Dierenkliniek Wolvega: Hoesten bij sportpaarden

Dierenkliniek Wolvega: Hoesten bij sportpaarden

0 3217

De lente is weer in het land en het tempo van het wedstrijdseizoen wordt opgedreven. We willen allemaal ons beste beentje voorzetten en weten dat vele factoren van invloed zijn op onze prestaties en die van onze paarden. Er is één belangrijke grote spelbreker: hoesten.

Het mag ons niet verbazen, want wij mensen ondergaan in het voorjaar ook veel griepinfecties die gepaard gaan met hoest. En vaak houden die problemen weken aan.

Hypergevoeligheid

Een veel voorkomende oorzaak van problemen met de ademhalingswegen en slecht presteren bij paarden is ‘Inflammatory airway disease’ of kortweg IAD, wat eigenlijk overeenkomt met astma bij paarden. IAD wordt gekenmerkt door een combinatie van enerzijds ontsteking en anderzijds hypergevoeligheid van de luchtwegen. Vaak zijn de betrokken paarden in meerdere of mindere mate arbeidsintolerant, hoesten ze, hebben ze een loopneus en is eventueel een toegenomen hoeveelheid slijm zichtbaar in de luchtpijp tijdens camera onderzoek (endoscopie).

De problemen houden vaak meerdere weken aan en vaak hebben de betrokken paarden blijvend aangepast management nodig wat betreft luchthygiëne en aandacht voor afweer, om steeds wederkerende problemen te vermijden.

shutterstock_171822773 (1)

Hoesten: één van de meest voorkomende symptomen van luchtwegproblemen bij paarden.
Foto: Shutterstock

Familiale lijnen

Hoe IAD exact ontstaat bij paarden is nog niet bekend, maar onderzoekers weten al wel dat zowel genetische factoren als omgevingsfactoren een rol spelen. Er is inderdaad al aangetoond dat bepaalde familiale lijnen bij het paard, net als bij de mens, gevoeliger zijn voor het ontwikkelen van astma. Daarnaast spelen omgevingsfactoren een heel belangrijke rol. Wat dat betreft weet men al langer dat een stoffige stal uit den boze is voor astmagevoelige paarden. Maar ook subtielere vormen van stof moeten vermeden worden, zo-als het voeren van hooi en het hebben van een hooizolder boven de stal van het paard.

Onderzoekers wisten al dat IAD bij paarden erg vergelijkbaar is met astma bij de mens. In beide gevallen leidt een ontsteking in de longen tot een slechte ademhalingsfunctie, wat op zijn beurt een behoorlijke impact heeft op het aerobe vermogen van een sportpaard. Onderzoekers weten dat bij de mens rhinovirussen, die verantwoordelijk zijn voor de gewone verkoudheid, aanleiding kunnen geven tot opflakkering en verergering van luchtwegproblemen bij astma gevoelige mensen. En wat de paarden betreft, hebben onder-zoekers lang het vermoeden gehad dat er een verband bestond tussen virale infecties en IAD, maar nu heeft zeer recent onderzoek dat ook echt kunnen aantonen.

Nieuw inzicht

Blijkbaar speelt naast stof ook de druk van virale luchtweginfecties een belangrijke rol in het ontstaan van IAD bij paarden. Dat nieuwe inzicht is toch wel heel belangrijk. Dit was voorheen onbekend. Het is eigenlijk niet verrassend, want ook bij de mens heeft onderzoek al aangetoond dat astma aanvallen worden uitgelokt door virale luchtweginfecties bij gevoelige personen. Menselijke rhinovirussen zijn de voornaamste oorzaak van klassieke verkoudheid en het zijn deze virussen die astma aanvallen triggeren en verergeren bij astmapatiënten.

Paarden rhinitis virus (PRV) is ook een veelvoorkomende oorzaak van luchtwegproblemen bij paarden. De incidentie van PRV is erg hoog bij paarden, met andere woorden, je kan bijna niet vermijden dat jouw paard ermee in contact komt. Net zoals je zelf moeilijk een verkoudheid kan vermijden.

Herpesvirus

Naast rhinovirussen, spelen ook herpesvirus infecties een belangrijke rol in luchtweginfecties en vermin-derd presteren bij paarden. Er bestaan verschillende types equine herpes virus (EHV). Vooral EHV type 1, 4 en 2 worden met luchtwegproblemen in verband gebracht.

De studie heeft aangetoond dat paarden met IAD aanzienlijk vaker blootstelling hadden ondergaan aan paarden rhinitis virus (68%) dan controlepaarden zonder IAD (32%). Verder hadden de IAD paarden meer kans op recente blootstelling aan andere respiratoire virussen, zoals EHV, in vergelijking met gezonde controlepaarden.

Drie pijlers

Deze resultaten stemmen tot nadenken en tonen aan dat het management van het IAD gevoelige paard nog veel ruimer getrokken moet worden, waarbij evenzeer veel aandacht moet worden besteed aan het vermij-den van contact van een IAD gevoelig paard met virale luchtweg infecties. Hoe doe je dat dan?

Eigenlijk steunt de aanpak op 3 pijlers. Allereerst ervoor zorgen dat het paard over de correcte afweer beschikt om zichzelf gedegen te kunnen beschermen op het moment dat het toch in contact komt met een luchtweginfectie. Dit kan gedaan worden door middel van vaccineren. En het is inderdaad zo dat er nog lang geen vaccin bestaat voor iedere respiratoire virale infectie bij het paard. Maar toch, er kan al behoor-lijk wat ingezet worden. Het is verstandig daar gebruik van te maken. Pro-actief zijn is dus de boodschap. Bovendien schudt iedere vaccinatie het afweersysteem wakker.

Ten tweede dient men ervoor te zorgen dat het paard een zo’n gering mogelijke infectiedruk ondervindt van respiratoire virale infecties uit de omgeving. Zoals gezegd, de infecties zijn overal. Contact vermijden is dus bijna onmogelijk, maar wat je wel kan doen is verstandig omgaan met paard-paard contacten. Ver-mijd het delen van voederbakken en emmers, het delen van stallen, plaats nieuwkomers minstens twee weken apart van de vaste groep en probeer paarden te groeperen per leeftijdscategorie.

Luchthygiëne

Als derde pijler: besteed voldoende aandacht aan luchthygiëne. Zorg ervoor dat het schoonmaken en op-strooien van de stal in afwezigheid van het paard gebeurt. Gebruik voordroogkuil of zeer goede kwaliteit hooi, ofschoon voor sommige erg gevoelige paarden enkel voordroogkuil een oplossing biedt. Onder-zoeken hebben aangetoond dat hooi de primaire bron van organische stof is.

Paarden die hooi krijgen spenderen heel veel tijd van de dag met hun neus in dat hooi. Dat scenario biedt volop gelegenheid voor verontreiniging van de lagere luchtwegen, zeker als het stoffige hooi in een ruif wordt geplaatst, boven het paard. De situatie wordt nog ernstiger als het hooi beschimmeld is, want onderzoek heeft aangetoond dat schimmelsporen zo mogelijk nog een grotere irritatie veroorzaken.

Misvatting

Schimmelsporen zijn uiterst licht, ze zweven overal en het is een beetje een gekke misvatting dat als je visueel zichtbare beschimmelde stukken uit de hooibaal verwijdert, de rest dan goed is voor het paard. Helaas is dat niet zo. Je mag verwachten dat als je visueel schimmel ziet, er schimmelsporen overal in de betrokken baal zitten. Dit alles betekent dat het vermijden van droog hooi in het dieet van IAD gevoelige paarden vaak onvermijdelijk is om een succesvol management te realiseren.

#beschrijving# #collectie# paarden #zoekkeyword# uitmesten; stro; hooivork; opstrooien #categorie# Praktijk #persoon# #nationaliteit# #paard# #paardkleur# #stamboek# #bijzonderheid# stal [-inrichting] #onderwerp# #locatie# Teteringen #land# Nederland #definitief# Ja #eventid# 261

Bij het opschudden van stro komen veel stofdeeltjes vrij die astma kunnen veroorzaken.
Foto: Remco Veurink

Tot slot is het belangrijk te beseffen dat ammoniak dampen zeer irriterend zijn voor de luchtwegen. Bijgevolg zijn regelmatig uitmesten, een droge stal en een goede stal ventilatie zeer belangrijk.

Goed geventileerde stallen waar neus aan neus contact tussen paarden wordt vermeden zijn een duidelijke pro (foto Delesalle en De Bruijn)

Goed geventileerde stallen waar neus-aan-neus contact tussen paarden wordt vermeden hebben de voorkeur.

Medicatie

Eens het zover is en een paard toch een episode doormaakt van IAD, zullen vaak bijkomende maatregelen nodig zijn zoals medicatie. En daar is het weer belangrijk te begrijpen dat er verschillende types astma bestaan bij paarden. De dierenarts laat zich graag leiden door type kennis om de behandeling te bepalen. De dierenarts voert daarom een longspoeling uit en stuurt deze door naar een laboratorium, alwaar er enerzijds zal worden gekeken naar het type afweercellen dat aangetroffen wordt in het spoelvocht en anderzijds wordt in sommige gevallen het spoelvocht op kweek gezet, om te kijken of ook bacteriën een complice-rende factor zijn.

De indeling van de verschillende astmatypes gebeurt op basis van het type afweercellen dat wordt aangetroffen in het spoelvocht. Alleen heeft men nog onvoldoende zicht op de mogelijke link tussen bepaalde oorzakelijke factoren enerzijds en het type astma anderzijds. Als men dat zou weten, zou men nog doelgerichter het management kunnen aanpassen. We kunnen de kennis ook niet letterlijk kopiëren uit de humane geneeskunde, dat hebben meerdere studies al aangetoond. Bij mensen worden veel minder vaak longspoelingen gedaan. Mensen moeten daarvoor onder volledige narcose. En men merkt dat lang niet alle humane astmamedicatie even goed aanslaat bij het paard.

BAL catheter (foto Delesalle en De Bruijn)

Met behulp van een speciale katheter wordt een longspoeling uitgevoerd.

Breed onderzoek

Dit maakt dat sommige IAD paarden moeilijk te managen zijn. Ze blijven langdurig hoesten ondanks ma-nagement aanpassingen en medicatie. Om daar een beter zicht op te krijgen heeft de Universiteit van Gent samen met Dierenkliniek Wolvega recent een breed onderzoek naar IAD gedaan. Redenen voor het uitvoeren van de studie was dat er toch wel klinische verschillen werden geconstateerd tussen sportpaarden met verschillende types astma.

Het doel was om de klinische klachten, de mate van prestatieverlies en de responsiviteit op medicatie in kaart te brengen en te vergelijken voor de verschillende astma groepen.

Prognose

In totaal werden 174 sportpaarden met IAD in kaart gebracht en daarnaast een jaar lang gevolgd, om volledig herstel of herval te kunnen monitoren. Uit de studie bleek dat vooral paarden die veel eosinofielen en mastcellen, twee specifieke soorten afweercellen in hun longspoelvocht hebben, het moeilijkste te managen en te behandelen zijn. Zij vormen een echte uitdaging. De prognose bleek vooral bij deze groep paarden niet zo goed.

De groep IAD paarden die vooral neutrofielen (weer een andere soort afweercellen) in hun longspoeling hadden, bleken het beste te reageren op management en medicatie. Longbloedingen werden significant meer aangetroffen bij bepaalde types astma. Dit is toch wel belangrijke informatie die een extra dimensie geeft aan mogelijke management maatregelen. Management zal dus uiterst contentieus moeten gebeuren bij bepaalde groepen IAD paarden. Zware inspanningen vragen van een paard dat een IAD episode doormaakt, lijkt niet echt verstandig gezien de bevindingen met longbloedingen.

Hooistomer (foto internet)

Wanneer je hooi wilt blijven voeren aan een paard met astma is een hooistomer een goed alternatief in plaats van het hooi weken.

Maatregelen

Kortom, voorkomen is beter dan genezen. Er zal meer onderzoek verricht moeten worden naar maatregelen om de afweer van sportpaarden te ondersteunen. Stress door competitie en transport zijn niet te onder-schatten factoren met negatieve impact op algemene afweer. Zodra de wetenschap beter begrijpt hoe een onderdrukte afweer snel geïdentificeerd en aangepakt kan worden, zal het probleem van IAD bij paarden veel beter gemanaged kunnen worden.

Tekst en foto’s(tenzij anders vermeld): Cathérine Delesalle en Marco De Bruijn

Reacties