Blog Liz Barclay: ‘Coolmore en een gezond platteland’

Blog Liz Barclay: ‘Coolmore en een gezond platteland’

0 594
Liz Barclay
Het partnership tussen paard en mens

Iemand ooit van Coolmore gehoord? Ik tot enkele jaren terug ook niet. De racewereld is mij volledig vreemd, maar op een snoepreisje met mijn buurvrouw (de vrouw van de graaf van Fowey over wie ik al eerder verteld heb) naar Ierland heb ik dit ongewoon mooie en grote complex, waar de crème-de-la-crème van de race wereld staat, met eigen ogen mogen aanschouwen en ik was zo enorm onder de indruk.

Fekking

Het kwam als een verrassing. We logeerden bij een echte Ierse paardenman in County Kilkenny. Een warme man met een ondeugende grijns die in iedere zin ongeveer tweemaal het woord ‘fekking’ gebruikte, maar toch heel gemanierd en voorkomend was (dat gaat heel goed samen in Ierland). Ned had daarbij een betrouwbare naam als dealer en contact; heel belangrijk, ook, of moet ik vooral zeggen, in Ierland.

‘The arse will tek ye’

Wij hadden al enkele dagen paarden bekeken en geprobeerd- mijn buurvrouw was op zoek naar een jong jachtpaard- niet alleen in Kilkenny zelf maar ook in Wexford County dat bekend staat, ook in Ierland zelf, om z’n vervaarlijke ‘ditches’. Ik heb door de jaren heen alle geweldige uitnodigingen beleefd afgewimpeld vanwege die dingen. Er werd mij dan verteld dat ik me absoluut geen zorgen hoefde te maken, ‘thie arse will tek ye’! (Iers voor ‘the horse will take you’). Dat maakte me alleen nog maar zenuwachtiger. Het idee om op een voor mij onbekend paard, dat graag heel hard wil, door onbekend terrein te scheuren met heggen zo hoog als een half huis, stukje prikkeldraad zo hier en daar, en dan ook nog zo’n ditch van een paar meter diep. Nee, echt niet!

Jameson bij de koffie

De Ieren zijn warme mensen en als ik dan niet wilde rijen dan moest ik maar drinken. Jameson, heel lekker, overal waar we kwamen, bij de koffie, bij de lunch, voor het eten, overal kwam die ‘wee dram’ weer bij kijken. En dan kwamen ook de fotoboeken voor de dag. Prachtige foto’s van jaren terug met al die ouwe verweerde koppen, helemaal in hun element op hun ijzersterke dappere paarden en met hun hounds, weer of geen weer, achter de vos aan.

Slipjachten

In Nederland hebben we, zolang als ik besta, altijd slipjachten gehouden. Dan wordt er van te voren een reukspoor gelegd waarbij er niet achter levend wild wordt geracet. Niemand hoeft zich dan meer zorgen te maken over het diervriendelijke aspect en het is veel sneller maar ook gecontroleerde dan wanneer er echt op de vos gejaagd wordt. Dan kan het zijn dat je wel een half uur ergens bij zo’n burcht staat te wachten voor er weer zo’n beest stom genoeg is om er uit te komen en al rennend z’n ondergang te gemoet te gaan, waarna de hele meute er als een speer achteraan gaat zonder te weten wat dit keer het pad van de vos gaat worden. Ooit zei een keurige Engelse dame die in haar jonge jaren door haar moeder op haar pony aan een touwtje werd meegenomen tegen me: ‘I hated it, you were either soaking wet, bored stiff or scared shitless.’

Mandjes

Trouwens, voor de hele kleine kindjes die nog niet veilig zitten omdat hun beentje nog tekort en niet sterk genoeg zijn hebben de Engelsen, eerlijk waar, mandjes voor op de pony, zodat papa en mama toch nog gezellig samen de natuur in kunnen.

Leren waarderen

Het is duidelijk, die hele vossenjacht is nooit echt mijn ding geworden -daarbij de etiek ervan in het midden latend- maar de Ierse plattelandsmensen heb ik leren waarderen om hun warmte, gastvrijheid en gevoel voor humor.

Adembenemend

De Ieren houden niet alleen van de jacht maar vooral ook van de enorm snelle Ierse volbloed en de race cultuur met natuurlijk het o zo belangrijke gokelement dat daaraan verbonden is. En dus, op die prachtige zonnige zondag, opweg naar de kerk voor de ouderwets Katholieke franjevolle doopplechtigheid van het kleinkind van onze gastheer -want daar moesten we zondermeer bij zijn van de familie- rijdend door het heuvellandschap, openbaarde zich plotseling door de bomen heen de vallei waar Coolmore stud gevestigd is in al zijn schitterende schoonheid. Ik kan het niet anders zeggen, het was adembenemend; de eindeloze laantjes met hun rijen bomen aan weerskanten, de keurig geschoren heggen, de perfecte weilanden met eindeloze prachtig onderhouden hekwerken met in het ene groepen merries, het andere schapen en verderop koeien.

weilanden
weilanden met paarden

Zieke weilanden

Dat was voor mij nog het meest aantrekkelijke van deze gigantische operatie. Het feit dat, alhoewel de volbloed de spil is, het nog steeds als gemengd bedrijf draait. Hoeveel ik ook van paarden hou, ik hou evenveel van een mooi verzorgd boerenlandschap en haat echt die paardzieke weilanden, lappen grond die je zelfs geen weiland meer kan noemen omdat het moddergaten geworden zijn. Ik weet het, ik ben verwend geworden, er is hier in Engeland zoveel meer land en het is nog steeds zoveel goedkoper. Maar ook als ik door mijn geliefde Achterhoek heen rij en de prachtige grote paardenfokbedrijven zie, waar de weilanden er keurig onderhouden uitzien, mis ik toch de koeien.

koeien
Koeien

Het mooiste volbloed dekstation in de wereld

De dappere oorlogspiloot Tim Vigors was het oorspronkelijke brein en verantwoordelijk voor de aanvankelijke uitbreiding van de boerderij. Hij begon na de 2de Wereldoorlog met het 175 hectare omspannende bedrijf, waarna in 1975 de beroemde paardentrainer Vincent O’Brien en schoonzoon John Magnier samen met Robert Sangster het roer hebben overgenomen om het verder te ontwikkelen met als visie het beste en mooiste volbloed hengsten dekstation in de wereld. Door de bewuste beslissing de koeien en de schapen als bijprodukt op het land te houden zijn de de weilanden niet alleen in topconditie, maar behoudt de natuur toch nog een stukje van haar oorspronkelijke eerlijke originaliteit.

Ooien
Ooien

Trotse hobbyboer

Zelf heb ik dat ook jarenlang, naast trainen en lesgeven, als hobbyboer op zeer kleine schaal gedaan. Op mijn 18 hectare had ik een aantal paarden, 20 ooien die ieder jaar hun lammetjes kregen, twee vleeskoeien met hun kalfjes en produceerde ik hooi voor de verkoop.  Trots was ik als ik dan op een mooie avond met mijn honden over mijn land liep en zag dat alles er zo goed bijstond. Nu, wat ouder, heb ik gelukkig mijn land aan een fijne en goede melkveehouder kunnen verhuren zodat, als ik thuiskom van het lesgeven, ik nog steeds met mijn honden over het prachtig onderhouden land kan wandelen.  Ik zit graag op, en kijk graag naar, een paard, maar oh, wat kan ik genieten van een gezond weiland met koeien of schapen.

 


Boek Liz Barclay
Boek Liz Barclay

Liz Barclay blogt voor Hoefslag. Ze is naast dressuurtrainer in het Engelse Cornwall ook auteur van het boek ‘The farmer, the coal merchant, the baker’. In dit boek blikt ze terug naar haar jeugdjaren in Gelderland waar ze veel leerde van fokkers Henk Nijhof en Johan Venderbosch en trainers Roeli Bril en Jan Oortveld. Een echte ‘must read’ voor iedere paardenliefhebber, ook als je niet uit Gelderland komt. Meer informatie over dit boek

 

 

Reacties