Harrie Smolders en Daniëlle van Mierlo, over drempels en wedstrijdtactiek

Harrie Smolders en Daniëlle van Mierlo, over drempels en wedstrijdtactiek

Harrie Smolders
Harrie Smolders met Emerald N.O.P. in Parijs 2018.

Harrie Smolders werd bij het vorige Europees kampioenschap tweede. Hij rijdt in de top van de springsport en gaat voor de Europese titel in eigen land.

Smolders krijgt de steun van supporter Daniëlle van Mierlo. De dressuuramazone en vlogster rijdt nu zelf niet mee, maar hoopt er de volgende keer wel bij te zijn.

Fanatiek volger

Daniëlle: “Ik ken je natuurlijk al, omdat ik ook de springsport fanatiek volg. Ter voorbereiding op dit gesprek heb ik even zitten googlen, en ik ben toch wel erg benieuwd naar enkele dingen. Ik vind het onwijs knap dat jullie altijd met meerdere paarden aan de top weten te komen in toch vrij korte tijd. Nu staan we voor de Longines FEI Europese kampioenschappen in Rotterdam. Wat heeft CHIO Rotterdam in het verleden voor jou betekend?”

Harrie: “Ik heb heel veel goede herinneringen aan CHIO Rotterdam. Ik heb natuurlijk al meerdere keren in de landenwedstrijd voor Nederland gereden. Lange tijd konden we niet winnen en twee jaar geleden lukte dat wel. Dat prinses Beatrix kwam kijken, gaf het extra cachet. En afgelopen jaar werd een van mijn studenten, Jos Verlooy, de eerste Belg ooit die de Grote Prijs won. Dat was ook behoorlijk bijzonder.”

Harrie Smolders - Don VHP Z

Daniëlle: “En wat denk je dat zo’n EK in eigen land gaat brengen?”

Harrie: “We zijn sporter geworden om onze kunsten te kunnen laten zien aan de mensen. Als je dat dan aan landgenoten kunt laten zien, is dat alleen maar heel mooi. Ik denk niet dat je echt van thuisvoordeel kunt spreken, maar Rotterdam brengt altijd wel een speciaal gevoel naar boven. De hindernissen staan misschien in een andere volgorde dan op een ander concours, maar het spelletje blijft hetzelfde.”

Daniëlle: “Ik denk dat je in de dressuursport ook niet van een thuisvoordeel kunt spreken. Je hebt natuurlijk te maken met vijf internationale juryleden.”

Harrie: “Je moet alle gevoelens onder controle kunnen hebben. Die van jezelf én van je paard. Als je niet in het midden van de juiste spanningsboog zit, dan kan zo’n evenement je wel in de juiste focus helpen. Maar wat je vaker ziet, is dat sporters vaak sowieso al te hoog in de spanningsboog zitten en dan kan zo’n kampioenschap soms juist nadelig werken. Ik denk dat ik er wel mee kan omgaan. Een Europees kampioenschap in eigen land komt mij denk ik wel ten goede.”

Daniëlle van Mierlo: ‘Het publiek wil weten wat er achter de schermen gebeurt.’

Harrie: “Daniëlle, jij bent zelf erg actief met vloggen en op sociale media. Hoe denk je dat we het EK
in Rotterdam nog beter kunnen uiten naar de wereld?”

Daniëlle: “De voorbereidingen zijn in volle gang en ik denk dat deze erg interessant zijn om aan de wereld te laten zien. Het is niet alleen een mooi aangekleed paardenevenement met stands. Er komt veel meer bij kijken, waar weinig mensen weet van hebben. De stukjes achter de schermen zijn heel interessant en dat willen mensen graag zien.”

Harrie: “Ik denk dat je daar een goed punt hebt. Onze sport kan daarin nog stappen maken. Om meer een persoonlijk karakter te vormen bij de mensen achter de schermen.”

Daniëlle: “Absoluut. Als je een livestream op internet bekijkt van een wedstrijd, zie je natuurlijk de volle tribunes en de rijhal. Maar in mijn video’s laat ik bijvoorbeeld ook zien dat als ik de ring uitkom
en naar de stallen ga, ik tot mijn enkels in de bagger ga. Het is allemaal niet zo glamour als het lijkt. Het publiek is toch nieuwsgierig naar wat er achter de hekken allemaal aan de hand is.”

Harrie Smolders: ‘Mijn gezin moet mij ontzettend vaak missen.’

Daniëlle: “Jouw gezin heeft ongetwijfeld een grote invloed op jouw prestaties. Wat betekenen je vrouw en zoontjes voor jou?”

Harrie: “Het is voor hen natuurlijk heel leuk dat het EK nu in eigen land is. Ze zijn vaste supporter in Rotterdam bij de landenwedstrijd, ook omdat het dichtbij is. Dat is beter te doen voor ze dan al die wedstrijden in het buitenland. Mijn gezin moet mij ontzettend vaak missen. Afgelopen jaar ben ik 48 weekenden van huis geweest voor concoursen. Soms ben ik weken achtereen weggeweest. Ze moeten veel kunnen incasseren, maar het zijn echt super supporters en mijn vrouw is een sterke persoonlijkheid die altijd achter mij staat.”

Harrie: “Maar hoe ver sta jij voor het EK, Daniëlle?”

Daniëlle (lachend): “Nog erg ver weg. Ik heb nu een waanzinnig goed paard, Dayano, maar hij heeft nog even tijd nodig. Voor de toekomst kan dat misschien wel een paard zijn voor in het Nederlandse team. Dit EK ben ik er in een jurkje en op hoge hakken bij en bij het volgende EK hoop ik mijn rijlaarzen aan te hebben.”
Harrie: “Hoe oud is Dayano nu?”danielle van mierlo dayano

Daniëlle: “Hij is elf jaar.”

Harrie: “Elf?! Dat vind ik altijd wel fascinerend. Want mensen vinden vaak dat een springpaard opleiden lang duurt. Die zijn tussen de negen en vijftien jaar klaar voor de topsport. Maar bij dressuur duurt dat nog langer hè? Hoe komt dat?”

Daniëlle: “Je bent ook leeftijdsafhankelijk, voordat je een klasse hoger mag. Dat heeft tijd nodig. Sommige ruiters wachten ook wat langer, omdat een slechte proef soms ook blijft hangen bij de juryleden. De onderdelen worden dan wel technisch beoordeeld, maar het is ook een kwestie van smaak en of ze de punten durven te geven. Dertien jaar is een beetje de leeftijd waar je de meeste topsportpaarden ziet bovendrijven.”

Harrie: “Soms hoor ik dat er tactisch wordt gekeken wanneer een paard bij welke jury wordt ingezet. Is de jury daarin dan niet onafhankelijk genoeg of zijn de ruiters er nog niet klaar voor om de ene week te winnen en de week erna een keer vijfde te worden?”

Daniëlle: “Ik denk beide. Zeker als je goed wil rijden tijdens kampioenschappen, moet je je wedstrijdseizoen een beetje ‘politiek correct’ indelen. Dus de juiste wedstrijden rijden en kijken waar je weinig concurrentie hebt. Juryleden zitten ook de uitslagen te kijken. Je moet je wedstrijden dan goed plannen en daar zit soms een hele theorie achter. Juryleden zijn vaak te timide en durven niet snel een uitschieter te geven. Het blijft vaak netjes. Soms heb je het gevoel dat je echt de proef van je leven gereden hebt en dan is het maar één procentpunt hoger dan een week eerder.”

Harrie: “Dat blijft lastig ja. Bij ons is dat natuurlijk heel anders. Als wij denken dat het paard er klaar voor is, willen we hem meten met de rest van de wereld.”

Daniëlle: “Ja, dan kun je meten waar je staat. Maar bij de dressuur is het toch een grote drempel om dat te doen.”

Tekst: Robert Hüsken | Foto’s: Digishots

Zie ook: www.rotterdam2019.com

Reacties