor paarden die niet voldoen aan de bloedvoeringseisen voor het Edel-Klassiek, maar door hun afstamming en exterieur een bijdrage kunnen leveren aan het fokdoel van het KPST, door nakomelingen te leveren die in het Edel-Klassiek kunnen worden ingeschreven en door bij te dragen aan het voorkomen van inteelt.

Tekst: Albertine Nannings

Foto’s: N.F Lieuwen

Reacties