Jarno Kiezebrink: “Als het zo doorgaat zijn we nog lang niet klaar”

Jarno Kiezebrink: “Als het zo doorgaat zijn we nog lang niet klaar”

Jarno Kiezebrink en Filib de Reve op het strand. Foto: Stephanie Mullaart

Samen met zijn imposante donkerbruine ruin Filib de Reve (v. Nabab de Reve) maakte Jarno Kiezebrink niet heel lang geleden de overstap naar het M2. Een hele overwinning, gezien de combinatie best wat dieptepunten kende in hun carrière. “Ik had hele erge blackouts, ik wist zelfs mijn eigen naam en die van mijn paard niet meer”, vertelt hij over de lastige momenten.

Beginjaren

Jarno begon met paardrijden op de shetlander die zijn ouders voor hem kochten. “Die staat nu nog steeds bij mijn ouders op de boerderij. Het was natuurlijk gewoon lol hebben en er heel vaak afvallen”, vertelt hij over die periode. Na een tijdje ging de ruiter lessen bij de plaatselijke manege. Hier werd hij steeds serieuzer in zijn rijden en leerde hij ook zijn huidige paard kennen. “De eigenaren van het paard gingen op vakantie. Op aanraden van de manege-eigenaren lieten ze mij het paard toen verzorgen. Dat klikte eigenlijk zo goed dat toen hij te koop kwam, ik heel erg mijn best heb gedaan hem te kopen. Nu 6 jaar later is hij nog steeds bij mij”, klinkt het enthousiast.

Waardevolle clinic

Ondanks dat het wel liefde op het eerste gezicht was, was er voor de combinatie wel werk aan de winkel. Jarno vertelt: “Filib was eigenlijk helemaal uit proportie, hij was heel lang en had totaal geen spieren. Maar daar zag ik ook wel weer uitdaging in. We kwamen elkaar op een gegeven moment wel een beetje tegen, hij was in de pubertijd en hij bleek problemen te hebben met zijn evenwicht. Ook waren zijn spieren heel slap: hij kon zichzelf eigenlijk helemaal niet dragen. Tot Manolo Mendez een keer een clinic kwam geven op de rijvereniging. Ik heb met bewondering staan kijken naar de manier waarop hij met mijn paard aan de gang ging. De volgende dag heeft hij Filib behandeld. Toen ik er de dag daarna weer op ging zitten, had ik een compleet ander paard onder me.”

Ups en downs

Van Mendez kreeg Jarno een hele hoop huiswerk mee. “Vanaf dat moment heb ik heel bewust leren rijden en heb ik veel meer door waar ik mee bezig ben. Dat ging heel goed, totdat ik het idee had dat het werk Filib niet genoeg meer prikkelde. Na een zoektocht kwam ik terecht bij Elsemiek van Schaverbeke waar ik tot twee jaar terug leste en bij Moniek Valk, die mij nog steeds begeleidt. Zij hebben me onwijs geholpen, ook met de wedstrijdspanning die ik had. Ze proberen me er stapje voor stapje doorheen te helpen. Net als Filib, want ook hij had moeite met zich concentreren op wedstrijden”, licht hij toe. Na wat ups en downs kreeg de combinatie toch de slag te pakken. Binnen drie wedstrijden waren ze het L1 door en ook het L2 waren ze binnen een half jaar uit.

Spanning

Maar in de L2, daar bleef het toch weer even hangen. “Ik kreeg heel veel last van mijn wedstrijdspanning”, vertelt de gedreven ruiter. “Ook Filib hield zijn concentratie er niet bij. Ik wist niet hoe ik het aan moest pakken en kreeg de ene blackout naar de andere. Het was zo erg dat ik zelfs mijn eigen naam en die van mijn paard niet meer wist. Dat was heel jammer, want daardoor konden we thuis ook niet verder trainen. Ik wist niet eens meer wat er fout was gegaan.” Voor zijn spanning zocht Jarno hulp bij een hypnotherapeut. “Er kwam eigenlijk naar voren dat ik veel te hoge verwachtingen had van mijzelf, en dan ook nog faalangst daarbij. We hebben naar oplossingen gezocht zodat we ons beter konden focussen.”

Vriendjes

“Tijdens ons M2-debuut behaalden we gelijk een winstpunt en de vierde plaats”, vertelt hij trots. “Met zo’n groot paard is de M2 al best een pittige klasse om te rijden. We moeten nog iets sneller, fanatieker en gedrevener worden maar het gaat nu heel goed.” Over Filib vertelt Jarno: “Het is echt een lief en leuk paard, hij heeft ook veel uitstraling. Toen ik hem leerde kennen op stal beet hij me iedere keer dat ik langs hem liep al in de mouw. Dat had ik nog niet met een paard gehad, dat was wel speciaal. Vanaf het moment dat we gingen rijden waren we gelijk al vriendjes, het was gewoon een match. Ook al heb ik er heel vaak aan gedacht om maar te stoppen met dit paard, ik ben heel erg blij en dankbaar dat het nu zo goed gaat.”

Jarno Kiezebrink en Filib de Reve op wedstrijd. Foto: Stephanie Mullaart

Dromen

Recent reisde de ruiter af naar een meerdaagse trainingscursus in België. Hier merkte hij dat er nog veel meer in zit dan hij dacht. “Hij wilde van achteren nog niet echt aansluiten, hij moest echt wat korter worden. Ze zeiden: dit kunnen we maar op één manier doen bij hem, en dat is hem denkbeeldig naar het sluiten rijden. Zij begeleidden me daar met stemhulpen en een stokje in de lucht iets van achteren, en ineens zette Filib de piaffe in. Dat was wel heel erg gaaf om te voelen. Je droomt er altijd van dat je het eens voelt, en dat je het dan nu nog met je eigen paard mag voelen, dat is wel heel gaaf. Ik herkende echt mijn paard niet meer. Als we dit nu weten te vertalen naar het dagelijkse rijden en uiteindelijk naar de wedstrijdsport, dan zijn we nog lang niet klaar.”

Sjouwen

Die gedrevenheid zie je ook terug in de doelen van de ruiter. “Het eerste doel is voor nu het Z halen. Eerst vond ik het al heel erg knap als we het Z zouden halen, maar als ik hem nu voel sjouwen dan gaan we nog even door. Het zou wel heel gaaf zijn als we ooit een kür op muziek kunnen rijden op wat hoger niveau, en misschien zelfs ooit nog wel in de subtop zouden kunnen meerijden”, klinkt het voorzichtig. “Als dat met Filib lukt, dan geeft dat echt een kick. We hebben hele diepe dalen gekend en velen dachten dat het nooit goed zou komen. Maar dat kan dus wel”, besluit hij.

Tekst: Femke Verbeek

Bron: Hoefslag / Overname zonder bronvermelding én schriftelijke toestemming via webredactie@mediaprimair.nl is niet toegestaan.

Foto’s: Stephanie Mullaart Fotografie

Reacties