Te dikke merrie krijgt vaker veulen met osteochondrose

Te dikke merrie krijgt vaker veulen met osteochondrose

Laat drachtige merries niet te dik worden. Dat is het advies van een aantal Franse onderzoekers. Merries die teveel overgewicht hebben hebben een grotere kans dat hun nakomelingen op jonge leeftijd osteochondrose ontwikkelen. Daarnaast is er meer risico op insulineresistentie.

Osteochondrose

OC (osteochondrose) is een verstoring van het verbeningsproces van kraakbeen naar bot, waardoor er afvlakkingen aan of scheurtjes in het kraakbeen en bot ontstaan. We spreken van OCD (osteochondrosis dissecans) als er bij dat proces ook losse stukken bot loskomen. Paarden die last hebben van OC(D) kunnen een verdikt, pijnlijk en/of warm gewricht hebben en/of kreupel zijn.

Uit een ander onderzoek blijkt dat een groot deel van de paardenpopulatie overgewicht heeft, waarvan een klein gedeelte echt obesitas heeft. De exacte percentages verschillen per land, seizoen soort paard en is tevens afhankelijk van het einddoel van het paard. Paarden die uitkomen in de sport zijn over het algemeen slanker.

Onderzoek

Van de 24 onderzochte merries waren er tien met een normale bodyscore, de andere veertien waren obese. Vanaf inseminatie tot zes maanden in de dracht stonden de merries samen. Daarna krijgen zij individuele boxen, hooi en speciaal voer met een uitgebalanceerd dieet.

Tijdens de dracht werden ze regelmatig onderzocht en na 300 dagen werd er tevens een glucosetest uitgevoerd. De veulens werden de eerste 18 maanden van hun leven op diverse punten onderzoek. Op een leeftijd van 6, 12 en 18 maanden werden ook zij onderworpen aan een glucosetest en werden botgewrichten onderzocht.

Afwijkende waardes

Bij de drachtige merries bleek dat de groep dat overgewicht had diverse afwijkende waardes hadden. Zo troffen de onderzoekers bijvoorbeeld meer Serum Amyloid A (SAA) en minder adiponectine aan. SAA is een eiwit dat vaak in hoge hoeveelheden in het bloed wordt aangetroffen bij de eerste fase van een ontsteking. Een lage adiponectinegehalte is geassocieerd met een verminderde insulinegevoeligheid, iets dat ook bij mensen voorkomt.

Uit eerder onderzoek bleek al dat te dikke merries ook vaak veulens met een hoger geboortegewicht krijgen. Bij de veulens leek er verder geen verschil te zijn qua groei, al nam de hoeveelheid SAA wel toe als hun moeder overgewicht had. Ook de veulens leken een hogere insulineresistentie te hebben. Het grootste verschil leek hem echter te zitten in het feit dat de veulens met 12 maanden oud significant meer OC ontwikkelden dan hun soortgenoten met moeders die een normaal gewicht hadden tijdens de dracht.

Lichte ontstekingen

De te dikke merries werden eveneens nog onderzocht en daaruit bleek dat, ondanks dat beide groepen dezelfde hoeveelheden en soort voer kregen, hun koolhydraat- en stikstofmetabolisme was veranderd, iets dat vaker voorkomt bij overgewicht. De merries leken tevens last te hebben van lichte ontstekingen, zo bleek uit de verhoogde waardes.

 

De onderzoekers vermoeden dat deze ontstekingen mogelijk een van de factoren zijn bij het ontwikkelen van OC bij de veulens. In dat kader willen zij meer onderzoek doen naar de energiemetabolisme en de aanwezigheid van deze lichte ontstekingen. Zij raden sterk aan dat overgewicht bij drachtige merries voorkomen moet worden om zoveel mogelijk de veulens te beschermen. Aangezien ondergewicht het veulen ook schaadt, raden de onderzoekers dat eveneens af.

Lees hier het volledige Engelstalige artikel

Foto: Remco Veurink 

Vergelijkbare artikelen

Reacties