Tips van Carl Hester voor de dressuurruiter

Tips van Carl Hester voor de dressuurruiter

0 2854

Carl Hester is misschien wel de beste opleider van dressuurpaarden en -ruiters. Hij vormde immers de beste combinatie ter wereld, Charlotte Dujardin met Valegro, van nul tot nu. Ook jij kunt profiteren van zijn tips.

1. Dressuur vindt niet alleen plaats tussen de witte hekjes. Het is gymnastiek voor je paard en alle paarden hebben er baat bij, omdat paarden met een soepel lijf en gemakkelijke bewegingen (langer) gezond blijven.
2. Je hoeft geen fortuin uit te geven aan een dressuurpaard. Als hij maar goede basisgangen heeft, kan de rest bereikt worden door training. De stap en de galop zijn het belangrijkst. Een paard dat heel simpel draaft kan met een beetje werk een prachtige draf ontwikkelen.
3. Als een paard moe is, zal hij proberen zijn hoofd naar voren te brengen. Sta dat toe, het is een beweging die je wilt aanmoedigen: je paard oprekken door de teugels langer te maken, je hand lager te houden en het bit soepel in de mond te laten bewegen door in de teugel te knijpen en te ontspannen. Doe dit regelmatig in de training om hem te laten ontspannen en de kans op spanning te laten afnemen.
4. Rij in galop altijd voorwaarts, doe net alsof er een grote hindernis aan het eind van de lange zijde is die je moet nemen.
5. In de dressuur is herhaling het toverwoord.
6. Ook al doe je aan dressuur, wissel de training af met buiten rijden en springen voor de afwisseling en de ontspanning.
7. Kijk in de spiegel om te zien hoe je paard het doet, bijvoorbeeld om te controleren of hij recht blijft.
8. Goed losrijden is ongelooflijk belangrijk. Je paard moet diep, laag en rond lopen voordat je begint met het meer serieuze werk. Het beste doe je dat in stap, maar als je paard fris is, kun je beter gaan draven.
9. Als je paard niet op je beenhulp reageert, houd dan halt en geef hem – met een lange teugel – korte duidelijke schopjes met je been totdat hij voorwaarts gaat, het maakt niet uit of dat in stap, draf of galop is, als hij maar voorwaarts gaat.
10. Beloon je paard met suiker tijdens de training. Hij zal dan het bit gemakkelijker aannemen en hem lichter in de hand maken.
11.Soms helpt het meer om jezelf en je paard op video terug te zien dan iemand naast je die je vertelt wat je goed en fout doet.
12. Klopt je training nog? Om na te gaan of je op de goeie weg bent, ga dan in uitgestrekte draf en laat je teugels vieren. Je paard moet dan je hand volgen. Doet hij dat niet of steekt hij z’n hoofd in de lucht, dan gaat er ergens iets mis en moet je terug naar de basis totdat hij weer op elk moment je hand wil volgen.
13. Staat je paard niet vierkant stil op de AC-lijn? Eigen schuld! Leer je paard om altijd vierkant halt te houden, ook bij het op- en afstijgen. Oefen het vierkant stilstaan eerst op de hoefslag, zodat je aanleuning hebt van de wand.
14. Heuveltraining is goed voor de conditie en de spieren van je paard.
15. Doe niet te veel tijdens de stap. Bedenk dat ook de stap een proefonderdeel is en geen pauze. De stap verdient net zoveel aandacht en concentratie als de andere oefeningen.
16. Vraag niet te veel, te vroeg. Je paard moet toe zijn om te doen wat jij wilt, zowel fysiek als mentaal. Te veel vragen van een paard kan bovendien leiden tot blessures.
17. Laat je paard eerst aan een lange teugel wennen op een (nieuw) wedstrijdterrein, zodat hij rustig kan wennen aan de omgeving voordat er van hem verwacht wordt dat hij zich concentreert.
18. Gebruik en draag harnachement en kleding tijdens een wedstrijd waar jij en je paard aan gewend zijn. Wil je per se die mooie nieuwe glimmende wedstrijdlaarzen aan? Zorg ervoor dat ze lekker zitten tegen de tijd dat je er de ring mee ingaat.
19. Lach naar de jury na het laatste halthouden en groeten!
20. Het sleutelwoord voor het trainen van paarden is: Geduld en Structuur. Dan kom je er wel!

Meer tips van Carl Hester.

Horse&Hound/Hoefslag

Foto: Remco Veurink

Reacties