Binnenkijken bij Rieky Young *foto’s*

Binnenkijken bij Rieky Young *foto’s*

0 2016

Ze is voor elke paardenliefhebber het gezicht van de westernsport. Reiningamazone Rieky Young ademt quarterhorses en cowboyhoeden. Tijd om eens in Vorstenbosch te gaan kijken. ‘Er hangt bij ons echt geen indianentooi aan de muur hoor!’

‘Nederlanders kunnen de westernwereld soms zo lekker overdrijven’, begint Rieky Young met een lach. ‘Neem dat linedancen bijvoorbeeld. In Amerika zie je op feesten een, hooguit twee keer een linedance. Daarna gaat het dansen op gewone muziek weer door. Hier in Nederland staan de mensen met tientallen tegelijk in grote hallen op een rijtje, dat is niet de bedoeling. Bij ons in huis gaat hetzelfde principe op. Je ziet de westernstijl terug, maar we zijn wel bij de basis gebleven. Die kitscherige stijl zie je hier niet, we blijven juist de westerntraditie trouw. Het gevoel van hard werken, het vrije leven. Dat gevoel dat de cowboys hadden, dat moet je koesteren en niet willen veranderen in een soort kermis. We zijn ook niet volkomen Amerika-fan ofzo, dat denken mensen wel eens. Dave en ik zijn er twee keer per jaar voor zaken en om op de hoogte te blijven van de sport, maar ik zou er niet op vakantie willen.’

Een echte Charlie Russel

Inderdaad, in de boerderij waar Rieky met haar man Dave en kinderen Bill en Ross woont, vind je geen indianentooien of Amerikaanse vlaggen. Wel komt het paard op veel plaatsen terug, in de keuken loop je er zelfs overheen. Daar maakte Rieky’s vader een mozaïek van een reiningruiter in de vloer. Aan de muur hangt naast andere tekeningen en schilderijen zelfs een echte Charlie Russel. ‘Dat was een mooie toevalstreffer. Ik dacht dat het een replica was, maar later bleek het een echte te zijn. Je ziet de vingervegen er zelfs in terug, echt gaaf.’ Verder springen een handgemaakt hoofdstel aan de muur en een beeldje van Kentucky in het oog. Het huis staat vol paardenherinneringen. Young koos er duidelijk niet voor om haar leefomgeving te scheiden van haar sport, zoals sommige ruiters wel doen. ‘Paarden hebben een duidelijke plek in huis, ik ben niet iemand die dat soort dingen wil scheiden. Het is onze passie, ons leven. Sommigen kunnen dat redelijk los zien, ik niet. Voor mij is het één wereld. Wat ik wel probeer, is om privé en zakelijk in letterlijke zin van elkaar te scheiden. De lijn tussen woonhuis en bedrijf is redelijk dun omdat het naast elkaar staat. Daardoor lopen de twee dingen gemakkelijk door elkaar, maar daar probeer ik voor te waken. Er komen bijvoorbeeld geen klanten in huis.’

Zestig reptielen

Young is naar eigen zeggen niet iemand die een museum van haar huis wil maken. ‘Het hoeft echt niet perfect aangekleed te zijn. Het is een plek om in te leven, daar moet je geen tentoonstelling van willen maken. Bij ons kan en mag zo’n beetje alles. Nu hebben we alleen onze twee honden Henk en Sue als huisdieren, maar er is ook een tijd geweest dat er zestig reptielen in dit huis woonden. Slangen, hagedissen, dat werk. Niet alleen mijn zoons waren er weg van, Dave ook. Hij heeft een hele tijd kameleons gehad voor de hobby.’ Na vijftien jaar in dezelfde inrichting te hebben gewoond, is huize Young toe aan wat aanpassingen. Dave: ‘We gaan eerst de keuken verbouwen, dat is echt nodig. Daarna volgt de rest. Nu de kinderen ouder zijn, kunnen we alles weer wat mooier maken. De tijd van springen op banken hebben we nu denk ik wel gehad. De kaketoe die alles aanvrat is er inmiddels ook niet meer, dat scheelt de helft. Op een gegeven moment moesten we de foto’s van de muren halen omdat ze alle lijstjes aanvrat.’

Van dressuur naar western

Zoals gezegd, ligt het bedrijf van deze westernfamilie aan huis. Een luxe, vindt Young. Het terrein in Vorstenbosch herbergt naast paardenbedrijf en woonhuis ook de westernstore van Broer Arthur, de grootste van Europa. Ook is er een klein westernmuseum en een saloon waar regelmatig bedrijfsfeesten in westernstijl worden gegeven. Het bedrijf begon achtendertig jaar geleden als manege. Vader en moeder van Osch gaven er dressuur en springlessen, van western was indertijd nog geen sprake. Young was zelfs fanatiek dressuuramazone, tot er voor de jaarlijkse open dag een westerndemonstratie werd gegeven. ‘We zochten elk jaar naar iets aparts. Voor we het wisten, vroegen klanten naar lessen en werden we uiteindelijk een westernbedrijf. Inmiddels staan er al twaalf jaar geen ‘Engelse paarden’ meer op het terrein.’

Texas in Vorstenbosch

Binnen het westernbedrijf dat de naam Burgmeijer Quarter Horses draagt, worden paarden opgeleid voor met name de disciplines reining en working cowhorse. Daarna worden ze uitgebracht of verkocht. Ook staat een aantal hengsten ter dekking en er worden met regelmaat lessen en trainingsweekenden gegeven. Wie de oprijlaan komt opgereden, wordt begroet door een levensgrootte Burnt Starlight, het paard waar Young de laatste jaren haar grootste successen mee beleefde. In de kantine val je met je neus in de westernboter. De ruimte doet aan als een bruincafé, maar dan ergens in Texas. Daarnaast is het een plek voor herinneringen, vol met foto’s van vroeger en trofeeën die terug doen denken aan bijzondere overwinningen. ‘Alles wat we meemaken, hangt hier in de kantine. In huis kun je namelijk lang niet alles kwijt. We hebben door de jaren heen van alles verzameld in hier opgehangen.’ In het westernmuseum van broer Arthur kan ieder uren rondlopen opzoek naar allerlei authentieke spulletjes. Je kunt ze namelijk kopen, de broer van Young importeert en exporteert het hele jaar door allerlei objecten. ‘In Amerika staat nog veel meer in de opslag joh, we komen overal wel wat tegen.’

Roos

Burgmeijer Quarter Horses kent naast paarden ook een andere, opzienbarende bewoonster. Stalgeit Roos hoort inmiddels bij het interieur, ze loopt gezellig los en heeft toegang tot zo’n beetje elke plek in de stal. ‘Geiten houden de ziektes van stal’, meent Young. ‘Echt, sommige mensen vinden het een fabeltje, maar ik geloof erin. Vroeger hadden we ook een geit, ze ging altijd bij de stal van een koliekgevoelig paard staan als het mis was. Toen we hier een tijd geen geit hadden, kregen we allerlei ellendigheden op stal. Daarom heb ik Roos gevraagd voor mijn verjaardag. Ze is nog gezellig ook.’

Warmweermens

Voor Young is deze plek een onmiskenbaar thuis. ‘Ik woon hier al bijna mijn hele leven, mijn ouders kochten het toen ik vier was. Ik ben nooit verhuisd en mijn familie woont nog altijd op een steenworp afstand.’ Voor man Dave, geboren Canadees, is het anders: ‘Canada zit vrij diep, dat zal altijd de plek zijn waar ik naar terug wil. Ik ben een sneeuwmens en houd van echte kou. Voor nu vind ik het prima, ik ben gelukkig waar mijn vrouw en kinderen zijn. Als het aan mij ligt gaan we echter over een paar jaar, als Bill en Ross het huis uit zijn, die kant op.’ Rieky lacht en besluit met een knipoog: ‘Als ik hem nu zou zeggen dat hij naar de sneeuw in Canada mag, dan vertrekt-ie hoor! Ik zie mezelf daar echt niet wonen. Ik ben een warmweermens, mij maak je echt niet blij met -30. Wat dat betreft zijn we letterlijk en figuurlijk tegenpolen. Nee, laat mij maar hier in Vorstenbosch blijven. Dat lijkt me een beter idee.’

Over Rieky Young

Rieky Young (Vorstenbosch, 21-04-1970) brak in de reiningsport door met Commander Flit Fritz. Met deze hengst werd Young meervoudig Nederlands kampioen en behaalde brons op het EK. Daarnaast behaalde het duo zowel de AQHA Superior in Reining, als het NRHA Open Silver Certificate. Latere successen werden voornamelijk behaald met Burnt Starlight. Young schreef geschiedenis door in 2008 de FEI Reining Rankings te winnen, het was voor het eerst dat een Nederlandse ruiter dat presteerde. In 2012 werd de amazone naast KNHS kampioene ook de beste tijdens de Italian Reining Derby in zowel Level 2 als in Level 3.

Dit artikel verscheen eerder in de Hoefslag. Overname zonder toestemming is niet toegestaan.

Vergelijkbare artikelen

Reacties