Aangepaste richtlijn consumentenrechtsbescherming: ‘Een paard is geen wasmachine’

Aangepaste richtlijn consumentenrechtsbescherming: ‘Een paard is geen wasmachine’

0 3624
Foto: Remco Veurink

De Europese richtlijn voor consumentenrechtsbescherming wordt vanaf 1 januari 2022 aangepast. De meest vergaande wijziging kan grote gevolgen hebben voor de paardenhandel. De garantieperiode van zes maanden wordt verlengd naar minimaal twaalf maanden.  Paardenhandelaren vrezen dat ze daardoor verlies zullen lijden. Er kunnen immers grote claims dreigen als een paard binnen een jaar na aankoop iets mankeert.

Omgekeerde bewijslast

Stel: een paard vertoont binnen een jaar na de aankoop een gebrek. Dan kan de koper de paardenhandelaar aansprakelijk stellen. De handelaar moet daarop aantonen dat het dier die gebreken niet al had op het moment van de aankoop. Omgekeerde bewijslast dus. Kan de verkoper dat niet, is hij verplicht om het paard terug te nemen. Hij moet ook de aankoopsom en een eventuele schadevergoeding terugbetalen.

‘Verkoop niet meer zomaar een paard’

Egbert Schep verkoopt 200 tot 250 paarden per jaar. Hij is daarmee een van de grootste paardenhandelaren van Nederland. Schep zegt: ‘Met deze regeling verkoop ik dus niet meer zomaar een paard aan een particulier of een consument die het paard gebruikt voor de hobby. De gezondheid en het welzijn van een paard is in grote mate afhankelijk van de ruiter die het paard berijdt. Een goed paard heeft een goede ruiter nodig. Als ik niet kan autorijden en ik stap toch in een Ferrari, dan maak ik brokken.’

Advocaat Luc Schelstraete, gespecialiseerd in hippische zaken, zegt: ‘Als een paard een acuut peesprobleem krijgt of een blessure krijgt omdat er niet goed mee is omgegaan, moet de verkoper dus bewijzen dat het paard bij levering gezond was.’

KWPN: ‘Hou sportpaarden buiten de regeling’

De Nederlandse paardenhandel is wereldwijd toonaangevend en goed voor zo’n anderhalf miljard euro omzet. Ralph van Venrooij, hoofd fokkerijzaken bij het KWPN en net verkozen tot leidinggevende van het uitvoerend comité van het WBSFH, zegt: ‘Na het voetbal heeft de hippische sport de grootste toegevoegde waarde voor de economie. Als dit ongewijzigd blijft, verwacht ik dat paarden een stuk duurder worden. Een handelaar moet zich op de een of andere manier indekken. Nederland zou er echter goed aan doen om de sportpaarden buiten deze regeling te houden. Een paard is geen wasmachine.’

Iedere EU-lidstaat heeft de mogelijkheid om dieren buiten de consumentenbescherming te laten. Duitsland overweegt dat en Nederland moet dat volgens het KWPN ook doen. Den Haag praat naar verwachting eind dit jaar of begin volgend jaar over de invulling van de verruimde rechtsbescherming van consumenten. Die moet op 1 juli 2021 klaar zijn.

‘Geen gelijk speelveld’

Egbert Schep zegt: ‘Het wordt voor een Nederlandse handelaar natuurlijk wel heel moeilijk als in Duitsland paarden wel buiten de bepalingen worden gehouden. Dat beschadigt onze concurrentiepositie, want dan is er natuurlijk geen sprake van een gelijk speelveld.’

Bron: De Telegraaf

Foto: Remco Veurink

Reacties