Amber Koppen: ‘Stop met alleen naar de topsport te wijzen en kijk...

Amber Koppen: ‘Stop met alleen naar de topsport te wijzen en kijk wat je zelf kunt veranderen”

Amber Koppen

Amber Koppen is erkend paardendierenarts en gediplomeerd veterinair acupuncturist en chiropractor. Zij is van mening dat er zeker iets moet veranderen in de paardenwereld. “We moeten nuances aanbrengen. Een warmbloedpaard is qua behoeften niet te vergelijken met bijvoorbeeld een IJslander. Verder moeten we stoppen met op elkaar schieten en met naar de topsport te wijzen. We moeten de ruis wat betreft kennisoverdracht eruit halen door beroepen rondom de paarden uit de vrije sector te halen. Met een kleine groep professionals moet de juiste kennis overgebracht worden. Op zo’n manier dat de leek, dus iedereen buiten de paardenwereld, begrijpt wat we met onze paarden doen”, aldus Amber.

Uit kunnen leggen aan de leek

“Het welzijn van de paarden staat op één en het wordt steeds belangrijker om uit te stralen naar de buitenwereld.  Als we nu niks doen mogen we straks niet meer onze paarden rijden en van onze mooie sport genieten. Er moet dus zeker iets gebeuren. Iedereen die op een paard gaat zitten moet zorgen dat hij of zij zo prettig mogelijk traint en altijd uit kan leggen aan een leek waar hij of zij mee bezig is.”

Nuances aanbrengen noodzakelijk

“Als we wat willen doen aan paardenwelzijn dan moeten we vooral nuances aanbrengen. Ons huidige warmbloedpaard heeft zich zo ontwikkeld dat je hem doorgaans geen plezier meer doet met 24/7 buiten staan. Een IJslander bijvoorbeeld kan daar wel gebaat bij zijn. Wij lopen in de kou ook niet meer in een berenvel. De natuur van een warmbloedpaard is veranderd. We moeten dus veel individueler kijken naar ieder paard en ras wat bij hen past en waar zij zich goed bij voelen. Die nuances moeten we ook zo communiceren naar de buitenwereld.”

Topsportpaarden hebben het niet slechter

“We moeten ook stoppen met naar de topsport te wijzen. Een gezond paard is fit, heeft een glanzende vacht en is mooi bespierd. Vergelijk dan eens de doorsnee recreatiepaarden met de toppaarden. Dan weet ik wel wat een leek zou aanwijzen als een gezond paard. We hebben heel getalenteerde paarden met heel getalenteerde ruiters. Topsport is natuurlijk een belasting, maar dat wil niet zeggen dat deze paarden het slechter hebben dan paarden uit de onderste regionen. Als je een MAVO leerling de HAVO laat doen is het voor deze leerling topsport. Andersom zou de HAVO leerling het op de MAVO niet zwaar hebben. Dat is bij paarden ook zo. Een niet zo getalenteerd paard dat met een niet zo getalenteerde ruiter uitkomt in het M of Z, kan wel eens meer topsport moeten beoefenen dan dat getalenteerde paard, dat met een getalenteerde ruiter in de Lichte Tour loopt. Paarden bij de topruiters kunnen met veel minder oefening hun doel bereiken, omdat de ruiters zo ervaren zijn. De gemiddelde ruiter en paard moeten veel meer oefenen om dat doel te bereiken, omdat ze ervaring missen of misschien niet zo getalenteerd zijn of een minder getalenteerd paard hebben.”

Kop er afhakken

“Natuurlijk gaat er in de topsport ook wel eens iets mis, maar de problemen zitten over de hele linie. Ik zou heel graag zien dat de profs zich meer openstellen en aan de buitenwereld laten zien wat ze aan het doen zijn. Dat durven ze bijna niet meer, omdat hun kop er dan afgehakt wordt. Trainen gaat niet altijd perfect. Natuurlijk gaan er dingen mis. Je mag hopen dat je op de Olympische Spelen je beste proef ooit neerzet. In plaats van met een vinger te wijzen als er iets mis gaat, probeer dan te leren van de prof en blijf positief naar elkaar. Als wij iedereen zijn kop eraf hakken, hoe kunnen we dan aan de leek uitleggen dat het verantwoord is dat wij op een paard zitten. Paarden die in de topsport lopen zijn goed getraind. Een recreatiepaard dat één keer in de week onder het zadel komt en dan drie uur door het bos moet lopen ervaart een enorme belasting. Ons gewicht is een aanslag op het paardenlichaam. Je moet hem dus trainen, zodat hij ons gewicht kan dragen. Als een paard ongetraind ons gewicht moet dragen, dan is dat zeer kwalijk. Zo’n paard heeft het dan slechter dan dat toppaard.”

Ruis zorgt voor onduidelijkheid

“Er zijn heel veel beroepen rondom de paarden in de vrije sector. Op een redelijk eenvoudige manier kun je een diploma halen. Iedereen die een cursus over een bepaald onderwerp heeft gevolgd heeft een mening. Daardoor ontstaat er veel ruis. Door die ruis ontstaat veel onduidelijkheid binnen de paardenwereld en dus ook voor de leek. Die ruis moet weggehaald worden. De groep professionals moet kleiner en ze moeten zich veel meer scholen. De KNHS speelt daar zeker een rol in, maar de veterinaire wereld ook. We moeten een brug slaan tussen de veterinaire wereld en de trainers en profs die het hele pad hebben bewandeld. De beter opgeleide professionals moeten gaan samenwerken en de nuances per paardengroep overbrengen naar de buitwenwereld.  De professionals moeten ook sneller tegen de kwalitatief iets mindere combinaties kunnen zeggen dat ze over een grens gaan met hun paard. Dat om paarden te beschermen, die wellicht op een niveau lopen wat ze helemaal niet aan kunnen, maar door winstpunten te hebben gesprokkeld er wel beland zijn. Er is een groot verschil tussen een grens verleggen en een grens overstijgen.”

Respect

“Laten we respect hebben voor elkaar en kijk in je eigen stukje wat jij zelf beter kunt doen. Een verandering aanbrengen moeten we echt met elkaar gaan doen.”

Foto’s: EHScommunications

Bron: De Hoefslag

 

Reacties