Top nieuws

mager
Paardis te mager

Vandaag de dag lees je veel over te dikke paarden. Maar er zijn ook paarden die juist heel lastig op gewicht te krijgen en te houden zijn. Wat doe je als je paard te mager is?

Verschillende oorzaken

Een paard kan door een scala aan oorzaken gewicht verliezen of al mager zijn. Onder andere de leeftijd en de kwaliteit van het gebit kunnen een rol spelen. Een medische oorzaak is ook mogelijk, zoals een slechte vertering en/of absorptie van voedingsstoffen, maagzweren, dunne darmontstekingen, darmzweren, etc.. Laat een mager paard of een paard dat gewicht verliest daarom altijd eerst medisch helemaal doorlichten, voordat je zelf met het rantsoen aan de slag gaat. Bij een rantsoen voor een mager paard zijn de volgende aandachtspunten van belang:

1. Ruwvoer 

Geef een mager paard een onbeperkte hoeveelheid goed hooi of voordroogkuilgras. Langstengelig en moeilijk verteerbaar ruwvoer is minder geschikt, omdat hier minder voedingstoffen in zitten. De kwaliteit en voedingswaarde kan per partij heel erg verschillen. Geef je paard (indien mogelijk) meer weidegang op een goed onderhouden weiland. Gras bevat meer energie en eiwit dan hooi en kuil. Van weidegang komen magere paarden het snelst weer op gewicht.

2. Krachtvoer met beleid

Als je meer prestaties van je paard verwacht, heeft hij ook een voedzamer rantsoen nodig. Wanneer ruwvoer niet meer voldoende is, kan krachtvoer worden bijgevoerd.  Zie het verhogen van de hoeveelheid krachtvoer echter niet als oplossing om je paard dikker te krijgen. De kwaliteit van het ruwvoer is veel belangrijker voor de gezondheid van je paard.

3. Plantaardige olie

Olie bevat 3 keer meer energie dan koolhydraten zoals suiker en zetmeel. Bovendien brengt het voeren van plantaardige olie geen risico op verteringsproblemen die bij gebruik van veel zetmeel wel voorkomen, zoals koliek en diarree. Introduceer plantaardige olie altijd langzaam, zodat het spijsverteringssysteem zich kan aanpassen en optimaal gebruik kan maken van de energie.

 

4. Ook eiwit is aandachtspunt

Niet alleen energie, maar ook eiwit is een belangrijk aandachtspunt bij magere paarden. Vaak hebben ze een deel van hun spieren verbrand; alleen een voldoende eiwitaanbod in het rantsoen kan deze weer helpen op te bouwen. Voor extra eiwit kan luzerne bijgevoerd worden. Verder is geweekte bietenpulp een goede en veilige manier om de voederwaarde van het rantsoen op te krikken.

Als het niet helpt….

Er zijn veel mogelijke medische oorzaken van vermagering, waarbij vaak, na klinisch onderzoek, specialistische inzet van een internist nodig is om bloed-urine-testen, mestonderzoek, maag/dunnedarm endoscopie, biopten van dunne/dikke darm en absorptie-testen van de dunne darm uit te voeren. Bij magere paarden wordt vaak te lang geprobeerd het probleem door middel van voeding te verhelpen, waardoor zieke dieren vaak in een verder gevorderd stadium bij de dierenarts worden aangeboden en daardoor moeilijker te behandelen zijn.

Bron: Hoefslag, overname zonder bronvermelding én schriftelijke toestemming via webredactie@mediaprimair.nl niet toegestaan

Foto: Remco Veurink

 

 

 

0 5607
Wijken voor de kuit
Wijken voor de kuit. Foto: Remco Veurink
In dit artikel vertelt dressuuramazone Lotje Schoots over hoe zij wijken inzet in de training. Foto: Remco Veurink
Lotje Schoots aan het woord over wijken. Foto: Remco Veurink

Wijken is de eerste zijgang die in de dressuurproeven voorkomt, al is het ook een oefening die na de L-dressuur niet meer gereden hoeft te worden. Dressuuramazone Lotje Schoots gebruikt het wijken als gymnastiserende oefening bij paarden van alle niveaus. ‘Ik gebruik het wijken ontzettend veel’, vertelt Lotje. ‘Ik zie het vooral als een gymnastiserende oefening, dus ik rijd het niet alleen maar zoals het in de proef hoort, maar op alle mogelijke lijnen en in alle gangen.  De ene keer geef ik wat meer gas en de andere keer rijd ik juist wat terug. Het gaat erom dat ik controle krijg over mijn paard.

Wijken voor de kuit
Wijken voor de kuit. Saskia Martens en Legend of Loxley demonstreren hoe je kan variëren in deze oefening. Foto: Remco Veurink

 

Spelenderwijs oefenen
Lotje vertelt dat ze het wijken met de jongere paarden al spelenderwijs meeneemt door af te wenden bij A en dan in een schuine lijn richting de hoekletter druk te geven met haar binnenbeen. ‘Dat is vooral spelen-derwijs en lijkt nog niet op het wijken zoals het in de proef gevraagd wordt. Het gaat om de reactie op mijn binnenbeen.’ Toch gebruikt de Noord-Hollandse amazone het wijken niet alleen bij jonge paarden. ‘Ik oefen dit met al mijn paarden, dus ook met Grand Prix-paarden. Bij een verder doorgetraind paard neem ik het al in het losrijden mee, om te kijken of de gehoorzaamheid voor een zijwaartse kuithulp goed genoeg is. Bij een jong paard rijd ik deze oefening niet in het losrijden, maar in de fase daarna.’


Tekst: Steef Roest
Foto: Remco Veurink


Bron: Hoefslag, overname zonder bronvermelding én toestemming via webredactie@mediaprimair.nl is niet toegestaan

paardrijden na bevalling

Ter afwisseling van de eindeloze dressuurrondjes ben ik lid van een ‘lange afstand’ rijvereniging. Het gaat om het rijden op de mooiste plekjes die doorgaans verboden zijn. ‘En om het eten’, vult een altijd gezellig meerijdende Vriendin eerlijkheidshalve aan. Na de rit vindt ’s avonds een riant diner plaats, met minstens vijf gangen.

Mannen thuis laten

Onze mannen vinden dat een oneindig lange zit met ‘aanstellerige hapjes’ op de borden. De laatste keer dat ze mee waren stelden ze broodnuchter voor om na afloop nog even de plaatselijke snackbar te bezoeken. Wij pakken dus onze koffers en laten de mannen thuis het fort bewaken. Deze week zullen we op de Veluwe rondrijden. Een luxe hotel voor ons, een dik bestrooide box voor de paarden. Een landgoedeigenaar heeft genereus zijn hele grondbezit voor ons opengesteld. Zijn echtgenote heeft dagenlang op haar mountainbike gezeten om de allermooiste routes samen te stellen. Het privédomein biedt edelherten en wilde zwijnen een beschutte woonplaats.

Achterom kijkend zien we vooral de forse, uit haar bek priemende hoektanden.

Wildroosters

Om te paard veilig de wildroosters over te steken liggen er oude rollen vloerbedekking, vrijwilligers rollen die uit zodra de ruiters naderen. Drie potige heren die voorbereidingen treffen op hun ‘klaar-over’ taak beleven spannende momenten horen we later. De kudde wilde varkens-met-jong is niet gecharmeerd van rondlopende kerels in hun peuterspeelzaal. Met meegenomen harken moeten ze de dieren op afstand houden. Als ervaren testruiters hebben wij de eer een half uur eerder dan de rest de route te mogen verkennen. ‘Aaaah, zie die biggetjes…’ Vertederd stappen we langzaam langs de kleintjes in gestreepte pyjama outfit.

Achtervolging

Eén zeug is er helemaal klaar mee. Eerst al een paar mensen die met een rol kamerbreed tapijt ongevraagd haar gebied komen stofferen, nu een clubje ruiters. Ze gromt vervaarlijk en voor wij er erg in hebben zit ons ineens een woest ogend wild zwijn op de hielen. De paarden hebben de boodschap snel door en zetten de sokken erin. Achterom kijkend zien we vooral de forse, uit haar bek priemende hoektanden. Uiteindelijk blijken wij toch sneller en staakt ze de achtervolging. Met knikkende knieën gaan we over in stap. ’s Avonds bij het gezamenlijke diner hebben wij hét verhaal van de avond. Met blozende konen vertellen wij het keer op keer, zelfs de ober is onze belevenis ter ore gekomen, vertelt hij terwijl hij ons een grote schaal lekkers voor houdt. ‘Jammer, geen karbonaadjes’ zegt Vriendin grimmig terwijl ze haar vork in het malse vlees prikt.

 


Doordraver schrijft voor Hoefslag Magazine maandelijks een column. Uit een serie van een aantal jaren geleden, plaatsen we enkele columns als blog op de website.

 

Yardena van Es en Excellent Diva - Foto: Ton Stappers

Op het terrein van Het Zwarte Water in de Mortel vond donderdag een subtop wedstrijd plaats. De hoogste dagscore ging naar Rozemarijn van Schaik, die met de KWPN-goedgekeurde hengst Winters Four Legends KS (v. Wynton) 72,43% scoorde in de eerste proef van het ZZ-Zwaar. Yardena van Es mocht in deze proef met een tweede prijs aansluiten op Van Schaik. Zij maakte met Flash Dream (v. Lord Leatherdale) een succesvol debuut in deze klasse.

Meer ingezeten

‘Het was de eerste keer ZZ-Zwaar, dus ik ben erg blij met 65%!’ begint van Es. ‘Hij was wel wat kijkerig, dus we hadden een paar fouten. Maar ook hele goede dingen, zoals het uitstrekken in de draf en in de galop, voor een van de wisselseries hadden we een acht. Die goede onderdelen hebben me wel een beetje gered, en zonder de foutjes had er nog wel wat meer ingezeten. Voor nu ben ik heel tevreden met hem.’

Meewerkend paard

Van Es fokte de Lord Leatherdale-zoon zelf, uit de merrie Saronno (v. Kelvin). ‘Vorig jaar heb ik met zijn volle zus Excellent Diva Lichte Tour gereden, die ligt er nu eventjes uit vanwege een blessure. Flash Dream deed het zo goed dat ik de stoute schoenen aangetrokken heb en een keertje ZZ-Zwaar ben gestart. Het is altijd een heel makkelijk paard geweest, hij is heel meewerkend. Toen we naar het Z2 gingen heeft hij moeite met de wissels gehad, hij is bijna 1.80 groot dus dat had even wat tijd nodig. Nu begint Flash Dream het allemaal te snappen en is het een heel fijn paard om mee te werken, elke dag weer. Hij wil altijd zo goed zijn best doen!’

Bert Rutten

De amazone uit het Brabantse Uden lest bij Bert Rutten. ‘Ik les daar nu een aantal jaar en het bevalt echt super. Het was voor mij wel een omschakeling qua rijden, ik reed voorheen heel anders. Maar ik ben heel tevreden over de lessen, ik ben daar echt op mijn plek en de paarden doen het allemaal heel goed.’

Dressuurstal Yardena van Es

‘Ik heb heel lang samen met mijn ouders een pensionstal gehad, twee jaar geleden hebben we verbouwd en zijn we teruggegaan van vijftig naar achttien stallen. Daar run ik nu mijn eigen dressuurstal. Ik train paarden voor andere mensen, richt me op de verkoop, geef veel les en heb wat eigen fokproducten die ik rijd. Fokken doen we erbij als hobby. Sommige worden verkocht maar Flash Dream leek heel leuk en had wat tijd nodig met groeien, daarom heb ik hem wat langer doorgehouden. Ik vind het nog steeds een ontzettend leuk paard, maar hij is nu wel te koop. Ik heb ook nog een driejarige uit zijn moeder, daar zijn we nu mee begonnen en dat lijkt heel goed. Het is een heel fijn paard voor de jonge paarden competities en hopelijk gaat hij zijn broer en zus achterna!’

Junioren: Paulissen

De overwinning in de Juniorenrubriek ging naar Sanne Paulissen. Zij zadelde Flügel (v. United) voor een score van 62,35% in de landenproef.

ZZ-Zwaar: Van Schaik

Rozemarijn van Schaik ging beide ZZ-Zwaar proeven aan kop met Winters Four Legends KS. Na haar topscore in de eerste proef, scoorde ze in de tweede proef 69,14%. Van Es sloot aan met 65,07% en reed maar één proef.

Lichte Tour: Heunen

Met 68,38% won Nicole Heunen met Spielberg’s Ciske (v. Spielberg) de gecombineerde Prix St. George en Inter I rubriek. Angelique van Dijk werd met Eastpoint Vdw (v. Westpoint) tweede met 66,25%. Muis Schreuder maakte met Dalton (v. Verdi) de top drie compleet (66,18%).

Zware Tour: Bastings

De Zware Tour was met drie deelnemers niet erg drukbezet. Remy Bastings won met Ambassador (v. Rhodium) de Grand Prix met 69,40%.

Klik hier voor de volledige uitslagen

Bron: Hoefslag/Overname zonder bronvermelding en toestemming via webredactie@mediaprimair.nl niet toegestaan

Jury Kees Rijk
Kees Rijk

De tachtigjarige Kees Rijk uit Waalre staat aanstaande zaterdag precies 30 jaar geregistreerd als jurylid bij de KNHS, hij jureert afdelingsdressuur en dressuur tot en met Z2. Rijk is een bekend jurylid in Eindhoven en omstreken, aangezien hij gemiddeld vijftig wedstrijd per jaar jureert. ‘Ik jureer omdat ik me nauw betrokken voel bij de paardensport. Jureren vind ik prachtig, en doe ik heel graag.’

Vijftig jaar jury

Ondanks dat de KNHS hem ‘slechts’ dertig jaar toekent, heeft Rijk al veel meer ervaring in het vak. ‘Ik ben al meer dan vijftig jaar jury, toen ging het echter wat anders dan tegenwoordig. Ik moest geen diploma halen, maar ging ik gewoon met de voorzitter van de rijvereniging mee jureren. Vanaf mijn veertiende was ik wedstrijdruiter, van de bond uit vonden ze dat ik dan wel bekwaam was om jury te worden. Ik was ongeveer 25 jaar toen ik ben begonnen als jury, omdat ik zelf reed wist ik wel hoe de vork in de steel stak.’

Harnachement controleren

Ook het jureren zelf zat vroeger wat anders in elkaar dan tegenwoordig. ‘Er waren maar een stuk of tien onderdelen die je moest punten.’ legt Rijk uit. ‘Na de proef ging je naar de ruiter toe, en ging je kijken of het harnachement netjes zat. Je controleerde bijvoorbeeld hoe de neusriem zat en of het paard goed aangesingeld was. Daarna ging je met de ruiter in gesprek welke dingen verbeterd zouden kunnen worden. Er werd niet op de protocol geschreven dat een volte wat stelling miste, of de achterhand meer meegenomen moest worden in een appuyement; er werd gewoon een punt gegeven en naderhand kon je dit met de ruiter bespreken.

Platte wagen

‘Vroeger waren er maar weinig wedstrijden, de sport is veel veranderd. Wij gingen op concours met één paard voor de platte wagen, de andere ruiters reden daar achteraan. Zij legden op de platte wagen wat hooi voor die dag, of een kratje bier. In de winter waren er nog minder wedstrijden, want we hadden geen binnenbanen. We gingen in het winterseizoen veel met onze paarden naar een cross toe, zoals in Valkenswaard, Westerhoven of in Boxtel bij de bereden politie. Er zat toen geen dressuur bij zoals nu, dat was alleen de cross.’

Verbetering van de sport

Rijk staat positief tegenover de verandering in de sport. ‘Het achttal en viertal vroeger vond ik heel mooi, net als de parade. Dat verandert allemaal, en wij moeten als jury mee met de paardensport. Ik vind die verandering heel goed, het niveau van de ruiters is duidelijk heel veel verbeterd. De instructie die ze krijgen is veel beter dan wat wij kregen. Ik heb er ook plezier in wanneer je ruiters regelmatig in de ring hebt, en ziet dat ze verbeterd zijn. Dan spreek ik weleens een ruiter aan en geef ik een complimentje, of ik schrijf op de protocol dat ze vooruit zijn gegaan. Ik probeer altijd positief te punten, maar wel eerlijk te zijn.’

Bron: Hoefslag/Overname zonder bronvermelding en toestemming via webredactie@mediaprimair.nl niet toegestaan

Foto: Privébezit

bloemen letter dressuur

In normale temperaturen werd vandaag een subtop wedstrijd verreden in Nunspeet. Absolute topscores bleven uit. De hoogste dagscore kwam op naam van Engie Kwakkel met haar Custom Zadels Eyecatcher (v. Uphill), zij reden in de Prix St. Georges een score van 65,29% bij elkaar.

Wedstrijd niet in de planning

Engie vertelt: ‘Het was eigenlijk helemaal niet de bedoeling om vandaag aan de start te komen omdat ik eigenlijk gisteren en vandaag zou lessen bij Sönke Rothenberger. Deze lessen werden echter verplaatst naar volgende week en aangezien deze wedstrijd voor mij erg dichtbij is, altijd erg goed georganiseerd en de bodems super zijn, besloot ik mij op het laatste moment alsnog op te geven. Ik was dik tevreden. Voor hogere scores moet hij nog meer bovenin lopen en vandaag kwam hij ook iets te veel terug in bepaalde oefeningen. We zijn druk bezig met de overstap naar de Zware Tour dus af en toe was het vandaag een beetje verwarrend voor hem.’

Overstap komt eraan

‘De overstap staat in principe voor begin volgend jaar gepland. Voor die tijd staat er nog een driedaagse wedstrijd in Houten gepland en heb ik mij opgegeven voor een wedstrijd in Duitsland begin september. Hopelijk kan ik dan nog een paar keer internationaal starten en 70% of meer scoren. Dat is toch wel echt ons doel. Het zit er echt in maar nu moeten we het nog rijden!’ lacht Engie.

Chris Epskamp winnaar Inter I

Met 63, 38% eindigden Laura Visser en Zillion (v. Gribaldi) op de tweede plaats in deze rubriek. In de Intermediaire I was Chris Epskamp de winnaar met Wubels Zw (v. Rubels). Zij noteerden een percentage van 62,65%.

Eén uitschieter in het ZZ Zwaar

In het ZZ Zwaar was Dennis Schurink met Wonderlady (v. Parcival) de enige die in deze klasse een voldoende score wist te scoren. Deze combinatie won de eerste proef met 64,14%. In de tweede proef mocht Berdien Pasterkamp- van de Berg met Amalia (v. Gribaldi) naar voren komen voor het oranje lint. Zij wisten de 60% net niet te behalen.

 

Foto: Digishots

Helen Langehanenberg - Damsey FRH - CHIO Aachen

Na haar prachtige scores in Aken is de kans dat Helen Langehanenberg naar de WEG in Tryon gaat zeer reëel. En dat terwijl ze op 21 juni moeder werd! Nog geen maand later stáát ze er weer.

Met ruim 77% in de CDIO5* Grand Prix werd ze met Damsey FRH (v. Dressage Royal) in die zeer sterk bezette rubriek derde, meteen achter Laura Graves en Cathrine Dufour. En daarmee reed ze zich regelrecht opnieuw in de kijker bij bondscoach Monica Theoderescu.

Shortlist voor WEG

De amazone zit nu in de shortlist voor de WEG, samen met Isabel Werth (met maar liefst vier paarden: Weihegold OLD, Emilio, Don Johnson FRH en sinds kort ook met Bella Rose), Jessica von Bredow-Werndl (met drie paarden: Unee BB, Zaire-E en TSF Dalera BB) en Dorothee Schneider (ook met drie paarden: Showtime FRH, Sammy Davis jr. en Faustus) en Sönke Rothenberger (met Cosmo).

In de nieuwe Hoefslag een interview met deze ambitieuze amazone, over Damsey FRH, over haar verleden, toekomst en ambities. En daarin is ze – op de korte termijn – duidelijk: ‘Het wordt lastig, maar Tryon zit er in’.

Hoefslag nummer 11 ligt nu bij de betere boekhandel en is te bestellen via paardenmagazines.nl.

Bron: Hoefslag

Foto: Jacob Melissen

 

Charlotte Dicker - Sabatini European Championships Dressage 2016 © DigiShots

De Britse dressuuramazone Charlotte Dicker krijgt een gele kaart van de FEI. TIjdens het EK Dressuur voor Young Riders in Fontainebleau op 13 juli jl. werd geconstateerd dat de neusriem bij haar merrie Sabatini te strak zat. De amazone vindt dat de regels over ‘te strakke neusriemen’ explicieter moeten worden.

De negentienjarige amazone bevestigt het bericht van de FEI. ‘Ik gebruikte dezelfde zachte, ingelegde leren neusriem als de dag tevoren tijdens de teamtest en had hem ook op hetzelfde gaatje. Ook op eerdere wedstrijden dit seizoen, op nationaal en internationaal niveau, zat de neusriem zo en nooit eerder kreeg ik commentaar.’

Geen concrete regel

‘Ik zou Sabatini nooit willens en wetens enig ongemak bezorgen en vind haar welzijn ongelooflijk belangrijk. Maar ik respecteer het besluit van de stewart’, voegt de amazone toe. Ze eindigde als beste Britse combinatie in de teamtest op een tiende positie, met 71,12%.

De huidige FEI-regels vermelden het volgende over hoe strak de neusriem mag zitten: ‘Noch een neusriem noch en kinketting mogen zo strak zetten dat ze het paard ongemak bezorgen.’ Dicker: ‘Een concrete maatstaf over wat ‘te strak’ is, zou de regel duidelijker maken, dan zou het voor iedereen helder zijn en is er geen eigen interpretatie mogelijk.’

Denemarken

Sommige landen, zoals Denemarken, vermelden wel al duidelijk in hun regels hoe het zit met neusriemen. Daar moet tussen de riem en het neusbeen minimaal 1,5 centimeter zitten. Een official controleert of de neusriem te strak zit door een staafje van 1,5 centimeter dik onder de neusriem te schuiven. Lukt dit niet, dan zit hij te strak.

Bron: Horse&Hound/Hoefslag

Foto: DigiShots

 

Klassieke Paarden Stamboek
Klassieke Paarden Stamboek

Het College van Beroep voor bedrijfsleven (CBb) heeft wederom negatief beslist over een erkenning van het Klassiek Paarden Stamboek (KPST).

Echte Gelderse paard

Rudi van Lutterveld, voorzitter van het stamboek dat zich inzet voor het Klassiek Gelderlander Paard, en diens compagnon Anton van Lijssel waren in februari van dit jaar voor de derde maal naar het CBb gestapt voor erkenning van hun stamboek. Hoefslag Magazine berichtte indertijd over deze rechtszaak. Volgens beide heren is het echte Gelderse paard —het type dat in de jaren ’60 van de vorige eeuw volop in Nederland te vinden was— met uitsterven bedreigd sinds het KWPN in 1998 de eis voor een bepaald percentage (oud)-Gelders bloed heeft losgelaten.

Strijden

Daarom strijden zij al sinds 2010 voor erkenning van hun eigen stamboek, het KPST, tot op heden zonder het gewenste resultaat. Volgens het Ministerie van Economische Zaken en de Rijksdienst voor Ondernemers (RVO), waar stamboekerkenningen onder vallen, kunnen de Klassieke Gelderlander paarden van het KPST namelijk gewoon bij het moederstamboek van de Gelderse paarden —het KWPN— geregistreerd kunnen worden.

Derde keer

Het CBb ging voor de derde keer, ondanks een statuutwijziging van het KPST, mee met EZ en RVO en verwierp de bezwaren van KPST-voorzitter Lutterveld. Die heeft bij Hoefslag gemeld het er wéér niet bij te laten zitten. In het najaar gaat de nieuwe fokkerijverordening van kracht en Lutterveld wil van die gelegenheid gebruik maken om weer voor erkenning van zijn stamboek te pleiten.

Bron: Hoefslag, overname zonder bronvermelding én toestemming via webredactie@mediaprimair.nl niet toegestaan

Tekst: Albertine Nannings

Foto: Gemma Janssen

 

strontvlieg
Strontvlieg

We worden er niet goed van in de zomer. Overlast van vliegen. Eén van de vliegen treffen we vooral in de buurt van de mesthoop aan. De strontvlieg. Eigenlijk houden ze meer van koeienmest dan van paardenmest, zo blijkt.

Culinaire voorkeuren

Als we ze voorbij zien komen, zijn we er klaar mee. Maar als je het ‘stront-element’ wegdenkt zien ze er eigenlijk  best netjes uit. De mannelijke exemplaren zijn goudgekleurd, de vrouwtjes groen. En ook met hun culinaire voorkeuren is niets mis: ze leven vooral van de nectar van bloemen en zuigen geregeld een klein insect uit. Ze eten dus geen mest. Een stuk hygiënischer dan de huisvlieg, bijvoorbeeld, die zodra hij op ons voedsel landt, een piepkleine klodder spuug achterlaat.

Toepasselijke naam

En toch hebben strontvliegen geen al te best imago. Dat komt in eerste instantie door hun naam, natuurlijk. De wetenschappelijke Latijnse naam klinkt nog wel imposant: Scatophaga stercoraria. Maar in het Nederlands is geen van de drie alternatieven echt aantrekkelijk: strontvlieg, gele strontvlieg of drekvlieg.
Een toepasselijke naam is het wel: van april tot en met oktober zijn er in paardenstallen ontzettend veel strontvliegen aanwezig: de gouden mannetjes wachten met tientallen tegelijk boven op de mest op de komst van hun vrouwelijke soortgenoten. De vrouwtjes vliegen ondertussen rond met nog onbevruchte eieren en als die genoeg gerijpt zijn, vliegt ze (geholpen door haar reukzin) naar verse mest. Meestal vliegt ze tegen de wind in, zodat de geur extra sterk is.

Eieren

Zodra zo’n glimmend groen vrouwtje landt, ontstaat er een flink gedrang. De mannelijke strontvliegen vechten uit wie met haar mag paren. De winnaar neemt haar mee naar een rustige plek voor de paring, al gebeurt dat soms ook wel op de mest zelf. Daarna keren ze samen terug naar de plek waar ze elkaar ontmoet hebben, de hoop mest dus. Het vrouwtje legt in de mest haar eieren (elk ongeveer 1 millimeter groot), die kleine ‘zijvleugels’ hebben zodat ze niet in de drek wegzinken. Uit de eieren komen larven, die uitgroeien tot een nieuwe generatie strontvliegen. De larven eten, in tegenstelling tot hun ouders, wel van de mest.

Liever koeienvlaai

Strontvliegen zijn een voorbeeld van mestfauna: soorten die mest gebruiken als voedselbron of voor voortplanting. Ook mestkevers behoren (zoals hun naam al verraadt) tot de mestfauna. We mogen blij zijn met die mestfauna, want door hun eetlust helpen ze de mest sneller af te breken. Wat dat betreft is het ook geen goed idee om strontvliegen uit de stal proberen te weren: in feite zijn het uitstekende vuilopruimers, hoe vervelend hun constante gezoem soms ook is. Bioloog en vliegenexpert Paul Beuk: ‘Gele strontvliegen komen niet eens hoofdzakelijk op paardenvijgen af. Het liefst leggen ze hun eitjes in koeienvlaaien. Die bevatten meer vocht waardoor de eitjes eenvoudiger in de mest kunnen worden afgezet en de larven er makkelijker uit kruipen. In een harde vijg gaat dat lastiger. Dat is trouwens ook de reden dat je in de zomer veel minder strontvliegen ziet – de mest is dan te ver uitgedroogd.’

Kleine mestvlieg

Zelf is Beuk regelmatig op de manege te vinden. ‘Mijn dochter zit op paardrijles. Als ik haar ophaal, kijk ik altijd even in de kruiwagens met mest, om te zien welke vliegen er zitten.’ Een soort die hij trouwens ook vaak aantrof, was de kleine mestvlieg (Sphaeroceridae). ‘Van die kleine, zwarte vliegjes die je veel in de stal ziet. Die hebben er minder last van als een paardenvijg is uitgedroogd, juist door hun geringe grootte kunnen ze de poep makkelijker in en uit.’

Bron: Hippos

Foto: Stock

 

HOEFSLAG ACADEMY

Volg ons!

101,910FansLike
0VolgersVolg
7,028VolgersVolg
1,451Youtube abonneesAbonneer