Alles over voeding (5): Voer de huid

Alles over voeding (5): Voer de huid

De huid is een groot orgaan met een enorm oppervlakte dat bescherming biedt tegen verlies van vocht en indringers van buiten. Een verminderde huidgezondheid kan zorgen voor jeuk, kaalheid, korsten of bultjes.

Om de huid gezond te houden en herstel van kapotte huid mogelijk te maken zijn voedingsstoffen nodig. Daarnaast maakt de huid (en de slijmvliezen) onderdeel uit van het gehele weerstandssysteem. Ook voor een goed functionerende weerstand spelen voedingsstoffen een grote rol. Voedingsstoffen in de zin van mineralen, spoorelementen en vitaminen, maar ook in de zin van fermenteerbare onderdelen om de darmflora te verbeteren.

Voor paarden met staart- en maneneczeem dient het muggenseizoen zich aan. Hoog tijd om ervoor te zorgen dat het paard beschikt over alle noodzakelijke voedingsstoffen in de juiste dosering, de darmflora optimaal te maken en eventueel extra maatregelen te treffen om via het rantsoen de weerstand te maximaliseren.

Staart- en maneneczeem

Relatie voeding voor ernst en preventie van staart- maneneczeem (maar de deken blijft!)

Staart- en maneneczeem is een veelvoorkomende aandoening bij paarden en vooral pony’s. De oorzaak is een overgevoeligheid voor het speeksel van de mug Culicoïdes Robertii. Als er sprake is van een overgevoeligheid of allergie betekent dit, dat ook bij de muggenbeet van een enkele mug al een reactie kan ontstaan.

Het immuunsysteem wordt “getriggerd” en reageert in alle heftigheid. De huid zwelt en wordt rood. Het paard krijgt jeuk en schuurt. De huid gaat kapot. Een herstellende huid geeft weer jeuk. En zo gaat het van kwaad tot erger. De allerbelangrijkste en meest effectieve maatregel is om te voorkomen dat het paard geprikt wordt. Denk aan eczeemdekens die goed afsluiten, op stal zetten, locatie met minder muggen zoeken (aan de kust, open veld in de wind).

Allergieën

De immuunreactie onderdrukken zoals dat gebeurt bij sommige allergieën door te desensibiliseren, is bij staart- en maneneczeem (nog) niet mogelijk. Wel is een toevoeging aan het rantsoen mogelijk wat effect heeft op het immuunsysteem. Ontwikkeld door een Noors bedrijf en reeds jaren gebruikt in andere toepassingen kan een hele specifieke soort betaglucaan (MacrogardÒ Beta-1,3/1,6-glucaan) de immuunreacties balanceren (Bonpard Resistance supplement).

Krijgt het paard alle noodzakelijke voedingsstoffen dan zal de huid minder snel kapotgaan en beter herstellen. Een praktijkonderzoek (2016) laat zien dat 60% van de paarden met staart- en maneneczeem een inadequaat rantsoen krijgt. Onvoldoende noodzakelijke voedingsstoffen, te weinig ruwvoer of teveel krachtvoer. Door het rantsoen in balans te brengen en daarmee te zorgen voor alle mineralen en vitaminen die het paard nodig heeft plus de darmflora te verbeteren, met als extra aanvulling een supplement met toevoegingen voor een betere weerstand (Bonpard Resistance), was meer dan 50% van de eigenaren positief over de verbetering van de klachten bij hun paard als gevolg van staart- en maneneczeem.

Voldoet het rantsoen?

Hoeveel voedingsstoffen is genoeg en hoe weet ik of het rantsoen daaraan voldoet?

Nu is natuurlijk de vraag hoe jij zekerheid kan hebben of je paard inderdaad alles krijgt wat nodig is voor een goede gezondheid. Elk paard heeft een eigen hoeveelheid aan voedingsstoffen nodig. Dat komt omdat dit afhankelijk is van het gewicht, de zwaarte van het werk of de dracht, melkproductie of groei. En daarin is bijna elk paard uniek. Het ene paard is 600 kg en werkt drie keer per week licht en het andere paard weegt ook 600 kg maar werkt 5 keer per week zwaar of is 9 maanden drachtig of heeft een veulen van 2 maanden.

 

Per dag nodig paard van 600 kg Ca, g P, g Na, g Mg, g Cu, mg Zn, mg Se, mg Vit A, IE Vit E, IE
Licht werk 33 22,5 36 12 138 624 1,8 27000 1200
Zwaar werk 38 23 109 15 174 780 1,8 27000 1800
8 mnd dracht 48 35 17 12 198 624 1,8 36000 1200
2 mnd lactatie 78 62 20,5 15 174 780 1,8 36000 1200

 

Om te weten of het rantsoen voldoet zou je alle voedermiddelen moeten analyseren en op basis van de hoeveelheden die het paard per dag eet, met die gehalten een rantsoenberekening maken. Op zich is dit goed mogelijk. Feitelijk is alleen van het ruwvoer een analyse nodig, voor krachtvoer zijn de gegevens van de fabrikant betrouwbaar (tenzij je twijfelt of ze maken wat ze zeggen dat ze maken, maar ook zij moeten aan normen en eisen voldoen, dus zit dit meestal wel goed). Helaas verandert elk seizoen het ruwvoer en zou je dit dus twee of drie keer per jaar moeten uitvoeren. Ook als je paard weer ander werk doet of om andere redenen een andere behoefte heeft. Redelijk omslachtig dus.

Ruwvoer, maar óók mineralen en vitaminen

Supplementen
Supplementen (Foto: Remco Veurink)

Gelukkig zijn er wat handvaten om te weten of je paard wel of geen risico loopt op tekorten. De kwaliteit van het ruwvoer is in Nederland zeer uiteenlopend, maar de gehalten aan mineralen en vitaminen zijn enigszins te schatten. En het blijkt dat een rantsoen van alleen ruwvoer (gras, kuilvoer of hooi) nooit alle voedingsstoffen zal leveren die het paard nodig heeft. Met granen, zoals haver, als aanvulling wordt dit niet veel beter. Ook dat is een relatief eenzijdig voedermiddel met lage waarden in spoorelementen en vitaminen.

Krachtvoer, zoals brok of muesli, bevat toegevoegde mineralen en vitaminen. De concentratie is bij veel voersoorten zodanig dat met twee tot drie kilogram per dag, naast voldoende ruwvoer, het rantsoen het paard aardig voorziet in voedingsstoffen. Elk paard dat naast ruwvoer niet meer dan een half schepje of zelfs 1-2 kilogram krachtvoer krijgt per dag, loopt het risico een tekort te krijgen! Het tekort is niet ernstig en je paard zal weinig tot geen klachten krijgen, maar het tekort kan wel een negatief effect hebben op het immuunsysteem.

Darmflora

Wat doet de darmflora en is deze optimaal op enkel hooi rantsoen?

In de blinde- en dikke darm leeft een heel arsenaal aan micro-organismen. De samenleving tussen hen en het paard is voor beiden gunstig. De micro-organismen leven van de darminhoud en vermeerderen. Bij de omzetting van onderdelen van die darminhoud, door de micro-organismen, ontstaan meerdere producten, onder andere verschillende soorten vluchtige vetzuren. Deze vluchtige vetzuren kunnen door de darmwand worden opgenomen en zijn voor het paard een energiebron.

Het veulen dat ter wereld komt heeft nog geen darmflora. De blinde- en dikke darm is nog erg klein. Met het eten van de mest van de merrie, maar ook door alles waar het veulen met de mond mee in aanraking komt, komen micro-organismen binnen. Een deel daarvan doorstaat de maag en de dunne darm en komt terecht in de blinde- en dikke darm. En een deel daar weer van zal zich in dit gedeelte “vestigen”.

Bacteriën

Gedurende de eerste maanden van het leven ontwikkelt elk veulen zo zijn eigen darmflora samenstelling. Om te kunnen overleven moeten de blijvende micro-organismen in staat zijn de restanten van de vertering als energiebron te gebruiken. Bepaalde bacteriën gebruiken vezels (cellulose, hemicellulose of pectine) als voedselbron, andere gebruiken zetmeel of suiker. De afbraak van deze verschillende voedselbronnen in de dikke darm leveren andere eindproducten.

Eén van die eindproducten kan ook melkzuur zijn. Gelukkig zijn er ook weer melkzuur-gebruikende bacteriën zodat, in een gezonde situatie, het melkzuur niet ophoopt en de darminhoud verzuurt. Mocht dat laatste wel gebeuren dan kan dit uitmonden in een verandering van de bacterie samenstelling in de dikke darm en een beschadiging van het darmslijmvlies met als gevolg koliek of diarree.

Variatie is het toverwoord

Een gevarieerde samenstelling van bacteriën, schimmels en gisten geeft een goede garantie voor de bescherming tegen een verstoring van de darmflora en een optimale verteerbaarheid van het voer en dus efficiënt voerverbruik door het paard. Nadat de darmflora is opgebouwd tijdens de eerste levensmaanden, is het nodig voor voldoende aanvoer van het juiste voedsel te zorgen om de darmflora in leven te houden.

Wat er uiteindelijk van het voer doorstroomt van de dunne naar de blindedarm is afhankelijk van de samenstelling van het voer, het kauwproces en de vertering in de dunne darm. En komt het erop neer dat het vooral van belang is om een groot aandeel vezels te voeren, die überhaupt niet in de dunne darm verteerbaar zijn. Zodat in ieder geval de vezelafbrekende bacteriën in de dikke darm in aantal kunnen toenemen en de hoofdmoot uitmaken. Daarnaast komt uit onderzoek dat een klein aandeel makkelijk verteerbare koolhydraten, zoals zetmeel of suiker, de variatie in het micro-organisme pallet vergroot.

Ruwvoer

Ook ruwvoer bevat suikers, die niet allemaal in de dunne darm verteerd worden. Door een groot volume aan micro-organismen, maar ook door een verscheidenheid aan micro-organismen is het paard in staat variaties in het rantsoen op te vangen zonder snel last te krijgen van verteringsklachten. En zo kan het dus zijn dat een rantsoen van veel ruwvoer plus een klein aandeel krachtvoer voor een gevarieerder en gezondere darmflora kan zorgen dan een rantsoen van enkel ruwvoer.

Darmflora en weerstand

Micro-organismen die aan het darmslijmvlies verbonden zijn kunnen ‘slechte’ bacteriën bestrijden, door de productie van giftige stofjes. Direct onder de darmwandcellen ligt een groot deel van het immuunsysteem. Bepaalde immuun cellen steken tentakels tussen de darmwandcellen door in het darmlumen en “voelen” of er schadelijke stoffen of ‘slechte’ micro-organismen zijn. Het immuunsysteem kan zo direct reageren en ze onschadelijk maken of het lichaam beschermen.

Het intact blijven van het darmslijmvlies of de darmwand is dus erg belangrijk. Als dit beschadigt raakt valt een deel van de bescherming weg en staat het lichaam meer bloot aan schadelijke stoffen uit de darmen. Een gezonde darmflora en een gezond darmslijmvlies zorgt voor een gezond paard. Denk daarbij ook aan het feit dat door al deze darmbacteriën niet alleen energie wordt geproduceerd, maar ook vitamine B en vitamine K voor het paard.

Verbetering van de weerstand via het rantsoen doe je zo!

We staan aan de vooravond van het voorjaar. Nu het muggenseizoen nog niet is aangebroken is het zaak de weerstand van het paard te optimaliseren. Met een gezonde darmflora en een gezonde huid is de kans op beschadigingen klein en de mate van herstel groot.

Je kan in ieder geval veel ruwvoer voeren. Dat zorgt voor een goed gevulde darm en veel gezonde micro-organismen. Maar vergeet niet dat de essentiële voedingsstoffen beperkt in ruwvoer aanwezig zijn en de werking van het immuunsysteem kan benadelen en ook voor de huid minder gezond zijn. Een supplement met mineralen en vitaminen hoort er dus zeker bij!

Gezonde micro-organismen

Wil je de darmflora verder optimaliseren dan kan een voersamenstelling, die gericht is op de groei van een gevarieerde gezonde micro-organismen helpen. Bonpard Colon bevat een variatie aan vezelbronnen, die dus elk op eigen wijze de darmflora beïnvloeden. Het bevat ook een beperkt aandeel, relatief goed verteerbare zetmeel- en suikerbronnen. Als energieleverancier voor het paard, maar juist ook om die variatie van de darmflora te vergroten.

Verder bevat het een probioticum in de vorm van levende gisten. Voor paarden de enige wetenschappelijk aangetoond werkende probioticum die er is. Talrijke ervaringen leert dat met een combinatie van Bonpard Colon en hooi de darmflora verbetert en paarden minder verteringsklachten hebben (gaskoliek, slecht verteerde mest, water bij de mest).

Extraatje op het immuunsysteem

Als slagroom op de taart kan je tenslotte een extraatje toedienen om het immuunsysteem scherper te laten werken. Dat wil zeggen, minder hyperreactief te reageren bij een allergie en meer reactief bij een te traag werkend immuunsysteem. Bonpard Resistance supplement bevat noodzakelijke extra voedingsstoffen, omega-3-vetzuren en de specifieke betaglucanen in de vorm van MacrogardÒ.

Niet alleen voor paarden met staart- en maneneczeem. Ook voor paarden met haverbultjes, mok of slechte vacht kunnen klachten verminderen als de weerstand verbetert.

Grof hooi, kg Bonpard Colon, kg Bonpard Resistance, g
Shetlander, 200 kg 3,5 0,6 50
IJslander, 350 kg, L werk 6 1,4 50
Fries, 500 kg, L werk 7,5 1,75 100
KWPN, 600 kg, M werk 10 2,5 100

Kijk voor onafhankelijk goed voeradvies op www.voedingsconsulentpaard.nl.

Tekst: Anneke Hallebeek, dierenarts, specialist veterinaire diervoeding

 

Foto boven: FEI

Reacties