Esther Vergeer en Sanne Voets; Over de favorietenrol en mentale druk

Esther Vergeer en Sanne Voets; Over de favorietenrol en mentale druk

Sanne Voets, Demantur
Sanne Voets - Demantur NK Dressuur 2017 © DigiShots

Sanne Voets, regerend Nederlands, Europees, paralympisch en Wereldkampioen gaat in augustus op de Longines FEI European Championship Para-Dressage Rotterdam 2019 voor een nieuwe medaille.

Voets heerst al jaren in de paradressuur. Iets wat voormalig rolstoeltennister Esther Vergeer herkent. Zij stond ook jarenlang eenzaam aan de top en is nu chef de mission van TeamNL bij de Paralympische Spelen in Tokio.

Voor Hoefslag spraken beide sporters met elkaar met het oog op het komende EK in Rotterdam.

Sanne: “Je bent natuurlijk nauw betrokken bij sport in Rotterdam, met name bij het tennis. Wat kunnen we verwachten van de EK paardensport in Rotterdam?”

Bruisende stad

Esther: “Het is natuurlijk een heel ander evenement, met ander publiek. En het is eenmalig. Dat is een groot verschil. Het ABN-Amro tennistoernooi komt er al heel lang ieder jaar terug. Aan de andere kant heb je in Rotterdam enorm veel andere sportevenementen. Wat dat betreft is het een bruisende stad. Met een betrokken achterban die veel aan promotie doet. De hippische EK’s zijn op dezelfde plek als CHIO Rotterdam, dat is bekend terrein. Dus ik verwacht er wel veel van en ik heb het idee dat het alleen maar nog  spectaculairder zal worden.”

Sanne Voets: “We noemen het een individuele sport, maar als je naar het team kijkt dat achter je staat, klopt die term eigenlijk niet.”

Esther: “Is het voor jou dan speciaal dat het in eigen land is?”

Sanne: “Zeker. Vorig jaar hadden we de Wereldruiterspelen in de Verenigde Staten. Daar was ik alleen met mijn groom. Zeker omdat het best wel kostbaar is om daar heen te vliegen en te verblijven. Nu kan iedereen komen kijken. Mijn ouders, familie, vriendinnen, sponsors. Iedereen kan komen.”

Esther: “Hoe groot is die groep ongeveer?”

Sanne: “Nou, doe eens een gok!”

Esther: “Pfoe! Ongeveer vijftig, zestig man?”

Sanne: “Ja, dat klopt wel ongeveer. Dat zijn zo ontzettend veel mensen om mij heen, die op allerlei manieren op de achtergrond helpen. We noemen het een individuele sport, maar als je naar het team kijkt dat achter je staat, klopt die term eigenlijk niet.”

Esther: “Hoe werk je met zo’n groot team samen?”

Dezelfde normen en waarden

Sanne: “Het is belangrijk om met mensen te werken die je helemaal kunt vertrouwen. Dat is een lang proces, dat je stukje bij beetje moet opbouwen. Goede dingen hebben tijd nodig. Ik vind expertise bijvoorbeeld
belangrijk. Maar ook mensen die dezelfde normen en waarden hebben. Die dezelfde passie hebben voor de sport, met paardenwelzijn op één. Als ik naar mijn team kijk, met een zadelmaker, een bitfitter, een hoefsmid, en rondom mij, dan is het denk ik een bonte verzameling. Maar iedereen heeft z’n eigen kracht.”

Esther Vergeer: “Als het niet bijdraagt aan het dichter bij die medaille komen, moet je toch zo snel mogelijk afscheid nemen.”

Beter finetunen

Sanne: “Hoe ging dat bij jou, dat kringetje te verzamelen?”

Esther: “In het begin groeide het vanzelf, want toen kreeg ik adviezen van anderen. Je eigen netwerk is dan nog niet zo sterk en je hebt nog niet zoveel ideeën over wie er bij je past en wat voor expertise je nodig hebt. Maar gedurende je carrière kun je dat zelf steeds beter finetunen. Waar in het begin een algemene trainer prima is, maar op het einde van mijn tenniscarrière was ik op zoek naar een specialistische,
meer tactische trainer. Soms moet je dan afscheid nemen van elkaar. Dat is het egoïstische deel
van de topsport. Want als het niet bijdraagt aan het dichter bij die medaille komen, moet je toch zo
snel mogelijk afscheid nemen. Dat vond ik in het begin echt wel heel lastig, maar het is dan toch de
enige juiste keuze.”

Esther: “Je bent al Nederlands kampioen, Europees kampioen, wereldkampioen, en zelfs paralympisch
kampioen. Hoe kijk je dan tegen dit EK aan?”

Sanne Voets: ‘Het lijkt misschien alsof het vanzelf gaat. Maar dat is helemaal niet het geval.”

Sanne: “Het seizoen gaat goed, en nu het steeds dichterbij komt gaat het steeds meer kriebelen. Het eerste
belangrijke grote doel is het teamgoud voor Nederland binnenhalen. En ik heb individueel nog twee
kansen op medailles. Natuurlijk ga ik voor het allerhoogste. Als je zo dat hele rijtje opnoemt wat ik
allemaal gewonnen heb, lijkt het misschien alsof het vanzelf gaat. Maar dat is helemaal niet het geval.
Daar weet jij, denk ik, ook alles van. Als je zo lang ongeslagen bent, is het wachten op het moment dat het
een keer fout gaat.”

Esther: “Heb je daar speciale trainingen voor, om daar mee te leren omgaan? Mentale training bijvoorbeeld?”

Sanne: “Ik ben vooral de laatste jaren daarin gegroeid. Als ik in Rotterdam straks binnenrijd, begin ik gewoon weer op nul. Dan maakt het niet uit wat ik allemaal al gewonnen heb.”

Bang om te verliezen

Esther: “Volgens mij is omgaan met druk iets waar alle sporters mee te maken hebben. Op wat voor niveau dan ook. Dat vond ik altijd één van de lastigste dingen om mee om te gaan. Ik heb een keer een gesprek gehad met Roger Federer, toen hij ook een enorm lange winning streak had. Als hij het veld op kwam, zaten mensen handen wrijvend op de tribune te wachten op het moment dat hij zou verliezen. Federer zei ook dat hij een poosje geen plezier meer had in het tennissen, omdat hij bang was om te verliezen. Dat heb ik zelf
ook ervaren. Dat is gewoon echt niet leuk. Door mentale trainingen ben ik enorm geholpen. Ik had op
een gegeven moment een rugzak vol trucjes waarmee ik mijn brein kon controleren. Als je bijvoorbeeld
een onzingedachte hebt, dat je bijvoorbeeld bang bent dat je verliest, kun je dat ombuigen. Echt
door jezelf kleine simpele opdrachtjes te geven, waar je altijd al goed in bent.”

Geen randzaken

Sanne: “Ik ben elf jaar geleden al met mentale trainingen begonnen, dus ik heb een aantal handvatten. Eén daarvan is de cirkeltheorie van sportpsycholoog Rico Schuijers. Daarin leer je te focussen op alleen de zaken die jij in de hand hebt. Geen randzaken. Want soms gaan je gedachten met je aan de haal, dan vraag je je af: wat vinden anderen hiervan en waar doe ik dit eigenlijk voor? Door zulke gedachten presteer je echt minder. En inderdaad met een paar van die handigheidjes, kun je je weer focussen op wat echt belangrijk is. Voor jou wellicht hoe je een bal moet slaan, en ik welke oefening ik hierna moet rijden met mijn paard. Daar krijg je uiteindelijk weer vertrouwen van. Daarom vind ik het zo belangrijk om de juiste mensen om je heen te hebben, die weten wat er nodig is om te kunnen presteren.”

Sanne: “Maar Esther, kom je ook naar Rotterdam?”

Esther: “Zeker, het staat al in mijn agenda. Ik ben natuurlijk daar ook als chef de mission richting de
Spelen van Tokio aanwezig. Dus ik wil sporters leren kennen en ik mag verder kijken dan mijn eigen
tennisbril groot was. Dat vind ik supergaaf, dus ik kijk er heel erg naar uit.”

Zie ook: www.rotterdam2019.com

Tekst: Robert Hüsken

Foto: Digishots

 

Reacties