Aandacht voor welzijn van paarden met PPID

Aandacht voor welzijn van paarden met PPID

wei paard welzijn
© DigiShots

De ziekte van Cushing, tegenwoordig ook wel PPID (Pituitary Pars Intermedia Dysfunction) genoemd, is een steeds bekendere ziekte die ongeveer bij 15% van de paarden vanaf 15 jaar voorkomt. Bekende symptomen zijn een lange, krullerige vacht en vetophopingen.

Welzijn is een punt dat in de toekomst een grote rol gaat spelen, wanneer het deze aandoening aangaat. Gepco van Bokhorst is werkzaam als dierenarts bij paardenkamp Soest en deelt zijn ervaringen en toekomstbeeld over PPID bij paarden.

Voldoet jouw paard met PPID aan een goed welzijn?

PPID komt meestal bij oudere paarden voor, maar de ziekte wordt ook bij jongere paarden vastgesteld. Bij PPID is de ‘pars intermedia’ (hypofyse) ontregeld, dit is een kleine klier onder de hersenen. De hypofyse is samen met de hypothalamus het regelcentrum van de hormonen. Vanuit de hypothalamus lopen zenuwbanen naar de hypofyse om de hormoonproductie aan te sturen.

Geen remming

Bij PPID vallen deze zenuwbanen langzaamaan weg en ontstaat een verstoring in de aansturing. Door de kapotte zenuwbanen is er geen remming op de hypofyse. Gevolg is een overproductie van hormonen. Deze verhoogde productie van hormonen, vooral ACTH, heeft verschillende symptomen tot gevolg.

Voor alle paarden, in het bijzonder paarden met PPID, is welzijn een belangrijk punt en trekt tegenwoordig grote aandacht. Een ontwikkeling in 2018 is de EPWA (Equine Pijn- en WelzijnsApp) ontwikkeld door paardenkamp Soest en onderzoekers van de universiteit Utrecht. Met de app is de gezondheid en het gedrag van het paard/ezel bij te houden.

‘Door de verminderde weerstand is het paard gevoeliger voor infecties.’

Verschil Cushing en PPID

Gepco van Bokhorst is dierenarts bij Paardenkamp Soest. Hij benoemt het verschil tussen Cushing bij honden en PPID bij paarden. Cushing bij honden is een aandoening waarbij de bijnieren te veel cortisol produceren. PPID bij paarden veroorzaakt een aftakeling van de hersenen waardoor er een overproductie van hormonen ontstaat, vandaar dat de naam PPID meer past bij paarden dan de naam Cushing.

Symptomen van PPID

Veel paardeneigenaren kennen het bekendste symptoom van PPID: lange, krullerige haargroei en lokale vetophopingen. Van Bokhorst vertelt dat naarmate het paard een hogere leeftijd krijgt, de stofwisseling verandert en er vindt meer hormoonproductie plaats.

Er ontstaan meer symptomen als insulineresistentie, hoefbevangenheid, verminderde weerstand, vermoeidheid en spier- en botafbraak. Het paard gaat meer drinken en plassen, voelt zich niet happy en door de verminderde weerstand is het paard gevoeliger voor infecties.

Insulineresistent

De vertoning van PPID bij jonge paarden is een lastig punt, hiervoor is nog geen wetenschappelijke verklaring. Er zijn wel lopende onderzoeken die aantonen dat jonge paarden, en dan met name koudbloed paarden zoals Fjorden en Haflingers, insulineresistent zijn.

Door insulineresistentie is de kans op dikke paarden groot. Bij deze jongere paarden is het van belang genoeg beweging te geven en het paard in goede conditie te houden.

Voeding, medicatie en kosten

Om een diagnose te stellen, is bloedafname van het paard noodzakelijk. PPID is tot op heden niet te genezen. De behandeling bestrijdt alleen de symptomen, daarom is het belangrijk dat de eigenaar het paard blijft controleren op bloedwaardes van PPID.

Paarden met PPID hoeven volgens Van Bokhorst geen speciale voeding, kruiden, supplementen of andere bijzondere middelen te krijgen. Wel moet worden gekeken naar het huidige rantsoen; hoeveel suikers krijgt het paard binnen en kan ik die verminderen?

Pergolide

Als dierenarts raadt hij aan het paard medicatie toe te dienen. De behandeling bestaat uit de toediening van Prascend, met de werkzame stof pergolide. Dit stimuleert de remmende functie, waardoor de productie van hormonen in de hypofyse weer omlaag gaat. De medicatie tegen PPID is duur. Van Bokhorst maakt een schatting van 1 à 2 euro per dag aan medicatie.

Hierboven komen nog kosten van het bloedonderzoek om te testen of het paard inderdaad PPID heeft. Plus de kosten van de bloedcontrole of de medicatie voldoende aanslaat.

Extra verzorging

Verdere extra verzorging aan de hoeven, vaker scheren van het paard door de dikke vacht én overige complicaties die door PPID voorkomen kosten veel geld. Al met al is het gehele kostenplaatje per jaar ongeveer 1000 euro.

Van Bokhorst: ‘Door het welzijn in combinatie met PPID onder de aandacht te brengen, zien paardeneigenaren zelf of hun dier voldoet aan de welzijnseisen.´

Keurmerk Paard en Welzijn

In de paardenwereld krijgt het welzijn van paarden steeds meer aandacht. In 2017 is het Keurmerk Paard en Welzijn (KPW) op de markt gebracht. Hierbij ligt de nadruk op punten die zorgen voor een goed welzijn bij paarden.

Dierenwelzijn hangt samen met de ‘Vijf vrijheden’. Wanneer deze vrijheden voldoen, hebben dieren een goed welzijn. De ‘Vijf vrijheden’ beslaan de volgende punten: vrij van honger en dorst; vrij van ongemak, vrij van pijn, verwonding en ziekte, vrij van angst en stress; vrij om normaal gedrag te vertonen.

EPWA

Een nieuwe ontwikkeling op het gebied van welzijn en gezondheid is de EPWA. De EPWA is ontwikkeld in 2018 door samenwerking van onderzoekers van de Universiteit Utrecht en paardenkamp Soest. Met de app kan de gebruiker het welzijn en de gezondheid van het paard of de ezel bijhouden.

De EPWA heeft een aparte categorie om PPID onder de aandacht te brengen. Paardeneigenaren kunnen zo zelf controleren of  de omstandigheden van hun dier voldoet aan de welzijnseisen. De app is een handige tool om de eigenaar informatie bij te brengen over pijn, ongemak en een ongelukkig paard.

‘Eén uurtje dressuurles per dag, daar wordt een paard niet moe van.’

Hard werken

Van Bokhorst geeft een voorbeeld: ‘Wat is hard werken voor je paard? Eén uurtje dressuurles per dag, daar wordt een paard niet moe van. Mensen denken, mijn paard zweet dus is hij moe. Hier is de fout: hij kan 23 uur per dag niks doen, dat ene uurtje beweging kost hem weinig moeite.’

Vaak ziet Van Bokhorst dat eigenaren te weinig interactie met hun paard hebben, mede daardoor komt het dat symptomen (of gedragsveranderingen die komen door PPID, zoals agressie) laat ontdekt zijn door eigenaren en medicatie traag op gang komt. Door bijhouden van informatie via de app is hier meer bewustwording van.

Pijnscore

De app biedt eigenaren een betrouwbare methode om pijn te herkennen en een pijnscore te geven bij het paard. Zo kan de eigenaar zien of het nodig is om de dierenarts naar het paard te laten kijken en medicatie op te starten. Naast medicatie zijn nog niet veel manieren om het leven van een paard met PPID zo aangenaam mogelijk te maken, mede daarom is de app een uitkomst.

Begin november 2018 is de app geëvalueerd. Van Bokhorst meldt dat er op dat moment 2428 gebruikers actief waren met gezamenlijk 3204 aangemelde paarden. Verder zijn er 615 pijnmomenten geconstateerd door de gebruikers bij de paarden. De app is het meest gebruikt voor het bijhouden van voeding. Op dit moment is de app gratis te downloaden. Er zijn ontwikkelingen om de app uit te breiden, ook zijn internationale contacten gelegd om de app in het Engels te vertalen.

Tot slot….

Tot slot vindt Van Bokhorst het belangrijk dat de eigenaar de verantwoordelijkheid neemt voor de gezondheid en het welzijn van het paard. ‘Paarden zijn veel te dik, krijgen te weinig beweging en ze lijden aan mentale afstomping; het paard krijgt geen of erg weinig aandacht van de eigenaar omdat deze te druk is met andere zaken.’

Door de bewustwording van de mens over goede gezondheid en conditie bij het paard én gebruik van de app zijn volgens Van Bokhorst de symptomen van PPID eerder te herkennen. De behandeling met medicatie kan in een vroeg stadium beginnen. Door bewustwording van de eigenaar, waardoor PPID eerder geconstateerd is, kan een paard met PPID door een goede behandeling met medicatie, welzijn en aandacht een gezonde toekomst tegemoet gaan!

Op Youtube heeft dierenarts Gepco van Bokhorst een interessante lezing over PPID geplaatst.

Dit artikel is geschreven door Aimée van Wilgen en Lian van Gijs, derdejaars studenten van de opleiding Diergezondheid- en Management van de Aeres Hogeschool te Dronten.

Foto: Archief Digishots

Reacties